21-01-17

talenten

 

 Welkom op mijn blog met informatie over de Orthodoxie. Teksten, bezinningen, theologie Foto's..........

 

 

Gezangen uitgevoerd door het koor van de Orthodoxe Kerk van Gent o.l.v. Paul Morreel

 

De teksten van de gezangen kunnen teruggevonden worden in de rechter kolom 

start nummer één en ga dan naar de tekst in de rechterkolom om alle gezangen goed te kunnen volgen

(Om de titels van de liederen te kunnen zien : openen in Google chrome of internet explorer - niet in windows ege)

 

 

INHOUD VAN MIJN BLOG   (klik)

Om gemakkelijk te vinden wat je zoekt !!

 

 

talenten

31e zondag na Pinksteren

"Gelijkenis der talenten"

 

Talenten6.jpg

 

LEZINGEN :

1e Lezing : 2 Kor.6,1-10

Als zijn medewerkers sporen wij u aan: zorg dat u de genade van God niet tevergeefs hebt ontvangen. Hij zegt immers: Op de gunstige tijd heb Ik u verhoord, op de dag van het heil ben Ik u te hulp gekomen. Nú is het die gunstige tijd, nú is het de dag van het heil.
Wij geven absoluut niemand aanstoot, om het dienstwerk niet in diskrediet te brengen. Integendeel, in alle omstandigheden proberen wij ons te gedragen als dienaren van God door het standvastig verduren van moeilijkheden, nood, ellende, slagen, gevangenschap, oproer, zwaar werk, slaapgebrek, te weinig eten; maar ook door zuiverheid, inzicht, geduld, goedheid, door een geest van heiligheid en oprechte liefde, door het woord van de waarheid en de kracht van God. Wij vallen aan en verdedigen ons met de wapens van de gerechtigheid. Eer en smaad, laster en lof zijn ons deel; wij zijn als bedriegers die de waarheid spreken, als onbekenden die iedereen kent, als stervenden die blijven leven, als streng gestraften die niet worden gedood, als treurenden die altijd verheugd zijn, als armen die velen rijk maken, als havelozen die toch alles hebben.

Evangelielezing : Mattheüs 25,14-30 :

Het is als met iemand die naar het buitenland ging. Hij riep zijn slaven bij zich en vertrouwde hun zijn bezit toe. Aan de een gaf hij vijf talenten, aan een ander twee en aan een derde één, overeenkomstig ieders bekwaamheid. En hij vertrok naar het buitenland. Degene die de vijf talenten gekregen had, ging er meteen mee handelen en verdiende er nog vijf bij. Zo verdiende ook die er twee gekregen had er nog twee bij. Maar die er één gekregen had, ging een gat in de grond graven en stopte daar het geld van zijn heer in. Na lange tijd kwam de heer van die slaven terug en hield afrekening met hen. Degene die de vijf talenten gekregen had, kwam naar voren met nog vijf talenten en zei: Vijf talenten, heer, had u me toevertrouwd. Kijk, ik heb er nog vijf talenten bij verdiend. Zijn heer zei tegen hem: "Uitstekend, goede en trouwe slaaf, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen. Kom delen in de vreugde van je heer." Ook degene die de twee talenten gekregen had, kwam naar voren en zei: "Twee talenten, heer, had u me toevertrouwd. Kijk, ik heb er nog twee bijverdiend." Zijn heer zei tegen hem: "Uitstekend, goede en trouwe slaaf, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen. Kom delen in de vreugde van je heer. Ook degene die het ene talent had gekregen, kwam naar voren en zei: "Heer, ik heb u leren kennen als een streng man; u oogst waar u niet hebt gezaaid en u haalt binnen waar u niet hebt uitgestrooid. Uit angst heb ik uw talent in de grond gestopt. Kijk, hier hebt u uw eigendom terug.Maar zijn heer antwoordde hem: "Slechte, lamlendige slaaf, je wist dat ik oogst waar ik niet heb gezaaid en binnenhaal waar ik niet heb uitgestrooid. Je had dus mijn geld op de bank moeten zetten. Dan had ik het bij mijn komst met rente teruggekregen. Neem hem daarom het talent af en geef het aan hem die de tien talenten heeft. Want aan ieder die heeft, zal gegeven worden en wel overvloedig. Maar aan degene die niet heeft, zal zelfs nog ontnomen worden wat hij heeft. Werp die nutteloze slaaf in de uiterste duisternis." Het zal daar een gejammer zijn

19-01-17

Grillaert Nel : De opkomst van het Russische hesychasme: Nil Sorskij (1433-1508)

De opkomst van het Russische hesychasme: Nil Sorskij (1433-1508)


door Nel Grillaert

 

nil_sorsky heilige.jpg

Nil Sorskij





De geschiedenis van het Russische christendom wordt gekenmerkt door een toenemende vervreemding tussen de kerk en haar gelovigen. De kloof tussen het kerkelijke instituut en de piëteit van haar gelovigen wordt bij uitstek geïllustreerd door de ontwikkeling van het hesychasme in Rusland. Het hesychasme is een gebedspraktijk en gerelateerde theologische beweging die diep is verankerd in de monastieke en ascetische traditie van het Oosterse christendom. Het werd in de veertiende eeuw door Gregorios Palamas verdedigd als officiële leer van de orthodoxe kerk en conciliair onderschreven. Hoewel het hesychasme onmiskenbaar een fundamenteel ingrediënt is van de typische spiritualiteit van de Oosterse kerk,2
heeft het in zijn geschiedenis in Rusland voor veel controverse gezorgd bij zowel de seculiere als de kerkelijke overheden. Relatief snel na de adaptatie van het hesychasme op Russische bodem werd het door de kerkelijke autoriteiten in de periferie van het Russische christendom gedrongen en kreeg het binnen de officiële ecclesiastische structuren een problematische status. In dit artikel zal ik een studie maken van een sleutelfiguur in de geschiedenis van het Russische hesychasme, namelijk Nil Sorskij, of Nilus van de Sora (1433-1508). Nil, die wordt beschouwd als de “vader” van het Russische hesychasme, ontwikkelt en verdedigt een theologie en monastiek model die niet conform de ambities en aspiraties van de toenmalige kerk blijken te zijn en bijgevolg als bedreigend worden ervaren door de meerderheid van de Russische geestelijkheid. Waar Nil echter in het ecclesiastische discours “doodgezwegen” wordt, groeit hij onder de gewone Russische gelovigen uit tot een zeer populaire figuur en drukt zijn leer een manifeste stempel op de Russische spiritualiteit.

Lees meer...

07:40 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

18-01-17

Leo de Grote : "Het Woord is vlees geworden! Hij heeft onder ons gewoond"

H. Leo de Grote (? - ca 461), paus en Kerkleraar
Eerste sermon voor Kerstmis; PL 59,190

Leo de grote 2.jpg

"Het Woord is vlees geworden! Hij heeft onder ons gewoond"

 

Onze Redder is vandaag geboren, dierbare broeders en zusters: laten we ons verheugen! Droefheid is niet gepast op de dag waarop het Leven geboren wordt. Deze dag vernietigt de vrees voor de dood en vervult ons met vreugde door de belofte van de eeuwigheid. Niemand wordt uitgesloten van deze blijdschap; één en hetzelfde motief van vreugde is voor allen gelijk. Want onze Heer, die de zonde en de dood kwam vernietigen..., is gekomen om alle mensen te bevrijden. Dat de heilige jubelt, want hij nadert de overwinning. Dat de zondaar zich verheugt, want hij is uitgenodigd voor vergeving. Dat de heiden moed mag krijgen, want hij is tot het leven geroepen. Wanneer immers de volheid van de tijd is gekomen, welke vastgesteld is door de onpeilbare diepte van het goddelijk plan, heeft de Zoon van God onze menselijke natuur aangenomen om deze te verzoenen met zijn Schepper...

Het Woord van God, is God, Zoon van God, "die bij God was in den beginne, door wie alles geschapen is en zonder wie niets geschapen is", is mens geworden om de mens van de eeuwige dood te bevrijden. Hij heeft zich vernederd door onze nederige positie aan te nemen, zonder dat zijn majesteit erdoor verminderd werd. Hij bleef wie Hij was en nam aan wat Hij niet was, daarmee heeft Hij ons slavenbestaan verenigd met zijn bestaan dat gelijk is aan God de Vader... De majesteit bekleedt zich met nederigheid, kracht met zwakheid, eeuwigheid met sterfelijkheid: ware God en waarlijk mens, in de eenheid van één Heer, "enige middelaar tussen God en de mensen" (Tm 2,5)...

bron : www.dagelijksevangelie.org

14-01-17

zacheüs video


13:49 Gepost in Video | Permalink | Commentaren (0)

zacheüszondag

30e zondag na Pinksteren

 

ZACHEUSZONDAG

 

zacheus52.gif


LEZINGEN :

Eerste lezing : 1 Tim.4,9-15

Dit woord is betrouwbaar en verdient volledige instemming! Dit is het doel van al ons zwoegen en strijden, want wij hebben onze hoop gesteld op de levende God, die een redder is voor alle mensen, in het bijzonder voor de gelovigen. Dit moet u hun bijbrengen en hierin moet u hen onderrichten. Niemand mag u verachten om uw jeugd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen door woord en gedrag, in liefde, in geloof en in zuiverheid. In afwachting van mijn komst moet u zich wijden aan de voorlezing van de Schrift, de vermaning en het onderricht. Verwaarloos niet de genadegave die in u is en die u krachtens een profetenwoordwerd geschonken, onder handoplegging van de gezamenlijke oudsten. Neem dit alles ter harte, ga er geheel in op, dan zullen uw vorderingen voor allen zichtbaar zijn

EVANGELIELEZING :Lucas 19,1-10

Bij Zacheüs Hij kwam in Jericho en trok door de stad. Daar was een man die Zacheüs heette. Hij was oppertollenaar en hij was rijk. Hij wilde wel eens zien wat Jezus voor iemand was, maar het lukte hem niet vanwege de mensenmassa, want hij was klein van stuk. Daarom rende hij vooruit en klom in een moerbeivijgenboom om Hem te zien te krijgen, want Hij zou daar voorbijkomen. Toen Jezus bij die plek kwam, keek Hij omhoog en zei tegen hem: 'Zacheüs, kom vlug naar beneden; vandaag moet Ik in uw huis verblijven.' Hij kwam vlug naar beneden en ontving Hem met vreugde. Iedereen die het zag sprak er schande van. 'Hij neemt zijn intrek bij een zondaar', zeiden ze. Zacheüs richtte zich tot de Heer. 'Heer,' zei hij, 'hierbij geef ik de helft van mijn bezit aan de armen, en als ik iemand iets heb afgeperst, vergoed ik het viervoudig.'Jezus zei tegen hem: 'Vandaag is er redding gekomen voor dit huis, want ook hij is een zoon van Abraham. De Mensenzoon is immers gekomen om te zoeken en te redden wat verloren is.'

07-01-17

Doop van Jezus in de Jordaan

(6 januari)
Feest van de Heilige Theofanie van onze Heer en Verlosser Jezus Christus

 Doop van Christus in de Jordaan

 

 

doop van jezus582.jpg

 

LEZINGEN :

Titus 2, 11-14;3,4-7

2,11 De genade van God, bron van heil voor alle mensen, is op aarde verschenen. 12Zij leert ons goddeloosheid en wereldse begeerten te verzaken en bezonnen, rechtvaardig en vroom te leven in deze tijd, 13terwijl wij uitzien naar de zalige vervulling van onze hoop, de openbaring van de heerlijkheid van onze grote God en Heiland Christus Jezus. 14Hij heeft zichzelf voor ons gegeven om ons van alle ongerechtigheid te verlossen en ons te maken tot zijn eigen volk, gereinigd van zonde, vol ijver voor alle goeds.
3,4Maar de goedheid en mensenliefde van God onze Heiland is op aarde verschenen, 5en hij heeft ons gered, niet omdat wij iets goeds gedaan zouden hebben, maar alleen omdat Hij barmhartig is. Hij heeft ons gered door het bad van wedergeboorte en vernieuwing door de heilige Geest. 6Want Hij heeft de Geest overvloedig over ons uitgestort door Jezus Christus onze Heiland. 7Zo zijn wij door zijn genade gerechtvaardigd en erfgenamen geworden van het eeuwige leven waar onze hoop op gericht is.

EVANGELIE :

Mattheüs 3,13-17 :

JEZUS DOOR JOHANNES GEDOOPT
13In die tijd kwam Jezus uit Galilea naar de Jordaan tot Johannes om zich door hem te laten dopen. 14Maar Johannes wilde Hem tegenhouden met de woorden: “Ik heb uw doopsel nodig, en Gij komt tot mij?” 15Jezus antwoordde hem: “Laat nu maar; want zo past het ons al wat is vastgesteld te volbrengen.” Toen liet hij hem toe. 16Nadat Jezus gedoopt was, steeg hij terstond uit het water. En zie, daar ging de hemel open en Hij zag de Geest Gods neerdalen in de gedaante van een duif en over zich komen; 17en een stem uit de hemel sprak: “Dit is mijn Zoon, mijn veelgeliefde, in wie Ik welbehagen heb.”

04-01-17

Cyprianus van Carthago : Ons ware verblijf (over de dood)

H. Cyprianus (ca. 200-258), bisschop van Carthago en martelaar
Over de dood; PL 4, 583v

Cyprianos van Carthago5.jpg

Cyprianus van Carthago

 

Ons ware verblijf

 

Zusters en broeders, verlies nooit uit het oog dat we van de wereld hebben afgezien en dat wij hierbeneden als tijdelijke gasten leven, als vreemdelingen (Heb 11,13). Laten we de dag zegenen die aan ieder zijn ware verblijfplaats aanwijst en die, nadat we uit deze wereld zijn weggenomen en losgemaakt van zijn verbanden, ons het paradijs en het Koninkrijk der hemelen brengt. Wie zou zich niet haasten om naar zijn vaderland terug te gaan na een tijd in het buitenland te hebben verkeerd? Wie zou zich niet een gunstige wind wensen om te varen om zo sneller de zijnen te kunnen omhelzen? Ons vaderland is het paradijs; vanaf het begin hadden wij aartsvaderen als vaders.

Waarom haasten we ons dan niet om ons vaderland te zien, waarom rennen we niet om onze ouders te begroeten? Daarginds wacht een menigte van geliefden op ons, ouders, broers en zusters, kinderen die al zeker zijn van de redding, maar nog bezorgd zijn om het onze; ze verlangen ernaar om ons midden onder hen te zien... Daar bevindt zich het glorieuze koor van apostelen, de menigte die door de profeten is aangezet, het ontelbare leger van martelaren die bekroond zijn met hun overwinning op de vijand en het lijden....; daar stralen de maagden...; daar worden de mensen beloond die vol compassie waren, die hun handelingen van liefde vermeerderd hebben door in de behoeften van de armen te voorzien en die, trouw aan de voorschriften van de Heer, gekomen zijn om de aardse goederen los te laten voor de hemelse schatten.

Laten we ons haasten om ons ongeduld te stillen en ons bij hen voegen, om sneller voor Christus te verschijnen. Dat God in ons deze aspiratie vinden mag..., Hij geeft de hoogste beloning van zijn heerlijkheid aan hen die dit het vurigste hebben verlangt.

www.dagelijksevangelie.org

28-12-16

Fulgentius van Roespé

Heiligenleven


De heilige Fulgentius van Roespé

FulgentiusRuspe.jpg

Heilige Fulgentius van Roespé


De heilige Fulgentius, bisschop van Roespé (Noord-Afrika) werd geboren in 467 in Thelepte, waar hij ook stadsbestuurder werd. Maar reeds spoedig gaf hij deze post op om monnik te worden. Toen hij 40 jaar oud was werd hij tot bisschop gekozen, maar samen met vele andere orthodoxe bisschoppen werd hij door de ariaanse vandalen verbannen naar het woeste Sardinië, waar hij vele jaren moest blijven. Hij was een belangrijke schrijver over de orthodoxe leer. Steeds verlangde hij ernaar om zich in een klooster terug te trekken, maar zijn gelovigen hingen zozeer aan hem, dat hij hen niet inde steek wilden laten. Zo stierf hij in 533 in het ambt, 66 jaar oud.


uit : heiligenlevens voor elke dag. uitg. Orthodox klooster. Den Haag

25-12-16

Kerstmis

FEEST VAN DE GEBOORTE VAN ONZE HEER EN GOD EN VERLOSSER JEZUS CHRISTUS

 

 

geboorte van Christus 1.jpg

 

Lezingen

Galaten 4, 4-7

 

Maar toen de volheid van de tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, om hen die onder de wet stonden vrij te kopen, opdat wij de rang van zonen zouden krijgen. En dit is het bewijs dat u zonen bent: God heeft de geest van zijn Zoon in ons hart gezonden, die roept: Abba, Vader! U bent dus geen slaaf meer, maar zoon; en als u zoon bent, dan ook erfgenaam, door toedoen van God.

 

Evangelie : Matth.2,1-12 :

 

Van Betlehem naar Nazaret Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, ten tijde van koning Herodes, kwamen er uit het Oosten magiërs in Jeruzalem aan. Ze vroegen: 'Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Want wij hebben zijn ster zien opkomen en wij zijn gekomen om Hem te huldigen.' Toen koning Herodes hiervan hoorde, schrok hij, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen en wilde van hen weten waar de Messias* geboren zou worden. Ze zeiden hem: 'In Betlehem in Judea. Want zo staat het geschreven bij de profeet: Betlehem, land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leider voortkomen, die herder zal zijn van mijn volk Israël.' Toen riep Herodes de magiërs in stilte bij zich en vroeg nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Hij stuurde hen naar Betlehem met de woorden: 'Ga een nauwkeurig onderzoek instellen naar het kind. Wanneer u het gevonden hebt, laat het mij dan weten; dan kan ook ik het gaan huldigen.' Toen ze de koning aan hoord hadden, gingen ze weg. Opeens ging de ster die ze hadden zien opkomen voor hen uit, tot ze bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze de ster zagen, werden ze met buitengewoon grote vreugde vervuld. Ze gingen het huis binnen en zagen het kind met zijn moeder Maria. Ze vielen op hun knieën en huldigden het. Ze haalden hun schatten tevoorschijn en gaven Hem goud, wierook en mirre als geschenk. En omdat ze in een droom gewaarschuwd waren om niet naar Herodes terug te keren, namen ze de wijk en gingen ze langs een andere weg naar hun land terug.

 

Kerstmis : Homilieën :

 

 

Genealogie van Jezus Christus : zo begint het Evangelie. Maar wat betekent deze lange lijst van hebreeuwse namen ? Voor de Joden is het de noodzaak om de afkomst van de Messias van Koning David te onderlijnen. Een andere betekenis : in deze lijst staan moordenaars, echtbrekers, bloedschenners. Indien Jezus wordt geboren in mijn ziel, dan wordt Hij geboren ondanks en doorheen de opeenstapeling van mijn zonden. Jezus doordringt, vindt zijn weg doorheen mijn fouten, Hij overstijgt ze de één na de ander. Dit is zijn genealogie in mij. In deze doordringing schittert zijn barmhartigheid, zijn minzaamheid, ook zijn kracht. Maria, die het kind draagt in haar schoot, en Jozef laten zich inschrijven in Bethlehem. Het is niet te Rome, noch te Athene, noch te Jerusalem dat Jezus wilde geboren worden. Zo ook is voor ons het mysterie van de Geboorte slechts toegankelijk in het arme dorpje van Judea. Opgaan naar Bethlehem, burger worden van Bethlehem, de nederige geest van Bethlehem verwerven, niet bezitten.
De engelen zeggen niet eenvoudigweg dat de Redder is geboren. Zij zeggen : "Een Redder is U geboren", Jezus wordt geboren voor elke herder. Zijn geboorte blijft voor elk van ons een zeer persoonlijke gebeurtenis; Jezus is een gave aan elke mens.
Er is geen plaats in de herberg, noch voor Maria die Jezus draagt, noch voor Jozef. Er is geen plaats in de herberg van de wereld voor de leerling van Jezus. Indien ik er in slaag om mij een plaats te bereiden, welke moeilijke gelegenheid! Wat is er gemeenschappelijk tussen de herberg en de kribbe ?

 

(Un moine de l'Eglise d'Orient "Jesus"

 

Nu blijft er ons alleen te weten hoe wij Christus kunnen laten komen in ons huis. Wij weten dat hij niet neerziet op een schamel huisje. Hij gaat zelfs bij de tollenaars wanneer zij Hem aanroepen met oprechte gevoelens. Meer nog, Hij komt aan de deur en klopt, zoals hij het zegt in de Apocalyps. Voor ons is Hij gekomen in een maagdelijke schoot en gevormd uit het bloed van de Maagd, Hij is op een wonderbare wijze geboren. Voor ons ziet Hij niet neer op een kribbe in een dierenstal waar hij wilde rusten in doeken gewikkeld. Hij zal ook onze armoedige hut niet verafschuwen indien wij hem met nederigheid bidden, want hij is barmhartig en hij houdt van de mensen, Hij verhoort de nederige smeekbeden. Hij verlaagt zichzelf tot aan onze nederigheid, laten wij ons voor zijn voeten werpen en hiermee de wijsheid van de wijzen navolgend. Laten wij neervallen aan de voeten van hem die niet meer in doeken gewikkeld is, maar die neerzit op de troon van glorie, met de vader en de Heilige Geest. In plaats van goud, wierook en myrrhe, laten wij hem ons nederig gebed toevertrouwen. En daar Hij zijn rust vindt in de christelijke naastenliefde, laten wij ons omgeven door naastenliefde, laten wij ons voorbereiden. Als wij onze hongerige broeder zien, laten wij hem te eten geven; als w<e hen zien die dorst hebben, laten wij hen te drinken geven; indien iemand naakt is, laten wij hem kleden; indien iemand reiziger is zonder dak boven het hoofd, laten wij hem opnemen in ons huis en geven wij hem hospitaliteit; indien iemand ziek is, laten wij hem bezoeken, troosten en hem dienen ; laten wij liefde betonen tegenover de gevangenen en dienen wij hen volgens onze middelen. In één woord, laten wij onze broeders liefhebben als onszelf.
(Tikhon ZADONSKY "Ascètes russes")

2e homelie over Kerstmis

Wat hebben wij te zeggen, Hoe moeten wij het zeggen ? Zo een wonder wekt verbazing in mij. De Oude van Dagen is een klein kind geworden. Diegene die troont op de verheven troon van de hemel is geboren in een kribbe. De ontastbare, de eenvoudige, de niet samengestelde, de on-lichamelijke is aangeraakt door mensenhanden. Diegene die de banden van de zonde heeft losgemaakt is met doeken omwikkeld, omdat Hij het zelf wilde. Hij heeft besloten om de slaafsheid te veranderen in eer, om de schande met glorie te omkleden, en om te tonen dat de grenzen van de vernedering deze zijn van kracht. Ziedaar waarom Hij mijn lichaam op zich heeft genomen : opdat ik het Woord waardig moge zijn. Hij neemt mijn vlees en geeft zijn Geest, Hij geeft en neemt, Hij bereid mij een levensschat voor. Hij heeft mijn vlees aangenomen om mij te heiligen; Hij geeft zijn Geest om mij te redden. Vandaag is de oude band losgemaakt, de Duivel in verwarring gebracht, de demonen zijn op de vlucht geslagen, de dood vernietigd, het paradijs heropend, de vervloeking opgeheven, de zonde verworpen, de dwaling verworpen, en de waarheid komt terug. Het woord van godsvrucht is overal verspreid, het doorkruist de ganse wereld. De wijze van leven in de hemel is gepland op aarde, de Engelen zijn in communicatie met de mensen, de mensen praten ermee zonder enige vrees. Waarom : God is op aarde gekomen, de mens is binnengeleid in de hemel : dat is de grote verandering....
Wat valt er nog te zeggen ? hoe moet men spreken ? Ik zie een timmerman, een kribbe, een kind, doeken, een Maagd die berooid een kind baart. Alles is arm, alles ademt de armoede. Maar zie toch de rijkdom in deze armoede ! Terwijl hij rijk was heeft Hij zich voor ons arm gemaakt...O armoede, bron van onze rijkdom !
(Heilige Johannes Chrysostomos)

Over het leven in Christus.
Indien ik goed kon zijn, dan zou ik in mijn binnenste een plaats bereiden voor de Zoon van God, en de heer Jezus zou in mijn ziel een aangename woonplaats bereiden. Hij zou het versieren, hij zou er muren bouwen die tegen alle aanvallen bestand zijn en hoge torens, om in mij , indien ik het zou verdienen, een waardig verblijf voor hem en zijn Vader. Hij zou aldus mijn ziel verfraaien om ze bekwaam te maken voor zijn wijsheid, zijn wetenschap, voor gans zijn heiligheid, zodanig dat hij er met Hem God de Vader zou doen binnentreden en er een woonplaats zou vinden, dat hij zelfs het voedsel zou nemen die hij zou hebben bereid. Om zijn genaden te ontvangen laten wij in onszelf een zuiver hart voorbereiden, opdat de Heer Jezus het waardig zou vinden om er zijn intrek te nemen.
(Origines (Alexandrië 185 - Césarée 253 env)

 

DE FEESTICOON VAN KERSTMIS

 

geboorte van Jezus2.jpg

Geboorte Jezus 2 groot !!.jpg

De icoon, die de geboorte van Christus voorstelt, roept heel wat vragen op:
* Wat wordt hier afgebeeld, en waar is dat op gebaseerd?
* Welke sfeer ademt deze Kersticoon?
* Waarom ligt het Christuskind in een grot?
* Wat betekenen die os en dat paard?
* Wie is die merkwaardige gestalte daar tegenover Jozef?
* Waarom ligt Maria met haar rug naar het kind toe?
* wat betekenen die twee vrouwen, die het kind in het bad
gaan doen?

In de kunst van het westen worden de voorstellingen van de geboorte van Christus doorgaans gekenmerkt door expressie van menselijke gevoelens: Maria is daar een liefdevolle, zorgzame moeder. De magiërs adoreren het kind. En de omgeving is die van een armoedige stal in winterse koude: het kind wordt nu en dan verwarmd door de adem van de dieren.
Op de Kersticonen is dit allemaal anders. De nadruk valt op de incarnatie (God is als mens verschenen): op het goddelijk licht dat in deze duistere wereld binnendringt in de gestalte van het goddelijke kind.
De magiërs zijn vorstelijk geklede heersers, mogelijk die uit psalm 72 (v. 10). Met de herders hebben zij gemeen, dat ze 'en profil' worden afgebeeld: omdat ze het licht nog niet hebben "gezien".
De grot verwijst naar deze wereld, een ruimte vol duisternis; en het kind is niet ècht een kind, maar een volwassene - voorzien van een aureool. De voederbak waar hij in ligt is tegelijkertijd een sarcofaag. Geboren worden is tegelijk het begin van sterven. De windsels zijn tegelijkertijd al een lijkwade (zie hiervoor de wijze waarop Lazarus wordt afgebeeld!)
In de eerste drie eeuwen kende de kerk geen Kerstfeest; men vierde epifanie. Op dit feest werden drie momenten herdacht waarop Jezus zich als de Christus openbaarde: de verschijning aan de wijzen uit het oosten, de doop in de Jordaan, de bruiloft in Kana waarop Jezus zijn eerste wonder verrichtte. De koningen die van verre komen (Jesaja 60: 8vv.) representeren de volken die de 'grote koning' komen vereren. En het doop is een verwijzing naar de doop waardoor de gelovigen met Jezus sterven en herboren worden.
In het protevangelie van Jacobus wordt de geboorte van Jezus beschreven als een zonsopgang: eerst zijn er wolken die licht worden en dan ineens is er een verblindend licht. Dat 25 december de geboortedag werd van Jezus hangt samen met het feit dat juist op die dag in het Romeinse Rijk het feest werd gevierd van Sol invictus, onoverwinnelijke zon. De invoering van het Kerstfeest, juist op deze dag, moet te maken hebben gehad met opportunisme van de kerk: het was opportuun om te verkondigen dat Christus, de zon der gerechtigheid, de plaats van deze zonnegod had overgenomen.
In de vierde eeuw ontstond binnen de kerk een stroming die bekend staat als het Arianisme: dit Arianisme zette vraagtekens achter de goddelijke natuur van Christus. Vandaar dat er behoefte ontstaat om te benadrukken, dat de verhevenheid en de majesteit van Christus al zichtbaar is geweest vanaf zijn geboorte: ook dit komt in de ikoon tot uitdrukking.
Waarom wendt Maria zich af van haar kind? Is het omdat ze "al deze woorden in haar hart overweegt" zoals we in het evangelie van Lucas lezen? Of is het om dat Jozef zich voor haar schaamt, zoals te lezen valt in het protoevangelie van Jacobus: "Waar zal ik u heenvoeren om uw schande te verbergen? Want deze plaats is verlaten? En hij vond aldaar een grot, en leidde haar daarin"? Het meest waarschijnlijk lijkt dat de afstand wordt gemarkeerd tussen het goddelijke kind en zijn (aardse) moeder. Toch neemt ook Maria, de Moeder Gods - zoals zij doorgaans in de oosterse traditie wordt genoemd - de gestalte aan van hemelkoningin: vandaar dat zij daar zo pontificaal is afgebeeld, liggend op een purperen kleed.
Jozef overdenkt wat het allemaal te betekenen heeft; de gestalte die met hem spreekt is volgens sommigen "de verzoeker" - in de gestalte van een herder; anderen menen dat het de profeet Jesaja is, die hem de oude profetieën te binnen brengt, waarin gesproken wordt over een meisje dat zwanger zal worden en een zoon zal baren.
Bij de geboorte opent zich de hemel: je zou verwachten dat het hemelse licht dan zichtbaar wordt, maar volgens de oosterse theologie is het hemelse licht voor mensen niet zichtbaar. We zouden het ook niet kunnen verdragen. In de aureolen en het goud wordt voor ons iets zichtbaar van een weerglans van het hemelse licht. Wat uit de hemel neerdaalt is de goddelijke geest, die zich uitstort over het kind. Hierbij valt te denken aan de doop in de Jordaan waarbij een stem uit de hemel zegt: "Gij zijt mijn zoon, de geliefde, in U heb ik mijn welbehagen".
De icoon reikt ons vele mogelijkheden aan tot meditatie: hebben we ervaring met de duisternis van deze wereld? Kunnen we onszelf identificeren met de 'herders', de 'vorsten' die op reis gaan om het kind te gaan zoeken? Kunnen wij 'het kind' zien als een licht, een gids, een Verlosser op onze eigen levensweg? Herkennen wij, zoals "de os en de ezel" in het Christuskind onze meester? (Zie Jesaja 1:3)

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende