30-01-15

SERVATIUS, bisschop en heilige te Maastricht

 Welkom op mijn blog met informatie over de Orthodoxie. Teksten, foto's, bezinningen, theologie ..........

 

 

 Om uit de bijbel te horen voorlezen, klik op het bijbeltje

bijbel 2.jpg

 

De teksten van de gezangen kunnen teruggevonden worden in de rechter kolom 

Start nummer één en ga dan naar de tekst in de rechterkolom om alle gezangen goed te kunnen volgen

Om mij te contacteren : zie linkerkolom 'contacteer me'

 

 

16:04 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (10) |  Facebook |

SERVATIUS, bisschop en heilige te Maastricht

Heiligenleven

SERVATIUS, bisschop en heilige te Maastricht

 

Servaas-300.jpg

Heilige Servatius van Maastricht

 

 

Willibrord (+ 739) en Bonifatius (+754) mogen dan wel degenen zijn die naam hebben Nederland te hebben bekeerd tot het christendom. Limburgers vinden, dat vele jaren eerder in wat nu Maastricht heet, al een bisschop was: Servatius, Sint Servaas. Zijn sterfdag wordt van oudsher herdacht op 13 mei van het jaar 384, drieëneenhalve eeuw voordat Willibrord of Bonifatius vanuit Ierland in de Lage Landen aankwamen.

Maar wie was eigenlijk die Servatius? Wat we met zekerheid van hem weten, is niet zo heel erg veel, menen historici. Veel 'van horen zeggen, veel legende en weinig historisch vaststelbaar. Het begint al met zijn afkomst. Volgens een van de interpretaties uit het verleden zou hij uit Armenië komen, gelegen in het Griekse deel van het Romeinse rijk. Hij heette Serbatios, in het Latijn Servatius; die naam betekent: 'hij die bewaart'. Anderen houden het erop, dat hij waarschijnlijk een telg was uit een belangrijk Gallisch geslacht, uit het huidige Frankrijk dus, zoals in die tijd gangbaar was met bisschoppen. In ieder geval was hij in het midden van de vierde eeuw bisschop van Tongeren, een zeer oude nederzetting met een oude abdij een belangrijk christelijk centrum in de zuidelijke Nederlanden. Hij was er al de tiende bisschop, zegt de traditie. Hij lijkt meer te zijn geweest dan een kleine lokale bisschop aan de grenzen van het afbrokkelend Romeinse rijk. In vierde-eeuwse bronnen valt te lezen dat bisschop Servatius zeer actief was op enkele kerk-vergaderingen, concilies. Athanasius meldt dat Serbatios een van de bisschoppen was op het concilie van Sardica, nu Sofia, de hoofdstad van Bulgarije. Dat concilie vond in 343 plaats. In 346 neemt hij deel aan een kerkvergadering in Keulen en in 359 in Rimini, in Italië. Op al deze drie concilies is hij een felle bestrijder van het Arianisme, dat de godheid van Jezus ontkende. Geschiedvorsers zijn Servatius ook tegengekomen als diplomaat van keizer Constantius in een officiële delegatie naar een Gallische tegenkeizer.

Servatius had dus een drukke agenda en was vaak op reis om de ketterij van het Arianisme te bestrijden, zo beweren oude bronnen. Terug in Tongeren van een lange reis naar Rome, bleek het kwaad ook in eigen huis welig te tieren. De rijkdom van de stad was de Tongerenaren naar het hoofd gestegen en ze leefden zo in zonde, dat zelfs veel heidenen hun ten voorbeeld gesteld konden worden, zo staat in een oud verhaal. Ze vonden dat hun bisschop veel te streng in de leer was, te vaak weg was en ook nog hun taal niet sprak. Hij werd de stad uitgezet, of pakte volgens andere bronnen zelf zijn bisschoppelijke bullen en de relieken van zijn voorgangers in, en toog naar Maastricht. In 383 werd officieel de bisschoppelijke zetel naar die stad verplaatst, waarmee Maastricht de officiële woonplaats van de bisschop werd en Servatius de eerste bisschop van wat nu Nederland is. Het jaar daarop, in 384, stierf hij er op pinkstermaandag 13 mei en werd zoals toen te doen gebruikelijk, vlak buiten de stad aan de oude Romeinse weg naar Tongeren, begraven.

Wat er ook waar is van zijn levensgeschiedenis, al vlug wordt zijn graf een plek, dat tot wijd in de omgeving bekendheid geniet en pelgrims aantrekt. Bisschop Servatius wordt Sint Servaas, zijn graf een bedevaartsplaats. Anderhalve eeuw later, in de zesde eeuw, wordt er door bisschop Monulphus een stenen kerk boven gebouwd, waarschijnlijk als vervanging van een houten gebouwtje dat nogal eens placht in te storten. In het boek van Gregorius van Tours over belangrijke Frankische kerkmensen neemt Sint Servaas al een markante plaats in. Hoewel het ter plaatse flink kan sneeuwen, blijft op het graf de sneeuw niet liggen, weet hij te vertellen. Als op 13 mei 721, de sterfdag van Servatius, de Karolingische vorst Karel Martel in de slag van Poitiers de Moren weet terug te drijven, moet dat aan Sint Servaas te danken zijn! Hij schenkt de kerk in Maastricht een schitterend altaar. Wat later komt Karel de Grote er vanuit Aken de hulp van de heilige inroepen. Vele groten en kleinen der aarde volgen. In de 11e eeuw wordt begonnen met de huidige Sint Servaaskerk, die het hart wordt van de huidige stad.

Rond die tijd - als Sint Servaas steeds belangrijker wordt voor Maastricht - wordt ook het leven van Sint Servaas naar Middeleeuwse wijze opgepoetst. Het prachtigste heiligenleven is geschreven door Hendrik van Veldeke in de 11e en 12e eeuw. In zijn moedertaal, het Maastrichts. Het is een van de oudste boeken van ons taalgebied. Hij begint met te vertellen dat Servatius zelfs een bloedverwant van Jezus is, een afstammeling van Maria's zuster Esmeria. Eens biddend op het graf van Onze Lieve Heer in Jeruzalem verscheen hem een engel met de boodschap dat hij de nieuwe bisschop van Tongeren moest worden. Diezelfde engel bracht hem ernaar toe. Kromstaf, ring en mijter lagen er op het altaar al op hem te wachten. In de legende staan nog een heleboel meer wonderen om Servaas' grootheid en heiligheid aan te kleden en verhuizing naar Maastricht te verklaren. Volgens Van Veldeke kreeg hij rechtstreeks van Petrus zelfs de zilveren sleutel van de hemelpoort. Je kunt hem nog steeds in de schatkamer van de Sint Servaas bewonderen. Met andere zeer mooie geschenken van dankbare Maastrichtenaren en pelgrims.

Servatius was bisschop van Tongeren, fanatiek en recht in de leer. Maar over Servatius als missionaris en geloofsverkondiger in onze streken weten we eigenlijk niets. Wel dat er in het jaar 350 blijkbaar al sprake was van christenen in en rond Maastricht. Genoeg voor Servatius om er zich als bisschop bij te vestigen. En er na zijn dood in 384 als grote beschermheilige te worden vereerd. De kerstening van zuid Nederland heeft daar ongetwijfeld veel aan te danken!  j.b. -

Bron : de derde Kerk.

16:03 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

25-01-15

33e zondag na Pinksteren - Zacheüszondag

 

33e zondag na Pinksteren : “Zacheüszondag”

 

 

Zacheüs  Duitse prentenbijbel XVe eeuw.jpg

Zacheüs - Duitse prentenbijbel uit de 15e eeuw

 

 

LEZINGEN

1Tim.4,9-15

 [9] Dit* woord is betrouwbaar en verdient volledige instemming! [10] Dit* is het doel van al ons zwoegen en strijden, want wij hebben onze hoop gesteld op de levende God, die een redder is voor alle mensen, in het bijzonder voor de gelovigen. [11] Dit moet u hun bijbrengen en hierin moet u hen onderrichten. [12] Niemand* mag u verachten om uw jeugd, maar wees een voorbeeld voor de gelovigen door woord en gedrag, in liefde, in geloof en in zuiverheid. [13] In afwachting van mijn komst moet u zich wijden aan de voorlezing* van de Schrift, de vermaning* en het onderricht. [14] Verwaarloos* niet de genadegave* die in u is en die u krachtens een profetenwoord* werd geschonken, onder handoplegging* van de gezamenlijke oudsten. [15] Neem dit alles ter harte, ga er geheel in op, dan zullen uw vorderingen voor allen zichtbaar zijn.

EVANGELIE : Lucas 19,1-10

Bij Zacheüs [1] Hij* kwam in Jericho en trok door de stad. [2] Daar was een man die Zacheüs heette. Hij was oppertollenaar en hij was rijk. [3] Hij wilde wel eens zien wat Jezus voor iemand was, maar het lukte hem niet vanwege de mensenmassa, want hij was klein van stuk. [4] Daarom rende hij vooruit en klom in een moerbeivijgenboom om Hem te zien te krijgen, want Hij zou daar voorbijkomen. [5] Toen Jezus bij die plek kwam, keek Hij omhoog en zei tegen hem: ‘Zacheüs, kom vlug naar beneden; vandaag moet Ik in uw huis verblijven.’ [6] Hij kwam vlug naar beneden en ontving Hem met vreugde. [7] Iedereen die het zag sprak er schande van. ‘Hij neemt zijn intrek bij een zondaar’, zeiden ze. [8] Zacheüs richtte zich tot de Heer. ‘Heer,’ zei hij, ‘hierbij geef ik de helft van mijn bezit aan de armen, en als ik iemand iets heb afgeperst, vergoed ik het viervoudig*.’ [9] Jezus zei tegen hem: ‘Vandaag is er redding gekomen voor dit huis, want ook hij is een zoon van Abraham. [10] De Mensenzoon is immers gekomen om te zoeken en te redden wat verloren is.’

09:33 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-01-15

Vatopedi klooster Athos

Vatopedi klooster op de Athos.

Bekijk de nieuwe website !!

 

vatopedi klooster.jpg

 

(Klik op de foto)

10:00 Gepost door kris in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

19-01-15

Grieks orthodoxe zang vanuit de Agia Sophia

Grieks orthodoxe zang vanuit de Agia Sophia

16:13 Gepost door kris in Video | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Johannes Chrysostomos : zie het Lam van God, dat de zonden van de wereld wegneemt

H. Johannes Chrysostomus (ca. 345-407), priester in Antiochië, daarna bisschop van Constantinopel, kerkleraar Homilie over het Evangelie van Johannes nr. 18

 

 

Chrysostomos onbekend 3.jpg

“Zie het Lam van God, dat de zonden van de wereld wegneemt”

 

“Zie het Lam van God”, zegt Johannes de Doper. Jezus spreekt niet, Johannes de Voorloper, zegt alles. Bij ons bestaat er ook de gewoonte van de bruidegom om op deze wijze te handelen: hij zegt nog niets tegen de bruid, maar hij toont zich en houdt zich stil. Anderen kondigen hem aan en stellen hem voor aan zijn bruid. Als ze verschijnt, neemt de bruidegom haar niet zelf mee, maar ontvangt haar uit de handen van een ander. Maar nadat hij haar zo van een ander heeft ontvangen, verbindt hij zich zo sterk met haar, dat ze zich degenen die ze verliet om hem te volgen, niet meer herinnert. Dat is wat er gebeurt ten aanzien van Jezus Christus. Hij is gekomen om met de menselijke natuur te trouwen; Hij heeft zelf niets gezegd, Hij heeft zichzelf slechts laten voorstellen. Johannes, de vriend van de Bruidegom (Joh 3,29), heeft Zijn hand in die van de Bruid gelegd – met andere woorden, het hart van de mensen die hij overtuigd heeft door zijn prediking. Dan heeft Jezus Christus ze ontvangen en ze vervuld met zoveel goeds, dat ze niet teruggekomen zijn bij degene die ze bij Hem hadden gebracht … Johannes is de enige die Hem als aanwezig onder het volk kan tonen; want hij alleen was aanwezig bij de bruiloft met de kerk, hij ontvangt de titel “vriend van de Bruidegom”. Hij heeft alles gedaan en alles inbegrepen; toen hij zijn blik op de Messias liet vallen, zei hij: “Zie het Lam van God”. Hij toonde zo dat hij niet alleen door de stem getuigde, maar ook door de ogen. Hij bewonderde de Zoon van God en door Hem te aanschouwen, sprong zijn hart op van vreugde. Hij opende niet zijn mond om eerst te prediken: hij bewonderde Hem in de verbazing. Zo liet hij de gave kennen die Jezus in de wereld kwam brengen, naar de betekenis van het woord “lam”. Johannes zei niet: “Hij moet wegnemen”, of “Hij heeft weggenomen”, maar “Hij die de zonde van de wereld wegneemt”: niet alleen op het moment van zijn Lijden, maar onophoudelijk. Hij offert slechts eenmaal zijn offer voor de zonden van de wereld, maar door deze offergave zuivert Hij voor altijd het geweten van de zondige mensen.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

18-01-15

32e zondag na Pinksteren

32e zondag na Pinksteren : 'genezing van de tien melaatsen'

 

 

Feest van de heiligen Athanasios en Kirillos aartsbisschoppen van Alexandrië

 

 

 

athanasios en kyrillos van Alexandrië 12.jpg

Heiligen Athanasios en Kirillos van Alexandrië

Eerste lezing : 1 Tim.1,15-17 :

 

Dit woord* is betrouwbaar en verdient volledige instemming: ‘Christus Jezus is in de wereld gekomen om zondaars te redden.’ En de eerste van hen ben ik. [16] Daarom juist heb ik barmhartigheid ondervonden: Christus Jezus wilde aan mij als eerste heel zijn lankmoedigheid tonen, als een voorbeeld voor allen die in de toekomst op Hem zouden vertrouwen, omwille van het eeuwig leven. [17] Aan de koning van de eeuwen, aan de onvergankelijke, onzichtbare, enige God zij de eer en de glorie tot in alle eeuwigheid! Amen

Evangelie : Lucas.17-12-19 :

Reiniging van tien melaatsen [11] Op zijn reis naar Jeruzalem trok Jezus door het grensgebied van Samaria en Galilea. [12] Toen Hij een dorp inging, kwamen Hem tien melaatsen tegemoet. Ze bleven op een afstand staan [13] en riepen luidkeels: ‘Jezus, Meester, heb medelijden met ons.’ [14] Toen Hij hen zag, zei Hij tegen hen: ‘Ga u aan de priesters laten zien.’ Onderweg werden ze gereinigd. [15] Een van hen kwam terug toen hij zag dat hij genezen was, en met luide stem verheerlijkte hij God. [16] Hij wierp zich aan Jezus’ voeten en bedankte Hem. Dit was een Samaritaan. [17] Jezus zei daarop: ‘Er zijn er toch tien gereinigd! Waar blijven de negen anderen? [18] Is er niemand teruggekomen om God eer te brengen, alleen deze vreemdeling?’ [19] En Hij zei tegen hem: ‘Sta op en ga weer; uw vertrouwen* is uw redding.’

09:20 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

13-01-15

De wereld als levende icoon

 

 

verrijzenis%20van%20christus.jpg

 

De wereld als levende icoon

Lisette van der Wel

Duurzaamheid en klimaatverandering vormen uiteindelijk vooral een moreel en spiritueel vraagstuk, betoogt Lisette van der Wel. Zij gaat te rade bij de ecologische wijsheid van het oosters-orthodoxe christendom.

Wij mensen hebben de macht om het leven op aarde te bepalen en verstoren. Die macht maakt ons ook kwetsbaar. Waarvoor we kiezen en waardoor we ons laten leiden is van cruciaal belang, wil er een leefbare toekomst voor onze (klein-)kinderen zijn.

Zijn we hier op aarde om alsmaar meer te hebben of om meer te zijn? Zijn we hier met het recht om de aarde vrijelijk te plunderen of om haar zorgzaam te beheren? Het vraagstuk van duurzaamheid en klimaatverandering is zo uiteindelijk een moreel en spiritueel vraagstuk.

‘Groene patriarch’

Het is op dit punt dat religies een waardevolle bijdrage kunnen leveren. Een mooi voorbeeld van een waardevolle christelijke bron is hoe er binnen de oosters-orthodoxe traditie wordt gedacht over een zorgzame omgang met de aarde.

De oosterse orthodoxie laat zien dat we in de natuur iets aantreffen dat groter is dan onszelf

De oosters-orthodoxe kerk heeft een sterke reputatie waar het de betrokkenheid met ecologische kwesties betreft. De oecumenische Patriarch Bartolomeus wordt vaak de ‘groene patriarch’ genoemd vanwege zijn consequente oproep tot spirituele omkeer inzake milieu- en klimaatproblemen. Het is daarom de moeite waard om te kijken wat we zouden kunnen leren van deze rijke traditie.

Doortrokken van God

De oosters-orthodoxe traditie is diep doordrongen van het besef dat de huidige klimaatcrisis niet primair ecologisch is, maar spiritueel. Het is een crisis aangaande de manier waarop we onszelf en de wereld zien. Tegenover het westerse ideaalbeeld van het autonome individu als kroon en heerser van de schepping stelt de oosterse orthodoxie de doorleefde ervaring dat we in onze natuurlijke leefomgeving iets aantreffen dat groter is dan onszelf. Heel de natuur of schepping is doortrokken van God. Het aantasten van deze schepping ten bate van materieel gewin is een zonde.

De orthodoxe theologie en spiritualiteit reikt drie behulpzame manieren aan om het gevoel van verwondering en verbinding met Gods schepping te herstellen: de iconografie, de liturgie en de ascese.

Ruimer perspectief

Iconen, afbeeldingen van Christus, de Moeder Gods of heiligen, behoren tot het hart van de orthodoxe traditie. Een icoon is een trefpunt van het materiële en het transcendente, een medium waardoor mensen iets van het goddelijke kunnen ervaren. Zoals God mens is geworden in Jezus Christus, zo is in de orthodoxe visie de hele levende natuur een icoon, een teken van God. De heilige Johannes van Damascus zei al in de 8e eeuw:

"De hele wereld is een levende icoon van het gezicht van God."

Een icoon helpt je om beter te zien; het beschouwen ervan onthult iets van de goddelijke dimensie in alles wat we ervaren. In onze westerse cultuur zijn we zo op onszelf gericht geraakt; een icoon kan helpen dat beeld te corrigeren, ons weer te verbinden met een ruimer perspectief van de wereld als doortrokken van een goddelijke aanwezigheid.

Kosmische liturgie

Dan wordt het ook weer mogelijk om de wereld te gaan ervaren als een sacrament, als een plaats van gemeenschap (communie), in plaats van een zielloos gebruiksvoorwerp. Liturgie wil ook juist dat zijn: een viering van gemeenschap, van de onderlinge verbondenheid van alle mensen en al wat leeft.

Het oosters-orthodoxe denken spoort aan om niet achteloos om te gaan met de natuur; want alles is een spoor van God

Als we zó liturgie kunnen vieren dat we de hele wereld als een integraal deel ervan kunnen ervaren, dan verwerven we een liefdevol hart voor al wat leeft. St. Maximus noemde dit in de 7e eeuw een ‘kosmische liturgie’.

Vermogen tot zelfbeperking

De derde weg, de weg van ascese, is niet een negatief onderdrukken van allerlei behoeften, maar veeleer een positieve uitdrukking van ons vermogen tot zelfbeperking, tot het zeggen van ‘nee’ of ‘genoeg’. Het is een weg van bevrijding, gericht op delen, dienstbaarheid. Vasten is een concrete expressie daarvan.

Het oosters-orthodoxe denken spoort aan om niet achteloos om te gaan met de natuur; want alles is een teken, een spoor van God. Het leert om stil te staan, niet te doen, en zodoende je dieper te verbinden met het wonder en mysterie van al wat leeft. En het kan ons leren dat eenvoud en matigheid geen straf zijn, maar bevrijding. Maat houden kan leiden tot een geest van dankbaarheid, een herontdekken van het wonder van onze plek als mens in het web van het leven op aarde.

11:04 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

De oude Kerkvaders

DE OUDE KERKVADERS: EEN OVERZICHT

Gemakshalve worden de schrijvers uit de eerste tijd van de kerk tot aan 300 na Chr.

‘kerkvaders’ genoemd. Wat de schrijvers betreft kunnen we echter, als we nog meer precies

willen zijn, een driedeling maken.

1. De apostolische vaders

De alleroudste kerkvaders die leerlingen waren van de apostelen, worden meestal

‘apostolische vaders’ genoemd.

Ignatius (+ 107). Hij was een leerling van de apostel Petrus en tijdgenoot van Johannes. Hij

was bisschop van Antiochië (tweede opvolger van Petrus), van 69 tot 107, het jaar van zijn

marteldood in Rome. Op zijn reis naar Rome schreef hij 7 brieven.

Polycarpus (+ 155). Hij was een leerling van de apostel Johannes en was door hem tot

bisschop aangesteld van Smyrna, rond het jaar 100. Hij heeft veel mensen ontmoet die

Jezus nog gekend hebben. Van zijn marteldood is een getuigenis bewaard gebleven. Hij

schreef één brief.

Clemens van Rome (+ 101). Hij was een medewerker van de apostelen Petrus en Paulus te

Filippi en elders in Griekenland en Italië. Hij was de derde bisschop van Rome, na de

apostelen (92-101). Hij is de marteldood gestorven circa 101 na Chr. Hij heeft een of

misschien twee brieven geschreven.

2. De kerkvaders

Irenaeus (120-202). Hij was een leerling van Polycarpus en was bisschop van Lyon. Hij

stierf waarschijnlijk de marteldood in 202. Er is van hem een uitgebreid werk tegen de

gnostici bewaard gebleven: Adversus Haereses.

Hippolytus (160/170-235) was een leerling van Irenaeus. Hij werd waarschijnlijk te

Alexandrië geboren en werd rond 200 te Rome aangesteld als presbyter. Zijn werken

weerspiegelen het liturgisch leven in de kerk van 200-235, het jaar waarin hij stierf als

banneling, onder keizer Maximinus Thrax.

Cyprianus (210-258) was leraar in de welsprekendheid voordat hij rond zijn veertigste tot

bekering kwam. Hij was bisschop van Carthago en daarmee patriarch van de kerken in

Noord Afrika. Hij heeft vele verhandelingen geschreven. Hij stierf de marteldood.

3. De kerkelijke schrijvers

Justinus de martelaar (110-165). Ofschoon hij in Samaria was geboren, was hij van

heidense afkomst en uit de Griekse filosofie bekeerd tot Jezus Christus. Hij stierf de

marteldood in Rome.

Hij schreef de Eerste en Tweede Apologie en de Dialoog met de jood Trypho.

Tertullianus (145-240). Hij werd in Carthago geboren in 145 na Chr. Hij werd tot presbyter

gewijd kort na zijn bekering uit het heidendom, circa 190. Hij heeft een aantal werken

geschreven, o.a. Apologeticum, en De Baptismo, over de doop. Hij heeft werken tegen

Marcion en de gnostici op zijn naam staan. Omdat hij zich later heeft aangesloten bij de

strenge sekte der Montanisten, wordt hij vaak niet meer als kerkvader beschouwd.

Clemens van Alexandrië (150-ca. 215). Hij was een heidense Athener en werd na zijn

bekering presbyter of oudste en ca. 200 leider van de beroemde catechetenschool te

0075 www.stucom.nl 2/2

Alexandrië. In 203 moest hij, tijdens de hevige christenvervolgingen onder de Afrikaanse

keizer Septimus Severus, uit Alexandrië vluchten.

Zijn bekendste werk is de Paedagogos.

Origenes (185-253). Hij kwam uit een christelijk gezin. Hij was de opvolger van Clemens in

de Alexandrijnse school.

Na zijn wijding tot presbyter (ca. 230) ging hij in Palestina werken. Hij stierf de marteldood.

Zijn grote werken zijn De Principiis en Contra Celsum. Hij schreef ook diverse

bijbelcommentaren.

Eusebius (263-339). Hij was bisschop van Caesarea vanaf 313. Hij is vooral bekend als

kerk-historicus.

Oude christelijke geschriften

De Didachè. Dit geschrift stamt uit het einde van de eerste eeuw en is geschreven door

christen-Joden, leerlingen nog van Jezus zelf of van zijn apostelen. Het boek genoot in de

oude kerk een hoog aanzien en behoorde volgens sommigen zelfs tot de canon.

De “Pastor” van Hermas. Hermas werd geïdentificeerd met de Hermas uit de brief aan de

Romeinen. Het genoot ook een hoog aanzien en behoorde voor Irenaeus zelfs tot de Heilige

Schrift.

De Brief van Barnabas. Deze oude brief stond eens hoog in aanzien, maar Eusebius

rekende hem tot de onechte geschriften, d.w.z niet van de hand van de reisgezel van

Paulus, Jozef-Barnabas.

09:45 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

10-01-15

24e zondag na Pinksteren - zondag na Theofanie

 

24e zondag na Pinksteren

Zondag na Theofanie

 

feest van de heiligen Theodosius de grote abt in Palestina, Theodosius van Antiochië, Michel van Novgorod

Theodosius de grote, de Cenobiarch.jpg

Theodosius de Grote

 

Efesiërs : 4,7-13

 

7] Aan ieder van ons is genade geschonken naar de maat waarmee Christus geeft. [8] Daarom staat er: ‘Toen hij opsteeg naar omhoog, voerde hij gevangenen mee en schonk hij gaven aan de mensen.’ [9] ‘Hij steeg op’ – wat betekent dat anders dan dat hij ook is afgedaald naar wat lager ligt, naar de aarde? [10] Hij die is afgedaald is dezelfde als hij die opsteeg, tot boven de hemelsferen, om alles met zijn aanwezigheid te vullen. [11] En hij is het die apostelen heeft aangesteld, en profeten, evangelieverkondigers, herders en leraren, [12] om de heiligen toe te rusten voor het werk in zijn dienst. Zo wordt het lichaam van Christus opgebouwd, [13] totdat wij allen samen door ons geloof en door onze kennis van de Zoon van God een eenheid vormen, de eenheid van de volmaakte mens, van de tot volle wasdom gekomen volheid van Christus

 

Evangelie : Matth.4,12-17

Begin van Jezus’ verkondiging in Galilea [12] Toen Hij hoorde dat Johannes overgeleverd was, nam Hij de wijk naar Galilea. [13] Met voorbijgaan van Nazaret vestigde Hij zich in Kafarnaüm* bij het meer, in het gebied van Zebulon en Naftali, [14] opdat vervuld zou worden wat bij monde van de profeet Jesaja gezegd is: [15] Land van Zebulon en land van Naftali, aan de weg naar zee, aan de overkant van de Jordaan, Galilea van de heidenen! [16] Het volk dat in duisternis zit heeft een groot licht gezien, en over hen die in het land en in de schaduw van de dood zitten, over hen is een licht opgegaan. [17] Vanaf toen begon Jezus te verkondigen. Hij zei: ‘Bekeer u, want het koninkrijk der hemelen* is ophanden.’

21:59 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-01-15

H. Clemens van Alexandrië : "De Wijsheid van God vindt haar rechtvaardigheid": God roept ons op tot bekering

H. Clemens van Alexandrië (150-ca. 215), theoloog De Protreptiek, 9, 87-88 ; SC 2

 

ClemensVonAlexandrien.jpg

 

 

"De Wijsheid van God vindt haar rechtvaardigheid": God roept ons op tot bekering

Niemand werd zo geraakt door de oproepen van de andere heiligen als door die van de Heer zelf, met al zijn liefde voor de mensen, want Hij heeft geen andere bezigheid dan die van het redden van de mens. Hij roept dus op om de mensen aan te sporen om zich te laten redden: "Het Koninkrijk der hemelen is nabij" (Mc 1,15). Hij probeert de mensen die bij Hem komen te bekeren. Op diezelfde wijze maakt de apostel van de Heer… zich tot vertolker van de stem van God: "De Heer is nabij. Leef niet in de duisternis, zodat de dag u als een dief zou verrassen" (cf Ph 4,5; 1Th 5,4). Maar u die zo weinig vrees voelt, of liever, bent u zo ongelovig dat u noch in de Heer zelf, noch in Paulus gelooft, vooral wanneer hij om Christus vastgebonden is? (Fil 1,13) "Proef en geniet: hoe zoet is de Heer" (Ps 34,9). Het geloof zal u inleiden, de ervaring zal het u leren, de Schrift, als een pedagoog, zal u gidsen. Ze zegt tegen u: "Kom, kinderen, luister naar mij: in ontzag voor de Heer zal ik jullie onderwijzen". En dan voegt ze, als iemand gelooft, eraan toe: "Is er iemand die het leven bemint en gelukkige dagen wil genieten?" (Ps 34,12-13) Wij zijn het, de aanbidders van het goede, de navolgers van de goeden. –Luister dan, "u die ver weg bent", luister, "u die nabij bent" (Jes 57, 19). Het Woord is voor niemand verborgen; het is het gemeenschappelijke licht. Het straalt voor alle mensen; voor Hem bestaat er geen vreemdeling. Laten we ons haasten naar de redding, naar de nieuwe geboorte. Laten we ons haasten, wij die in zo grote getale zijn, om ons te verenigen als een kudde (Joh 10,16), laten we de eenheid navolgen door de ene Christus te volgen. Zo zal de vereniging van veel stemmen, als hun wanklanken en hun versnippering aan de goddelijke harmonie onderworpen zullen zijn, een enige symfonie vormen. En het koor dat aan de meester, het Woord, gehoorzaamt, zal slechts rust vinden in de waarheid zelf, wanneer hij zal kunnen zeggen: "Abba, Vader" (Mc 14,36).

Bron : www.dagelijksevangelie.org

07-01-15

Geloof in de Heilige Geest

Geloof in de Heilige Drieëenheid en de Heilige Geest

Prof. Dr. Leon Zander

 

 

 

Heilige geest236.jpg

Prof. Dr. Leon Zander was docent aan het Orthodox Theologisch Instituut St. Sergius te Parijs.  Deze bijdrage komt uit zijn werk : «Leer en geestelijk leven in de Orthodoxe Kerk».

Het geloof in één God in drie Personen (het Drieëenheidsdogma) wordt door alle Christenen beleden. De Orthodoxe Kerk echter belijdt dit geloof op zodanige wijze, en geeft er een zodanige inhoud aan, dat zij, zonder zich van de andere confessies te onderscheiden in betrekking tot het wezen van het mysterie, toch duidelijk van deze afwijkt in de uitleg ervan. Reeds zeer vroeg openbaarde zich op dit punt een verschil tussen de theologen van het Oosten en die van het Westen. De orthodoxe leer, zoals die neergelegd is in de geschriften der Griekse Kerkvaders, ging uit van het onderscheid tussen de drie Personen, terwijl daarentegen in het Westen de visie van Sint Augustinus, die uitging van de eenheid van het goddelijk Wezen, veel weerklank vond. Alles tezamen genomen is hier slechts sprake van een verschil in uitgangspunt, dat op zichzelf niet tot een tegenstelling hoeft te leiden; het onderscheid was onafscheidelijk verbonden met de theologische probleemstelling; er was een verschil in benaderingswijze, maar het ging om één en hetzelfde goddelijk mysterie.

Wij moeten ons echter, als mensen van deze tijd, nog een andere vraag stellen: namelijk of het dogma der Drieëenheid nog steeds een levende werkelijkheid is in het leven der Kerk. In de Orthodoxe Kerk spreekt dit vanzelf: men bidt daar tot de Heilige Drieëenheid als tot één enige God; de Vader als Oorsprong, Die de Zoon verwekt en van Wie de Geest uitgaat; de Zoon, door Wie in den beginne al het bestaande tot aanzijn is geroepen, door Wiens offer en Verrijzenis aan het einde der tijden de gehele schepping is verlost; de Heilige Geest, die het leven schenkt, zonder Wie al wat is tot stof zou vergaan. Het mysterie der Drieëenheid is het uitgangspunt en het hoogtepunt van een levende theologie, opgevat als een visioen van God.

De uitzending van de Heilige Geest door de Vader, waarvan Christus spreekt in de afscheidsrede (Joh. XIV, 16), die op het Pinksterfeest werkelijkheid is geworden, is volgens de orthodoxe opvatting de grondslag van het leven der Kerk in alle aspecten, de essentie van haar sacramentele handelingen, de krachtbron, die haar in staat stelt de wereld te verlichten: de Kerk is het Lichaam van Christus en de gemeenschap der Heiligen; in haar duurt het Pinksterfeest voort; de gelovigen hebben een persoonlijke band met alle drie Personen van de Heilige Drieëenheid. Deze persoonlijke verhouding tot de Drieënige God vindt zijn uitdrukking in de gebeden. Niet alleen de klassieke rituele boeken van de Orthodoxie (Oktoïch, Triodion, Pentekostarion, Meneon), ook de eenvoudige dagelijkse gebeden tonen duidelijk aan hoezeer de Orthodoxie doortrokken is van de Triniteitsleer. Wij tekenen slechts aan, dat in de aanhef van ieder gebed, persoonlijk of gemeenschappelijk, de orthodoxe christene de Heilige Geest vraagt om “te komen en in ons te verblijven”.

Voor de grote russische mysticus van de 19de eeuw, de H. Serafim van Sarov, was juist het ontvangen van de gaven en de waarachtige krachten van de Heilige Geest, het eigenlijk levensdoel van de christen. Wanneer dus de Orthodoxie zozeer gekenmerkt wordt door deze visie en dit vervuld zijn van de Heilige Geest (wat op christenen van andere confessies soms zulk een diepe indruk maakt), is dit toe te schrijven aan de omstandigheid, dat de Orthodoxe Kerk de goddelijke “orde”  in het leven van de Heilige Drieëenheid heeft bewaard, welke grondslag is van haar geheel theologisch denken.

10:56 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

03-01-15

feest van de theofanie van Christus

Groot feest van de heilige Theofanie van onze Heer en God en Verlosser Jezus Christus

Doopsel van Christus 8.jpg

Doop van Jezus

 

 

LEZINGEN :

Lezing : Titus,2,11-14;3,4-7

  Want de genade van God is verschenen, bron van redding voor alle mensen, die ons leert af te zien van goddeloosheid en wereldse begeerten, en bezonnen, rechtvaardig en vroom te leven in deze wereld, in afwachting van het geluk waarop we hopen, de verschijning van de heerlijkheid van onze grote God en onze redder Jezus Christus. Hij heeft zichzelf voor ons gegeven om ons van alle ongerechtigheid te verlossen, ons te reinigen en ons tot zijn eigen volk te maken, vol ijver voor goede werken.

Maar toen de goedheid en mensenliefde van God onze redder is verschenen, heeft Hij ons gered, niet omdat wij iets gedaan zouden hebben dat ons kan rechtvaardigen maar alleen omdat Hij barmhartig is.      Gered heeft Hij ons door het bad van wedergeboorte en vernieuwing door de heilige Geest,  die Hij overvloedig over ons heeft uitgestort door Jezus Christus onze redder. Zo zijn wij gerechtvaardigd door zijn genade en erfgenamen geworden van het eeuwig leven, waar onze hoop op gericht is.

EVANGELIE : Mattheüs 3,13-17

Jezus laat zich dopen      Toen kwam Jezus uit Galilea naar Johannes bij de Jordaan om zich door hem te laten dopen. Johannes probeerde Hem tegen te houden. Hij zei: 'Ik zou door U gedoopt moeten worden, en U komt naar mij?' Jezus gaf hem ten antwoord: 'Laat nu maar, want zo behoren wij de gerechtigheid volledig te vervullen.' Toen liet hij Hem begaan. Toen Jezus gedoopt was, kwam Hij meteen uit het water. En zie, daar opende zich de hemel voor Hem en Hij zag de Geest van God als een duif neerdalen en op Hem neerkomen. Er kwam een stem uit de hemel, die zei: 'Dit is mijn geliefde Zoon, in wie Ik vreugde vind.'

21:29 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Augustinus : over de barmhartigheid

Over de barmhartigheid

Augustinus

 

 

augustine_of_cantebury 27 mei.jpg

Elke liefde veronderstelt een zekere welwillendheid tegenover hen die we beminnen. Ook de lichamelijke liefde, die we eerder genegenheid noemen.(Het woord 'liefde' wordt in onze cultuur immers gewoonlijk voorbehouden om een verheven liefde aan te duiden. Hoewel voor mij alle woorden om liefde aan te duiden gelijkwaardig zijn, aangezien de Heilige Schrift ze door elkaar gebruikt)(Deze passage is door de vertaler een beetje ingekort weergegeven, omdat ze in het Nederlands onvertaalbaar is. Het latijn kent namelijk drie verschillende woorden voor 'liefde' : caritas, dilectio en amor. DSommige christelijke schrijvers vóór Augustinus hebben getracht een zeker onderscheid tussen deze verschillende termen aan te brengen. Augustinus verwerpt echter dit onderscheid en wel op grond van het gebruik ervan in de H.Schrift) .Want wij mogen en kunnen de mens niet beminnen zoals een gastronoom verklaart van gebraden lijsters te houden. Waarom niet ? Omdat de gastronoom er alleen maar op uit is te doden en op te eten. Als hij zegt dat hij van gebraden lijsters houdt, dan houdt hij niet van de lijsters zelf, want die laat hij niet in leven doch vernietigt hij. Van eten houden we slechts om het te verbruiken en zelf weer op kracht te komen. Maar van mensen mogen we nooit houden als van gebruiksgoederen. Neen, vriendschap is een zaak van welwillendheid; vriendschap is iets willen geven aan hen die we beminnen. En als men dan niets heeft om te geven ? Dat is niet erg, de welwillendheid alleen is genoeg voor iemand die bemint.

Het heeft geen zin te verlangen dat er ongelukkige mensen zouden zijn om zich barmhartig over hen te kunnen buigen. Gij geeft brood aan iemand die honger heeft, maar het zou veel beter zijn dat niemand honger leed en gij aan niemand iets hoefde te geven. Gij geeft kleren aan iemand die er geen heeft, maar het zou veel beter zijn dat iedereen kleren bezat en er geen armoede bestond. Gij begraaft doden, maar het zou veel beter zijn dat iedereen het leven bezat, en dat niemand meer hoefde te sterven. Gij tracht mensen die het oneens zijn met elkaar, te verzoenen; maar het zou veel beter zijn te leven in die eeuwige vrede van Jeruzalem waarin geen onenigheid meer bestaat. Al de hulp die we geven wordt opgeroepen door nood. Neem de ongelukkigen weg uit deze wereld en alle werken van barmhartigheid worden overbodig.

Maar als er in deze wereld geen barmhartigheid meer nodig is, betekent dit dan nhiet noodzakelijk het einde van de weldoende gloed van de liefde ? Helemaal niet, Uw liefde zal meer authentiek zijn, als ze uitgaat naar een gelukkig mens aan wie ge niets hoeft te geven; zij zal zuiverder en oprechter zijn. Want als gij geeft aan een ongelukkig mens, dreigt het gevaar dat gij over hem wilt heersen en hij, die de beweegreden was van uw weldaad, u onderdanig moet zijn. Hij verkeert in nood, gij geeft hem iets. Omdat gij de gevende partij zijt, lijkt gij beter en meer mens te zijn dan hij aan wie gij geeft. Wens dat ieder mens uw gelijke is, zodat wij allen op gelijke wijze afhankelijk zijn van die Ene, aan wie wij niets kunnen geven.

In dergelijke zaken kent de hoogmoedige mens geen maat en daardoor wordt hij ook op een bepaalde manier hebzuchtig, aangezien 'de geldzucht de oorsprong is van alle kwaad' ( 1 Tim. 6,10). Er is ook gezegd dat 'de hoogmoed het begin is van elke zonde' (Sir.10,15) SZoms vragen we ons, hoe deze twee uitspraken met elkaar te verenigen zijn : 'De geldzucht is de oorsprong van het kwaad' en ' De hoogmoed is het begin van elke zonde'. Als de hoogmoed het begin is van elke zonde, dan is zij ook de oorsprong van alle kwaad, want in de hoogmoed ligt hebzucht opgesloten. Dit blijkt hieruit dat de hoogmoed geen maat kent. En wat is hebzucht ? Ook hebzucht bestaat juist juist daarin : verder willen gaan dan nodig is. Door hoogmoed is Adam ten val gekomen, want 'de hoogmoed is nhet begin van elke zonde'. Daar was ook hebzucht mee gemoeid, want wie is meer hebzuchtig dan een mens voor wie God nog niet voldoende is.

We lezen dat de mens gemaakt is naar het beeld en de gelijkenis van God. Van deze mens zei God : 'Hij heerse over de vissen van de zee, de vogels in de lucht en alle dieren die zich over de aarde voortbewegen' ( Gen.1,26). Hij zei niet : heerse over de mens ! Hij gaf de mens wel macht over de natuur : over de vissen, de vogels en de dieren die over de aarde kruipen. Waarom heeft de mens van nature een zekere macht over deze dieren ? Die macht bezit hij door het feit dat hij geschapen is naar Gods beeld. De mens is beeld van God door zijn verstand, door zijn geest, door zijn innerlijkheid : doordat hij de waarheid begrijpt, onderscheid kan maken tussen recht en onrecht, weet door wie hij geschapen is, en zijn schepper ken verstaan en loven. Wie zich verstandig gedraagt, bezit dit inzicht.

Uit : Eenheid en liefde : Augustinus preken over de eerste brief van Johannes. Uitg. Augustijns historisch instituut Heverlee-Leuven. Vertaald door Prof.dr.T.J.van Bavel. pp. 133-135

29-12-14

Johannes Chrysostomos : Zijn vader en moeder stonden verbaasd over wat van Hem gezegd werd

H. Johannes Chrysostomus (ca. 345-407), priester in Antiochië, daarna bisschop van Constantinopel, kerkleraar Homilie voor kerstmis; PG 56, 392

 

chrysostom16 modern amerikaans [1600x1200].jpg

"Zijn vader en moeder stonden verbaasd over wat van Hem gezegd werd"

 

Wat kan ik zeggen over dit mysterie? Ik zie een arbeider, een voederbak, een kind, doeken, het baren door een maagd die al het benodigde ontbreekt, allemaal tekenen van nederigheid, de hele last van de armoede. Hebt u ooit de rijkdom in zo’n penarie zien zitten? Hoe arm heeft degene die rijk was zich toch voor ons gemaakt (2Kor 8,9) tot op het punt dat Hij, bij een tekort aan een wieg en dekens, moest slapen in een harde voederbak? … Ach, enorme rijkdom onder de verschijning van armoede! Hij slaapt in een voederbak en Hij laat het universum wankelen. Hij is strak in doeken gewikkeld en breekt de boeien van de zonde. Terwijl Hij geen woord uit kan brengen, onderricht Hij de magiërs, opdat ze een andere weg terug gaan nemen. Het mysterie gaat het woord te boven! Zie de baby gewikkeld in doeken, gelegen in een kribbe; daar is ook Maria die tegelijk maagd en moeder is; en daar is Jozef die men zijn vader noemt. Hij is met Maria getrouwd, maar de heilige Geest heeft Maria met zijn schaduw overdekt. Daarom was Jozef bang, hij wist niet hoe hij het kind moest noemen… In zijn angst werd hem door een engel een boodschap gebracht: “Vrees niet, Jozef, het kind dat in haar verwekt is, is uit de heilige Geest” (Mt 1,20)… Waarom is de Verlosser uit een maagd geboren? Vroeger liet Eva die maagd was, zich verleiden en baarde de oorzaak van onze dood; Maria, die de Goede Boodschap van de engel had ontvangen, baarde het Woord dat vlees geworden was en dat ons het eeuwige leven brengt

Bron : www.dagelijksevangelie.org

24-12-14

Kerstmis2

Kerstmis

 

geboorte van Jezus9.jpg

Genealogie van Jezus Christus : zo begint het Evangelie. Maar wat betekent deze lange lijst van hebreeuwse namen ? Voor de Joden is het de noodzaak om de afkomst van de Messias van Koning David te onderlijnen. Een andere betekenis : in deze lijst staan moordenaars,  echtbrekers, bloedschenners. Indien Jezus wordt geboren in mijn ziel, dan wordt Hij geboren ondanks en doorheen de opeenstapeling van mijn zonden. Jezus  doordringt, vindt zijn weg doorheen mijn fouten, Hij overstijgt ze de één na de ander. Dit is zijn genealogie in mij. In deze doordringing  schittert zijn barmhartigheid, zijn  minzaamheid, ook zijn kracht. Maria, die het kind draagt in haar schoot, en Jozef laten zich inschrijven in Bethlehem. Het is niet te Rome, noch te Athene, noch te Jerusalem dat Jezus wilde geboren worden. Zo ook is voor ons het mysterie van de Geboorte slechts toegankelijk in het arme dorpje van Judea. Opgaan naar Bethlehem, burger worden van Bethlehem, de nederige geest van Bethlehem verwerven, niet bezitten.

De engelen zeggen niet eenvoudigweg dat de Redder is geboren. Zij zeggen : "Een Redder is U geboren", Jezus wordt geboren voor elke herder. Zijn geboorte blijft voor elk van ons een zeer persoonlijke gebeurtenis; Jezus is een gave aan elke mens.

Er is geen plaats in de herberg, noch voor Maria die Jezus draagt, noch voor Jozef. Er is geen plaats in de herberg van de wereld voor de leerling van Jezus. Indien ik er in slaag om mij een plaats te bereiden, welke moeilijke gelegenheid! Wat is er gemeenschappelijk tussen de herberg en de kribbe ?

(Un moine de l'Eglise d'Orient "Jesus"

Nu blijft er ons alleen te weten hoe wij Christus kunnen laten komen in ons huis. Wij weten dat hij niet neerziet op een schamel huisje. Hij gaat zelfs bij de tollenaars wanneer zij Hem aanroepen met oprechte gevoelens. Meer nog, Hij komt aan de deur en klopt, zoals hij het zegt in de Apocalyps. Voor ons is Hij gekomen in een maagdelijke schoot en gevormd uit het bloed van de Maagd, Hij is op een wonderbare  wijze geboren. Voor ons ziet Hij niet neer op een kribbe  in een dierenstal waar hij wilde rusten in doeken gewikkeld. Hij zal ook onze armoedige hut niet verafschuwen indien wij hem met nederigheid bidden, want hij is barmhartig en hij houdt van de mensen, Hij verhoort de nederige smeekbeden. Hij verlaagt zichzelf tot aan onze nederigheid, laten wij ons voor zijn voeten werpen en hiermee de wijsheid van de wijzen navolgend. Laten wij neervallen aan de voeten van hem die niet meer in doeken gewikkeld is, maar die neerzit op de troon van glorie, met de vader en de Heilige Geest. In plaats van goud, wierook en myrrhe, laten wij hem ons nederig gebed toevertrouwen. En daar Hij zijn rust vindt in de christelijke naastenliefde, laten wij ons omgeven door naastenliefde, laten wij ons voorbereiden. Als wij onze hongerige broeder zien, laten wij hem te eten geven; als w<e hen zien die dorst hebben, laten wij hen te drinken geven; indien iemand naakt is, laten wij hem kleden; indien iemand reiziger is zonder dak boven het hoofd, laten wij hem opnemen in ons huis en geven wij hem hospitaliteit; indien iemand ziek is, laten wij hem bezoeken, troosten en hem dienen ; laten wij liefde betonen tegenover de gevangenen en dienen wij hen volgens onze middelen. In één woord, laten wij onze broeders liefhebben als onszelf.

(Tikhon ZADONSKY "Ascètes russes")

 

2e homelie over Kerstmis

Wat hebben wij te zeggen,  Hoe moeten wij het zeggen ? Zo een wonder wekt verbazing in mij. De Oude van Dagen is een klein kind geworden. Diegene die troont op de verheven troon van de hemel is geboren in een kribbe. De ontastbare, de eenvoudige, de niet samengestelde, de on-lichamelijke is aangeraakt door mensenhanden. Diegene die de banden van de zonde heeft losgemaakt is met doeken omwikkeld, omdat Hij het zelf wilde. Hij heeft besloten om de slaafsheid te veranderen in eer, om de schande met glorie te omkleden, en om te tonen dat de grenzen van de vernedering deze zijn van kracht. Ziedaar waarom Hij mijn lichaam op zich heeft genomen : opdat ik het Woord waardig moge zijn. Hij neemt mijn vlees en geeft zijn Geest, Hij geeft en neemt, Hij bereid mij een levensschat voor. Hij heeft mijn vlees aangenomen om mij te heiligen; Hij geeft zijn Geest om mij te redden. Vandaag is de oude band losgemaakt, de Duivel  in verwarring gebracht, de demonen zijn op de vlucht geslagen, de dood vernietigd, het paradijs heropend, de vervloeking opgeheven, de zonde verworpen, de dwaling verworpen, en de waarheid komt terug. Het woord van godsvrucht is overal verspreid, het doorkruist de ganse wereld. De wijze van leven in de hemel is gepland op aarde, de Engelen zijn in communicatie met de mensen, de mensen praten ermee zonder enige vrees. Waarom : God is op aarde gekomen, de mens is binnengeleid in de hemel : dat is de grote verandering....

Wat valt er nog te zeggen ? hoe moet men spreken ? Ik zie een timmerman, een kribbe, een kind, doeken, een Maagd die berooid een kind baart. Alles is arm, alles ademt de armoede. Maar zie toch de rijkdom in deze armoede ! Terwijl hij rijk was heeft Hij zich voor ons arm gemaakt...O armoede, bron van onze rijkdom !

(Heilige Johannes Chrysostomos)

Kerstmis

Bethlehem, bereid je voor, Hij komt!

Bethlehem, bereid je voor: de poorten van Eden openen zich voor iedereen. Verheug je, Efrata (Mich 5,1), want in de grot laat de Maagd de Levensboom bloeien… Christus komt naderbij om ons te dienen; Hij, de Schepper, neemt de vorm aan van het werk van zijn handen. Rijk van goddelijkheid en vol met barmhartigheid, brengt Hij een nieuwe schepping en een nieuwe geboorte naar de ongelukkige Adam. Hij buigt de hemelen, en in de schoot van de Maagd komt Hij nader tot ons, bekleed met ons lichaam. Hij gaat geboren worden in de grot van Bethlehem, volgens de Geschriften; Hij gaat verschijnen als een kind, Hij die leven geeft aan de kinderen in de schoot van hun moeder. Laten we Hem tegemoet gaan; laten we vol vreugde en met de ziel in feeststemming naar Bethlehem gaan. De Heer… komt daar aan als een vreemdeling; laten we Hem ontvangen om gasten in zijn paradijs te worden en er te verblijven in de barmhartigheid van Degene die in de stal geboren wordt. Nu al openen zich voor ons de poorten van de Menswording van het Woord van God. Hemelen, wees vol vreugde! Engelen, jubel van blijdschap! Dat de aarde en zij die erop wonen zich overgeven aan de vreugde tezamen met de herders en de magiërs! De Maagd Maria nadert met een albasten vaas vol met parfum; ze draagt Hem de grot in, om onze zielen te zalven met zijn parfum in de heilige Geest. Haast u machtige engelen! U die in Bethlehem woont, bereid de kribbe voor, want Christus is onderweg, de Wijsheid nadert. Gelovigen, ontvang dan uw wensen; volkeren, laten we om de Moeder van God te verheugen zeggen: "Gezegend Hij die komt, onze God!" (Mt 21,9) Christus onze God gaat op de grote dag verschijnen; Hij zal niet talmen. Hij wordt geboren uit een reine Maagd; weldra zal Hij uitrusten in de grot… Leid het koor, Jesaja, verkondig het Woord van God, profeteer ons hoe de braamstruik van de Maagd in brand staat zonder verteerd te worden (Ex 3,2)… De mysterieuze ster die stilstaat boven de stal verwijst naar de Auteur van het leven, de Heer die alle mensen komt redden.

 

FEEST VAN DE GEBOORTE VAN ONZE HEER EN GOD EN VERLOSSER JEZUS CHRISTUS

 

 

geboorte van Jrezus 24897.jpg

 

 

LEZINGEN

Galaten 4,4-7 :

 

Maar toen de volheid van de tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, om hen die onder de wet stonden vrij te kopen, opdat wij de rang van zonen zouden krijgen. En dit is het bewijs dat u zonen bent: God heeft de geest van zijn Zoon in ons hart gezonden, die roept: Abba, Vader! U bent dus geen slaaf meer, maar zoon; en als u zoon bent, dan ook erfgenaam, door toedoen van God.

 

Evangelie : Matth.2,1-12 :

 

Van Betlehem naar Nazaret Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, ten tijde van koning Herodes, kwamen er uit het Oosten magiërs in Jeruzalem aan. Ze vroegen: 'Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Want wij hebben zijn ster zien opkomen en wij zijn gekomen om Hem te huldigen.' Toen koning Herodes hiervan hoorde, schrok hij, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen en wilde van hen weten waar de Messias* geboren zou worden. Ze zeiden hem: 'In Betlehem in Judea. Want zo staat het geschreven bij de profeet: Betlehem, land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leider voortkomen, die herder zal zijn van mijn volk Israël.' Toen riep Herodes de magiërs in stilte bij zich en vroeg nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Hij stuurde hen naar Betlehem met de woorden: 'Ga een nauwkeurig onderzoek instellen naar het kind. Wanneer u het gevonden hebt, laat het mij dan weten; dan kan ook ik het gaan huldigen.' Toen ze de koning aanhoord hadden, gingen ze weg. Opeens ging de ster die ze hadden zien opkomen voor hen uit, tot ze bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze de ster zagen, werden ze met buitengewoon grote vreugde vervuld. Ze gingen het huis binnen en zagen het kind met zijn moeder Maria. Ze vielen op hun knieën en huldigden het. Ze haalden hun schatten tevoorschijn en gaven Hem goud, wierook en mirre als geschenk. En omdat ze in een droom gewaarschuwd waren om niet naar Herodes terug te keren, namen ze de wijk en gingen ze langs een andere weg naar hun land terug.

 

14:38 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

20-12-14

Zondag van de genealogie

28e zondag na Pinksteren

Zondag van de genealogie

 

 

Genealogie van Christus.jpg

 

Eerste Lezing :

Hebr.11,9-10;32-40

 

 

[9] Door het geloof verbleef hij als vreemdeling in het land dat hem beloofd was; hij woonde er in tenten, evenals Isaak en Jakob, die dezelfde belofte erfden; [10] want hij zag uit naar de stad* met fundamenten, waarvan God de ontwerper en bouwer is.

[12] Daarom is ook uit één man, die totaal was afgeleefd, een nageslacht ontsproten, talrijk als de sterren aan de hemel, ontelbaar als de zandkorrels aan het strand van de zee. [13] In geloof zijn zij allen gestorven, zonder te hebben ontvangen wat hun beloofd was. Zij hebben het alleen uit de verte gezien en begroet. Zij hebben zichzelf vreemdelingen en voorbijgangers op aarde genoemd. [14] Wie zo spreken, geven duidelijk te kennen dat zij op zoek zijn naar een vaderland. [15] Hadden zij heimwee gehad naar het land van hun herkomst, dan hadden zij gemakkelijk kunnen terugkeren, [16] maar hun verlangen ging uit naar een beter vaderland, het hemelse. Daarom schaamt God zich niet om hun God genoemd te worden, want Hij heeft voor hen een stad gebouwd. [17] Door het geloof heeft Abraham, toen hij op de proef gesteld werd, Isaak ten offer gebracht. Hij stond op het punt om zijn enige zoon te offeren, en dat terwijl hij de beloften had ontvangen [18] en tegen hem gezegd was: Zij die van Isaak afstammen, zullen gelden als uw nageslacht. [19] Want hij was ervan overtuigd dat God zelfs de macht heeft om doden tot leven te wekken; daarom* heeft hij zijn zoon ook teruggekregen, bij wijze van voorafbeelding. [20] Door het geloof sprak Isaak over Jakob en Esau een zegen uit die ook op de toekomst betrekking had. [21] Door het geloof zegende Jakob bij zijn sterven de beide zonen van Jozef, en leunend op de knop van zijn staf aanbad hij God. [22] Door het geloof heeft Jozef op het eind van zijn leven al gesproken over de uittocht van de Israëlieten, en bevolen om dan zijn gebeente mee te nemen. [23] Door het geloof werd Mozes meteen na zijn geboorte drie maanden lang verborgen gehouden door zijn ouders, omdat zij zagen wat een mooi kind hij was; zij waren niet bang voor de verordening van de koning. [24] Door het geloof heeft Mozes zelf, toen hij groot geworden was, geweigerd om door te gaan voor een zoon van de dochter van de farao. [25] Hij wilde liever mishandeld worden met het volk van God dan voor korte tijd profiteren van de zonde. [26] Voor hem was de smaad* van de Messias kostbaarder dan al de schatten van Egypte, want hij hield het oog gericht op de komende beloning. [27] Door het geloof verliet hij Egypte zonder de woede van de koning te vrezen, want hij zette door, als ziende de Onzienlijke. [28] Door het geloof heeft hij het paasfeest gevierd en de deurposten met bloed bestreken, opdat de verderver de eerstgeborenen van Israël niet zou aanraken. [29] Door het geloof trokken zij door de Rode Zee als over droog land; toen de Egyptenaren het probeerden, verdronken ze. [30] Door het geloof zijn de muren van Jericho ingestort, nadat zij er zeven dagen lang omheen getrokken waren. [31] Door het geloof is de hoer Rachab ontkomen aan het lot van de ongelovigen, omdat zij de spionnen vriendelijk had ontvangen. [32] En wat moet ik nog meer noemen? De tijd ontbreekt me om te verhalen van Gideon, Barak, Simson en Jefta, van David en Samuël en de profeten. [33] Door het geloof hebben zij koninkrijken omvergeworpen, gerechtigheid beoefend, beloften in vervulling zien gaan. Zij hebben leeuwen de muil gesloten, [34] de gloed van vuur gedoofd, ze zijn ontsnapt aan het scherp van het zwaard. Hun zwakheid werd kracht, ze werden machtig in de oorlog, en dreven vijandelijke legers op de vlucht. [35] Vrouwen kregen hun doden terug door opstanding uit de dood. Anderen werden doodgemarteld en wezen hun vrijlating af, om een betere opstanding te verwerven. [36] Weer anderen werden beproefd doordat ze bespot werden en geslagen, en ook nog werden geboeid en gevangengezet. [37] Zij werden gestenigd, doormidden* gezaagd, terechtgesteld met het zwaard. Zij zwierven rond in schapenvachten en geitenvellen, ten prooi aan ontbering, vervolging, mishandeling. [38] Zij waren te goed voor deze wereld. Ze hielden zich op in woestijnen en in de bergen, in spelonken en in de krochten van de aarde. [39] Ook deze mensen werden allen vermeld vanwege hun geloof. Toch heeft geen van hen de belofte in vervulling zien gaan. [40] Aangezien God voor ons nog iets beters had voorzien, wilde Hij niet dat zij hun voleinding zouden bereiken zonder ons.

 

Evangelie :

Mattheüs 2,1-12

 

Van Betlehem naar Nazaret [1] Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, ten tijde van koning Herodes, kwamen er uit het Oosten magiërs in Jeruzalem aan. [2] Ze vroegen: ‘Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Want wij hebben zijn ster zien opkomen en wij zijn gekomen om Hem te huldigen.’ [3] Toen koning Herodes hiervan hoorde, schrok hij, en heel Jeruzalem met hem. [4] Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen en wilde van hen weten waar de Messias* geboren zou worden. [5] Ze zeiden hem: ‘In Betlehem in Judea. Want zo staat het geschreven bij de profeet: [6] Betlehem, land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leider voortkomen, die herder zal zijn van mijn volk Israël.’ [7] Toen riep Herodes de magiërs in stilte bij zich en vroeg nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. [8] Hij stuurde hen naar Betlehem met de woorden: ‘Ga een nauwkeurig onderzoek instellen naar het kind. Wanneer u het gevonden hebt, laat het mij dan weten; dan kan ook ik het gaan huldigen.’ [9] Toen ze de koning aanhoord hadden, gingen ze weg. Opeens ging de ster die ze hadden zien opkomen voor hen uit, tot ze bleef staan boven de plaats waar het kind was. [10] Toen ze de ster zagen, werden ze met buitengewoon grote vreugde vervuld. [11] Ze gingen het huis binnen en zagen het kind met zijn moeder Maria. Ze vielen op hun knieën en huldigden het. Ze haalden hun schatten tevoorschijn en gaven Hem goud, wierook en mirre als geschenk. [12] En omdat ze in een droom gewaarschuwd waren om niet naar Herodes terug te keren, namen ze de wijk en gingen ze langs een andere weg naar hun land terug

09:42 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

16-12-14

Augustinus : vele profeten en koningen verlangden te zien wat u ziet

H. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo (Noord Afrika) en Kerkleraar. Overwegingen over de psalmen, psalm 119, nr 20

 

 

Augustinus6.jpg

 

 

"Vele profeten en koningen verlangden te zien wat u ziet"

 

      “Heer, mijn ziel smacht naar uw redding” (Ps 119,81), dat wil zeggen In haar verwachting. Zalige zwakheid die het verlangen toont van iets wat nog niet ontvangen is, maar vurig begeerd wordt. Op wie slaan die woorden behalve op de oorsprong van de mensheid, tot aan het einde der eeuwen, “een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilige volk” (1P 2,9), op elk mens dat, ieder in zijn eeuw, leefde, leeft of zal leven in het verlangen naar Christus?       De getuige van deze verwachting, is de oude man Simeon, die bij het ontvangen van het kind in zijn armen, uitroept: “Nu, Meester, laat U, zoals U gezegd hebt, uw knecht in vrede gaan; want mijn ogen hebben uw heil gezien” (Lc 2,29-30). Want hij had van God de belofte ontvangen dat hij de dood niet zou smaken voordat hij Christus de Heer zou hebben gezien. Het verlangen van deze oude man – dat moeten we geloven- is die van alle heiligen in de tijd die daaraan vooraf ging. Daarom zei de Heer tegen zijn leerlingen: “Vele profeten en koningen hadden willen zien wat jullie zien, maar zij hebben het niet gezien en willen horen wat jullie horen, maar zij hebben het niet gehoord”.       Alle mensen moeten dan ook gerekend worden bij hen die zingen: “Mijn ziel bezweek bij het zien van uw heil”. Nooit is het verlangen van de heiligen in die tijd tot rust gekomen, en nooit zal hij rust vinden in het Lichaam van Christus, in zijn Kerk, tot aan het einde van de wereld totdat “het Verlangen van alle volken”, beloofd door de profeet, komt (Hag 2,8 Vulg)... Het verlangen waarover we spreken komt van wie men liefheeft volgens de apostel Paulus als “de verschijning van Christus”. Dit verlangen zegt: “Wanneer Christus, die uw leven is, verschijnt, zult ook u met Hem verschijnen in heerlijkheid” (Kol 3,4). De Kerk in zijn eerste tijd, voor het baren van de Maagd, zag degenen die naar de komst van Christus in het lichaam verlangden, als heiligen. Vandaag de dag zien ze anderen als heilig, namelijk zij  die verlangen naar de verschijning van Christus in zijn heerlijkheid. Sinds het begin van de wereld tot aan het einde der tijden, is dat verlangen van de Kerk er onafgebroken.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

13-12-14

27e zondag na Pinksteren : Zondag van de voorouders

Zondag van de voorouders

27e zondag na Pinksteren

 

voorvaders _ de aangezichten centraal Rusland.Provincie Tver,19e eeuw.jpg

 

 

Eerste Lezing :

Door Christus met God verzoend   

   [12] Zeg met vreugde dank aan de Vader, die u in staat heeft gesteld om te delen in de erfenis van de heiligen in het licht. [13] Hij heeft ons ontrukt aan de macht van de duisternis en overgebracht naar het koninkrijk van zijn geliefde Zoon, [14] in wie wij de bevrijding hebben, de vergeving van de zonden.

 

15

Hij* is het beeld van de onzichtbare God, de eerstgeborene van heel de schepping.

 

16

Want in Hem is alles geschapen, in de hemel en op de aarde, het zichtbare en het onzichtbare, tronen en hoogheden, heerschappijen en machten. Alles is door Hem en voor Hem geschapen.

 

17

Hij bestaat vóór alles en alles bestaat in Hem.

 

 

18

Hij* is ook het hoofd van het lichaam dat de kerk is. Hij is de oorsprong, de eerstgeborene uit de doden, om in alles de eerste te zijn, Hij alleen.

 

Evangelie :

Lucas 14,16-24

Hij zei tegen hem: 'Iemand gaf eens een groot feestmaal, waarvoor hij veel mensen had uitgenodigd. Tegen de tijd dat de maaltijd kon beginnen, stuurde hij zijn slaaf eropuit om tegen de genodigden te zeggen: "Kom, alles staat nu klaar." Maar opeens begonnen ze zich allemaal te verontschuldigen. De een zei tegen hem: "Ik heb een akker gekocht en die moet ik dringend gaan bekijken; ik verzoek u mij te verontschuldigen." Een ander zei: "Ik heb vijf span ossen gekocht en ik ga ze nu proberen; ik verzoek u mij te verontschuldigen." Weer een ander zei: "Ik ben pas getrouwd en daarom kan ik niet komen." Bij zijn thuiskomst bracht de slaaf zijn meester hiervan op de hoogte. Toen werd de heer des huizes woedend, en zei tegen de slaaf: "Vlug, ga de straat op, de stegen van de stad in, en breng de armen, de gebrekkigen, de blinden en de kreupelen hier binnen." "Mijnheer," zei de slaaf, "uw bevel is al uitgevoerd en er is nog steeds plaats." Daarop zei de heer tegen de slaaf: "Ga dan de wegen en het land op en dwing hen binnen te komen, zodat mijn huis vol raakt." Want Ik verzeker u, geen van die mensen die genodigd waren, zal van mijn maaltijd proeven.'

 

17:31 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

09-12-14

heilige Laurentius

Heiligenleven

De Heilige Laurentius

Laurentius van Rome9.jpg

De heilige Laurentius was de diaken van paus Sixtus . Toen deze op weg was naar het executieveld, tijdens de vervolging van Valeriaan, kon Laurentius, die zich onder de samengestroomde menigte bevond, zijn tranen niet bedwingen en hij riep hem toe :"Waarom laat ge mij achter, heilige Vader ? Gij behoort toch niet het offer op te dragen zonder uw diaken ?" Sixtus windde zich tot hem met de woorden : "Mijn zoon, over drie dagen zul je mij volgen".

Men had vastgesteld dat Laurentius de schatbewaarder was van de kerk. Hij werd daarom gearresteerd met de opdracht het kerkbezit in te leveren. Laurentius vroeg een dag tijd om alles bijeen te brengen. Heel de nacht trok hij door de armste wijken van de stad om al wat in de kerk aanwezig was aan de behoeftigen uit te delen, en 's morgens verscheen hij voor het gerecht, gevolgd door een hele stoet van armen,kreupelen en blinden. "Ziedaar de schatten van de kerk", zei hij.

Hij werd ntot een gruwelijke dood veroordeeld: levend geroosterd te worden boven een klein vuur. Hij werd vastgebonden op het gloeiende rooster en leed zonder een enkele klacht te uiten. Integendeel, zijn gelaat straalde als dat van een engel, in innerlijke vreugde. Hij wist zelfs spottend tegen zijn beulen te zeggen :"Keer me maar om, deze kant is gaar".

Zo stierf hij op deze dag van het jaar 258.Hij werd begraven in de zandgroeve aan de Via Tiburtia, op het goed van de weduwe Cyriaca, naast de lichamen van de heilige Hippolytus en de priester Justinus. Zijn gedachtenis werd al spoedig gevierd in alle delen van de Kerk als van de beroemste romeinse martelaar.

Met hem wordt herdacht de gevangenbewaarder Hippolytus, die door de moed waarmee Laurentius de martelingen verduurd had, tot het inzicht van de waarheid was gekomen, en daarom eveneens ter dood was gebracht.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orth.klooster Den Haag

13:38 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-12-14

26e zondag na Pinksteren : feest van de heilige Ambrosius

26e zondag na Pinksteren

Feest van de heilige Ambrosius

 

ambroise van Milaan.jpg

Ambrosius van Milaan

 

 

 Ef.5,9-19

 

[9] want de vrucht van het licht kan alleen maar zijn: goedheid, gerechtigheid, waarheid. [10] Probeer te ontdekken wat de Heer welgevallig is. [11] Neem geen deel aan de onvruchtbare praktijken van de duisternis, stel ze liever aan de kaak. [12] Want wat deze mensen in het geheim uitvoeren, is zo schandelijk dat men er maar beter niet over kan spreken. [13] Alles wat door het licht aan de kaak wordt gesteld, wordt openbaar. [14] En alles wat openbaar wordt, is licht. Daarom wordt gezegd: Ontwaak,* slaper, sta op uit de doden, en Christus zal over u stralen. [15] Let dus nauwkeurig op, hoe u zich gedraagt: niet als dwazen maar als verstandige mensen. [16] Benut de gunstige gelegenheid, want de tijden zijn slecht. [17] Daarom, wees niet onverstandig, maar probeer te begrijpen wat de Heer wil. [18] Drink niet te veel wijn, wat tot losbandigheid leidt, maar laat u bezielen door de Geest. [19] Spreek elkaar toe in psalmen, hymnen en liederen, ingegeven door de Geest. Zing en speel van ganser harte voor de Heer. Genezing van een kromgebogen vrouw op sabbat [10] Eens gaf Hij op sabbat onderricht in een synagoge. [11] Daar bevond zich een vrouw die al achttien jaar leed onder een geest die haar ziek maakte. Ze liep krom en was niet in staat zich op te richten. [12] Jezus zag haar en sprak haar aan. ‘Vrouw’, zei Hij, ‘u bent van uw kwaal verlost.’ [13] Hij legde haar de handen op en onmiddellijk rechtte ze haar rug, en ze prees God. [14] Geërgerd, omdat Jezus op sabbat iemand genezen had, zei de voorzitter van de synagoge tegen de menigte: ‘Zes dagen zijn er om te werken. Dan kunt u komen om u te laten genezen, niet op sabbat.’ [15] De Heer gaf hem dit antwoord: ‘Huichelaars! Ieder van u maakt toch op sabbat zijn os of ezel los van de voerbak om hem te drinken te geven? [16] Moest deze dochter* van Abraham dan op sabbat niet losgemaakt worden van de boeien waarmee de satan haar al achttien jaar geleden heeft vastgebonden?’ [17] Toen Hij dat zei stonden al zijn tegenstanders beschaamd en verheugde de hele menigte zich over alle prachtige dingen die door Hem totstandkwamen.

 

Lucas 13,10-17

 

Genezing van een kromgebogen vrouw op sabbat
    
[10] Eens gaf Hij op sabbat onderricht in een synagoge. [11] Daar bevond zich een vrouw die al achttien jaar leed onder een geest die haar ziek maakte. Ze liep krom en was niet in staat zich op te richten. [12] Jezus zag haar en sprak haar aan. ‘Vrouw’, zei Hij, ‘u bent van uw kwaal verlost.’ [13] Hij legde haar de handen op en onmiddellijk rechtte ze haar rug, en ze prees God. [14] Geërgerd, omdat Jezus op sabbat iemand genezen had, zei de voorzitter van de synagoge tegen de menigte: ‘Zes dagen zijn er om te werken. Dan kunt u komen om u te laten genezen, niet op sabbat.’ [15] De Heer gaf hem dit antwoord: ‘Huichelaars! Ieder van u maakt toch op sabbat zijn os of ezel los van de voerbak om hem te drinken te geven? [16] Moest deze dochter* van Abraham dan op sabbat niet losgemaakt worden van de boeien waarmee de satan haar al achttien jaar geleden heeft vastgebonden?’ [17] Toen Hij dat zei stonden al zijn tegenstanders beschaamd en verheugde de hele menigte zich over alle prachtige dingen die door Hem totstandkwamen.

 

 

16:58 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

01-12-14

heiligenleven : de profeet Habakuk

Heiligenleven

De heilige profeet Hahabuk

 

Habakkuk.jpg

 

De heilige profeet Habakuk (Awwakoem) uit de stam Simeon. Hij trad op in de tijd van de babylonische gevangenschap. Hij schreef over de verwoesting van Jerusalem en hij is gestorven rond 600 voor Christus.

Zijn naam betekent "Vader van de opstanding" en hij heeft ook de toekomstige opstanding verkondigd en de uiteindelijke verlossing van het volk. Het is de verlossing uit een tijd van uitzonderlijk geweld, toen bijna het gehele volk in handen van de vijand was gevallen en naar onbekende streken versleept. Hij beschrijft de komst van de Verlosser dan ook in termen van kosmisch geweld, zodat de aarde beeft en opensplijt, terwijl zon en maan aan hun plaats genageld blijven. En hij ziet de Heer op de zegewagen der Apostelen, waarmee zij het water doen splijten, de dood overwinnen en redding brengen aan het volk. Daarom is Habakuk, hoezeer ontzetting hem ook aangrijpt, toch vervuld van vreugde en zingt hij zijn overwinningslied.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orth.klooster Den Haag

10:38 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

29-11-14

parochiefeest Heilige Apostel Andreas

06-12-12 | Permalink

Feestdag heilige Apostel Andreas

ORTHODOXE PAROCHIE HEILIGE APOSTEL ANDREAS  TE  GENT

PAROCHIEFEEST

FEESTDAG VAN DE HEILIGE APOSTEL EN EERSTGEROEPENE ANDREAS

Pontificale Goddelijke Liturgie voorgegaan door Metropoliet Athenagoras

 

Andreas Apostel - Fanar.jpg

Heilige Apostel Andreas

Lezingen

Apostellezing : 1 Kor.4,9-16

Want ons, apostelen, heeft God volgens mij de minste plaats toegewezen, die van ter dood veroordeelden. Wij zijn een schouwspel geworden voor heel de wereld, voor engelen en voor mensen: wij zijn dwaas ter wille van Christus, en u bent zo verstandig in Christus! Wij zijn zwak, u bent sterk; u geëerd, wij geminacht.Tot nu toe lijden wij honger en dorst. Wij zijn naakt en krijgen slaag, wij zijn dakloos en matten ons af om met eigen handen de kost te verdienen. Worden wij uitgescholden, dan zegenen wij; worden wij vervolgd, dan verdragen wij het; op smaad antwoorden wij minzaam. Wij worden nog steeds behandeld als het schuim der aarde, als het uitvaagsel van de maatschappij.      Niet om u beschaamd te maken schrijf ik dit, maar om u te vermanen als mijn dierbare kinderen. Misschien hebt u in Christus duizend opvoeders, maar veel vaders hebt u niet. Ik ben het die u door het evangelie in Christus Jezus heb verwekt. Ik mag u dus aansporen: neem een voorbeeld aan mij.

 

Evangelielezing : Joh.1,35-51

De eerste leerlingen      De volgende dag was Johannes daar weer; twee van zijn leerlingen waren bij hem. Hij richtte zijn blik op Jezus, die daar langskwam, en zei: 'Daar is het lam van God.' De twee leerlingen gaven gehoor aan zijn woord en volgden Jezus. Jezus keerde zich om, zag dat ze Hem volgden en sprak hen aan: 'Zoeken jullie iets?' Ze zeiden: 'Rabbi (dat betekent: meester), waar houdt U uw verblijf?' Hij antwoordde: 'Kom mee en je zult het zien.' Ze gingen mee, en zagen waar Hij zijn verblijf hield. En ze verbleven die dag bij Hem. Het was ongeveer het tiende uur.      Andreas, de broer van Simon Petrus, was een van die twee die naar Johannes hadden geluisterd en Jezus waren gevolgd. De eerste die hij ging opzoeken was zijn broer Simon. 'We hebben de Messias gevonden!' zei hij. (Messias betekent: gezalfde.) Daarop bracht hij hem bij Jezus. Jezus richtte zijn blik op hem en zei: 'Jij* bent Simon, de zoon van Johannes; voortaan zul je Kefas heten.' (Dat betekent: rots).
Jezus roept Filippus en Natanaël      De volgende dag, toen Hij besloten had om naar Galilea te gaan, ontmoette Hij Filippus. 'Volg Mij', zei Jezus tegen hem. Filippus was afkomstig uit Betsaïda, de stad waar ook Andreas en Petrus vandaan kwamen. Filippus ging Natanaël opzoeken en zei tegen hem: 'Degene over wie Mozes in de Wet en ook de profeten hebben geschreven, die hebben we gevonden: Jezus, de zoon van Jozef, uit Nazaret.' 'Nazaret?' zei Natanaël. 'Kan daar iets goeds vandaan komen?' Maar Filippus hield vol: 'Kom mee en je zult het zien.' Jezus zag dat Natanaël naar Hem toe kwam en zei over hem: 'Daar heb je een echte Israëliet, in wie geen oneerlijkheid is.' 'Waar kent U mij van?' vroeg Natanaël. Jezus gaf hem ten antwoord: 'Nog voordat Filippus je kwam roepen, toen je onder de vijgenboom* zat, had Ik je al gezien.' 'Rabbi,' zei Natanaël, 'U bent de Zoon van God, U bent de koning van Israël!' Waarop Jezus zei: 'Je gelooft dus omdat Ik zei dat Ik je gezien heb onder de vijgenboom? Je zult nog grotere dingen zien!' En Hij voegde eraan toe: 'Waarachtig, Ik verzeker jullie: je zult zien hoe de hemel* geopend is en Gods engelen opstijgen en neerdalen boven de Mensenzoon.

 

Kerk Gent 2.jpg

 

21:24 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

27-11-14

Isaak de Syriër : zeg dan : wij zijn onnutte knechten

Isaak de Syriër (7e eeuw) monnik nabij Mossoel Overweging, 1e serie, nr. 5

 

isaac de syriër.jpg

"Zeg dan: Wij zijn onnutte knechten"

 

      De ogen van de Heer kijken naar de nederigen, opdat ze zich verheugen. Maar het gelaat van de Heer keert zich af van de trotsen, om ze te vernederen. De nederige ontvangt altijd medeleven van God… Maak je klein in alles tegenover de mensen en je zult hoger verheven worden dan de prinsen van deze wereld. Loop vooruit op alle wezens, omhels ze, verlaag je voor hen, en je zult meer geëerd worden dan hen die goud aanbieden… Daal lager af dan jezelf en je zult de heerlijkheid van God in je zien. Want daar ontspruit de nederigheid, daar verspreidt zich de heerlijkheid van God… Als je nederig in je hart bent, dan zal God je daar opheffen in zijn heerlijkheid…       Hou niet van eer, dan zul je niet onteerd worden. De eer vlucht voor degene die het naloopt. Maar de eer achtervolgt degene die het ontvlucht, en hij verklaart zijn nederigheid aan alle mensen. Als je jezelf minacht, om zo niet geëerd te worden, dan zal God Zich zal aan je tonen. Als je jezelf beschuldigt uit liefde voor de waarheid, dan zal God toestaan dat je bij de schepselen wordt geloofd. Ze zullen de deur naar de heerlijkheid van je Schepper openen en ze zullen je loven. Want je bent werkelijk zijn beeld en gelijkenis (Gn 1,26).

Bron :www. dagelijksevangelie.org

21-11-14

24e zondag na Pinksteren : de tempelgang van de Moeder Gods

24e zondag na Pinksteren

FEEST VAN DE TEMPELGANG VAN DE ALHEILIGE  MOEDER GODS 

 

Tempelgang moeder gods.jpg

 Tempelgang van de Moeder Gods

Eerste lezing

Hebr.9,1-7

Toch had ook het eerste verbond liturgische voorschriften en zijn eigen, aardse heiligdom. Er was een eerste tent ingericht die de kandelaar en de tafel met de toonbroden bevatte; die noemde men het heilige. Achter het tweede voorhangsel was een tent die het allerheiligste werd genoemd. Daar stonden een gouden reukofferaltaar en de ark van het verbond, geheel met goud overtrokken, waarin zich een gouden vaas met het manna, de staf van Aäron die gebloeid had, en de tafelen van het verbond bevonden. Boven de ark waren de cherubs van de heerlijkheid, die het verzoendeksel overdekten. Wij kunnen hier nu niet verder op ingaan.      In het aldus ingerichte heiligdom gaan de priesters bij de uitoefening van de eredienst geregeld de eerste tent binnen, maar de tweede wordt alleen door de hogepriester betreden, slechts eenmaal per jaar, en niet zonder het bloed dat hij opdraagt voor zichzelf en voor de tekortkomingen van het volk.

 Evangelie :

Lucas 10,38-42 en 11,27-28

Bij Marta en Maria      Op hun reis ging Hij een dorp in. Een vrouw, Marta genaamd, ontving Hem. Zij had een zuster die Maria heette. Die kwam aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Marta had het heel druk met bedienen. Ze ging naar Jezus toe en vroeg: ‘Heer, laat het U koud dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg haar dat ze mij komt helpen.’ De Heer gaf haar ten antwoord: ‘Marta, Marta, je maakt je bezorgd en druk over van alles, maar slechts één ding is nodig. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal haar niet worden ontnomen.’

Gelukwensen      Tijdens zijn toespraak verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep Hem toe: ‘Gelukkig de schoot die U heeft gedragen, en de borsten waaraan U hebt gezogen.’ ‘Inderdaad,’ zei Hij, ‘gelukkig zij die het woord van God horen en het bewaren.

 

TROPARION :

 

 

 

 

 

Heden is het begin van Gods welbehagen : de voorbereidende Verkondiging van de Verlossing der mensen. De Maagd komt in de Tempel Gods en verkondigt reeds aan allen de Christus. Tot haar willen ook wij met de Engel roepen : Verheug U, Vervulling van het Heilsplan van de Schepper.

 

KONDAKION : 

 

 

 

De alreine Tempel van de Verlosser, het kostelijk maagdelijk Bruidsvertrek, de geheiligde Schatkamer van Gods Heerlijkheid wordt heden binnengeleid in het Huis des Heren. Zij brengt daar de genade van Gods Heilige Geest, terwijl Zijn Engelen zingen : Zie, daar is de hemelse woontent.

 

21:23 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

20-11-14

Augustinus : Weer bekleed worden met het bruiloftskleed

H. Augustinus (354-430), bisschop van Hippo (Noord Afrika) en Kerkleraar. Sermon 90 ; PL 38, 559v

Weer bekleed worden met het bruiloftskleed

 Augustine_Hippo_small.jpg

Wat is toch het bruiloftskleed waar het Evangelie over spreekt? Zeker is dat kleed iets dat alleen de goeden bezitten, zij die aan het feestmaal moeten deelnemen... Zouden het de sacramenten zijn? de doop? Zonder de doop, zal niemand tot bij God komen, maar er zijn er die de doop ontvangen en niet tot God komen... Misschien is het het altaar of dat wat men op het altaar ontvangt? Maar door het Lichaam van de Heer te ontvangen, eten en drinken sommigen hun eigen veroordeling (1Kor 11,29). Wat is het dan? het vasten? De boosdoeners vasten ook. Het kerkbezoek? De boosdoeners gaan net als de anderen naar de kerk... Wat is dan het bruiloftskleed? De apostel Paulus zegt ons: "De voorschriften hebben geen ander doel dan de liefde, die in een zuiver hart, een goed geweten en een ongeveinsd geloof, wordt geboren" (1Tim 1,5). Dat is het bruiloftskleed. Het gaat niet om zomaar een liefde, want vaak ziet men oneerlijke mensen anderen liefhebben..., maar men ziet bij hen niet deze liefde "die in een zuiver hart, een goed geweten en een ongeveinsd geloof, wordt geboren"; welnu die liefde is het bruiloftskleed. “Al ware het dat ik alle talen van de mensen en van de engelen sprak, zegt de apostel Paulus, als ik de liefde niet had, was ik slechts een klinkende gong, of een schelle cimbaal... Al had ik de gave om te profeteren en doorgrondde ik alle geheimen, al bezat ik alle kennis en had ik het geloof dat bergen kan verplaatsen- had ik de liefde niet, dan ware ik niets" (1Kor 13,1-2)... Had ik dat alles, maar zonder Christus, zegt hij, dan "ware ik niets"... Hoeveel bezittingen zijn nutteloos, als er één bezit mist! Als ik geen liefde had, kon ik al mijn bezit uitdelen, de naam van Christus getuigen tot aan mijn bloedvergieten toe (1Kor 13,3), het zou nergens toe dienen, want ik zou zo kunnen handelen uit liefde voor mijn eer... "Als ik de liefde niet heb, dan zou het mij niet baten." Dat is het bruiloftskleed. Onderzoek uzelf: als u het hebt, kom dan met vertrouwen het feestmaal van de Heer.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

16-11-14

23e zondag na Pinksteren 'de zwijnenhoeders'

23e zondag na Pinksteren

"genezing van een bezetene"

 

bezeten zwijnen6.jpg

 

 

LEZINGEN

Epistel : Efesiërs 2,4-10:

Door zijn grote liefde voor ons heeft God, die rijk is aan barmhartigheid, ons die dood waren door onze overtredingen, met Christus ten leven gewekt. Aan zijn genade dankt u uw redding. Hij heeft ons samen met Hem laten opstaan en laten zetelen in de hemelse* regionen, in Christus Jezus, om in de toekomstige eeuwen* de overgrote rijkdom van zijn genade te tonen, door zijn goedheid jegens ons in Christus Jezus.      Inderdaad, aan die genade dankt u uw redding door het geloof; en dat dankt u niet aan uzelf. Gods gave is het; u dankt het niet aan uw prestaties, opdat niemand trots zou zijn. Gods werk zijn wij, geschapen in Christus Jezus, om in ons leven de goede werken te doen die God voor ons heeft bereid, opdat wij daarin zouden leven.

 

Evangelie : Lucas 8,26-39 :

Genezing van een bezetene      Zij voeren naar het land van de Gerasenen, dat tegenover Galilea ligt. Toen Hij van boord ging, kwam Hem uit de richting van de stad iemand tegemoet die in de macht was van demonen. Al geruime tijd droeg hij geen kleren en woonde hij niet meer in een huis, maar in rotsgraven. Toen hij Jezus zag, viel hij schreeuwend voor Hem neer en riep luidkeels: 'Wat wilt U van mij, Jezus, Zoon van de allerhoogste God? Doe me alsjeblieft geen pijn.' Hij had de onreine geest bevolen uit de man weg te gaan. Herhaaldelijk had die bezit van hem genomen; men bond hem dan vast met kettingen en voetboeien, maar steeds weer verbrak hij zijn ketenen en werd hij door de demon naar eenzame streken gejaagd. Jezus vroeg hem: 'Wat is uw naam?' Hij zei: 'Legio'; er waren immers vele demonen bij hem ingetrokken. Zij smeekten Jezus hen niet de afgrond in te sturen. Nu weidde daar in de bergen een grote troep varkens; ze vroegen Hem toestemming om in die varkens te gaan, en Hij stond hun dat toe. De demonen kwamen uit de man en gingen de varkens in; de troep stoof de helling af, het meer in, en verdronk. Toen de varkenshoeders zagen wat er gebeurde, gingen ze ervandoor en vertelden het in de stad en op het land. De mensen gingen kijken wat er gebeurd was. Ze kwamen bij Jezus en vonden daar de man uit wie de demonen waren weggegaan, gekleed en bij zijn volle verstand, gezeten aan Jezus' voeten. Ze werden met ontzag vervuld. Ooggetuigen vertelden hun hoe de bezetene gered was. De hele bevolking van de streek van de Gerasenen vroeg Jezus toen bij hen weg te gaan, want ze waren hevig geschrokken. Daarop stapte Jezus in de boot om terug te varen De man uit wie de demonen waren weggegaan, vroeg Hem of hij bij Hem mocht blijven, maar Jezus stuurde hem weg. 'Ga naar huis terug,' zei Hij, 'en vertel wat God voor u heeft gedaan.' De man ging in heel de stad verkondigen wat Jezus voor hem had gedaan

09:21 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

08-11-14

22e zondag na Pinksteren : van de rijke man en de arme Lazarus

22e zondag na Pinksteren

 "Van de rijke man en de arme Lazarus"

Lazarus en de rijke en de arme man 1.jpg

 

 

LEZINGEN :

 

Galaten 6,11-18

 

Zie met wat voor grote letters ik u nu eigenhandig heb geschreven. De lieden die zo graag in menselijk opzicht een goed figuur willen slaan, trachten u alleen maar de besnijdenis op te dringen om niet vervolgd te worden vanwege het kruis van Christus. Want die besnedenen onderhouden zelf niet eens de wet, maar willen wel dat u zich laat besnijden, om daarop trots te kunnen zijn. Wat mij betreft: ik denk er niet aan mij op iets anders te beroemen dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus, waardoor de wereld voor mij gekruisigd is en ik voor de wereld gekruisigd ben. Het gaat niet om besnijdenis of onbesnedenheid, maar om de nieuwe schepping. Laat vrede en barmhartigheid komen over allen die naar dit beginsel leven, en over het Israël van God! Laat voortaan niemand het mij lastig maken, want ik draag de merktekens van Jezus in mijn lichaam. Broeders en zusters, de genade van onze Heer Jezus Christus zij met uw geest. Amen.

 

EVANGELIE :Lucas 16,19-31

 

Lazarus en een rijke man Er was een rijk man, die gekleed ging in purper en het fijnste linnen, en elke dag uitbundig feestvierde. Aan zijn poort lag een zekere Lazarus; hij was arm en zat onder de zweren. ] Hij had graag zijn honger gestild met wat er van de tafel van de rijke op de grond viel, maar nee, de honden kwamen en likten aan zijn zweren. Toen kwam de arme te sterven; de engelen droegen hem in de schoot van Abraham. Ook de rijke stierf, en werd begraven. In het dodenrijk sloeg hij gekweld door pijn zijn ogen op en zag van verre Abraham met Lazarus in zijn schoot. "Vader Abraham," riep hij, "heb medelijden met me; stuur Lazarus om de toppen van zijn vingers nat te maken met water, en er mijn tong mee te verkoelen, want ik lijd hevig in dit vuur.Maar Abraham zei: "Kind, vergeet niet dat jij het heel je leven goed hebt gehad en Lazarus altijd slecht; nu wordt hij hier getroost, en jij lijdt pijn. Bovendien, er gaapt tussen ons en jullie een diepe kloof; al zou iemand van hier naar jullie willen oversteken, hij zou het niet kunnen; evenmin kan iemand van daar naar ons komen.Maar de rijke zei: "Dan, vader, vraag ik u hem naar mijn ouderlijk huis te sturen, want ik heb nog vijf broers. Laat hij hen gaan waarschuwen, zodat zij niet eveneens terechtkomen in dit oord van pijn." Maar Abraham zei: "Ze hebben Mozes en de Profeten; daar moeten ze naar luisteren." Maar hij zei: "Nee, vader Abraham, als iemand van de doden naar hen toe komt, dan zullen zij zich bekeren." Maar Abraham antwoordde: "Als ze niet naar Mozes en de Profeten luisteren, dan zullen ze zich ook niet laten overtuigen als iemand uit de doden opstaat."

09:18 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

07-11-14

Clemens van Alexandrië : De tollenaars en zondaressen zullen eerder in het Rijk God binnengaan dan u

H. Clemens van Alexandrië (150-ca 215), theoloog Homilie “Welke rijke zal gered worden”, 39-40

 

ClemensVonAlexandrien.jpg

 

“De tollenaars en zondaressen zullen eerder in het rijk Gods binnengaan dan u”

 

De deuren van het Rijk Gods worden geopend voor wie zich oprecht en met heel zijn hart tot God richt, en de Vader ontvangt met vreugde een mens die werkelijk berouw heeft. Wat is het teken van waarlijk berouw? Niet terugvallen in zijn oude fouten en de zonden die u in doodsgevaar brengen met wortel en al uit uw hart trekken. Als ze dan uitgewist zijn, zal God weer in u komen wonen. Want, zoals de Schrift zegt, een zondaar die zich bekeert en berouw toont, geeft aan de Vader en aan de engelen een enorme, onvergelijkelijke vreugde (Lc 15,10). Hierom heeft de Heer uitgeroepen: “Ik wil geen offers, maar barmhartigheid” (Hos 6,6; Mt 9,13). “Ik wil niet de dood van een zondaar, maar dat hij zich bekeert” (Ez 33,11). “Als uw zonden als scharlaken zijn, ze zullen wit worden als sneeuw; als ze donkerder dan de nacht zijn, zal Ik ze wassen, en ze worden als witte wol” (Jes 1,18). Alleen God kan de zonden vergeven en de fouten niet aanrekenen, terwijl de Heer Jezus ons verhoort door elke dag onze broeders en zusters te vergeven als ze berouw hebben. En als wij, die slecht zijn, goede dingen aan anderen weten te geven (Mt 7,11), hoeveel te meer zal “de Vader vol van tederheid” (2Kor 1,3) dat dan doen? De Vader van alle troost, die goed is, vol van barmhartigheid, van compassie, en van nature geduldig is, wacht op hen die zich bekeren. En de werkelijke bekering veronderstelt dat men stopt met zondigen en dat men niet meer achterom kijkt... Laten we dus bitter spijt hebben over onze fouten uit het verleden en bidden we tot de Vader dat Hij ze vergeet. Hij kan, in zijn barmhartigheid, afstand doen van wat was en onze slechte daden uit het verleden door de dauw van de Heilige Geest, uitwissen.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende