19-07-16

Cyprianus van Carthago : Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel

 

 Welkom op mijn blog met informatie over de Orthodoxie. Teksten, bezinningen, theologie Foto's..........

 

 

Gezangen uitgevoerd door het koor van de Orthodoxe Kerk van Gent o.l.v. Paul Morreel

 

De teksten van de gezangen kunnen teruggevonden worden in de rechter kolom 

start nummer één en ga dan naar de tekst in de rechterkolom om alle gezangen goed te kunnen volgen

Om mij te contacteren : zie linkerkolom 'contacteer me'

  

 OPGELET : beziningsteksten van kerkvaders :rechtse kolom - gans onderaan

 Heiligen : in de linkerkolom na 'video's-vervolg'

Cyprianus van Carthago : Uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel

H. Cyprianus (ca. 200-258), bisschop van Carthago en martelaar

Het gebed van de Heer, 14-15

 

Cyprianus van Carthago 32.jpg

"Uw wil geschiedde op aarde zoals in de hemel"

 

Het is niet zo dat God doet wat Hij wil, maar dat wij kunnen doen wat Hij wil. Wie kan God verhinderen om te doen wat Hij wil? Wij worden tegengestreefd door de duivel die ons verhindert om in alles, innerlijk en uiterlijk, te gehoorzamen aan de wil van God. Laten we ook vragen dat Zijn wil zich in ons mag vervullen; opdat deze zich kan vervullen, hebben wij zijn hulp nodig. Niemand is sterk uit eigen vermogen, maar de kracht is in de goedheid en in de barmhartigheid van God...

 

De wil van God is wat Christus heeft gedaan en ons heeft geleerd: nederigheid in gedrag, stevigheid in geloof, bescheidenheid in woorden, gerechtigheid in daden, barmhartigheid in werken, en discipline in de zeden. De wil van God, dat is om niemand schade te berokkenen, om te verdragen wat men ons aandeed, om vrede te bewaren met onze zusters en broeders, God lief te hebben met heel ons hart, van Hem houden omdat Hij de Vader is en Hem vrezen omdat Hij God is. Niets boven Christus verkiezen, aangezien Hij aan ons de voorkeur geeft boven alles, zijn naastenliefde onaantastbaar navolgen, en met moed en vertrouwen onder het kruis blijven staan. Wanneer het gaat om te strijden voor zijn naam of zijn eer, moeten we vastberaden zijn in onze woorden; van vertrouwen getuigen in moeilijkheden om de strijd te doorstaan, geduld in de dood om uiteindelijk de kroon te verkrijgen. Dat betekent mede-erfgenaam willen worden van Christus, het voorschrift van God vervullen en de wil van God doen.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

 

17-07-16

genezing knecht van een officier

4e zondag na Pinksteren

De Vaders van de eerste zes oecumenische concilies

en

De genezing van de knecht van een officier

 

knecht officier.jpg

Lezingen :

Romeinen,6,18-23

U bent bevrijd van de zonde en dienaren geworden van de gerechtigheid. - Sprekend tot zwakke mensen, druk ik mij erg menselijk uit. - Zoals u eertijds uw ledematen in dienst hebt gesteld van onreinheid en steeds grotere bandeloosheid, zo moet u ze nu in dienst stellen van de gerechtigheid, tot uw heiliging.
Toen u slaaf was van de zonde, was u vrij ten opzichte van de gerechtigheid. Welke vruchten hebben uw daden toen opgeleverd? Alleen dingen waarover u zich nu schaamt, want ze liepen uit op de dood. Maar nu, bevrijd van de zonde en dienstknecht geworden van God, oogst u heiligheid en tenslotte eeuwig leven. Want het loon van de zonde is de dood, maar de gave van God is het eeuwig leven in Christus Jezus onze Heer.

Evangelielezing :

Genezingen in Kafarnaüm
Toen Hij in Kafarnaüm was gekomen, kwam een centurio naar Hem toe die Hem te hulp riep. Hij zei: 'Heer, mijn kind ligt verlamd thuis, met vreselijk veel pijn.' Hij zei hem: 'Ik zal het komen genezen.' De centurio antwoordde daarop: 'Heer, ik ben niet waard dat U onder mijn dak komt, maar spreek een woord en mijn kind zal beter worden. Want ik ben iemand die onder bevel staat en soldaten onder zich heeft. Tegen de een zeg ik: "Ga!" en hij gaat, en tegen de ander: "Kom!" en hij komt, en tegen mijn slaaf: "Doe dit!" en hij doet het.' Toen Jezus dit hoorde, was Hij verbaasd, en Hij zei tegen degenen die Hem volgden: 'Ik verzeker u, bij niemand in Israël heb Ik zo'n groot vertrouwen aangetroffen. Ik zeg u dat velen uit oost en west zullen komen en aan tafel zullen gaan met Abraham, Isaak en Jakob in het koninkrijk der hemelen. Maar de kinderen van het koninkrijk zullen in de uiterste duisternis geworpen worden. Het zal daar een gejammer zijn en een tandengeknars.' Jezus zei tegen de centurio: 'Ga maar naar huis; het moge u gaan overeenkomstig uw vertrouwen.' En op datzelfde uur werd zijn kind beter.

 

Vaders van de zes eerste oecumenische concilies.jpg

De Vaders van de eerste zes oecumenische concilies

14-07-16

aartsengel michael

 

Heiligenleven

De Aartsengel Michaël

 

Michael_de triomf van de aartsengel Michaël over de antichrist.jpg

aartsengel Michaël

 

 

De naam van de aartsengel Michaël (Hebreeuws: מיכאל, Grieks: Μιχαήλ, Arabisch: ميكائيل , Mika'il en ,ميخائيل, Micha'il) (Sint-Michiel) komt voor in zowel het Oude als het Nieuwe Testament Daarom heeft Michaël voor zowel joden,als christenen  een heilige betekenis. Mikha'el- Hebreeuwse naam betekent: 'wie als God'. (en ook in de Islam)

 

Joodse Traditie

Canonieke Oude Testament

In het boek Daniël 10: 13 wordt hij beschreven als de voornaamste der vorsten en de beschermer van het vrome Israël. Met de aartsengel Gabriël verklaart hij aan Daniël het profetische beeld dat die gezien heeft.

Joodse legenden

In het Eerste boek van Henoch deelt Michaël zijn positie als aartsengel met Gabriël, Uriël en Rafaël. In 1 Henoch 20:1,5,6 staat: 'Dit zijn de namen van de heilige engelen die waken: (...) Michaël, een van de heilige engelen, om te getuigen, hij die over het beste deel van de mensheid aangesteld is en over chaos.'

Michaël komt ook eenmaal voor in het Visioen van Gabriël, waar hij samen met anderen aan God een vraag stelt.

De naam Michaël betekent: Wie is als God.

Christelijke traditie

Nieuwe Testament

In het Nieuwe Testament, Judas 9, strijdt Michaël met de satan om het lijk van Mozes. We lezen daar:

"Maar Michaël, de aartsengel, durfde, toen hij met de duivel in twist gewikkeld was over het lichaam van Mozes, geen smadelijk oordeel uitbrengen, doch hij zeide: De Here straffe u!"

Een uitleg is dat door de overwinning van Jezus op de dood, het kwaad niet langer de baas is in de wereld, maar wel op aarde blijft bestaan als vijand van al degenen die Gods wil opvolgen. In het boek Openbaring van Johannes (12: 7-12) voert Michaël oorlog tegen de draak. Zo staat er geschreven: "En er kwam oorlog in de hemel; Michaël en zijn engelen hadden oorlog te voeren tegen de draak; ook de draak en zijn engelen voerden oorlog, maar hij kon geen stand houden, en hun plaats werd in de hemel niet meer gevonden." Hij is de aanvoerder der engelen, de overwinnaar van boze machten, beschermheer van de christenen. In het latere volksgeloof is hij de begeleider van de zielen die gestorven zijn op hun weg naar de hemel. De bekende spiritual "Michael, row the boat ashore, Alleluia!" gaat over die reis van de gestorven zielen.

Christelijke legenden

In Rome wordt op 8 mei bovendien de verschijning aan paus Gregorius I gevierd. De aartsengel zou tijdens een pestepidemie verschenen zijn, vliegend in de lucht terwijl hij zijn vlammend zwaard in de schede stak.

Michaël komt ook voor in de 'legende van het Heilige Kruis'. Volgens een legende kreeg Seth van de aartsengel Michaël een tak van de verboden boom om zijn vader Adam te genezen toen die op zijn sterfbed lag. Toen hij terugkwam was zijn vader al dood. Seth plantte de tak op Adams graf. De boom die daaruit groeide, zou uiteindelijk het hout leveren voor het kruis van Jezus.

Christelijk gebed

Een populair gebed tot de aartsengel Michaël is het gebed dat geschreven is door paus Leo XIII (paus van 18781903). Het verhaal gaat dat hij het gebed schreef na een visioen gezien te hebben.[1] Het gebed gaat als volgt: Heilige Aartsengel Michaël, verdedig ons in de strijd. Wees onze bescherming tegen de boosheid en de listen van de duivel. Wij smeken ootmoedig dat God hem Zijn macht doe gevoelen. En gij, vorst van de hemelse legerscharen, drijf Satan en de andere boze geesten, die tot verderf van de zielen over de wereld rondgaan, door de goddelijke kracht in de hel terug. Amen.

Christelijke cultuur

De bovengenoemde legende van het Heilige Kruis is door Agnolo Gaddo als fresco geschilderd in de kerk S. Croce te Florence. Bekend is de Mont Saint-Michel in Normandië, aan deze engel toegewijd. Paus Gregorius I wijdde aan hem de Engelenburcht te Rome toe, dat was omdat de aartsengel tijdens een pestepidemie aan de paus verschenen was. De aartsengel gaf zijn naam aan de Franse Orde van de Heilige Michaël, de Britse Orde van Sint Michaël en Sint Joris en de Beierse Huisridderorde van de Heilige Michaël.

Michaël is de patroon van de wapendragers, en vanwege zijn weegschaal ook die van de bakkers, de weegmeesters en de apothekers en verder van de ambulanciers, de artiesten, de bankiers, de stervenden, de kruideniers, de paramedici, de zieken, de armen, de zwaardsmeden, de ruiters, de soldaten, de politiemannen, de hoedenmakers, de blik- en tingieters, de wagenmakers, de radiomechanici, de snijders, de glazenmakers, de steenhouwers en de schilders. Hij is ook de patroonheilige van Archangelsk, Avekapelle, Harlingen, Emmeloord, Brussel, Brecht, Bree, Keerbergen, Cornwall, Dormagen, Duitsland, aartsbisdom Mobile, Zeitz, Zwolle,Sint-Michielsgestel Umbrië, Pontassieve, Papoea-Nieuw-Guinea, Puebla, Šibenik, het bisdom San Angelo, San Miguel de Allende, Tegucigalpa, het aartsbisdom Seattle, het bisdom Springfield en het Zwitserse dorpje Seelisberg. Tevens is hij patroonheilige van Oekraïne en de Oekraïense hoofdstad Kiev en staat hij daarom afgebeeld op de vlag en het wapen van Kiev. Hij wordt aangeroepen voor een goede dood en tegen bliksem en donder.

In de beeldende kunst werd Michaël in de Byzantijnse tijd afgebeeld gekleed in een chlamys van het keizerlijk hof. In de hand draagt hij dan een lange staf waaraan een wimpel is bevestigd met in de Griekse taal de woorden: "Heilig, heilig, heilig," uit het boek Jesaja 6:3. In het Westen draagt hij meestal een tuniek of is hij als ridder gekleed met zwaard en hellebaard.

De feestdag van deze aartsengel is op 29 september, waarvan ook de naam "Sint-Michielszomer" is afgeleid.

Bron : Wikipedia

H. Leo de Grote : "Hij die achterwaarts blikt, is niet geschikt voor het koninkrijk Gods"

H. Leo de Grote (? - ca 461), paus en Kerkleraar

Sermon 71, voor de opstanding van de Heer ; PL 54, 388

"Hij die achterwaarts blikt, is niet geschikt voor het koninkrijk Gods"

 

 

Leo-papa-Romae-Primus-Feb-18.jpg

Leo de grote

 

Dierbare mensen, Paulus, de apostel van de heidenen, spreekt ons geloof niet tegen als hij zegt: "Indien wij Christus al naar het vlees gekend hebben, thans niet meer" (2Kor 5,16). De verrijzenis van de Heer heeft geen einde gemaakt aan zijn vlees, het is getransformeerd. De overvloed van zijn kracht heeft zijn substantie niet vernietigd; de kwaliteit ervan is veranderd; de natuur werd niet vernietigd. Men had zijn lichaam aan het kruis genageld: Hij is onbereikbaar geworden voor het lijden. Men had Hem ter dood veroordeeld, Hij is eeuwig geworden. Men had Hem vermoord, Hij is onaantastbaar geworden. Men kan immers zeggen dat het lichaam niet meer is zoals men het kende; want er is in haar geen spoor meer van het lijden of van zwakheid. Zij is in essentie, wat betreft de heerlijkheid, hetzelfde gebleven. Waarom zou men zich overigens verbazen dat Paulus zich zo uitdrukt naar aanleiding van het lichaam van Christus, want als hij zo spreekt over alle christenen die leven volgens de Geest, zegt hij: "Wij kennen voortaan niemand meer naar het vlees."

Hij wil zeggen dat onze verrijzenis in Jezus Christus begonnen is. In Hem die voor allen gestorven is, heeft onze hoop een lichaam aangenomen. In ons is geen twijfel, noch aarzeling, noch een teleurgestelde verwachting: de beloftes beginnen zich reeds waar te maken en wij zien met de ogen van het geloof de genade al, welke ons in de toekomst zal vervullen. Onze natuur werd verhoogd; dus bezitten we met vreugde reeds het doel van ons geloof...

Dat het volk van God zich er dus bewust van is dat ze "een nieuwe schepping in Christus is" (2Kor 5,17). Dat dit volk begrijpt wie haar uitverkoren heeft en wie zijzelf heeft uitverkoren. Dat de vernieuwde zijnswijze niet terugkeert naar de onstabiliteit van zijn oude toestand. Dat "hij die de hand aan de ploeg slaat" niet ophoudt met werken, dat hij op het graan let dat hij gezaaid heeft, dat hij niet terugkeert naar wat hij verlaten heeft... Dat is de weg van het heil; dat is de wijze om de verrijzenis, die reeds in Christus begonnen is, na te volgen.

bron : www.dagelijksevangelie.org

 

09-07-16

her aardse in vergelijking met het hemelse

 

 

3e zondag na Pinksteren

'Het aardse in vergelijking met het hemelse'

 

aardse in vergelijking met het hemelse.jpg 6.jpg

 

LEZINGEN

Romeinen 5,1-10

Leven in vrede met God
[1] Gerechtvaardigd door het geloof leven* wij in vrede met God door Jezus Christus onze Heer. [2] Hij is het die ons door het geloof* de toegang* heeft ontsloten tot die genade waarin wij staan; door Hem ook mogen wij ons beroemen* op onze hoop op de heerlijkheid* van God. [3] Meer nog, wij zijn zelfs trots op onze beproevingen, in het besef dat verdrukking leidt tot volharding, [4] volharding tot beproefde deugd en die weer tot hoop. [5] En de hoop wordt niet teleurgesteld, want Gods liefde is in ons hart uitgestort door de heilige Geest die ons werd geschonken.
[6] Want Christus is voor goddelozen gestorven op de gestelde* tijd, toen wij zelf nog geheel hulpeloos waren. [7] Je zult je leven niet snel geven voor een rechtvaardige, al zou misschien iemand de moed hebben te sterven voor een goed mens. [8] God echter bewijst zijn liefde voor ons juist hierdoor dat Christus voor ons is gestorven toen wij nog zondaars waren. [9] Des te zekerder is het dat wij, eenmaal gerechtvaardigd door zijn bloed, dankzij Hem gered worden van de toorn*. [10] Toen wij vijanden waren, zijn wij met God verzoend door de dood van zijn Zoon; des te zekerder is het dat wij, eenmaal verzoend, gered worden door zijn leven. [11] En dat niet alleen: nu reeds roemen wij op God door Jezus Christus onze Heer, door wie wij de verzoening hebben ontvangen.

 

 aardse7.jpg

 

Evangelie, Mattheüs 6,22-33

22] De lamp van het lichaam is het oog. Dus als je oog helder is, zal heel je lichaam verlicht zijn. [23] Maar als je oog slecht is, zal heel je lichaam duister zijn. Als nu binnenin je het licht duisternis is, hoe erg zal dan de duisternis zijn! [24] Niemand kan twee heren dienen. Want hij zal de een verfoeien en van de ander houden, of zich hechten aan de eerste en de ander verachten. Je kunt God en de geldduivel* niet tegelijk dienen. [25] Daarom zeg Ik jullie: maak je niet bezorgd over wat je zult eten of drinken om in leven te blijven, en ook niet over de kleding voor je lichaam. Is het leven niet meer dan het eten, en het lichaam niet meer dan de kleding? [26] Kijk naar de vogels van de hemel: ze zaaien niet en maaien niet en oogsten niet, je hemelse Vader voedt ze. Zijn jullie niet meer waard dan vogels? [27] Wie van jullie kan met al zijn zorgen een el toevoegen aan zijn leven? [28] En wat maak je je bezorgd over je kleren? Leer van de lelies op het veld hoe ze groeien. Ze werken niet, ze spinnen niet. [29] Maar Ik zeg jullie: zelfs Salomo met al zijn pracht en praal ging niet gekleed als een van hen. [30] Als God nu het gras op het veld, dat er vandaag staat en morgen in de oven wordt gegooid, zo kleedt, hoeveel te meer kleedt Hij dan jullie, kleingelovigen? [31] Vraag je dus niet bezorgd af: Wat zullen we eten? Wat zullen we drinken? Wat zullen we aantrekken? [32] Want naar dat alles zijn de heidenen op zoek. Jullie hemelse Vader weet wel dat je dat allemaal nodig hebt. [33] Zoek eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan krijg je dat alles erbij.

aardse in vergelijking met het hemelse.jpg 2.jpg

07-07-16

de heilige Hubertus

Heiligenleven

De heilige Hubertus

Hubertus StahlstTonpl.jpg

 

Sint Hubertus werd in een paar honderd jaar tijd van bisschop een heilige. Want met elk nieuwe heiligenleven of hagiografie - het werden er zeven - kwamen er nieuwe elementen in het verhaal die samen resulteerden in de huidige legende. Lees hoe dat verliep.

Eerste levensbeschrijving
In het eerste heiligenleven uit 743 - rond de tijd dat zijn gebeente werd verheven - is hij nog een bisschop en zoon van een Voerense adellijke heer. De schrijver is iemand die waarschijnlijk de laatste levensjaren in de buurt van Hubertus heeft gewerkt. Hij meldt de deugden en verdiensten van Hubertus, maar over de 'wonderen' is niet duidelijk of die van Hubertus zijn. Er lijken gelijkenissen met de heiligenbeschrijving van Sint Arnulf uit Metz en die van Sint Lambertus en Sint Hyronimus.

Arnulf van Metz (582 - 640) was een Frankische edelman, die diende aan het Austrasische hof onder Theudebert II (595 - 612). In 613 was hij mede-aanvoerder van de aristocratische opstand tegen koningin Brunhilde van Austrasië, wat leidde tot haar onttroning en de hereniging van het Frankische Rijk onder Clothar II. In dat jaar werd Arnulf ook bisschop van Metz.

Van 623 was hij samen met Pepijn, toen hofmeier aan het Austrasische hof, adviseur van koning Dagobert I. Hij trad uit het openbare leven in 623 en trok zich terug in de Vogezen.

Voor hij bisschop werd, had hij drie kinderen met zijn vrouw Doda en hun oudste zoon Ansegisel trouwde met Pepijns dochter, Begga. Hun zoon, Pepijn van Herstal, was de grootvader van Karel de Grote. Arnulf wordt daarom ook gezien als de stichter van de Karolingen. Arnulf is de patroon van de bierbrouwers.
Begga stichtte rond 692 een nonnenklooster in Andenne werd patrones van de begijnen.
Bron: Wikipedia

 

In deze eerste beschrijving komen we ook Floribertus tegen. Of hij een echt kind, adoptief zoon of volgeling van Hubertus was, blijft onduidelijk.

Tweede levensbeschrijving
De tweede heiligenbeschrijving uit 825 volgt de eerste en is van de hand van bisschop Jonas van Orleans. Aanleiding was de overbrenging van Hubertus zijn stoffelijke resten naar Andage, het latere Saint Hubert. Hij fatsoeneerde het boerse Latijn van de eerste heiligenbeschrijving
en vulde hem aan met de overbrenging naar Andage.
In de periode tussen 1052 - 1256, tussen de tweede en derde levensbeschrijving, schrijft Anselmus, domheer en deken van de Sint Lambertuskerk in Luik, een kroniek waarin ook Hubertus voorkomt. Maar hij noemt geen nieuwe feiten of wonderbare zaken.

Jonas kwam uit Acquitanië en volgde in 821 Theodulph op als aartsbisschop van Orleans. Lodewijk de Vrome vroeg Jonas vaker om raad in zijn staatszaken. Hij schreef naast de heiligenbeschrijving van Hubertus - onder meer - ook een boek over de mogelijkheden van een godsvruchtig leven voor getrouwde mensen.

Wonderenverzamelingen
Er bestaan twee verzamelingen met wonderen die aan Hubertus toegeschreven worden. Ze geven ook een kijk op de historische ontwikkeling van de cultus rondom Hubertus en de
bedevaart op Andage / Saint Hubert en hoe dat daar tot welvaart leidde.
In de eerste - van rond 850 - beschrijft een monnik uit het klooster in 8 hoofdstukken de genezingen die aan Hubertus zijn toegeschreven. Van de genezing van hondsdolheid nog geen enkel spoor. Ook zijn patronaat van de jacht en de jagers is er nog niet.

Men had Hubertus beter als visser kunnen afbeelden in plaats van het het hert. Want Hubertus ging eens in een bootje mee de Maas op om palen in de rivierbodem te slaan. Daarbij sloeg één van zijn dienaren per ongeluk met de hamer op de hand van Hubertus en brak zo zijn vingers.

De volgende dag ging men gewoon vissen. Maar toen alle dienaren in de boot waren, begon het te stormen. Een hoge golf pakte het bootje midden op de rivier op brak en het in tweeën. Iedereen viel in het water. Toen Hubertus dit zag, sloeg hij zijn ogen ten hemel en bad: ‘Gij, Heer Jezus Christus, aan wie de zee en de wind gehoorzamen, wiens voeten gewichtloos over het water liepen, wiens Geest in den beginne, nog vóór de schepping van het licht, over de wateren zweefde, ik smeek U, strek Uw rechterhand naar ons uit.’

Een van de dienaren ging kopje onder, en bleef met zijn kleren aan een paal vastzitten. Tot drie maal toe trok hij eraan, maar het kwam niet los en bleef vasthaken. In doodsangst, onder water, zei hij een gebed: ‘Heer, help mij omwille van de verdiensten van Hem die de zee en het droge geschapen heeft.’ Onmiddellijk kwam hij los, en bereikte al zwemmend de oever. Allen brachten ze het er levend van af.

In de tweede verzameling uit het einde van de 11de eeuw beschrijft een andere monnik, Lambert de Jongere, 29 wonderen die aan Hubertus worden toegeschreven en zich in en om het klooster afspeelden. Naast de genezing van lammen en blinden, komt de eerste keer de genezing van de hondsdolheid aan de orde. Daarvoor wordt een stola gebruikt.

Van de 29 wonderen worden de eerste 19 in de 9de en 10de eeuw gedateerd. De andere 10 in de 11de eeuw. Bij de hondsdolheidgenezing is voor het eerst sprake van de insnijding, die bij 4 personen is toegepast. Maar het gebruik van de stola is dan al vaker het middel om van hondsdolheid te genezen. Waarschijnlijk heeft de stola al vlak na 850 zijn intrede gedaan als wonderbaarlijk hulpmiddel bij de genezing van de hondsdolheid.

Met een mesje maakt een priester een horizontaal sneetje van ongeveer 2 centimeter op het voorhoofd. Met een pincet werd de huid opgetild en een klein stukje van de stola onder de huid geduwd. Daarna werd de wond bedekt met een zwart stuk verband dat dan 9 dagen gedragen moest worden. In die periode moest de patiënt ook regelmatig bidden; de noveen.

In de tweede verzameling wonderen komt Hubertus niet alleen naar voren als heilige in samenhang met de hondsdolheidbestrijding maar ook als patroon van de jacht. Het opdragen van wild aan Hubertus komt in zwang, omdat Hubertus dat ook gedaan zou hebben….

De monnik die de tweede verzameling wonderen beschreef, schreef ook een kroniek van de abdij Saint Hubert, het zogenaamde 'Cantatorium' die waarschijnlijk in 1106 werd afgerond en jonger ís dan de 2de verzameling Hubertuswonderen. Ze beschrijft het leven in het klooster, de toenemende verering voor Hubertus door de wereldse heren en de bescherming die Hubertus bij hondsdolheid biedt.
Zo kwam graaf Adalbert van Namen vaker samen met zijn vrouw Ida naar Saint Hubert om Hubertus te aanbidden. Ook andere jagers (alleen de adel mocht toen jagen) knoopten aan een bezoek aan het klooster een moment van verering vast. Waarschijnlijk lieten ze ook een deel van hun jachtbuit in de abdij achter.

Derde levensbeschrijving
In de 3de heiligenbeschrijving uit de 2de helft van de 12de eeuw is een uittreksel uit de heiligenbeschrijving van Sint Lambertus die de Luikse Domheer Nicolaas rond 1143 - 1147 schreef. Met elk nieuwe heiligenbeschrijving nam het aantal wonderen en genezingen toe. Deze Nicolaas verbind ook de legende voor het eerst aan het werkelijke leven van Hubertus. Zo voorziet hij Hubertus van een Frankisch adellijk voorgeslacht en laat hij Hubertus naar de Paus in Rome reizen.
Volgens hoofdstuk 12 was Hubertus geboren in Acquitanië en paltsgraaf van koning Theodorik de 3de van Neustrië, waarmee Hubertus aansluiting vindt aan het Franse koningshuis van die tijd.

Vanwege zijn twist met de hofmeijer Ebroin ging Hubertus met Ode d`Amay, de weduwe van hertog Boggis van Acquitanië, vanuit Neustrië naar Austrasië. Terwijl Ode haar bezit verdeelt,
wordt Hubertus leerling van Lambertus en pelgrimeert naar Rome om aan het graf van Paulus te bidden. Paus Sergius krijgt een visioen van de dood van Lambertus en Hubertus ontmoet de Paus. De relatie tussen Hubertus en Ode kan niet kloppen, want ze is al dood ten tijde dat zich een en ander afspeelt. Ook de Acquitaanse komaf van Hubertus is zonder bewijs.

Met de 3de heiligenbeschrijving komt de legendevorming rondom Hubertus echt op gang. En worden de 'historische feiten' aan elkaar geregen. De reis samen met Ode naar Austrasië, de ontmoeting met Lambertus, de pelgrimage naar Rome, de ontmoeting met de Paus op het moment dat Lambertus vermoord wordt. Zo is de legende een onverbrekelijk verhaal
geworden.

De vierde….
De 4de heiligenbeschrijving uit de 15de eeuw zet de puntjes op de i van de legende. De bekering na het zien van het kruisdragend hert wordt toegevoegd. Als paltsgraaf van Theodorik III gaat Hubertus op een kerkelijk hoogfeest jagen in plaats van naar de kerk en ontmoet hij het hert met de kruis tussen de geweistangen dat hem zegt dat als hij zich niet bekeert, hij naar de hel zal gaan. Hubertus verlaat vrouw en kind en gaat naar Austrasië om volgeling van Lambertus te worden.

De ontmoeting met Paus Sergius uit de 3de levensbeschrijving wordt in de 4de weer verder aangedikt. Want wanneer Hubertus in de Sint Pieter in Rome komt, spreekt de Paus hem met zijn naam aan en vertelt hem van de dood van Lambertus en benoemt Hubertus tot zijn opvolger.
Hubertus bedankt voor de eer, maar een engel brengt het priesterkleed van Lambertus naar Rome. De stola ontbreekt nog, maar de Maagd Maria zorgt ervoor dat Hubertus die ook krijgt; opnieuw via een engel. Tijdens zijn bisschopswijding verschijnt Sint Petrus en geeft Hubertus een gouden sleutel.
Op hetzelfde moment wordt Lambertus in Maastricht begraven en daarbij klinkt een stem die zegt dat Hubertus als opvolger van Lambertus is aangewezen. Hubertus gaat met stola en sleutel terug naar Maastricht en wordt daar met pracht en praal ontvangen.

De stola is waarschijnlijk in 825 uit de kist van Hubertus gehaald en is in de loop der tijd van grotere beduiding geworden dan het gebeente van Hubertus; de gouddraden uit de stola hielpen immers bij de genezing van de hondsdolheid. De eerste berichten van deze toepassing staan in het 14de wonder (9de of 10de eeuw) van de 2de verzameling wonderen. Daarbij is wel sprake van een draadje uit de stola en de insnijding in de hoofdhuid waarin het draadje wordt gelegd, maar nog niet van de verplichtingen die daarna op de te genezen persoon rusten.
Dat is ook het geval bij de schrijver van de 'Cantatorium', eind 11de eeuw. Hij beschrijft wel het insnijden, maar nog geen beschrijving van de stola of de negendaagse noveen erna. Pas in de 15de eeuw wordt dat verhaal compleet gemaakt in de 4de levensbeschrijving. Dan is ook de stola en zijn werking in de legende ingeweven.

Net als met de stola verging het de sleutel. Pas in de 4de levensbeschrijving komt-ie op de proppen. Historisch is wel dat vanaf Paus Gregorius de Grote (590) sleutels met in het handvat een stukje van de ketting van Petrus aan vorsten, bisschoppen en kerken als geschenk werd gegeven.
Archeologisch gezien is de Hubertussleutel uit de 8ste eeuw. Het is een grote messing sleutel met een deel uit rood koper. Dat laatste is gedateerd in de 13de eeuw. Waarschijnlijk heeft Hubertus ook een sleutel gekregen en is die mee zijn graf ingegaan en in 743 of 825 uit zijn kist genomen. Nu ligt de sleutel in de Heilig Kruiskerk in Luik.

Het branden tegen de hondsdolheid is een zaak die al uit de oudheid bekend was. Waarschijnlijk is het ook in de abdij van Andage gedaan. Niet met de Hubertussleutel, maar met een brandmerk in de vorm van een jachthoorn.

Hubertus als jager en het hert zijn in de legende de jongste aanwinsten. Pas in de 2de wonderenverzameling uit de 11de eeuw verhaalt dat Hubertus een jager was. Hij zou steeds een deel van zijn jachtbuit hebben geofferd. En de toenmalige jagers deden hem dat na.
Al in de 10de eeuw komt de Hubertusverering in het bisdom Trier voor. In de 14de eeuw is dat ook het diocees Keulen een feit, want vanaf 1341 staat er in de Dom van Keulen een Hubertusaltaar gesticht door de Marktgraaf Wilhelm von Jülich. De Hubertusverering was
dus geografisch maar beperkt verspreid.
Rond 1440 voorziet een Stephan Lochner, bisschop Hubertus voor het eerst van een hert. Dan nog op een boek. En het getijdenboek van Katharina von Kleve toont tezelfdertijd - en voor het eerst - de ontmoeting van Hubertus met het kruisdragend hert. Ook twee taferelen uit 1444 en
1451 uit Keulen tonen dit beeld.

Met de overdracht van de hert van Eustatius naar Hubertus werd Hubertus allengs meer de patroonheilige van de jacht. Ook het Franse koningshuis hielp hieraan mee toen zij voor Hubertus per abuis een plaats als een hooggeboren Frankische edelman en voorvader inruimden. De Franse koning Charles VIII (1483 - 1498) heeft waarschijnlijk Hubertus als patroon van de jacht verkozen. Aan het einde van de middeleeuwen beleeft de Hubertusverering in het gebied van Nederrijn en Eifel een grote opleving. En sinds het midden van de 15de eeuw komen pelgrims uit Duitsland, Utrecht, Bourgondië en vanuit Sachsen naar de abdij in Saint Hubert.

Een extra stimulans voor de verering is de stichting van een Hubertusorde door hertog Gerhard de Tweede van Jülich-Berg op Hubertusdag van 1444. Op de beeltenis van de medaille aan de ordeversierselen staat Hubertus met het kruisdragende hert. Met die orde draagt Gerhard ook bij aan de bevestiging van de legende. Ook andere edelen dachten of hoopten dat Hubertus een van hun voorvaderen was. Zo ook keizer Maximiliaan de 1ste (1493 -1519).

De vijfde…
In de 4de en de 5de heiligenbeschrijving staat voor het eerst de ontmoeting met het hert. Een legende die eerder sinds de 6de eeuw aan Sint Eustatius was toegeschreven. Die legende staat beschreven in de 'Legenda aurea' van de Dominikaner Jacobus de Voragine (ca. 1230 -1298, aartsbisschop van Genua). Van 1263 tot 1273 zocht deze pater alle heiligenlegendes bij elkaar.
Hij had nog niet van Hubertus gehoord, want bij hem komt Hubertus niet voor, wel van Eustatius die zich na het zien van een hert met een kruis tussen de geweitakken bekeert.

Historisch te achterhalen is dat ene Eustatius in Rome ten tijde van Paus Gregorius de Grote (590 - 606) als martelaar werd aanbeden. Over het hert is te melden dan het net als de leeuw, de adelaar, de eenhoorn en de peilkaan als symbool voor Christus is gebruikt. Zo werd door allerlei aannames, beïnvloeding en wenselijkheden, Hubertus van bisschop langzaamaan de patroon van de jacht.

In de 5de levensbeschrijving uit de 15de eeuw is het wonder met het hert breedvoerig uitgewerkt. Na het zien van het hert verdeelt Hubertus zijn hebben en houden en gaat hij als kluizenaar leven.

De zesde…..
Aan het einde van de 14de eeuw schrijft Jean d`Outremeuse de geschiedenis van Sint Hubertus op in het Frans. Twee eeuwen later schrijft een monnik uit de abdij van Saint Hubert, Adolphe Happart, op basis hiervan de Latijnse versie die als 6de heiligenbeschrijving staat geboekt.

De zevende…. en laatste
In deze levensbeschrijving neemt het gezinsleven van Hubertus een grote plaats in. In 1526 beschrijft Adolphe Happart de 6de levensbeschrijving opnieuw en zo ontstaat een 7de.
Floribane duikt op als de vrouw van Hubertus. Een ontroerend tafereel speelt zich af nadat Hubertus het hert heeft gezien. Hij verlaat zijn vrouw en laat zich, ondanks haar bidden en smeken, niet ervan afhouden de roep van God te volgen. Floribane sterft jong, maar niet nadat zij het leven heeft geschonken aan Floribertus. Waarna Hubertus hem opvoedt tot zijn
waardige opvolger.
Maar of Hubertus getrouwd was, blijft onzeker. Weliswaar wordt in de eerste levensbeschrijving al een zoon Floribertus genoemd maar dat kan ook zijn volgeling zijn geweest die later zijn opvolger als bisschop van Luik werd. En al was Hubertus getrouwd, dan was dat voor een priester in die tijd niet vreemd.
Bron: site Int. Hubertus-orde

Zijn stoffelijke resten
Saint Hubert dankt zijn ontstaan aan het er in 687 door Beregisius gestichte klooster, dat in 817 - op last van de bisschop van Luik - werd overgedragen aan de Benedictijnen. Na de overbrenging van het lichaam van Sint Hubertus werd de abdij (toen nog Andage geheten) naar deze heilige genoemd.

Nadat Hubertus stoffelijke resten naar Andage waren gebracht, rustten ze sinds de 13de eeuw in een verzilverde relikwieschrijn bezet met kostbare edelstenen op een altaar in de abdijkerk.

De monniken hielden honderden jaren vol dat het complete lichaam van de heilige in de schrijn aanwezig was. Dit terwijl er al her en der relikwieën van Sint Hubertus opdoken. Nog in 1515 bleken de resten nog compleet zoals uit een brief van de monniken aan de Paus Leo X blijkt.
Nadat de de schrijn in 1525 een brand doorstaat, zou hij in 1568 voor rondtrekkende Hugenoten verstopt zijn. Waarschijnlijk in de muren van de kerk. In dat jaar staken ze de kerk in brand en 2 jaar later verkocht de abt de schrijn (zonder het gebeente van Hubertus). Waarschijnlijk
werd deze abt het risico te groot.

Bij reparaties aan de kerkmuren vond men in 1618 de begraafplaats van de heilige terug. Bij de herbegrafenis werd geen verder onderzoek gedaan. Wie er herbegraven werd en of het een compleet stoffelijk overschot betrof, is onduidelijk. Sindsdien zijn er in elk geval geen berichten meer over de stoffelijke resten van Hubertus.

Verder is er het vermoeden dat tijdens de Abt Nicolaas Spirlet het lichaam van Sint Hubertus in 1794 - tijdens de Franse Revolutie - uit de kerk weghaalde en het begroef op een - nu nog steeds - geheime plaats. Want de abt, die was uitgeweken naar het land van Gulik, stierf onverwacht in hetzelfde jaar. En nam dit geheim mee in zijn graf.

Naar een andere opvatting zou in 1796 in het slot Heltorf bij het Duitse Düsseldorf, een Augustijner-koorheer op doorreis een grafkist hebben afgeladen en nooit meer terug geweest zijn om hem op te halen. Over de inhoud van kist had hij niets gezegd, maar uit de grootte en de uitvoering van de kist leek af men te kunnen afleiden dat hij uit Saint Hubert afkomstig was en de resten van de heilige bevatte.
Admiraal Graf von Spee, een van de sloteigenaren liet in 1910 het lijk uit de kist in de universiteit van Keulen onderzoeken. Maar daaruit bleek niet duidelijk dat het de stoffelijke resten van Sint Hubertus waren. De oom van de huidige slotheer, Wilderich Graf von Spee (1887-1967) liet de kist in de slotkapel bijzetten. Op het smeedijzer hek staat 'Incogniti Corpus'.
Bron: site Int. Hubertus-orde

 

Athanasius : Wie heeft U die bevoegdheid dan daartoe gegeven

H. Athanasius (295-373), bisschop van Alexandrië, kerkleraar

Uit de redevoeringen tegen de Arianen, 2, 78-79

 

Athanasius van Alexandrië6.jpg

Athanasius van Alexandrië

 

"Wie heeft U die bevoegdheid dan daartoe gegeven"

 

De persoonlijke Wijsheid van God, zijn eniggeboren Zoon, is de Schepper en Maker van alles. "Want alles hebt U met wijsheid geschapen", zegt de psalmist, en: "Van uw rijkdom is de aarde vervuld" (Ps 104,24)... Ons verstand immers is een beeld van het Woord, dat de Zoon van God is, en zo is ook de Wijsheid die in ons is, op haar beurt een beeld van Hem die de Wijsheid is. Want door haar bezitten wij ons vermogen tot kennis en inzicht en worden wij ontvankelijk voor de scheppende Wijsheid; door haar zijn wij in staat de Vader te kennen. Immers, "wie de Zoon belijdt", zegt Hij, "heeft ook de Vader" (1Joh 2,23); en: "Wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft" (Mt 10,40)...

 Maar "volgens Gods wijsheid heeft de wereld met al haar wijsheid God niet gevonden; daarom heeft God besloten hen die geloven te redden door de dwaasheid van de verkondiging" (1 Kor. 1,21). Want niet meer, zoals in vroegere tijden, wilde God zich door een beeld en afschaduwing van de Wijsheid in het geschapene laten kennen; maar Hij liet de waarachtige Wijsheid zelf het vlees aannemen, mens worden en de dood op het kruis ondergaan, opdat door het geloof in Hem voortaan allen die geloven, konden worden gered.

 Het gaat om dezelfde Wijsheid van God. Eerst heeft zij zichzelf geopenbaard en in zichzelf heeft zij haar Vader geopenbaard door haar beeld in het geschapene. ... Later is zij als het Woord vlees geworden, zoals Johannes zegt (vgl. 1,14). Na het vernietigen van de dood en na de redding van ons geslacht heeft het Woord zichzelf nog meer geopenbaard en door zichzelf de Vader: "Geef dat zij U kennen, de enige ware God, en Hem die U hebt gezonden, Jezus Christus" (Joh 17,3). Zo werd de hele aarde vervuld met zijn kennis. Want de kennis van de Vader door de Zoon en van de Zoon uit de Vader zijn één. En de Vader verheugt zich over Hem, en met dezelfde blijdschap verheugt de Zoon zich over de Vader: "Ik was het over wie Hij zich verheugde; en dag in dag uit verheugde Ik Mij voor zijn aangezicht" (Spr 8,30).

Bron : dagelijksevangelie.org

 

30-06-16

de oerkerk

Herinneringen in Nederland aan oerbegin van kerk

Beschouwingen over het ontstaan van de kerk gezien door een protestantse broeder.

 

We kennen ze allemaal: vluchtelingen. Ook in Nederland. Maar weten we ook van hun kerken? Onder de zogenaamde migrantenkerken in Nederland treffen we ook de oudste kerken uit de begintijd van het christendom aan: de Oriëntaals-Orthodoxe Kerken. Ze herinneren ons aan het christelijke oerbegin van de kerk.

De Oosters-Orthodoxe Kerken nemen een aparte plaats in naast de Rooms-Katholieke Kerk en de kerken van de Reformatie. Zij bezitten een eigen geschiedenis en een eigen kijk op liturgie, dogma en traditie. De Oosters-Orthodoxe Kerken, die verdeeld zijn over verschillende landen, zijn officieel ontstaan bij het bekende schisma van 1054, toen de kerk van het Griekse Oosten na een lange geschiedenis van wrijving en conflicten, zoals over de positie van de paus zich losmaakte van het Latijnse Westen. Een zelfstandige gemeenschap was in het leven geroepen: de "orthodoxe" kerken; "orthodox" in de zin van "rechte lofprijzing" of "rechte leer".

"" frameborder="0" marginwidth="0" marginheight="0" scrolling="no" style="border: 0px currentColor; border-image: none; vertical-align: bottom;"

De theologische basis van de Orthodoxe Kerken bestaat in het algemeen uit de leer van de eerste zeven algemene concilies (325-787). De eerste twee stelden de leer van de Drie-eenheid vast, de volgende vier het ware mens-zijn van Christus en het zevende de legitimiteit van de iconen. Iconen zijn de geschilderde afbeeldingen van Christus, Maria (de "Moeder Gods"), heiligen en martelaren, of gebeurtenissen uit de Bijbel. Zij vormen een wezenlijk bestanddeel van het oosters-orthodoxe geloof, dat deze afbeeldingen beschouwt als tastbare symbolen van de goddelijke werkelijkheid.

De oosterse orthodoxie kenmerkt zich door een accent op liturgie, dat wil zeggen de viering in de gemeenschappelijke eredienst. Een optimistische visie op mens en wereld is haar niet vreemd. Woorden zoals zonde en schuld krijgen geen nadruk. Daartegenover spelen de begrippen vergoddelijking, liefde en opstanding (het paasfeest is ook het grote feest in de orthodoxie) een grote rol.

Een westers begrip zoals "verzoening door voldoening" of de gedachte van een (juridische) rechtvaardiging door het geloof is afwezig. De nadruk ligt op de menswording en de opstanding van Christus, die consequenties heeft voor de gehele kosmos. Verder is de Orthodoxe Kerk sterk hiërarchisch ingericht, evenals Rome, hoewel ze van de zogenaamde onfeilbaarheid van de paus gruwt en in de plaats daarvan de autoriteit van de concilies stelt. Maar evenals Rome kent zij wel ook de zeven sacramenten, een rijk ontwikkeld kloosterleven (hoewel nu teruglopend) en een uitbundige Mariaverering.

In gevaar

Een van de varianten van de orthodoxie zijn de Oriëntaals-Orthodoxe Kerken. Deze vormen feitelijk de oudste christelijke kerken. De taal in de liturgie van de Syrisch-Orthodoxe Kerk is bijvoorbeeld Aramees, verwant aan de Aramese taal, die Jezus sprak, en aan het Hebreeuws.

Deze kerken in het Midden-Oosten (vandaar: oriëntaals) en in delen van Noord-Afrika bevinden zich in zwaar weer. In sommige regio’s, zoals Syrië en Irak, is het voortbestaan van christelijke kerken zelfs in gevaar. Veel oosterse christenen zijn gevlucht, onder andere naar Europa, ook naar Nederland. Momenteel is er in meerdere grote en middelgrote steden een oriëntaals-orthodoxe gemeenschap te vinden.

Dr. Jaap van Slageren, oud-secretaris van de Nederlandse Zendingsraad (NZR) en adviseur van het Overleg Episcopale Kerken (OEK), heeft de verschillende Oriëntaals-Orthodoxe Kerken in Nederland in kaart gebracht. Doel is de Nederlandse christenen kennis te laten maken met deze snel groeiende groep van gelovigen in Nederland. Het resultaat is een rijk geïllustreerd boekwerk: "Wijzen uit het Oosten, uit zo verren land".

Onder de Oriëntaals-Orthodoxe Kerken vallen de Syrisch-Orthodoxe Kerk (en de nauw met haar verwante Malankara Orthodox-Syrische Kerk van Kerala, in India), de Koptisch-Orthodoxe Kerk van Egypte, de Armeens-Apostolische Kerk, de Ethiopisch-Orthodoxe Tewahedo Kerk en de Eritrees-Orthodoxe Tewahedo Kerk.

"" frameborder="0" marginwidth="0" marginheight="0" scrolling="no" style="border: 0px currentColor; border-image: none; vertical-align: bottom;"

Van Slageren geeft behalve een historische schets van deze kerken ook een aantal voorbeelden van hun kerstverhalen. Daarin is iets te proeven van de beleving van het mysterie van de neerdaling van God onder de mensen. Met een rijkdom aan symbolen wordt dit mysterie in de liturgische traditie van deze kerken gevierd. De eucharistie en de rol van de priester nemen daarbij een belangrijke plaats in, een overeenkomst met de Rooms-Katholieke Kerk, die een grote verwantschap kent met de Orthodoxe Kerken. Door de beschrijving van de liturgische gewoonten, naast eucharistie ook de doop en het vasten, maakt Van Slageren de geloofstraditie concreet en inzichtelijk.

Andere traditie

De Oriëntaals-Orthodoxe Kerken zijn onderscheiden van de Oosters-Orthodoxe Kerken, zoals de Russisch-Orthodoxe en de Grieks-Orthodoxe Kerk, die in Nederland niet zo veel aanhangers hebben en ook een geheel andere liturgische en geloofstraditie vertegenwoordigen.

De Oriëntaals-Orthodoxe Kerken beroepen zich op de eerste oecumenische concilies van de ongedeelde kerk, zoals Nicea (325) en Constantinopel (381), waar respectievelijk de godheid van Christus en de Heilige Geest werd vastgelegd. Tijdens het concilie van Efeze (431) werd eveneens vastgelegd dat het goddelijke en het menselijke op volmaakte wijze in Jezus verenigd zijn, zonder vermenging en ongedeeld. De Oriëntaals-Orthodoxe Kerken hebben afstand genomen van het latere concilie van Chalcedon in 451, waarin het wezen van Christus, met inachtneming van de eenheid van Zijn persoon, toch ook als twee duidelijk van elkaar te onderscheiden naturen wordt voorgesteld.

De Oriëntaals-Orthodoxe Kerken hanteren de juliaanse kalender, onderscheiden van de gregoriaanse kalender, die in de meeste westerse kerken gehanteerd wordt. Daardoor vallen de feestdagen, zoals Pasen en Pinksteren, op andere data. De Oriëntaalse Kerken hebben zich elk op eigen wijze ontwikkeld. Pas in de twintigste eeuw ontstond het besef dat al deze kerken samen één confessionele familie vormen. Op 15 januari 1965 vond in Addis Abeba (Ethiopië) de eerste conferentie plaats van hoge vertegenwoordigers van deze kerken. Besloten werd tot een voortgaand oriëntaals overleg, dat in 1989 onder supervisie van de Wereldraad van Kerken werd verbreed tot een beraad samen met de Oosters-Orthodoxe Kerken.

Omdat zij uiteindelijk tot dezelfde geloofsfamilie behoren, worden de gelovigen in beide kerken tot elkaars heilige communie toegelaten. Binnenkort wordt er aan de Vrije Universiteit een priesteropleiding geopend waaraan zowel oriëntaalse als oosters-orthodoxe studenten de mogelijkheid krijgen om opgeleid te worden tot priester. Veel van de Oriëntaals-Orthodoxe Kerken hebben in Nederland een onderkomen gevonden in voormalige rooms-katholieke kerkgebouwen. Dat is ook niet vreemd, gezien hun liturgische setting. Veel kerken hebben ook nieuwe kerkelijke centra gesticht, die voorzien in de behoefte aan nevenruimtes voor gemeentebijeenkomsten en activiteiten onder jongeren.

Sterke groei

Van Slageren merkt op dat er sprake is van een sterke groei van de Oriëntaalse Kerken in Nederland. Zo bouwen de kopten momenteel een kerk in Assen en verrijst er in Enschede een koptisch klooster. Ook het aantal christenen uit Eritrea en Syrië groeit. In Nederland wonen nu al meer dan 25.000 Syrische christenen.

Van Slageren: Velen van hen verblijven nog in azc’s en hebben het daar niet gemakkelijk. Ze willen hun christelijke tradities in praktijk brengen, maar worden niet geaccepteerd door de moslims, ten opzichte waarvan zij een minderheid zijn." Samen met aartsbisschop Polycarpus van de Syrisch-Orthodoxe Kerk in Nederland is Van Slageren bezig een actie op te zetten om deze christenen de gelegenheid te geven de diensten van hun geloofs- en volksgenoten te bezoeken door te zorgen voor reisgeld of een taxi.

Er zijn volgens Van Slageren nauwelijks theologische verschillen met de Oosters-Orthodoxe Kerken. Men staat niet meer vijandig tegenover elkaar, zoals in het verleden. Men beseft dat de uitspraken op Chalcedon maar kleine toevoegingen zijn geweest die misverstanden hebben opgeroepen, maar die nu toenaderingen niet meer in de weg staan. Dank zij de Wereldraad van de Kerken is er meer overeenstemming gekomen. Wel is het zo dat de Oriëntaalse Kerken een bestaan hebben opgebouwd. Voor de Nederlandse kerken is het een uitdaging om deze kerken te leren kennen. In Frankrijk is met name de Rooms-Katholieke Kerk daarmee al verder. De Oriëntaalse Kerken zijn de oudste kerken uit de begintijd van het christendom. De protestantse kerken moeten de dialoog met deze kerken nog beginnen. Ze krijgen daarvoor nu een historische kans."

 

Boekgegevens

Wijzen uit het Oosten, uit zo verren land. Oriëntaals-Orthodoxe Kerken in Nederland. Over hun geschiedenis, liturgie en geboorteverhalen van Christus, Jaap van Slageren; uitg. Bar Hebraeus, Glanem 2016; ISBN 9789050470537; 204 blz.; € 19,95.

(bron : gereformeerd dagblad)

21:23 Gepost in Algemeen | Permalink | Commentaren (0)

25-06-16

allerheiligen

Eerste zondag na Pinksteren

 FEEST VAN ALLERHEILIGEN

 Allerheiligen14.jpg

 


 

Eerste Lezing :

Hebr.11,32-33, 37-38, 9,27-30

[33] Door het geloof hebben zij koninkrijken omvergeworpen, gerechtigheid beoefend, beloften in vervulling zien gaan. Zij hebben leeuwen de muil gesloten, [34] de gloed van vuur gedoofd, ze zijn ontsnapt aan het scherp van het zwaard. Hun zwakheid werd kracht, ze werden machtig in de oorlog, en dreven vijandelijke legers op de vlucht. [35] Vrouwen kregen hun doden terug door opstanding uit de dood. Anderen werden doodgemarteld en wezen hun vrijlating af, om een betere opstanding te verwerven. [36] Weer anderen werden beproefd doordat ze bespot werden en geslagen, en ook nog werden geboeid en gevangengezet. [37] Zij werden gestenigd, doormidden*gezaagd, terechtgesteld met het zwaard. Zij zwierven rond in schapenvachten en geitenvellen, ten prooi aan ontbering, vervolging, mishandeling. [38] Zij waren te goed voor deze wereld. Ze hielden zich op in woestijnen en in de bergen, in spelonken en in de krochten van de aarde. [39] Ook deze mensen werden allen vermeld vanwege hun geloof. Toch heeft geen van hen de belofte in vervulling zien gaan. [40] Aangezien God voor ons nog iets beters had voorzien, wilde Hij niet dat zij hun voleinding zouden bereiken zonder ons. 12 :[1] Door zo'n wolk van getuigen omgeven moeten wij elke zondelast die ons hindert, van ons afschudden, om vastberaden de wedstrijd te lopen waarvoor we hebben ingeschreven. [2] Kijk naar Jezus, de leidsman en voltooier van ons geloof. Omwille*van de vreugde die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterkant van Gods troon.

EVANGELIE :

Mattheüs : 10,32-33,37-38

[32] Als iemand partij kiest voor Mij bij de mensen, zal ook Ik partij kiezen voor hem bij mijn Vader in de hemel. [33] Wie Mij verloochent tegenover de mensen, die zal Ik ook verloochenen tegenover mijn Vader in de hemel. [37] Wie meer houdt van zijn vader of moeder dan van Mij, is Mij niet waard. Wie meer houdt van zijn zoon of dochter dan van Mij, is Mij niet waard. [38] Wie zijn kruis niet opneemt en Mij niet volgt, is Mij niet waard. 11 . 27] Alles is Mij door mijn Vader in handen gegeven. Niemand kent de Zoon behalve de Vader, en niemand kent de Vader behalve de Zoon, en ieder aan wie de Zoon Hem heeft willen onthullen. [28] Kom allen naar Mij toe die afgemat en belast zijn, en Ik zal u rust geven. [29] Neem mijn juk op en kom bij Mij in de leer, omdat Ik zachtmoedig ben en eenvoudig van hart, en u zult rust vinden voor uw ziel. [30] Want mijn juk is zacht en mijn last is licht.                                                                                                                                                                                                                

 

 

TROPARION :

Over de gehele wereld is Uw Kerk getooid met het bloed van Uw Martelaren als met byssos en purper; en door hen roept zij tot U, Christus God : Zend over Uw volk Uw barmhartigheid neer; schenk vrede aan Uw wereld, en aan onze zielen de grote genade.

KONDAKION :

Als het eerstelingenoffer der natuur offert de wereld U, de Heer en Schepper van het heelal de goddragende Martelaren.

Door hun gebeden bewaar in diepe vrede Uw Kerk Uw woning bij de mensen, en bescherm haar door de Moeder Gods, Barmhartige.

PROKIMEN :

Wonderbaar is God in Zijn Heiligen, de God van Israël.

Loot God in de Kerken, de Heer uit de bronnen van Israël.

De Heer schenkt Zijn Woord met grote kracht aan de Verkondigers der Blijde Boodschap.

ALLELUIA :

De Rechtvaardigen roepen en de Heer verhoort hen.

Talrijk zijn de beproevingen der Rechtvaardigen maar de Heer bevrijdt hen uit alle kwelling.

 

 

Betekenis van het feest van Allerheiligen 

 

De zondag volgend op Pinksteren is toegewijd aan alle Heiligen, deze die door ons gekend zijn én dezen die alleen bij God gekend zijn. Er zijn altijd heiligen geweest, in alle uithoeken der aarde. Het waren Apostels, Martelaren, Profeten, Hierarchen, Monniken en rechtvaardigen.
Allen waren vervuld van dezelfde Heilige Geest.
 De Nederdaling van de Heilige Geest maakt het mogelijk voor ons om boven onze gevallen toestand uit te stijgen en de heiligheid te bereiken. Aldus vervullen wij Gods bevel : ‘Wees heilig, zoals IK heilige ben ‘ (Lev. 11,44 – 1 Petrus 1,16).Daarom is het van belang alle heiligen te herdenken op de 1e zondag na Pinksteren. 
Waarschijnlijk is dit feest ontstaan, toen men de Martelaren ging vereren. Later kwamen daar alle vrouwen en mannen bij die getuigen waren geweest van Christus’ boodschap. De heilige Petrus van Damascus  in zijn ‘vierde stelling van de Beschouwing’, spreekt van 5 soorten heiligen : Apostelen, Martelaren, Profeten, Hierarchen en Monniken (Filokalia, vol.3, p.131 – in de engelse versie) 
Hieronder ziet men een icoon van alle heiligen van Rusland. Dergelijke iconen bestaan ook van alle heiligen in andere landen.

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende