30-09-14

Interview met Moeder Maria

 Welkom op mijn blog met informatie over de Orthodoxie. Teksten, foto's, bezinningen, theologie ..........

 

 

 Om uit de bijbel te horen voorlezen, klik op het bijbeltje

bijbel 2.jpg

 

De teksten van de gezangen kunnen teruggevonden worden in de rechter kolom 

 

10:30 Gepost door kris in Video | Permalink | Commentaren (10) |  Facebook |

interview met Moeder Maria

Interview met abdis Moeder Maria van het Orthodox klooster van Asten (Nederland) in drie delen

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

10:30 Gepost door kris in Video | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

25-09-14

16e zondag na Pinksteren : Gelijkenis der talenten

16e zondag na Pinksteren

"Gelijkenis der talenten"

 

Talenten6.jpg

 

 

LEZINGEN :

1e Lezing : 2 Kor.6,1-10

Als zijn medewerkers sporen wij u aan: zorg dat u de genade van God niet tevergeefs hebt ontvangen. Hij zegt immers: Op de gunstige tijd heb Ik u verhoord, op de dag van het heil ben Ik u te hulp gekomen. Nú is het die gunstige tijd, nú is het de dag van het heil. Wij geven absoluut niemand aanstoot, om het dienstwerk niet in diskrediet te brengen. Integendeel, in alle omstandigheden proberen wij ons te gedragen als dienaren van God door het standvastig verduren van moeilijkheden, nood, ellende, slagen, gevangenschap, oproer, zwaar werk, slaapgebrek, te weinig eten; maar ook door zuiverheid, inzicht, geduld, goedheid, door een geest van heiligheid en oprechte liefde, door het woord van de waarheid en de kracht van God. Wij vallen aan en verdedigen ons met de wapens van de gerechtigheid. Eer en smaad, laster en lof zijn ons deel; wij zijn als bedriegers die de waarheid spreken, als onbekenden die iedereen kent, als stervenden die blijven leven, als streng gestraften die niet worden gedood, als treurenden die altijd verheugd zijn, als armen die velen rijk maken, als havelozen die toch alles hebben.

Evangelielezing : Mattheüs 25,14-30 :

Het is als met iemand die naar het buitenland ging. Hij riep zijn slaven bij zich en vertrouwde hun zijn bezit toe. Aan de een gaf hij vijf talenten, aan een ander twee en aan een derde één, overeenkomstig ieders bekwaamheid. En hij vertrok naar het buitenland. Degene die de vijf talenten gekregen had, ging er meteen mee handelen en verdiende er nog vijf bij. Zo verdiende ook die er twee gekregen had er nog twee bij. Maar die er één gekregen had, ging een gat in de grond graven en stopte daar het geld van zijn heer in. Na lange tijd kwam de heer van die slaven terug en hield afrekening met hen. Degene die de vijf talenten gekregen had, kwam naar voren met nog vijf talenten en zei: Vijf talenten, heer, had u me toevertrouwd. Kijk, ik heb er nog vijf talenten bij verdiend. Zijn heer zei tegen hem: "Uitstekend, goede en trouwe slaaf, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen. Kom delen in de vreugde van je heer." Ook degene die de twee talenten gekregen had, kwam naar voren en zei: "Twee talenten, heer, had u me toevertrouwd. Kijk, ik heb er nog twee bijverdiend." Zijn heer zei tegen hem: "Uitstekend, goede en trouwe slaaf, in het kleine ben je betrouwbaar geweest, over veel zal ik je aanstellen. Kom delen in de vreugde van je heer. Ook degene die het ene talent had gekregen, kwam naar voren en zei: "Heer, ik heb u leren kennen als een streng man; u oogst waar u niet hebt gezaaid en u haalt binnen waar u niet hebt uitgestrooid. Uit angst heb ik uw talent in de grond gestopt. Kijk, hier hebt u uw eigendom terug.Maar zijn heer antwoordde hem: "Slechte, lamlendige slaaf, je wist dat ik oogst waar ik niet heb gezaaid en binnenhaal waar ik niet heb uitgestrooid. Je had dus mijn geld op de bank moeten zetten. Dan had ik het bij mijn komst met rente teruggekregen. Neem hem daarom het talent af en geef het aan hem die de tien talenten heeft. Want aan ieder die heeft, zal gegeven worden en wel overvloedig. Maar aan degene die niet heeft, zal zelfs nog ontnomen worden wat hij heeft. Werp die nutteloze slaaf in de uiterste duisternis." Het zal daar een gejammer zijn

17:23 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

23-09-14

Archiemandriet Zenon : de tweede komst van de Heer

 

 

De tweede komst van de Heer

laatste_oordeel1.jpgLaatste oordeel

 

Het einde van de wereld is een veelvuldig gespreksthema met verwijzing naar de Apocalyps, zonder goed te begrijpen wat er in deze Openbaring staat…In de taal van de Kerk gebruikt men het woord ‘eschatologie’ voor alles wat te maken heeft met het einde van de wereld en de tweede komst van de Heer. Die verwachting getuigt tegenwoordig niet van een zuiver inzicht.

Naar de mening van de Kerkvaders bevinden wij ons altijd in de laatste dagen, ook al zou de wereld nog miljoenen jaren blijven bestaan, want Christus zal ons geen ander Nieuw Testament geven. De eschatologische verwachting was de dynamische dimensie van de Kerk voor de eerste christenen. De eschatologische tekenen waren altijd aanwezig in het bewustzijn van de toenmalige gemeenschap. De apostelen, zo weten wij, waren ervan overtuigd dat ze zelf de wederkomst van de Heer zouden zien. Volgens de H. Simeon de Nieuwe Theoloog, is het Laatste Oordeel al gekomen. Vanaf de verkondiging van het Evangelie, wordt het oordeel aangekondigd sat op het einde van de wereld zal voltrokken worden.

Elke dag bidt de gelovige in het gebed van de Heer, ‘het Onze Vader’ : Uw Rijk kome. Hij bidt voor het einde van de wereld en voor de komst van het Rijk van Christus en, plots, wordt hij bevreesd…Maar als wij leven volgens ons geweten, zal de ontmoeting met Christus altijd een verwachting zijn. Voor de apostelen was de Tweede Komst van de Heer belangrijker dan de eerste. Zij keken er naar uit, omdat zij leefden in hetb perspectief van de neeuwigheid en altijd klaar stonden om, met een zuiver geweten, te verschijnen voor het Laatste Oordeel.

Als wij dag aan dag zouden veranderen wat slecht is in ons leven, zouden wij ongetwijfeld Christus verwachten zoals de eerste christenen het deden. Wie de geboden van Christus onderhoudt hoeft niets te vrezen van de dag waarop de Heerlijkheid van God zich zal openbaren. De Eerste Komst van Christus was bedekt met een sluier van nederigheid. De Tweede komst zal open en klaar gebeuren in volle glorie : iedereen zal zichzelf zien zoals hij is, als hij in de tijd van nu deel heeft aan het nieuwe leven dat in de Kerk reeds aanwezig is.

Wij hebben deel aan het toekomstig leven in de mate van onze huidige deelneming aan dat leven het Koninkrijk dat komt zal op deze aarde gevestigd worden, maar vernieuwd en verheerlijkt door de Geest van God. De Apocalyps eindigt met de woorden : Kom, Heer Jezus ! De eerste christenen verwachten Hem met vreugde, niet met angst.

Archimandriet Zenon, Monnik en iconograaf

21:45 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-09-14

heilige Arsenios de Grote

Heiligenleven

De heilige Arsenios de Grote

De heilige Arsenios de Grote was een diaken van de Kerk van Rome en gold als de grootste geleerde in Italië van zijn tijd. Daarom werd hij, toen hij 29 jaar oud was, door keizer Theodosios rond 383 naar Constantinopel geroepen, in de senatorenstand verheven, en tot leraar aangesteld voor zijn zonen Arkadios en Honorios. Hij leefde aan het hof in arsenios 11 juli.jpggrote weelde.

Toen hij zijn taak voltooid had, vroeg Arsenios zich af hoe hij zijn leven verder zou inrichten. Tijdens zijn gebed begon het tot hem door te dringen dat zijn levenswijze weinig innerlijke diepgang bezat. Het was alsof een stem hem toeriep :’Arsenios, vlucht weg van de mensen, dan kun je gered worden’. Arsenios, die zichzelf altijd radicaal had aangepakt aarzelde niet, en hij trok in stilte naar Alexandrië om bij monniken van de Sketis raad te vragen wat hij moest doen.

Uit zijn spraak en manier van doen bleek duidelijk dat Arsenios van hoge stand was, en hij werd dus met nadruk uitgevraagd, waarbij zij zich erop beriepen dat hij vertrouwen in hen moest stellen. Ze besloten raad te gaan vragen bij de beroemde Johannes de Kleine. Aangekomen tegen het einde van de middag in diens cel, besloot deze het uur van de avondmaaltijd te vervroegen omwille der gastvrijheid. De tafel werd gereed gemaakt en de monniken werden uitgenodigd aan te zitten. Maar Johannes verwaardigde  Arsenios met geen blik en hij liet hem staan terwijl zij aten. Halverwege de maaltijd scheen Johannes zich iets te herinneren. Hij nam een brood van tafel en smeet dat ergens op de grond terwijl hij zei : ‘Als je wilt, kun je eten’. Heel gevat viel Arsenios op de ellebogen en knieën en hapte in het brood dat op de grond lag. Toen had Johannes geen verdere proeven meer nodig en hij zei tot de anderen :’Ga nu maar, mijn broeders, met de zegen van de Heer, en bid voor ons. Ik ben ervan overtuigd dat hij een goede monnik wordt’. En toen ze Arsenios vroegen wat hij van de zaak dacht, antwoordde hij dat hij, omdat hij als een hond beschouwd werd, daarom ook maar als een hondje gegeten had.

Arsenios ging voort op deze radicale weg, en omdat hij zo lang in aanzien en luxe geleefd had, legde hij zich op buitengewone wijze toe op deemoed en ascese. Het duurde dan ook niet lang tot Johannes hem rijp oordeelde voor het kluizenaarsleven. Arsenio vestigde zich een twaalftal mijlen verderop, maar toch kwam er telkens bezoek. Toen monniken hem eens vroegen waarom hij zo zwijgzaam was, zei hij dat de intimiteit met God te lijden had van de omgang met mensen.

Zijn celdienaar, Daniël, vertelde van Arsenios dat deze vaak de gehele nacht doorbracht in gebed. En elke zaterdag avond, wanneer de zon in het westen onderging, keerde hij zich naar het Oosten en bad met opgeheven armen tot de opgaande zon hem in het gezicht scheen. Eerst dan zette hij zich neer om wat te rusten. Hij nodigde dan de slaap uit, ‘die slechte dienstknecht’ en viel zittend in slaap, tot hij na een korte tijd terug opstond. Arsenios zei dan ook dat een monnik die werkelijk strijd wilde voeren tegen zijn hartstochten, niet meer dan één uur per dag mocht slapen. Toch moest hij nog steeds strijden tegen de slaperigheid, en soms vroeg hij zijn leerlingen om hem wakker te houden.

Een andere uitspraak van hem luidde : ‘Wanneer we God zoeken, zullen we Hem ontmoeten; en wanneer we erin slagen Hem vast te houden, dan blijft Hij bij ons’. Ook zei hij ; ‘Zet heel uw kracht erop dat het werk in uw binnenste van God uitgaat om zo de uitwendige driften te overwinnen’. Hij verhaalde ook over twee mannen te paard, die een balk dwars tussen zich indroegen en de poort van de stad niet konden binnengaan omdat geen van beiden de ander wilde laten voorgaan. Zo is het ook wanneer wij het juk der gerechtigheid dragen met hoogmoed en onszelf niet willen vernederen. Dan blijven we buiten het Rijk Gods. En wanneer we goede werken verrichten maar tegelijk toegeven aan de boosheid, dan zijn we als iemand die water schept in een bak maar daar een gat in slaagt : het loopt er even snel weer uit als het erin geschept wordt. Door onze boosheid verliezen we ook onze goede werken.

Arsenios zocht herhaalde malen andere oudvaders op om hun raad te vragen. Toen hem eens gevraagd werd wat hij, die zulk een vooraanstaande geleerde was, bij zulke analfabeten te leren had, zei hij dat hij inderdaad bedreven was in grieks en latijn, maar dat hij nog niet toe was aan het abc van zulk een oude monnik. Dikwijls vroeg hij zichzelf hardop af : ‘Arsenios, waarom ben je weggetrokken uit de wereld ?’ om zich te wapenen tegen allerlei verleiding.

Na 56 jaar stierf hij, 95 jaar oud, omringd door zijn meest geliefde leerlingen, te Trojene bij Memphis, in 449.

 

Bron : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. orthodox klooster Den Haag

22:01 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Johannes Chrysostomos : Bij het kruis van Jezus stond zijn moeder

H. Johannes Chrysostomus (ca 345-407), priester te Antiochië daarna bisschop van Constantinopel, Kerkleraar Sermon over het woord "begraafplaats" en het kruis voor Goede Vrijdag, 2 ; PG 49, 396

Chrysostomos Basilios en Gr. van Nazianze.jpg

Chrysostomos, Basilios en Gregorios van Nazianze

"Bij het kruis van Jezus stond zijn moeder"

 

Zie je deze bewonderenswaardige overwinning? Zie je het slagen van het kruis? Ga ik je nu iets nog bewonderenswaardiger zeggen? Leer de wijze kennen waarop deze overwinning zich verwerkelijkt heeft en je zult nog meer verbaasd zijn. Wat de duivel deed overwinnen, is hetzelfde waarmee Christus hem heeft overheerst. Hij heeft hem verslagen met de wapens die de duivel had gebruikt. Luister hoe. Een maagd, het hout en de dood, dat zijn de symbolen van de nederlaag. De maagd dat was Eva want ze heeft zich niet verenigd met de man; het hout, dat is de boom; en de dood is de last die Adam opgelopen had. Maar zie daarentegen dat de maagd, het hout en de dood, deze symbolen van de nederlaag, symbolen van de overwinning zijn geworden. In plaats van Eva, Maria; in plaats van het hout van kennis van goed en kwaad, het kruishout; in plaats van de dood van Adam, de dood van Christus.
Zie je hoe de duivel overwonnen werd? Met de boom had hij Adam overwonnen; met het kruis zegevierde Christus over de duivel. De boom stuurde naar de hel, het kruis liet hen, die er in waren afgedaald, er uit terugkomen. Bovendien diende de boom om de mens die zich schaamde om zijn naaktheid verbergen, terwijl het kruis in de ogen van allen, een naakte mens heeft opgeheven, maar als overwinnaar…
Zie hoe het wonder van het kruis zich ten gunste van ons heeft gerealiseerd: het kruis is de trofee opgericht tegen de duivels, het getrokken zwaard tegen de zonde, het zwaard waarmee Christus de slang heeft doorboord. Het kruis is de wil van de Vader, de heerlijkheid van de eniggeboren Zoon, de vreugde van de heilige Geest, de schittering van de engelen, de zekerheid van de kerk, de trots van Paulus (Gal 6,14), de verdedigingsmuur van de uitverkorenen, het licht voor de hele wereld.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

20-09-14

15e zondag na Pinksteren : "Het gebod van de liefde"

15e zondag na Pinksteren

"Van het grote gebod"

 

 

liefde_2.png

 

  LEZINGEN

EPISTEL : 2 Kor. 4,6-15

Dezelfde God die gezegd heeft: 'Uit de duisternis zal licht schijnen', heeft zijn licht laten schijnen in ons hart om de kennis te laten stralen van zijn heerlijkheid, die ligt over het gelaat van Jezus Christus. Vol goede moed bij tegenslag Maar wij dragen deze schat in aarden potten, en zo blijkt dat die overgrote kracht van God komt en niet van ons. Van* alle kanten worden wij belaagd maar we zitten niet in het nauw; we zijn radeloos maar niet ten einde raad; we worden opgejaagd maar niet in de steek gelaten; neergeveld maar niet gedood. Altijd dragen wij het sterven van Jezus in ons lichaam mee, opdat ook het leven van Jezus zich in ons lichaam openbaart. Voortdurend worden wij tijdens ons leven aan de dood uitgeleverd omwille van Jezus, opdat ook het leven van Jezus zich in ons sterfelijk bestaan openbaart. Zo is de dood aan het werk in ons, en het leven in u. Maar wij bezitten die geest van geloof waarover geschreven staat: Ik heb geloofd, daarom heb ik gesproken. Ook wij geloven en daarom spreken wij. Want wij weten dat Hij die de Heer Jezus heeft opgewekt*, ook ons met Jezus ten leven zal wekken en ons naar zich toe zal voeren, samen met u. Want alles gebeurt voor u, opdat de genade onder steeds meer mensen verbreid raakt en zij de dankbaarheid doet toenemen, tot eer van God.

EVANGELIELEZING : Mattheüs 22,35--46

en een van hen, een wetgeleerde, vroeg om Hem op de proef te stellen: 'Meester, wat is het grootste gebod in de wet?' Jezus zei hem: 'U zult de Heer uw God liefhebben met heel uw hart en met heel uw ziel en met heel uw verstand. Dat is het grootste en eerste gebod. Het tweede is daaraan gelijk: U zult uw naaste liefhebben als uzelf. Aan deze twee geboden hangen heel de Wet en de Profeten.' Jezus' tegenvraag over de Messias Terwijl de farizeeën bij elkaar waren, vroeg Jezus hun: 'Wat denkt u van de Messias ? Van wie is Hij de zoon?' Ze zeiden Hem: 'Van David .' Hij zei: 'Hoe kan David, geïnspireerd door de Geest, Hem dan Heer noemen, als hij zegt: De Heer heeft gezegd tot mijn Heer: Ga zitten aan mijn rechterhand, totdat Ik uw vijanden aan uw voeten heb gelegd? Als David Hem Heer noemt, hoe kan Hij dan zijn zoon zijn?' Niemand kon Hem daarop een antwoord geven, en niemand durfde Hem van die dag af nog iets te vragen. 

20:45 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

13-09-14

feest van de Kruisverheffing

Feest van de Kruisverheffing

 

kruisverheffing 22.jpg

 

Eerste lezing

1 Korintiërs 1,18-2,16

 

De ware wijsheid

De boodschap over het kruis is dwaasheid voor wie verloren gaan, maar voor ons die worden gered is het de kracht van God. Er staat namelijk geschreven: ‘Ik zal de wijsheid van de wijzen vernietigen, het verstand van de verstandigen zal ik tenietdoen.' Waar is de wijze, waar de schriftgeleerde, waar de redenaar van deze wereld? Heeft God de wijsheid van de wereld niet in dwaasheid veranderd? Want zoals God in zijn wijsheid bepaalde, heeft de wereld hem niet door haar wijsheid gekend, en hij heeft besloten hen die geloven te redden door de dwaasheid van onze verkondiging. De Joden vragen om wonderen en de Grieken zoeken wijsheid, maar wij verkondigen een gekruisigde Christus, voor Joden aanstootgevend en voor heidenen dwaas. Maar voor wie geroepen zijn, zowel Joden als Grieken, is Christus Gods kracht en wijsheid,

EVANGELIE

Johannes 19,6-20,25-35

 Maar toen de hogepriesters en de gerechtsdienaars hem zagen begonnen ze te schreeuwen: ‘Kruisig hem, kruisig hem!' Toen zei Pilatus: ‘Neem hem dan maar mee en kruisig hem zelf, want ik zie niet waaraan hij schuldig is.' De Joden zeiden: ‘Wij hebben een wet die zegt dat hij moet sterven, omdat hij zich de Zoon van God heeft genoemd.' Toen Pilatus dat hoorde werd hij erg bang. Hij ging het pretorium weer in en vroeg aan Jezus: ‘Waar komt u vandaan?' Maar Jezus gaf geen antwoord. ‘Waarom zegt u niets tegen mij?' vroeg Pilatus. ‘Weet u dan niet dat ik de macht heb om u vrij te laten of u te kruisigen?' Jezus antwoordde: ‘De enige macht die u over mij hebt, is u van boven gegeven. Daarom draagt degene die mij aan u uitgeleverd heeft de meeste schuld.' Vanaf dat moment wilde Pilatus hem vrijlaten. Maar de Joden riepen: ‘Als u die man vrijlaat bent u geen vriend van de keizer, want iedereen die zichzelf tot koning uitroept pleegt verzet tegen de keizer.' Pilatus hoorde dat, liet Jezus naar buiten brengen en nam plaats op de rechterstoel op het zogeheten Mozaïekterras, in het Hebreeuws Gabbata. Het was rond het middaguur op de voorbereidingsdag van Pesach. Pilatus zei tegen de Joden: ‘Hier is hij, uw koning.' Meteen schreeuwden ze: ‘Weg met hem, weg met hem, aan het kruis met hem!' Pilatus vroeg: ‘Moet ik uw koning kruisigen?' Maar de hogepriesters antwoordden: ‘Wij hebben geen andere koning dan de keizer!'

Toen droeg Pilatus hem aan hen over om hem te laten kruisigen.

Jezus gekruisigd en begraven

Zij voerden Jezus weg; hij droeg zelf het kruis naar de zogeheten Schedelplaats, in het Hebreeuws Golgota. Daar kruisigden ze hem, met twee anderen, aan weerskanten één, en Jezus in het midden. Pilatus had een inscriptie laten maken die op het kruis bevestigd werd. Er stond op ‘Jezus uit Nazaret, koning van de Joden'. Het stond er in het Hebreeuws, het Latijn en het Grieks, en omdat de plek waar Jezus gekruisigd werd dicht bij de stad lag, werd deze inscriptie door veel Joden gelezen. De hogepriesters van de Joden zeiden tegen Pilatus: ‘U moet niet "koning van de Joden" schrijven, maar "Deze man heeft beweerd: Ik ben de koning van de Joden".' ‘Wat ik geschreven heb, dat heb ik geschreven,' was het antwoord van Pilatus.

Nadat ze Jezus gekruisigd hadden, verdeelden de soldaten zijn kleren in vieren, voor iedere soldaat een deel. Maar zijn onderkleed was in één stuk geweven, van boven tot beneden. Ze zeiden tegen elkaar: ‘Laten we het niet scheuren, maar laten we loten wie het hebben mag.' Zo ging in vervulling wat de Schrift zegt: ‘Ze verdeelden mijn kleren onder elkaar en wierpen het lot om mijn gewaad.' Dat is wat de soldaten deden.

Bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder met haar zuster, Maria, de vrouw van Klopas, en Maria uit Magdala. Toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie hij veel hield, zei hij tegen zijn moeder: ‘Dat is uw zoon,' en daarna tegen de leerling: ‘Dat is je moeder.' Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis.

Toen wist Jezus dat alles was volbracht, en om de Schrift geheel in vervulling te laten gaan zei hij: ‘Ik heb dorst.' Er stond daar een vat zure wijn; ze staken er een majoraantak met een spons in en brachten die naar zijn mond. Nadat Jezus ervan gedronken had zei hij: ‘Het is volbracht.' Hij boog zijn hoofd en gaf de geest.

Het was voorbereidingsdag, en de Joden wilden voorkomen dat de lichamen op sabbat, en nog wel een bijzondere sabbat, aan het kruis zouden blijven hangen. Daarom vroegen ze Pilatus of de benen van de gekruisigden gebroken mochten worden en of ze de lichamen mochten meenemen. Toen braken de soldaten de benen van de eerste die tegelijk met Jezus gekruisigd was, en ook die van de ander. Vervolgens kwamen ze bij Jezus, maar ze zagen dat hij al gestorven was. Daarom braken ze zijn benen niet. Maar een van de soldaten stak een lans in zijn zij en meteen vloeide er bloed en water uit. Hiervan getuigt iemand die het zelf heeft gezien, en zijn getuigenis is betrouwbaar. Hij weet dat hij de waarheid spreekt en wil dat ook u gelooft

Betekenis en ontstaan van het feest van de Kruisverheffing

De Heilige Kruisverheffing is een feest in de liturgie van de Katholieke en de Orthodoxe Kerk dat op 14 september wordt gevierd. De oorsprong van dit feest ligt in de jaarlijkse viering van de kerkwijding van de basiliek van het Heilig Graf in Jeruzalem, die samenviel met de vondst van het Heilig Kruis door Sint-Helena. De wijding vond plaats op 13 september 335. Deze basiliek staat volgens de overlevering op de plaats waar Christus tussen kruisdood en verrijzenis lag opgebaard. Gedurende het jaarlijkse kerkwijdingsfeest werd het kruis aan het volk getoond. Volgens de traditie heeft aan dit kruis Jezus geleden. Het kruis is volgens de traditie gevonden door Helena, moeder van Constantijn de Grote, die rond 324 naar Jeruzalem pelgrimeerde. Daar liet zij uitgravingen doen, waarbij ook de grafkelder ontdekt zou zijn. Voor het eerst wordt hierover bericht in 325 door Eusebius van Caesarea. Uit de 4e eeuw stammen ook de verslagen van bisschop Cyrillus van Jeruzalem, Ambrosius van Milaan, Socrates Scholasticus en Theodoretus van Cyrrhus. Uit het jaar 383 is een verslag van de religieuze Egeria bewaard, die een bedevaart naar Jeruzalem maakte. Op de plaats van de gevonden grafkelder, achter Golgotha, liet Helena de basiliek van het Heilig Graf bouwen. Het kruis werd door Helena gedeeld; een deel bleef in Jeruzalem en twee andere delen schonk zij aan Constantinopel en Rome. De vondst van het heilig kruis leidde vooral vanaf de kruistochten tot een onstuitbare verspreiding van kruis-relieken en daarmee ook tot verspreiding van het feest van de Kruisverheffing. Bovendien heeft de verspreiding van de Cisterciënzers en Trappisten over Europa een rol gespeeld, aangezien in hun spiritualiteit de Kruisverheffing van bijzonder belang is. Het tonen van het kruis als teken van verlossing door Christus, verspreidde zich zo door de hele Kerk. Viering in de Oosters-orthodoxe Kerken Het feest van de Kruisverheffing is één van twaalf grote feesten binnen de Oosterse orthodoxie. Het wordt echter niet in alle kerken op dezelfde dag gevierd. De zogenaamde "Oosters-orthodoxe Kerken - nieuwe stijl" vieren het feest zoals de rooms-katholieken op 14 september, de "Oosters-orthodoxe Kerken - oude stijl" 13 dagen later namelijk op 27 september. Dit laatste is het geval voor de Kerken van Jeruzalem, Rusland en Servië.

10:27 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

12-09-14

Consecratie of een Bisschopswijding in de Orthodoxe Kerk:

Consecratie of een Bisschopswijding in de Orthodoxe Kerk:

een bisschop wordt in de Orthodoxe Kerk niet alleen gewijdt, maar ook geheiligd door tijdens zijn wijding het heilige Evangelieboek op zijn hoofd wordt gelegd tezamen met de handoplegging van zijn mede bisschoppen [en de patriarch] > zie bijlagen

 1+2: Bij de oplegging van de Hl. Evangelieboek wordt deze priester een bisschop:

Het Evangelieboek is geopend op de laatste bladzijde van het Evangelie van Apostel Johannes, waarin Christus drie keer aan de Apostel Petrus vroeg: "Hebt ge Mij meer lief dan dezen?" en "Weid Mijn lammeren".

> Hier zweert de nieuw gewijde bisschop dat hij Zijn lammeren altijd zal weiden als een goede herder, omdat hij Christus lief heeft, meer dan de anderen.

Hij knielt voor het altaar, dat wil zeggen voor Christus Zelf, [dit in tegenstelling tot bij andere kerk denominatie, waar de gewijden voor een ander bisschop knielt]; hier bijgestaan door zijn mede broeders [= de bisschoppen], symboliseert de collegialiteit van zijn mede broeders.

Door de oplegging van de Hl. Evangelieboek krijgt hij de volheid en de waarheid van het Evangelie van Christus en het is meteen zijn eerste opdracht om het Evangelie aan zijn bisdom te verkondigen.

Door de handoplegging van zijn mede bisschoppen getuigen zijn mede broeders in het ambt [= de bisschoppen] dat hij voortaan als hun medebroeders opgenomen is in het heilige ambt.

> Het symboliseert ook de 'katholiciteit' van de Kerk van Christus [= d.w.z. dat ieder bisschop verbonden zijn/ in communio met elkaar in geloof en liefde].

> Het symboliseert ook de continuiteit van de 'Apostoliciteit' binnen de Kerk van Christus [= dat de bisschoppen in verbinding staan in geloof en Traditie met de Apostelen van Christus].

 

3+4: Hij wordt daarna door de senior bisschop [in dit geval de patriarch] aangekleedt met zijn bisschoppelijke kleding en mijter, terwijl het hele kerkvolk getuigt hiervan en bij iedere handelingen bevestigd het kerkvolk met antwoord: driemaal 'Axios'; betekent: 'hij is waardig'!

 

5: tot slot geeft de nieuwe bisschop zijn eerste zegen, ten overstaan van het hele kerkvolk.

Dit is een heilige Traditie die de Kerk sedert haar stichting door de eeuwen heen heeft doorgegeven.

Een onschatbaar erfdeel voor ons allen!

 

Sincerely yours / met vriendelijke groet; Hadrian H. LIEM The Netherlands / Pays-Bas

16:03 Gepost door kris in Algemeen | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

chaldees-katholieke aartsbisschop van Mosoel

Onderwerp: chaldees-katholieke aartsbisschop van Mosoel

 

Boodschap van bisschop Mgr Amel Nona (nu in ballingschap in Erbil) :

 

Ons lijden is de voorbode van wat jullie, europese en westerse christenen te wachten staat in de nabije toekomst.

Ik verloor mijn diocees aan islamitische radicalen die ons deden kiezen tussen bekering of dood. Probeer ons aub te verstaan,  klinkt het haast smekend.

Jullie liberale en democratische beginselen zijn hier niets waard. Jullie moeten eens opnieuw onder ogen zien wat er in het midden-oosten van ons is geworden, omdat jullie in jullie landen een steeds groter aantal moslims hebben verwelkomd. Ook jullie zijn in gevaar. Jullie moeten zware en moedige beslissingen nemen, zelfs als die botsen met jullie principes. Jullie denken dat alle mensen gelijk zijn, maar dat is niet waar : de islam zegt nièt dat alle mensen gelijk zijn. Jullie waarden zijn niet hun waarden. Als jullie dat niet gauw genoeg gaan inzien worden jullie de slachtoffers van de vijand die jullie zelf verwelkomd hebben in jullie huis...

 

bron : Rorate Caeli

10:12 Gepost door kris in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

11-09-14

heiligenleven : de profeet Jeremia

 

 

Heiligenleven

De profeet Jeremia

Jeremias profeet2.jpg

 

 

 

De heilige profeet Jeremia,was  één van de vier grote Profeten. Hij was de zoon van priester Chelkia uit Anatoth, geboren rond 650 voor Christus, en profeteerde tijdens de regering van koning Josia en zijn opvolgers. Tegen koning Jojakim profeteerde hij dat deze na zijn dood zou worden weggeworpen als een ezelsbegrafenis; daarom werd hij in de gevangenis geworpen, opdat het hem onmogelijk zou zijn om nog te schrijven. Maar toen dicteerde Jeremia zijn profetieën door de tralies heen aan Baruch, die ze optekende.

Naast het boek der profetieën schreef hij een bundel klaagzangen. Ook schreef hij brieven naar de joden die in slavernij verkeerden in Babylon, waarbij hij voorzegde dat het volk eerst na zeventig jaar zou terugkeren naar Jeruzalem.

Het leven van Jeremia toont op huiveringwekkende wijze het profetenlot : wat een mens die innerlijk verbondenj is met God, op deze aarde moet ondergaan. Van nature was hij schuchter en teruggetrokken, maar door zijn goddelijke opdracht moest hij optreden tegen koningen, edellieden en opperpriesters. Terwijl er een oorlogssituatie bestond tussen Israël en Babylon, moest Jeremia, in opdracht van God, onderwerping aan de vijand prediken, en aanvaarding van de nederlaag als straf van God voor de ontrouw waartoe het volk telkens opnieuw vervallen was. Het is niet verwonderlijk dat dit door zijn landgenoten werd gezien als defaitisme en verraad, en hij heeft daar dan ook telkens weer de gevolgen van moeten ondergaan : tegenwerking, mishandeling, gevangenschap en uiteindelijk de marteldood.

Maar tegelijk met zijn onheilsprofetieën, heeft Jeremia ook het heil en de komst van de Messias verkondigd, waardoor de hoop levend bleef, over het bittere lot van de ballingschap heen. Want het Verbond met de Gezalfde zal onverbrekelijk zijn , zoals de dag altijd weer volgt op de nacht. Volgens een oude overlevering heeft hij, voordat de Tempel door koning Nabuchodonosor werd verwoest, de Ark van het Verbond verborgen in een spelonk van de berg Nabath, en deze is sindsdien onvindbaar gebleven. Jeremia werd gestenigd te Tafnis in Egypte, na de val van Jeruzalem in 587 vC.

Bron : Heiligenlevens voor elke dag – Orth.Klooster – Den Haag

15:43 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

PATRIARCH FILARET: 'POETIN LIJKT BEZETEN DOOR SATAN'

PATRIARCH FILARET: 'POETIN LIJKT BEZETEN DOOR SATAN'

BRUSSEL (KerkNet/La Vie/RISU) - De Oekraïens-orthodoxe patriarch Filaret beschuldigt de Russische president Poetin ervan dat hij door Satan bezeten is en een bloedbad aanmoedigt in het oosten van Oekraïne. Volgens de patriarch is het intussen voor iedereen duidelijk dat Poetin een leugenaar is, omdat hij over een intern conflict blijft spreken terwijl hij huurlingen naar Oekraïne stuurt en blijft ontkennen dat hij betrokken is bij het conflict. "De Oekraïense bevolking heeft Vladimir Poetin en zijn medestanders al meermaals opgeroepen om opnieuw redelijk te worden, niet langer dood en vernieling te zaaien en berouw te hebben. Maar het lijkt alsof hij doof is, omdat hij zoals Judas Iskariot door de duivel bezeten lijkt." Toch heeft hij ook bemoedigende woorden voor de president, "omdat het nog niet te laat is om berouw te hebben". De brief werd in het Engels en het Russisch gepubliceerd op de website van het patriarchaat van Kiev.
Patriarch Filaret stuurde vorige week eveneens een brief naar de oecumenische patriarch Bartholomeüs, in antwoord op de brief van het patriarchaat van Moskou aan het oecumenische patriarchaat. Daarin verwerpt hij de beschuldigingen van Moskou en geeft hij ook een overzicht van enkele recente gebeurtenissen in Oost-Oekraïne. Waarnemers achten het weinig waarschijnlijk dat het oecumenische patriarchaat zich zal uitspreken over het conflict in Oost-Oekraïne, omdat dit de toch al kwetsbare oecumenische relaties met de andere orthodoxe Kerken ernstig kan verstoren.

(Kerknet)

NB. Patriarch Filaret van het patriarchaat van Kiev, is een niet canonisch erkende tak van de orthodoxie. Desnietemin is het de tweede grootste Orthodoxe Kerk van Ukraine, bijna even groot als het patriarchaat van Moscou.

Indien je meer wenst te weten hierover : http://nl.wikipedia.org/wiki/Oekra%C3%AFens-orthodoxe_Ker...

09:13 Gepost door kris in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

31-08-14

Macarius van Egypte : Totdat het deeg in zijn geheel gegist was

Homilie toegekend aan Macarius van Egypte (?-390),monnik
Nr. 24, 4 ; PG 34, 662

Macarius_of_Egypt (de grote)1.jpg

Macarios van Egypte

"Totdat het deeg in zijn geheel gegist was"

 

 

      Als iemand het meel kneed zonder er gist in te doen, dan kun je je er van alles aan doen, het aanlengen en bewerken, het deeg zal niet omhoog komen en het zal geen dienst kunnen doen als voedsel. Maar als men er gist doorheen mengt, dan trekt dat het door het hele deeg en laat het helemaal rijzen, net als in de vergelijking die de Heer toepast op het Koninkrijk… Dat geldt ook voor het vlees: wat voor zorg men er ook aan besteedt, als men er geen zout bij doet om het te bewaren, dan zal het gaan stinken en blijft het niet meer geschikt voor consumptie. Stel je op gelijke wijze de hele mensheid voor als vlees of als deeg, en bedenk dat de goddelijke natuur van de heilige Geest het zout en het gist is, die van een andere wereld komen. Als het hemelse gist van de heilige Geest en het goede zout van de goddelijke natuur… niet in de nederige menselijke natuur worden gebracht en ermee worden vermengd, dan zal de ziel nooit de slechte geur van de zonde kwijtraken en ze zal niet oprijzen door de zwaarte en de krachteloosheid van het “oude gist” verliezen (1Kor 5,7)…


      Als de ziel alleen leunt op zijn eigen kracht en zich in staat acht om uit zichzelf zonder de hulp van de heilige Geest volledig te slagen, dan vergist ze zich in hoge mate; ze is niet geschikt voor de hemelse verblijven, niet voor het Koninkrijk… Als de zondaar God niet nadert, de wereld niet verzaakt, niet in hoop en geduld wacht op iets goeds dat vreemd is aan de eigen natuur, dat wil zeggen de kracht van de heilige Geest, als de Heer niet van boven zijn eigen goddelijk leven in deze ziel inblaast, dan zal deze mens nooit proeven van het ware leven… Daarentegen als hij de genade van de heilige Geest heeft ontvangen, als hij zich daar niet van afkeert, als hij Hem niet beledigt met zijn slordigheid en slechte daden, als hij lang standhoudt in de strijd, dan zal hij “de heilige Geest niet bedroeven” (Ef 4,30), hij zal het geluk hebben door het ontvangen van het eeuwige leven.

bron : www.Dagelijksevangelie.org

30-08-14

12e zondag na Pinksteren : van de rijke jongeling

12e zondag na Pinksteren

"Van de rijke jongeling"

 

 

rijke jongeling.jpg

 

LEZINGEN :

1 Kor.15,1-11

De opstanding van Christus Broeders en zusters, ik wijs u nog eens op het evangelie dat ik u heb verkondigd, dat u hebt aanvaard, waarop u gegrondvest bent en waardoor u ook gered wordt, tenminste als u zich houdt aan de bewoordingen waarin ik het u verkondigd heb; anders zou u het geloof zonder nadenken hebben aanvaard. In de eerste plaats heb ik u doorgegeven wat ik zelf als overlevering heb ontvangen, namelijk dat Christus gestorven is voor onze zonden, volgens de Schriften, en dat Hij begraven is, en opgestaan op de derde dag, volgens de Schriften; en dat Hij is verschenen aan Kefas en daarna aan de twaalf. Vervolgens is Hij verschenen aan meer dan vijfhonderd broeders tegelijk, van wie de meesten nog in leven zijn; sommigen echter zijn gestorven. Vervolgens is Hij verschenen aan Jakobus, daarna aan alle apostelen. Het laatst van allen, als aan een misgeboorte, is Hij ook verschenen aan míj. Ik ben immers de minste van de apostelen, niet waard om apostel te heten, want ik heb de kerk van God vervolgd. Maar door de genade van God ben ik wat ik ben, en zijn genade voor mij is niet vruchteloos geweest. Ik heb harder gewerkt dan alle anderen; dat wil zeggen, niet ik, maar de genade van God met mij. Maar zij of ik, wat maakt het uit? Dit verkondigen wij, en dit hebt u geloofd.

Evangelie : Matth.19,16-26

Toen kwam er iemand naar Hem toe die zei: 'Meester, wat voor goeds moet ik doen om het eeuwig leven te krijgen?' Maar Hij zei: 'Waarom stelt u Mij die vraag over het goede? Eén is er goed. Als u het leven wilt binnengaan, houd u dan aan de geboden.' 'Welke?', vroeg hij. Jezus zei daarop: 'Niet doden, geen echtbreuk plegen, niet stelen, niet vals getuigen, uw vader en uw moeder eren, en uw naaste beminnen als uzelf.' De jongeman antwoordde Hem: 'Aan dat alles heb ik mij gehouden. Wat ontbreekt mij nog?' Jezus zei: 'Als u onverdeeld goed wilt zijn, ga dan uw bezit verkopen en geef het aan de armen, en u zult een schat hebben in de hemel. Kom dan terug om Mij te volgen.' Toen de jongeman dat woord hoorde, ging hij verdrietig weg, want hij had veel bezittingen. Tegen zijn leerlingen zei Jezus: 'Ik verzeker jullie, voor een rijke is het moeilijk het koninkrijk der hemelen binnen te gaan. Nog eens zeg Ik jullie: Een kameel komt gemakkelijker door het oog van een naald dan een rijke in het koninkrijk van God.' Toen de leerlingen dat hoorden, schrokken ze vreselijk en zeiden: 'Wie kan er dan nog gered worden?' Jezus keek hen aan en zei : bij de mensen is dit onmogelijk, maar bij God zijn alle dingen mogelijk.

21:46 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

22-08-14

Johannes Chrysostomos : Heb geduld met mij

H. Johannes Chrysostomos (ca. 345-407), bisschop van Antiochië, daarna van Constantinopel, Kerkleraar 
Homilie over de proloog van het evangelie van Mattheus, nr. 61 

chrysostom18 modern russisch-amerikaans  detail kon.deur [1600x1200].jpg
"Heb geduld met mij"

 

      Christus vraagt twee dingen van ons: om onze eigen zonden te veroordelen en om die van anderen te vergeven; het eerste doen omwille van het tweede, wat dan gemakkelijker zal zijn, want degene die aan zijn eigen zonden denkt, zal minder streng zijn voor zijn metgezel in de ellende. En niet alleen met de mond vergeven, maar diep vanuit het hart, om zo niet het zwaard tegen onszelf te keren waarmee we anderen denken te doorsteken. Welk kwaad kan een vijand je doen als het vergelijkbaar is met wat jij zelf doet door je bitsheid? 
      Zie dus hoeveel voordeel je haalt uit het nederig en met zachtheid ontvangen van een belediging. Je verdient zo ten eerste – en dat is het belangrijkst- vergeving voor je zonden. Je oefent je vervolgens in het geduld en de moed. In de derde plaats verwerf je zachtmoedigheid en liefde, want degene die niet in staat is om kwaad te worden op hen die hem onrecht aan doet, zal veel liefdevoller zijn naar hen die hem liefhebben. In de vierde plaats ontwortel je de woede volledig uit je hart, wat een onvergelijkelijk goed is. Wat zijn ziel van de woede bevrijdt, ontdoet het ook van de droefheid: hij zal zijn leven niet in smarten en angstige ijdelheden slijten. Zo pijnigen wij onszelf door anderen te haten; wij doen onszelf goed door hen lief te hebben. Overigens zullen allen je eren, zelfs je vijanden, zelfs als het demonen zijn. Beter nog door je zo te gedragen, zul je zelfs geen enkele vijand meer hebben. 

bron : www.Dagelijksevangelie.org

20-08-14

patriarch Kirill

 

Kyrill: 'Oekraïense katholieken willen orthodoxie uitroeien' door  KN/CWN

 

Het hoofd van de Russisch-orthodoxe Kerk heeft de Oekraïens-katholieke Kerk ervan beschuldigd de orthodoxe Kerk in het land te willen vernietigen.

Dat schrijft patriarch Kyrill in een brief aan de oecumenisch patriarch van Constantinopel, Bartholomaios I, meldt het onafhankelijke Russische persbureau Interfax.

'Haat gepredikt'

"Al sinds het afgelopen najaar, toen de huidige politieke crisis in Oekraïne net begon, hebben vertegenwoordigers van de Oekraïens-katholieke Kerk en de schismatieke gemeenschappen, die op het Maidanplein in Kiev verschenen, openlijk haat gepredikt tegen de orthodoxe Kerk, gedreigd orthodoxe heiligdommen te bezetten en de orthodoxie op Oekraïens grondgebied uit te roeien", schrijft Kyrill.

De patriarch van Moskou gaat zover te beweren dat de "uniaten en andere scheurmakers" gewapenderhand de "geestelijken van de canonieke Oekraïens-orthodoxe Kerk in het oosten van het land hebben aangevallen."

'Kwalijk' De Oekraïense Grieks-katholieke Kerk heeft in een officiële verklaring de "ondraaglijke" beschuldigingen van Kyrill scherp van de hand gewezen als een "kwalijke poging" het "legitieme streven van het Oekraïense volk naar vrede en onafhankelijkheid" als religieus conflict af te schilderen. Dat brengt "nieuwe spanningen en verdriet' teweeg in de Oekraïense samenleving, aldus de verklaring. "Oekraïne heeft nu van zijn geestelijken geen geweldsprovocatie nodig, maar het bouwen aan vrede."

 

10:11 Gepost door kris in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

15-08-14

de ontslaping van de Moeder van God

De ontslaping van de Moeder van God

 

Over het overlijden en vervolgens met lichaam en ziel opgenomen worden in de hemel van Maria zijn verschillende versies in omloop. Maria moet ergens tussen 36 en 50 n.Chr. zijn overleden ofwel in Jeruzalem ofwel Ephese. Hierbij zouden alle apostelen aanwezig zijn geweest behalve Tomas . Toen deze arriveerde was Maria's lichaam al begraven en om haar toch eer te bewijzen bezocht Thomas in zijn eentje haar graf. Volgens de traditie zou Thomas toen de tenhemelopneming van Maria hebben gezien. Daarbij zou hij van Maria haar gordel hebben gekregen. De overige apostelen geloofden dit niet totdat hij hen de gordel toonde en het lege graf. Een opmerkelijke omkering van de situatie toen Thomas als enige apostel aanvankelijk niet geloofde in de verrezen Christus!

 

Aanvankelijk was de naam voor deze feestdag 'Dormitio Mariae' (Ontslaping van Maria). In het westerse christendom werd, onder invloed van apocriefe teksten en volkslegenden, vanaf de achtste eeuw de term 'Tenhemelopneming van Maria' gebruikt. In het Nieuwe Testament staat nergens expliciet dat Maria in de hemel is opgenomen

 

De orthodoxe kerken geloven weliswaar dat de Moeder Gods lichamelijk is opgevaren naar de hemel, maar kennen desondanks geen dogma dat de lichamelijke tenhemelopneming van de Moeder Gods behelst. In de kerkelijke traditie van de Oosterse orthodoxie spreekt onverkort van het Ontslapen van de Moeder Gods.

 

In de orthodoxe kerken worden bij deze voorstelling vaak simultaan twee taferelen getoond: het inslapen (dormitio) van de Moeder Gods met de apostelen rond haar sterfbed verzameld en de eigenlijke tenhemelopneming . Op oude mozaïken en iconen is het tweede tafereel vaak de voorstelling van Christus die de ziel van zijn Moeder - uitgebeeld als een ingebakerd kindje - mee ten hemel neemt. Deze manier van uitbeelden is onder meer terug te vinden in de zesde eeuwse "”verlosser – Chora Kerk” in Istanbul, het vroegere Constantinopel, en verwijst naar de (iconografie van de) geboorte-icoon.

In de Orthodoxe kerken wordt het feest nog traditioneel aangeduid met de "Ontslapenis van de Moeder Gods". Aan de viering gaat ook thans nog een voorbereidende vasten en een "voorfeest" op 14 augustus vooraf. De naviering duurt tot en met 23 augustus.

In de Russisch-orthodoxe Kerk wordt het feest gevierd op 28 augustus, dit vanwege het uiteenlopen van de Juliaanse kalender en Gregoriaanse kalender.

09:00 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

ontslaping van de Moeder Gods

 Feest van de ontslaping van de Moeder Gods

 

 

 

ontslaping moeder geods222.2.jpg

 

 

 

Lezingen :

 

Epistel : Fil.2,5-11

 

          Die gezindheid moet onder heersen die ook in Christus Jezus was:

 

 

Hij die bestond in de gestalte van God heeft er zich niet aan willen vastklampen gelijk aan God te zijn.

 

 

Hij heeft zichzelf ontledigd en de gestalte van een slaaf aangenomen. Hij is aan de mensen gelijk geworden. En als mens verschenen

 

 

heeft Hij zich vernederd; Hij werd gehoorzaam tot de dood, de dood aan een kruis.

 

 

 

Daarom ook heeft God Hem hoog verheven en Hem de naam verleend die boven alle namen staat,

 

 

opdat in de naam van Jezus iedere knie zich zou buigen, in de hemel, op aarde en onder de aarde,

 

 

en iedere tong zou belijden tot eer van God, de Vader: de Heer, dat is Jezus Christus.

 

Evangelie :Lucas 10,38-42; 11,27-28

 

Bij Marta en Maria      Op hun reis ging Hij een dorp in. Een vrouw, Marta genaamd, ontving Hem. [Zij had een zuster die Maria heette. Die kwam aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Marta had het heel druk met bedienen. Ze ging naar Jezus toe en vroeg: 'Heer, laat het U koud dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg haar dat ze mij komt helpen.' De Heer gaf haar ten antwoord: 'Marta, Marta, je maakt je bezorgd en druk over van alles maar slechts één ding is nodig. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal haar niet worden ontnomen.'

Gelukwensen Tijdens zijn toespraak verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep Hem toe: 'Gelukkig de schoot die U heeft gedragen, en de borsten waaraan U hebt gezogen.'  'Inderdaad,' zei Hij, 'gelukkig zij die het woord van God horen en het bewaren.

08:52 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

10-08-14

9e zondag na Pinksteren : Petrus zinkt

9e zondag na Pinksteren

"Petrus zinkt"

 

petrus zinkt - Armeens muzeum Isfahan.jpg

Lezingen :

1 Kor,1,10-18:

Verdeeldheid in de gemeente      Maar in de naam van onze Heer Jezus Christus, broeders en zusters, doe ik een beroep op u: wees allen eensgezindlaat er geen verdeeldheid onder u zijn; wees volkomen één van zin en één van gevoelen.  Ik heb namelijk van Chloë's huisgenoten gehoord, broeders en zusters, dat er onenigheid onder u heerst.  Ik* bedoel dit: Ieder van u schijnt zijn eigen leus te hebben: 'Ik ben van Paulus.' 'Ik van Apollos*.' 'Ik van Kefas*.' 'Ik van Christus*.' Is Christus dan in stukken verdeeld? Is Paulus soms voor u gekruisigd? Of bent u gedoopt in de naam van Paulus?  God zij dank dat ik niemand van u gedoopt heb, behalve dan Crispus en Gajus. Dus niemand kan zeggen dat u in mijn naam gedoopt bent.  O ja, ik heb ook nog het gezin van Stefanas gedoopt; verder zou ik niet weten dat ik iemand gedoopt heb. Want Christus heeft mij niet gezonden om te dopen, maar om het evangelie te verkondigen; en dat niet met geleerde* woorden, want dan had het kruis van Christus zijn kracht verloren.
De wijsheid van de wereld      Want de boodschap van het kruis is dwaasheid voor hen die verloren gaan, maar voor hen die gered worden, voor ons, is het een kracht Gods.

Evangelie :

Matth.14,14-22 :

 Toen Hij van boord ging, zag Hij een grote menigte. Hij had zeer met hen te doen en genas hun zieken. Toen het avond werd, kwamen zijn leerlingen Hem zeggen: 'Dit is een eenzame plaats en het is al laat geworden. Stuur de mensen weg, dan kunnen ze zelf in de dorpen eten gaan kopen.' Maar Jezus zei: 'Ze hoeven niet weg te gaan. Jullie moeten hun te eten geven.'  Zij zeiden Hem: 'Wij hebben hier niets anders dan vijf broden en twee vissen.' Hij zei: 'Breng die hier.' Hij verzocht de mensen op het gras te gaan zitten, nam die vijf broden en twee vissen, keek op naar de hemel, sprak de zegenbede uit, Hij brak de broden en gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze aan de mensen.  Allemaal hadden ze volop te eten. Ze haalden de brokken op die over waren, twaalf korven vol. [Afgezien van vrouwen en kinderen waren het zo'n vijfduizend man die gegeten hadden.
Tegenwind op het meer       Meteen hierna dwong Hij de leerlingen om aan boord te gaan en alvast voor Hem uit over te steken; dan zou Hij intussen de mensen wegsturen.

09:49 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

03-08-14

Ireneus van Lyon : Wie in de Zoon gelooft, heeft eeuwig leven

H. Ireneüs van Lyon (ca.130-ca. 208), bisschop, theoloog en martelaar Tegen de ketterijen, IV, 37

Ireneus van Lyon 224.jpg
"Wie in de Zoon gelooft, heeft het eeuwig leven"

      God heeft de mens vrij gemaakt… opdat hij vrijwillig en zonder vrees op zijn oproep kan antwoorden. Het geweld bestaat immers niet bij God, maar Hij nodigt ons onophoudelijk uit tot het goede. Hij heeft in de mens het vermogen om keuzes te maken gelegd, zoals Hij dat bij de engelen heeft gedaan… En niet alleen op het gebied van zijn activiteit, maar ook op het gebied van het geloof heeft de Heer de vrijheid… van de mens bewaard. Hij zei immers: “Alles kan voor wie vertrouwen heeft” (Mc 9,23), en elders “Ga maar naar huis; het moge u gaan overeenkomstig uw vertrouwen” (Mt 8,13). Beide teksten tonen aan dat de mens zelf zijn doel bepaalt naar wat hij wel of niet kiest te geloven. Daarom “bezit, wie in de Zoon gelooft, eeuwig leven, maar wie niet naar de Zoon wil luisteren, zal het leven niet zien”…
      Dan zal men zeggen, zou het beter geweest zijn als God de engelen niet met de mogelijkheid geschapen had om zijn Wet te overtreden. Hij zou ook de mensen niet geschapen moeten hebben, omdat ze al snel ondankbaar naar Hem werden: immers dat is het risico dat vastzit aan hun rede, die in staat is om te onderzoeken en om te oordelen. Hij had ze in gelijkenis met de wezens zonder rede en zonder eigen leven, moeten scheppen… Maar in dat geval zou het goede geen enkele aantrekkingskracht hebben op de mensen, hun eenheid met God zou in hun ogen geen enkele waarde hebben. Het goede zou in hen geen enkel verlangen oproepen, omdat het verkregen zou zijn zonder dat ze ernaar zouden zoeken…; het goede zou in hen ingeschapen zijn, het zou vanzelf gaan… Als de mens van nature goed was en niet uit zijn wil…, zou hij niet meer begrijpen dat het goede mooi is, hij zou er niet van kunnen genieten. Wat voor een vreugde over het goede zouden zij, die er onwetend van zijn, kunnen hebben? En wat voor heerlijkheid, als ze er geen enkele moeite voor hoefden doen? Wat voor kroon, voor hen die er niet voor hoefden te vechten om die te krijgen?... Daarentegen hoe meer onze beloning afhangt van strijd, hoe kostbaarder ze is; hoe kostbaarder ze is, hoe meer we ervan houden.

www.Dagelijksevangele.org

ACHTSTE ZONDAG NA PINKSTEREN:ZONDAG "VAN DE VERMENIGVULDIGING DER BRODEN"

ACHTSTE ZONDAG NA PINKSTEREN

 

ZONDAG

"VAN DE VERMENIGVULDIGING DER BRODEN"

 

 

broodvermenigvuldiging33.2 (1).jpg

 

 

 Lezingen van de zondag :

1 Korintiërs 1,10-18

 

Verdeeldheid in de gemeente

Broeders en zusters, in de naam van onze Heer Jezus Christus roep ik u op om allen eensgezind te zijn, om scheuringen te vermijden, om in uw denken en uw overtuiging volkomen één te zijn. Door Chloë's huisgenoten is mij namelijk verteld, broeders en zusters, dat er verdeeldheid onder u heerst. Ik bedoel dat de een zegt: ‘Ik ben van Paulus,' een ander: ‘Ik van Apollos,' een derde: ‘Ik van Kefas,' en een vierde: ‘Ik van Christus.' Is Christus dan verdeeld? Is Paulus soms voor u gekruisigd? Of is het in de naam van Paulus dat u bent gedoopt? Ik dank God dat ik niemand van u - behalve dan Crispus en Gajus - heb gedoopt; niemand van u kan dus zeggen dat hij in mijn naam is gedoopt. Ja, ik heb ook nog Stefanas en zijn huisgenoten gedoopt, maar ik kan mij niet herinneren dat ik nog iemand anders heb gedoopt. Ik ben immers niet door Christus gezonden om te dopen, maar om te verkondigen - en niet door middel van diepzinnige welsprekendheid, want dan zou het kruis van Christus van zijn kracht worden beroofd.

De boodschap over het kruis is dwaasheid voor wie verloren gaan, maar voor ons die worden gered is het de kracht van God.

 

Matteüs 14,13-36

 

Overvloed aan brood, gebrek aan geloof

Toen hij uit de boot stapte en de grote menigte zag, voelde hij medelijden met hen en hij genas hun zieken.

Bij het vallen van de avond kwamen de leerlingen naar hem toe en zeiden: ‘Dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur de mensen weg, laat ze naar de dorpen gaan om eten voor zichzelf te kopen.' Maar Jezus zei: ‘Ze hoeven niet weg, geven jullie hun maar te eten.' Ze antwoordden hem: ‘We hebben hier niets, alleen vijf broden en twee vissen.' Hij zei: ‘Breng ze mij.' En nadat hij de mensen opdracht had gegeven op het gras te gaan zitten, nam hij de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit en brak de broden; hij gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze door aan de mensen. Iedereen at en werd verzadigd, en toen ze de stukken brood die over waren ophaalden, hadden ze twaalf manden vol. Er hadden ongeveer vijfduizend man gegeten, vrouwen en kinderen niet meegeteld.

Meteen daarna gelastte hij de leerlingen in de boot te stappen en alvast vooruit te gaan naar de overkant, hij zou ook komen nadat hij de mensen had weggestuurd.

08:36 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

23-07-14

Clemens van Rome : "Dit is mijn gebod, dat u elkaar liefhebt, zoals Ik u heb liefgehad"

H. Clemens van Rome, paus van 90 tot ongeveer 100 Eerste  brief aan de Korintiërs, 49

Clemens va,n Rome 46.jpg

Clemens van Rome

"Dit is mijn gebod, dat u elkaar liefhebt, zoals Ik u heb liefgehad"

      Dat hij die de liefde van Christus heeft, de geboden onderhoudt. Wie kan deze liefdesband met God uitleggen? (cf Kol 3,14)  Wie is in staat om de grootheid van zijn schoonheid uit te drukken ? De hoogten waar de liefde ons brengt is onuitspreekbaar. De liefde verenigt ons met God, “de liefde bedekt de veelheid aan zonden” (1P 4,8). De liefde verdraagt alles, de liefde is in alles geduldig; er is niets kleingeestigs in de liefde, niets verachtelijks; de liefde kent geen scheiding, zet niet aan tot opstand; de liefde handelt altijd in verbondenheid; in de liefde hebben de uitverkorenen van God de volmaaktheid ontvangen; in de liefde is niets onaangenaam aan God. In de liefde laat de Meester ons tot Hem komen. Door zijn liefde voor ons heeft Jezus Christus zijn bloed voor ons gegeven, naar de wil van God, zijn vlees voor ons vlees, zijn leven voor onze levens.
      Het is u bekend, geliefden, hoe groot en wonderlijk de liefde is en hoezeer haar volmaaktheid alle uitleg te boven gaat! Wie kan deze liefde bezitten dan alleen degene die door God hiervoor waardig is geacht? Laten wij Hem daarom bidden om van zijn barmhartigheid te verkrijgen dat wij mogen leven in de liefde, onberispelijk en ver van alle menselijke partijdigheid. Alle geslachten, vanaf Adam tot aan deze dag, zijn voorbijgegaan, maar zij die door Gods genade volmaakt zijn geworden in de liefde, mogen wonen in de verblijfplaats van de vromen. Dezen zullen in de openbaarheid treden op de dag dat God het koninkrijk van Christus komt bezoeken.
      Gelukkig zijn wij, geliefden, als wij Gods geboden naleven in eendracht en liefde; dan zullen omwille van de liefde onze misslagen worden vergeven.

www.dagelijks evangelie.org

21-07-14

rouwbericht van Patriarch Bartholomeus aan Koning Willem Alexander

 

 

Patriarchal Letter to His Majesty Willem-Alexander on the Recent Malaysia Airlines Tragedy

 

Your Majesty,

 

It is with great pain and sorrow that we have learned of the tragic crash of the Malaysian airliner in Ukraine, and the tragic loss of so many lives, citizens mostly from your country, men and women, young and old. On behalf of the Ecumenical Patriarchate, we wish to convey our deepest condolences to Your Majesty and through You, to the leaders and people of the Netherlands, most especially to the families of the victims.

 

We hope and pray that the facts and causes of this disaster will be established as quickly as possible, and we raise our hearts and hands to God in the highest, fervently praying to Him to send upon each and every afflicted soul His infinite mercy, comforting the mourners for the loss of their relatives. May God accept the repentance of humankind and not allow any similar tragedy from happening anywhere in the world.

 

At the Ecumenical Patriarchate, the eighteenth of July, 2014

Prayerfully yours,

+ BARTHOLOMEW
Archbishop of Constantinople-New Rome
and Ecumenical Patriarch

 

11:59 Gepost door kris in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-06-14

Cyrillus van Jeruzalem : "Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven"

H. Cyrillus van Jeruzalem ((313-350), bisschop van Jeruzalem en Kerkleraar Commentaar op het Evangelie van Johannes, 4, 4 ; PG 73, 613

cyrillus van Jerrusalem13.jpg

Cyrillus van Jeruzalem

"Uw woorden zijn woorden van eeuwig leven"

“Naar wie zullen we gaan?”, vraagt Petrus. Hij wilde zeggen: “Wie zal ons zoals U de goddelijke mysteriën uitleggen?” of “Bij wie kunnen we iets beters vinden? U hebt woorden van het eeuwige leven.” Ze zijn niet onverdraaglijk zoals de andere leerlingen zeggen. Daarentegen leiden ze naar de meest buitengewone werkelijkheid van alle, het leven zonder einde, het onvergankelijke leven. Deze woorden tonen ons goed dat we aan de voeten van Christus moeten gaan zitten, Hem aannemen als onze enige meester, en ons voortdurend bij Hem ophouden…
Het Oude Testament leert ons ook dat we Christus moeten volgen, en altijd met Hem verenigd moeten zijn. Inderdaad in de tijd dat de Israëlieten bevrijd waren van de Egyptische onderdrukking, en ze zich haastten naar het beloofde land, liet God hen geen wanordelijke route lopen. Degene die zijn Wet geeft zou hun niet toestaan om waar dan ook maar naar toe te gaan, naar hun eigen smaak. Ze zouden immers zonder gids volledig verdwaald zijn…; de Israëlieten vonden hun heil door bij hun gids te blijven. Vandaag de dag gaan wij ook onze weg door te weigeren ons van Christus af te scheiden, want Hij heeft zich aan de oudsten getoond in de verschijning van de tent, de wolk en het vuur (Ex 13,21; 26,1s)…
“Wie Mij wil dienen, zal Mij moeten volgen, en waar Ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn” (Joh 12,26)… Welnu wie loopt en gezelschap van Christus doet dit niet in materiële zin maar eerder door werken van deugd. De wijste leerlingen hebben zich stevig en met heel hun hart verbonden…; terecht zeggen ze: “Waar gaan we heen?” In andere woorden: “Wij zullen altijd bij U zijn, wij verbinden ons aan uw geboden, wij ontvangen uw woorden, zonder ooit te weigeren. Wij geloven niet zoals de onwetenden dat uw leer moeilijk is om aan te horen. Daarentegen zeggen we: “Hoe kostelijk streelt uw woord mijn gehemelte, kostelijker dan honing mijn mond” (Ps 119,103)

www.dagelijksevangelie.org

2e zondag na Pinksteren : zondag van de eerste leerlingen Petrus en Paulus

2e zondag na Pinksteren : zondag van de eerste leerlingen Petrus en Paulus

 

 

Peter&Paul_24.jpg

Petrus en Paulus

 

 

EERSTE LEZING :

Romeinen 2,10-16

10.heerlijkheid, eer en vrede wacht een ieder die het goede doet, de Jood in de eerste plaats, maar ook de Griek. [11] Want God kent geen aanzien* des persoons.
Wet en besnijdenis      [12] Zij die zonder de wet* hebben gezondigd, zullen ook zonder de wet omkomen; en zij die met de wet hebben gezondigd, zullen door de wet worden veroordeeld. [13] Want niet de hoorders van de wet zijn rechtvaardig in Gods oog; alleen de onderhouders van de wet zullen worden gerechtvaardigd. [14] Wanneer heidenen, die de wet niet hebben, uit zichzelf* doen wat de wet verlangt, zijn zij zichzelf tot wet, ook al bezitten zij de wet niet. [15] Zij tonen dat wat de wet vereist, in hun hart geschreven staat. Hun geweten getuigt daarvan, en hun gedachten, die hen over en weer beschuldigen of ook wel vrijspreken [16] op de dag dat God volgens mijn evangelie over de verborgen daden van de mens zal oordelen, door Christus Jezus.

EVANGELIE :

Matth.4,18-23

Roeping van enkele vissers      [18] Toen Hij eens langs het meer van Galilea liep, zag Hij twee broers - Simon*, die Petrus genoemd wordt, en zijn broer Andreas - het net uitwerpen in het meer; want het waren vissers. [19] Hij sprak hen aan: 'Kom achter Mij aan, en Ik zal jullie tot vissers van mensen maken.' [20] Meteen lieten ze hun netten achter en volgden Hem. [21] Verderop zag Hij nog twee broers, Jakobus van Zebedeüs en zijn broer Johannes; ze waren in de boot met hun vader Zebedeüs hun netten aan het klaren. Hij riep hen. [22] Meteen lieten ze de boot en hun vader achter en volgden Hem. Een grote menigte volgt Hem      [23] Hij trok rond in heel Galilea, terwijl Hij in hun synagogen onderricht gaf, de goede boodschap verkondigde van het koninkrijk, en elke ziekte en elke kwaal onder het volk genas.

21:33 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

14-06-14

1e zondag na Pinksteren : ALLERHEILIGEN

 

1e zondag na Pinksteren : Allerheiligen

 

alle heiligen.jpg

Alle Heiligen

 

Hebr.11,33-12,2

33. Doorhet geloof hebben zij koninkrijken omvergeworpen, gerechtigheid beoefend, beloften in vervulling zien gaan. Zij hebben leeuwen de muil gesloten, [34] de gloed van vuur gedoofd, ze zijn ontsnapt aan het scherp van het zwaard. Hun zwakheid werd kracht, ze werden machtig in de oorlog, en dreven vijandelijke legers op de vlucht. [35] Vrouwen kregen hun doden terug door opstanding uit de dood. Anderen werden doodgemarteld en wezen hun vrijlating af, om een betere opstanding te verwerven. [36] Weer anderen werden beproefd doordat ze bespot werden en geslagen, en ook nog werden geboeid en gevangengezet. [37] Zij werden gestenigd, doormidden* gezaagd, terechtgesteld met het zwaard. Zij zwierven rond in schapenvachten en geitenvellen, ten prooi aan ontbering, vervolging, mishandeling. [38] Zij waren te goed voor deze wereld. Ze hielden zich op in woestijnen en in de bergen, in spelonken en in de krochten van de aarde. [39] Ook deze mensen werden allen vermeld vanwege hun geloof. Toch heeft geen van hen de belofte in vervulling zien gaan. [40] Aangezien God voor ons nog iets beters had voorzien, wilde Hij niet dat zij hun voleinding zouden bereiken zonder ons. Hoofdstuk 12 Standhouden in de beproeving [1] Door zo’n wolk van getuigen omgeven moeten wij elke zondelast die ons hindert, van ons afschudden, om vastberaden de wedstrijd te lopen waarvoor we hebben ingeschreven. [2] Kijk naar Jezus, de leidsman en voltooier van ons geloof. Omwille* van de vreugde die voor Hem in het verschiet lag, heeft Hij een kruis op zich genomen en de schande niet geteld: nu zit Hij aan de rechterkant van Gods troon

EVANGELIE

Mt.10,32-33,37-38;19,27-30 :

 [32] Als iemand partij kiest voor Mij bij de mensen, zal ook Ik partij kiezen voor hem bij mijn Vader in de hemel. [33] Wie Mij verloochent tegenover de mensen, die zal Ik ook verloochenen tegenover mijn Vader in de hemel….. [37] Wie meer houdt van zijn vader of moeder dan van Mij, is Mij niet waard. Wie meer houdt van zijn zoon of dochter dan van Mij, is Mij niet waard. [38] Wie zijn kruis niet opneemt en Mij niet volgt, is Mij niet waard  ; 19,27-30 : Daarop zei Petrus: ‘Kijk, wij hebben alles achtergelaten en zijn U gevolgd. Wat zullen wij dan krijgen?’ [28] Jezus zei hun: ‘Ik verzeker jullie, bij de wedergeboorte, wanneer de Mensenzoon* op de troon van zijn heerlijkheid zetelt, zullen ook jullie die Mij gevolgd zijn op twaalf tronen zetelen, om te oordelen over de twaalf stammen van Israël. [29] Ieder die zijn huizen, broers, zusters, vader, moeder, kinderen of landerijen heeft achtergelaten omwille van mijn naam, zal het honderdvoud daarvan krijgen en deel hebben aan het eeuwig leven. [30] Vaak zullen de eersten de laatsten zijn en de laatsten de eersten.

alle heiligen van Rusland.jpg

alle heiligen van Rusland

Alle heiligen van Cyprus.jpg

alle heiligen van Cyprus

alle heiligen van Amerika.jpg

alle heiligen van Amerika

alle heiligen van Antiochië.jpg

alle heiligen van Antiochië

alle heiligen van Afrika.jpg

alle heiligen van Afrika

alle heiligen van Kiev-Pechery.jpg

alle heiligen van Kiev-pechery

alle heiligen van estland.jpg

alle heiligen van Schotland

Alle heiligen van China _chinese martelaren.jpg

alle heiligen van China - martelaren

alle heiligen van België.jpg

alle heiligen van België

alle Afrikaanse heiligen.jpg

alle Afrikaanse heiligen

Alle heiligen van zwitserland2.jpg

alle heiligen van Zwitserland

 

 

 

16:24 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Simeon de nieuwe Theoloog: De heilige Geest, die de Vader in mijn Naam zal zenden, zal u alles leren"

Simeon de Nieuwe Theoloog (ca 949-1022), Griekse monnik Hymne 21 ; SC 174

Simeon de neuwe theoloog + basilios.jpg

Simeon de nieuwe Theoloog en Basilios de Grote

"De heilige Geest, die de Vader in mijn Naam zal zenden, zal u alles leren"

Zij die de Geest hebben om meester te zijn
hebben geen kennis nodig die van mensen komt,
maar, verlicht door het licht van de heilige Geest,
kijken ze naar de Zoon, zien ze de Vader
en aanbidden de Drie-eenheid van Personen,
de enige God, die van nature één is op onuitspreekbare wijze…
Stop mens, heb ontzag sterfelijke natuur,
en denk dat je uit het niets bent voortgekomen
en door uit de buik van je moeder te komen
heb je de wereld gezien die voor jou gemaakt is.
En als je de hoogte van de hemel kon kennen
of aangeven wat de natuur van de zon, de maan en de sterren is,
waar ze vast blijven zitten en hoe ze zich verplaatsen…,
of zelfs de natuur van de aarde waaruit je getrokken bent,
zijn beperkingen en zijn maten, zijn grootte en zijn hoogte…,
als je het doel van elk ding hebt ontdekt
en als je het zand van de zee had geteld
en als je ook je eigen natuur kon kennen…,
dan kon je denken aan je Schepper,
hoe de Drie-eenheid zonder vermenging
en in de Eenheid blijft, de Drie-eenheid zonder scheiding.
Zoek de heilige Geest !...
Misschien dat God je troost en het je zal geven,
zoals Hij je al gegeven heeft om de wereld te zien
en de zon en het daglicht,
ja, Hij durft je nu op dezelfde wijze te verlichten…,
je verlichten in het licht van de Drieëne Zon…
Je zult dan de genade van de heilige Geest leren kennen:
dat zelfs indien afwezig, Hij aanwezig is met zijn kracht
en dat men Hem nu niet ziet door zijn goddelijke natuur,
en dat Hij overal is en nergens.
Als je Hem op een waarneembare wijze probeert te zien,
waar vindt je Hem dan ? Nergens zul je dan zeggen.
Maar als je de kracht hebt om Hem geestelijk te zien,
dan is Hij het eerder die je geest verlichten zal
en de ogen van je hart zal openen.

Bron : www.dagelijksevangelie.org

07-06-14

Pinksteren

PINKSTEREN

8e ZONDAG NA PASEN

 

Pinksteren (2).jpg

Pinksteren

Op een hoefijzervormige bank zitten de twaalf apostelen. Links boven Petrus en rechtsboven Paulus. Bovenin dalen vanuit het hemelsegment de stralen van de Heilige Geest neer op de groep van twaalf.
In het midden onderaan is een donker gewelf zichtbaar, waarin een koninklijk geklede gestalte staat. Hij heeft een witte doek uitgespreid met daarin twaalf evangelierollen. Het betreft de vertegenwoordiging van de kosmos, die het evangelie klaar houdt voor verspreiding over de wereld.

 

LEZINGEN :

Eerste lezing : Handelingen 2,1-11

Pinksteren [1] Toen de dag* van Pinksteren aanbrak, waren zij allen op één plaats bijeen. [2] Plotseling kwam er uit de hemel een geraas alsof er een hevige wind opstak, en het vulde heel het huis* waar zij waren. [3] Er verschenen hun vurige tongen*, die zich verspreidden en zich op ieder van hen neerzetten. [4] Zij raakten allen vol van heilige Geest en begonnen te spreken* in vreemde talen, zoals de Geest hun ingaf.      [5] Nu woonden er in Jeruzalem vrome Joden, afkomstig uit ieder volk onder de hemel. [6] Toen dat geluid opkwam, liep de menigte te hoop en raakte in verwarring, omdat iedereen hen in zijn eigen taal hoorde spreken. [7] Ze stonden versteld en vroegen zich verwonderd af: 'Maar dat zijn toch allemaal Galileeërs die daar spreken! [8] Hoe is het dan mogelijk dat ieder van ons de taal* van zijn geboortestreek hoort? [9] Parten* en Meden en Elamieten, en bewoners van Mesopotamië, Judea en Kappadocië, Pontus en Asia, [10] Frygië en Pamfylië, Egypte en het Libische gebied bij Cyrene, en hier woonachtige Romeinen, [11] Joden en proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken over de grote daden van God.'

EVANGELIE

Johannes 7,37-5. 8,12.

Stromen levend water      [37] Op de laatste dag, het hoogtepunt van het feest, stond Jezus daar en riep: 'Heeft* iemand dorst, laat hij dan naar Mij toe komen, en laat drinken [38] wie in Mij gelooft! Zoals de Schrift zegt: Uit zijn binnenste zullen stromen levend water vloeien.' [39] Hiermee doelde Hij op de Geest die men zou ontvangen als men tot geloof in Hem kwam. Toen was de Geest er namelijk nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt* was.
Verdeeldheid onder de toehoorders      [40] Onder het volk waren er die bij het horen van deze woorden zeiden: 'Dit is werkelijk de profeet*.' [41] Sommigen beweerden: 'Hij is de Messias.' Maar er waren er ook die zeiden: 'De Messias komt toch niet uit Galilea*? [42] Zegt de Schrift niet dat de Messias uit het geslacht van David komt en uit Betlehem, de woonplaats van David?' [43] Zo ontstond er verdeeldheid over Hem onder het volk. [44] Er waren er die Hem wilden grijpen, maar niemand sloeg werkelijk toe.
Ongeloof van de autoriteiten      [45] Toen de gerechtsdienaren bij de hogepriesters en farizeeën terugkwamen, vroegen dezen: 'Waarom hebben jullie Hem niet meegebracht?' [46] De dienaars zeiden: 'Nog nooit heeft een mens zo gesproken!' [47] Waarop de farizeeën antwoordden: 'Hebben jullie je ook al laten misleiden? [48] Heeft een van de leiders Hem geloof geschonken? Of iemand van de farizeeën? [49] Maar dat volk, dat de wet* niet kent, vervloekt zijn ze!' [50] Nikodemus, de man die indertijd naar Jezus toe was gekomen, iemand uit hun eigen kring, merkte op: [51] 'Sinds wanneer staat de wet ons toe iemand te veroordelen zonder hem eerst te horen en ons over zijn daden een oordeel te vormen?' [52] Maar hij kreeg als antwoord: 'Bent u soms ook een Galileeër? Zoek het maar na en u zult zien: uit Galilea komen geen profeten*!'

 [12] Weer richtte Jezus zich tot* hen: 'Ik* ben het licht* van de wereld. Wie Mij volgt*, gaat zijn weg niet in de duisternis, maar zal het ware levenslicht bezitten.

21:23 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

31-05-14

gedachtenis van het 1e oecumenisch concilie

7e zondag na Pasen - : GEDACHTENIS VAN HET 1eOECUMENISCH CONCILIE EN DE 318 GODDRAGENDE VADERS DIE ERAAN DEEL HADDEN.

 

oecumenisch concilie 1.jpg

1e Oecumenisch concilie

 

Lezingen :

Handelingen 20,16-18, 28-36

[16] Want Paulus had besloten Efeze voorbij te varen om geen tijd in Asia te verliezen. Hij had haast omdat hij zo mogelijk met Pinksteren in Jeruzalem wilde zijn.      [17] Van Milete uit stuurde hij een bode naar Efeze om de oudsten van de gemeente bijeen te roepen. [18] Toen die bij hem gekomen waren, zei* hij tegen hen: 'U weet hoe ik mij heb gedragen vanaf de eerste dag dat ik in Asia kwam, de hele tijd dat ik bij u was

28] Zorg goed voor uzelf en voor heel de kudde waarover de heilige Geest u als leiders heeft aangesteld om de kerk* van God te weiden, die Hij door het bloed van zijn eigen Zoon heeft verworven. [29] Ik weet dat na mijn vertrek gevaarlijke wolven bij u zullen binnendringen die de kudde niet sparen; [30] zelfs mensen uit uw eigen kring zullen de waarheid gaan verdraaien om de leerlingen achter zich aan te krijgen. [31] Wees daarom op uw hoede en houd in gedachten dat ik drie jaar lang dag en nacht onophoudelijk iedereen onder tranen gewaarschuwd heb. [32] En nu draag ik u op aan God en aan het woord van zijn genade, dat bij machte is om op te bouwen en het erfdeel te geven, met alle geheiligden. [33] Zilver of goud of kleding heb ik van niemand verlangd; [34] u weet zelf dat deze handen in mijn eigen behoeften en die van mijn metgezellen hebben voorzien. [35] In alles heb ik u laten zien dat men zo, door hard te werken, de zwakken moet helpen, gedachtig de woorden van de Heer Jezus, die zelf* heeft gezegd: "Het is zaliger te geven dan te ontvangen." ' [36] Na deze woorden knielde hij met hen allen neer en sprak een gebed.

EVANGELIE :

Johannes 17,1-13

Afscheidsgebed van Jezus [1] Na deze toespraak sloeg Jezus zijn ogen op naar de hemel en bad: 'Vader, het uur is gekomen! Verheerlijk* uw Zoon, opdat uw Zoon U verheerlijkt. [2] Laat Hem, krachtens de macht die U Hem gegeven hebt over alle mensen, eeuwig leven schenken aan al degenen die U aan Hem hebt toevertrouwd. [3] Eeuwig leven! Dat betekent dat ze U, de enige waarachtige God, leren kennen*, en ook degene die U gezonden hebt: Jezus Christus. [4] Ik heb U op aarde verheerlijkt door het werk te volbrengen dat U Mij te doen hebt gegeven. [5] Verheerlijk Mij nu, Vader, aan uw zijde, en bekleed Mij met de heerlijkheid die Ik bij U bezat voordat*de wereld bestond.      [6] Ik* heb uw naam geopenbaard aan de mensen* uit de wereld, die U Mij had toevertrouwd. Ze waren van U, en U hebt hen aan Mij toevertrouwd. Ze hebben uw woord ter harte genomen. [7] Nu erkennen ze dat alles wat U Mij gegeven hebt, van U komt. [8] Want de woorden die U Mij gegeven had, heb Ik aan hen doorgegeven, en zij hebben die aangenomen: ze hebben naar waarheid erkend dat Ik van U ben uitgegaan; ze hebben geloofd dat U Mij hebt gezonden. [9] Voor hen bid Ik. Niet* voor de wereld, maar voor hen die U Mij hebt toevertrouwd bid Ik, omdat ze de uwen zijn - [10] al het mijne is trouwens het uwe en al het uwe is het mijne - en omdat in* hen mijn heerlijkheid zichtbaar is geworden. [11] Ik ben al niet meer in de wereld, maar zij, zij blijven in de wereld achter, terwijl Ik naar U toe kom. Heilige Vader, bewaar* hen in uw naam, die U Mij hebt toevertrouwd, opdat ze één mogen zijn zoals Wij. [12] Zolang Ik bij hen was, was het mijn taak hen te bewaren in uw naam, die naam die U Mij hebt toevertrouwd; Ik heb over hen gewaakt, en geen van hen is verloren gegaan, behalve degene die verloren moest gaan, opdat de Schrift in vervulling zou gaan. [13] Nu kom Ik naar U toe, maar terwijl Ik nog in de wereld ben, zeg Ik dit alles opdat ze volkomen vervuld mogen zijn van mijn vreugde.

11:54 Gepost door kris in Lezingen van de zondag | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

het eerste Oecumenisch concilie

Het (eerste oecumenische) concilie van Nicea (325)

 
De zaak die de meeste aandacht zou vragen op het concilie van Nicea begon rond het jaar 320 in Alexandrië. Een zekere presbyter Arius kwam in conflict met bisschop Alexander van de stad over de status van Jezus Christus als Zoon van God. Moest dit zoonschap zo worden opgevat, dat de Zoon evenzeer God was als zijn Vader, of was er een essentieel verschil, en moest de Zoon als schepsel worden beschouwd? Arius leerde het laatste, Alexander het eerste. Het duurde niet lang, of dit werd een strijdpunt in grote delen van de kerk, zeker in het oosten.
 
Bisschoppen en andere betrokkennen konden deze kwestie hun onverdeelde aandacht geven, omdat de kerk pas door Constantijns tolerantie-edict van 313 was bevrijd van het gevaar van vervolgingen. Sterker nog, omdat Constantijn het christendom als keizerlijke godsdienst had aangenomen, was het van het grootste belang dat er duidelijkheid bestond over de juiste leer en dat er geen scheuringen in de kerk ontstonden.
 
Constantijn was deze mening zelf ook toegedaan, en hij was degene die uiteindelijk besloot een concilie samen te roepen om de kwestie-Arius voor eens en altijd en voor de hele kerk op te lossen. Het fenomeen concilie of synode was echter op zich niet nieuw: het was al sinds de derde eeuw gebruikelijk dat de bisschoppen uit een bepaald gebied, als de omstandigheden het toelieten, bijeenkwamen om samen bepaalde beslissingen te nemen. Dat kon zijn over vragen als het beste beleid aangaande christenen die tijdens een vervolging voor de druk van de overheid waren bezweken en tot de genius van de keizer hadden gebeden (of een valse verklaring hadden gekocht dat ze dat hadden gedaan), maar ook om een nieuwe collega voor een vacante zetel te kiezen. Ten minste één keer, in Antiochië in 268, had een synode zich over de theologie van een collega gebogen, namelijk Paulus van Samosata. Wat wel nieuw was, was het feit dat dit concilie een beslissing moest nemen voor de hele kerk, en dat de belangrijkste kwestie op het concilie theologisch van aard was.
 
Het staat overigens niet vast, dat Constantijn speciaal door de ariaanse strijd besloot tot het organiseren van een concilie: er zijn aanwijzingen, dat hij vanaf het begin van zijn alleenheerschappij plannen had om een rijksconcilie te houden om de nieuwe eenheid, zowel bestuurlijk als kerkelijk, te vieren en te bezegelen.
 

Verloop en beslissingen

Het concilie was eerst in het centrale Ancyra (Ankara) gepland, maar werd op verzoek van Constantijn naar Nicea, vlakbij de keizerlijke hoofdstad van de oostelijke helft van het rijk, gehouden, en begon op 19 juni 325. De keizer hield de openingstoespraak, en liet er geen twijfel over bestaan dat het in grootste belang van het Romeinse Rijk was, dat de verzamelde bisschoppen een beslissing zouden nemen. Of hij ook daadwerkelijk een officiële geloofsbelijdenis verwachtte, is de vraag. Wel is het een feit, dat juist in deze decennia het gebruik ontstond theologische standpunten in de vorm van een geloofsbelijdenis te formuleren.
 
De exacte gang van zaken op het concilie is niet duidelijk, omdat er geen verslag bewaard is gebleven. Onze belangrijkste bronnen zijn een herinnering van Eustathius van Antiochië (die mogelijk optrad als voorzitter), enkele hoofdstukken van Athanasius van Alexandrië (die het concilie wel bijwoonde, maar er pas veel later iets over schreef) en een brief van Eusebius van Caesarea, die zijn eigen kerk na afloop van het concilie informeerde over de gang van zaken.
 
Wel is zeker, dat het concilie grootschalig was opgezet. We kennen de namen van 250 bisschoppen, en de latere traditie heeft altijd het door Athanasius genoemde aantal van 318 concilievaders in ere gehouden. Daarbij moet wel worden aangetekend, dat praktisch alle deelnemers uit de oostelijke helft van de kerk kwamen, waar het geschil tussen Arius en Alexander ook de meeste beroering teweeg had gebracht. Naast de bisschoppen waren er ook verschillende plaatsvervangers en assistenten aanwezig (zo mocht Athanasius, die toen nog diaken was, mee om zijn bisschop bij te staan), en natuurlijk de keizer en een aantal van zijn functionarissen.
 
Van deze deelnemers was de meerderheid beslist niet voor Arius’ positie, die uiteindelijk de Zoon voor het hoogste schepsel hield, maar dat wil niet zeggen dat deze tegenstanders van Arius het eens waren hoe men dan wel precies over Hem moest denken. Bovendien was er ook een groep die Arius steunde. Deze groep kwam met een verklaring, die door de meerderheid werd veroordeeld. Daarmee waren de kansen voor Arius feitelijk al aan het begin van het concilie verkeken.
 
Er moest echter wel een gezamenlijke verklaring komen, en dat verliep minder vlot. Volgens Athanasius probeerde men zich zoveel mogelijk te beperken tot bijbelse terminologie, maar lukte het Arius en de zijnen steeds deze terminologie zo uit te leggen dat zijn eigen positie er ook door werd gedekt. Op zeker moment werd dan ook een traditionele belijdenis (mogelijk in gebruik in Caesarea of Jeruzalem) aangevuld met een aantal specief-theologische termen, waarvan de belangrijkste het zogenaamde homoousios of consubstantialis is, dat uitdrukt dat de Zoon ‘van hetzelfde wezen' als de Vader is.
 
Deze term werd niet direct met algemene goedkeuring ontvangen, maar met de nodige uitleg en misschien ook wel enige keizerlijke druk lukte het toch praktisch alle aanwezige bisschoppen deze aangevulde geloofsbelijdenis te laten ondertekenen, die daarmee de officiële Geloofsbelijdenis van Nicea werd. Degenen die niet wilden ondertekenden (Arius en nog enkele overgebleven medestanders) werden verbannen en geëxcommuniceerd.
 
Het concilie nam ook nog een aantal andere beslissingen. Eén van de belangrijkste was wel het besluit voortaan overal in het Rijk het christelijke Paasfeest op de eerste zondag na de eerste volle maan na de lente-equinox te laten vallen: dit was reeds gebruik in het westen en vele kerken in het oosten, maar er waren ook nog steeds kerken die het Pasen vierden op de eerste zondag na het Joodse Paasfeest (en dus soms op of voor de equinox) of zelfs tegelijk met de Joden vierden, dus op de veertiende dag van de maand Nissan. Ook nam het concilie een besluit over het zogenaamde melitiaanse schisma, dat de kerk van Alexandrië en Egypte verscheurde. Dit schisma had niets te maken met de geloofsleer, maar ging terug op de vraag hoe men afvalligen van de laatste vervolging moest behandelen. Door de bemoeienis van Constantijn kregen degenen die los waren komen te staan van de katholieke kerk de kans de gemeenschap weer te herstellen op opvallend milde condities.
 

De geloofsbelijdenis van Nicea

Hoewel er geen verslag van de synode bewaard is gebleven, zijn er wel een lijst van besluiten (canones) en natuurlijk de geloofsbelijdenis. De geloofsbelijdenis is niet, anders dan men misschien zou verwachten, meteen na het concilie over de hele kerk verspreid en in gebruik geraakt. Dit komt overeen met de bronnen die erop wijzen, dat de meeste aanwezige bisschoppen het gevoel hadden dat de belijdenis in deze vorm erdoor was gedrukt. Toch zijn er voldoende bronnen om zeker te zijn van de tekst; de belangrijkste hiervan is misschien nog wel het officiële verslag van het concilie van Chalcedon in 451, waarbij èn de belijdenis van Nicea, èn de aangepaste versie ervan die werd vastgesteld in Constantinopel, beide werden voorgelezen uit de officiële documenten die toen nog beschikbaar waren, en aldus opnieuw in het verslag van Chalcedon terechtkwamen.
 
De Geloofsbelijdenis van Nicea luidt aldus:
 
Wij geloven in één God, de almachtige Vader, schepper van alle zichtbare en onzichtbare dingen,
en in één Heer Jezus Christus, de Zoon van God, als eniggeborene uit de Vader geboren,
dat wil zeggen uit het wezen van de Vader,
God uit God, Licht uit Licht, waarachtig God uit waarachtig God,
geboren niet gemaakt,
van hetzelfde wezen als de Vader,
door wie alles is ontstaan, zowel in de hemel als op aarde,
die om ons mensen en om onze redding is neergedaald en vlees is geworden, mens is geworden,
die geleden heeft en op de derde dag is opgestaan,
die is opgevaren ten hemel,
die zal wederkomen om te oordelen de levenden en de doden,
en in de Heilige Geest.
 
De zinsneden ‘dat wil zeggen uit het wezen van de Vader’, ‘God uit God, Licht uit Licht, waarachtig God uit waarachtig God’ en vooral ‘van hetzelfde wezen als de Vader’ zijn de theologische toevoegingen, die het Arius en zijn medestanders onmogelijk maakten deze belijdenis te ondertekenen. Echter, aan de geloofsbelijdenis zelf werden ook nog enkele veroordelingen of anathema’s toegevoegd, om iedere ariaanse voorstelling van zaken voortaan de pas af te snijden:
 
Maar zij die zeggen:
Er was een tijd dat Hij er niet was,
en voordat Hij werd geboren was Hij er niet,
en dat Hij uit het niets is ontstaan,
of zij die beweren dat de Zoon van God uit een andere substantie is,
of aan verandering of ontwikkeling onderhevig is,
diegenen veroordeelt de algemene en apostolische kerk.
 

Gevolgen

Het concilie van Nicea had uiteindelijk voor niemand de gevolgen die men zich uiteindelijk gewenst had. Arius en degenen die met hem weigerden de Geloofsbelijdenis van Nicea te ondertekenen. Zij werden veroordeeld en verbannen, en speelden voortaan geen rol van betekenis meer. Zij waren de grote verliezers, en voor de rest van de kerkgeschiedenis is ‘ariaans’ een soort brandmerk geworden voor iedereen die op één of andere manier afstand tussen de Zoon en de Vader aan zou nemen. Het wrange daarbij is, dat van degenen die de Geloofsbelijdenis wel hadden ondertekend, degenen die het dichtst tegen Arius’ positie aan schurkten vrij snel na het concilie de toon gingen aangeven. Volgens de traditie werd zelfs Arius zelf op zeker moment officieel gerehabiliteerd, maar overleed hij de dag voordat hij de communie weer voor het eerst zou ontvangen.
 
De felste tegenstanders van Arius, die geloofden dat de Zoon exact op dezelfde wijze God c.q. goddelijk was als de Vader, hadden een geloofsbelijdenis gekregen die paste bij hun theologie. Echter, het grootste deel van de kerk was met die belijdenis weinig gelukkig vanwege de technisch-theologische terminologie. Bovendien bleek zelfs het woord homoousios voor verschillende interpretaties vatbaar: men kon het zo uitleggen, dat het betekende dat Zoon en Vader hetzelfde wezen, dat wil zeggen dezelfde goddelijkheid deelden, maar ook zo, dat de Zoon en de Vader samen één wezen vormden, dat wil zeggen, één handelende entiteit. Dit zou na het concilie tot de nodige nieuwe discussies en moeilijkheden leiden.
 
De keizer had bereikt dat praktisch alle bisschoppen hetzelfde document hadden ondertekend en dat de kwestie formeel was opgelost. Hij bemoeide zich echter niet met de exacte betekenis van het homoousios, zodat de discussies daarover na het concilie onbekommerd konden oplaaien, en de eenheid feitelijk weer teloor ging. Hij handhaafde en consolideerde deze formele eenheid ook na het concilie (waarbij er dus zelfs weer enige ruimte ontstond voor Arius), maar moest de geestelijke eenheid zien verdwijnen. Het is overigens een open vraag of Constantijn daar zwaar aan tilde.
 
Ten slotte was er de meerderheid die zich weinig gelukkig voelde met zowel de gang van zaken als het bereikte resultaat (afgezien van de veroordeling van Arius), en zich er blijkbaar niet door gebonden voelde. In de eerste decennia na Nicea zijn de meeste bronnen dan ook opvallend zwijgzaam over het concilie, en vinden er soms weer discussies plaats die zich moeilijk laten rijmen met de beslissing van Nicea.
 

Belang

Al met al wordt er heel verschillend over Nicea 325 geoordeeld. Later heeft het de status gekregen van eerste oecumenisch concilie (zoals in principe alle eerste oecumenische concilies pas door latere conciliebesluiten hun officiële status hebben gekregen), en in de oosters- en oriëntaals-orthodoxe kerken hebben de 318 vaderen zelfs een eigen feestdag en een icoon. Of echter voor de later vastgestelde orthodoxie van Constantinopel 381 en de ontwikkelingen die daarop volgden daadwerkelijk in Nicea de basis is gelegd, blijft de vraag. Wat de verschillende deelnemers aan het concilie precies onder homoousios verstonden, is nog steeds onderwerp van wetenschappelijke discussie.
 
Van heel andere zijde en in moderne tijden is het concilie ook wel afgeschilderd als het begin van een val van het christendom: een val voor de sterke arm van de staat, een val voor een officieel in plaats van een charismatisch christendom, een val voor machtsdenken in plaats van het geloof, waarvan Joden en ketters in toenemende mate slachtoffer zijn geworden. Nicea (c.q. Constantijn) wordt dan tot het inbegrip van alles wat er in de kerk niet deugt, en de periode daarvoor wordt verheerlijkt als oorspronkelijk en puur. Een dergelijk beeld is echter karikaturaal. Het concilie van Nicea borduurde voort op soortgelijke concilies die al in de derde eeuw voorkwamen, en het nieuwe was niet het feit dat er een dogmatische beslissing werd genomen, maar dat een dogmatische vraag nu de belangrijkste was, en dat door de veranderde politieke omstandigheden nu voor het eerst een concilie voor de hele kerk kon worden gehouden. En eigenlijk was nog niet de dogmatische vraag op zich de aanleiding, maar die van de gemeenschap: het streven van Constantijn naar één onverdeelde kerk kan men moeilijk niet legitiem vinden. Bovendien was de vraag ook praktisch: als christenen op reis gingen, wilden ze in een andere stad door de kerk worden ontvangen en deel kunnen nemen aan de eucharistie. Dat was juist één van de dingen waardoor de kerk groot was geworden, en achter alle eerste concilies moet niet zozeer een theoretisch-theologische drijfveer worden gezocht, als wel het praktische verlangen de kerkelijke en geestelijke gemeenschap in stand te houden. Daarom was het voor Constantijn (en voor de overgrote meerderheid van de concilievaders) belangrijker dàt er een beslissing werd genomen waarmee men zich kon verenigen, dan hoe die beslissing er uiteindelijk precies uit kwam te zien.
 
Het is één van de tragische aspecten van de latere kerkgeschiedenis, dat voor dit streven de weg van concilies, dogmatische verklaringen en officiële veroordelingen uiteindelijk toch dood bleek te lopen, en dat de eerste tekenen daarvan al zichtbaar werden op het eerste concilie van Nicea.
 
   
Bron: UVT

11:53 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende