16-08-17

Heiligenleven : theodoros van Sykeon

 

 

 Welkom op mijn blog met informatie over de

Orthodoxie. Teksten, bezinningen, theologie

Foto's..........

 

Gezangen uitgevoerd door het koor van de orthodoxe kerk van Gent

 olv. Paul Morreel

 

 

 

 

  De teksten van  de gezangen kunnen teruggevonden worden in de rechter kolom 

start nummer één en ga dan naar de tekst in de rechterkolom.

 

INHOUD VAN MIJN BLOG   (klik)

Om gemakkelijk te vinden wat je zoekt !!

 

Heiligenleven : theodoros van Sykeon

border gdts.gif

Heiligenleven

De heilige Theodoros van Sykeon

theodoros van Sykeon5.jpg

 

De heilige Theodoros van Sykeon, bisschop van Anastasiopolis. Hij was geboren in Sykeon (Galatië) als onwettig kind van een koerier van keizer Justinianus, bij de dochter van een herbergierster, een prostituee. Hij woonde in de buurt van de grote kerk, gewijd aan de groot-martelaar Georgios. Diens geschiedenis maakte een geweldige indruk op de kleine jongen en hij wilde ook grote daden verrichten. Zo kwam hij ertoe des nachts stil op te staan als iedereen sliep, het huis uit te sluipen om dan in de kerk te gaan bidden. Deze gewoonte wekte in hem een vroege zelfstandigheid. Toen hij 14 jaar oud was, nam hij zijn leven in eigen handen. Hij vond in de omgeving van de stad een grot, waar hij zich als kluizenaar terugtrok. En deze jongen bezat reeds zulk een overwicht dat hij een deel van zijn omgeving tot de noodzakelijke medewerking daartoe wist te bewegen. Een van zijn bewonderaars was blijkbaar de bisschop, want toen hij 18 jaar was werd hij diaken gewijd, en enige tijd later priester.
Theodoros trok nu de wereld in, hij ging op pelgrimstocht naar het Heilig Land. Hij zocht onderdak in het klooster Choseba, en werd daar monnik gewijd. We weten niet hoelang hij er gebleven is, maar als rijpe volwassene keerde hij naar Sykeon terug en hij stichtte een klooster bij de kerk van zijn jeugd, want andere jonge mensen voelden zich tot hem aangetrokken en wilden onder zijn leiding leven.
Zijn bekendheid in de omtrek nam sterk toe en niet zo heel veel later koos de bevolking van Anastasiopolis hem tot bisschop, hoezeer hij zich daar ook tegen verzette. Theodoros aanvaardde toen deze dienst als een opdracht van God, en bestuurde gedurende 40 jaar zijn diocees. Wel bezocht hij in die tijd herhaaldelijk de monastieke centra van Palestina en het nabije Oosten. Toen vond hij een geschikte opvolger en hij trad af om zijn laatste levensjaren geheel aan het gebed te wijden in het door hem gestichte klooster. De gewone ascese van weinig eten, slapen en comfort was hem nog niet streng genoeg, en daarom liet hij zich in de tijd tussen Theofanie en Pascha als een misdadiger zwaar geboeid opsluiten in een ijzeren kooi.
Veel wonderen geschiedden door zijn krachtdadig gebed. Zieken werden genezen, regen kwam in een tijd van hardnekkige droogte, er kwam een einde aan een vernietigende sprinkhaan-plaag. Hij bezat ook de gave om in de toekomst te zien en voorzegde zijn eigen dood, die hem aangekondigd werd door een verschijning van de door hem zo vereerde heilige Georgios, op de 22e april van het jaar 613.

 

1-Petrus-3-18.jpg

1-johannes-4-20-2.jpg

15-08-17

Germanus van Constantinopel : "Met ziel en lichaam naar de heerlijkheid van de hemel opgestegen"

border ppppp.gif

H. Germanus van Constantinopel (?-733), bisschop
Homilie voor het ontslapen van de Moeder Gods ; PG 98, 346

 

germanus5-de-constantinople.jpg

Germanus van Constantinopel

"Met ziel en lichaam naar de heerlijkheid van de hemel opgestegen" (Feestgebed)

Levende Tempel van de goddelijke heilige eniggeboren Zoon, Moeder van God, werkelijk, ik zeg het opnieuw, uw hemelopneming heeft u op geen enkele wijze verwijderd van de christenen. U leeft in onvergankelijkheid en toch blijft u niet ver van de vergankelijke wereld; integendeel, u bent hen nabij die u aanroepen en zij die u met geloof zoeken, vinden u. Zo blijft ook uw geest altijd sterk en levend en is uw lichaam onsterfelijk. Hoe zou immers de ontbinding van uw vlees u kunnen verminderen tot as en stof, u hebt de mens van de ondergang door de dood gered door de menswording van uw Zoon?...

Een kind zoekt en verlangt naar zijn moeder, en de moeder houdt ervan om met haar kind te leven: zo had u ook in uw hart een moederlijke liefde voor uw Zoon en voor uw God, u zou normaliter moeten kunnen terugkeren naar Hem, en God - door zijn liefde voor zijn kinderen tot u- moest u wel toestaan om in zijn staat te kunnen delen. Zo bent u, dood voor de eindige dingen, geëmigreerd naar de onvergankelijke verblijven van de eeuwigheid, waar God verblijft met wie u voortaan het leven deelt...

U bent lichamelijk zijn verblijfplaats geweest; en nu is Hij voor u de rustplaats geworden. "Dit is mijn rustplaats voor immer", zei Hij (Ps 132,14). Deze rustplaats is het vlees waarmee Hij bekleed werd in u, Moeder van God, het vlees aangenomen te hebben, waarin, zo geloven wij, Hij zich aan de huidige wereld heeft getoond en zich in de komende wereld zal tonen, als Hij de levenden en de doden zal komen oordelen. Aangezien u het verblijf bent van zijn eeuwige rust, heeft Hij de vergankelijkheid weggehaald en het met zich meegenomen, omdat Hij u in zijn tegenwoordigheid en in zijn affectie wilde bewaren. Daarom schenkt Hij u alles wat u Hem vraagt, als een moeder die zorgzaam voor haar kinderen is; alles wat u wenst, zal Hij vervullen met zijn goddelijke kracht, Hij is voor eeuwig gezegend.

 

20.jpg

14-08-17

Feest van de ontslaping van de Moeder Gods

border Ontslaping moeder Gods.jpg

Ontslaping van de Moeder Gods

15 augustus

 

ontslaping moeder Gods555.jpg

 

Lezingen :

 

Epistel : Fil.2,5-11

Die gezindheid moet onder heersen die ook in Christus Jezus was:

Hij die bestond in de gestalte van God
heeft er zich niet aan willen vastklampen
gelijk aan God te zijn.

Hij heeft zichzelf ontledigd
en de gestalte van een slaaf aangenomen.
Hij is aan de mensen gelijk geworden.
En als mens verschenen heeft Hij zich vernederd;
Hij werd gehoorzaam tot de dood,
de dood aan een kruis.

Daarom ook heeft God Hem hoog verheven
en Hem de naam verleend
die boven alle namen staat, 

opdat in de naam van Jezus
iedere knie zich zou buigen,
in de hemel, op aarde en onder de aarde,

en iedere tong zou belijden
tot eer van God, de Vader:
de Heer, dat is Jezus Christus.


Evangelie :Lucas 10,38-42; 11,27-28

Bij Marta en Maria
Op hun reis ging Hij een dorp in. Een vrouw, Marta genaamd, ontving Hem. [Zij had een zuster die Maria heette. Die kwam aan de voeten van de Heer zitten en luisterde naar zijn woorden. Marta had het heel druk met bedienen. Ze ging naar Jezus toe en vroeg: 'Heer, laat het U koud dat mijn zuster mij alleen laat bedienen? Zeg haar dat ze mij komt helpen.' De Heer gaf haar ten antwoord: 'Marta, Marta, je maakt je bezorgd en druk over van alles maar slechts één ding is nodig. Maria heeft het beste deel gekozen en dat zal haar niet worden ontnomen.'

Gelukwensen
Tijdens zijn toespraak verhief een vrouw uit de menigte haar stem en riep Hem toe: 'Gelukkig de schoot die U heeft gedragen, en de borsten waaraan U hebt gezogen.' 'Inderdaad,' zei Hij, 'gelukkig zij die het woord van God horen en het bewaren.

 

 

tekst engels Moeder Gods.jpg

moeder Gods schrijn.jpg

 

 

13-08-17

Heiligenleven

border 059.jpg

Heiligenleven

Heilige Job eerste Patriarch van Moscou

Job van Moscou eerste patriarch.jpg

Job van Moscou

 

De heilige Job, de eerste patriarch van Moskou en Rusland. Hij was geboren in een winkeliersgezin in Staritsa aan de Twer. Zijn moeder werd later de bekende moniale Pelagia, maar over Jobs jeugd is verder niets bekend. De familie wilde hem uithuwelijken maar Job werd monnik in het Ontslapingsklooster van Staritsa en bleef daar vele jaren. Hij was begaafd velerlei gebied en was een van de beste zangers van het klooster. Op bijzondere wijze was hij thuis in de Heilige Schrift: het Nieuwe Testament en de psalmen kon hij uit het hoofd op een meeslepende wijze opzeggen, evenals de lange gebeden van de Basilios-Liturgie en de knielgebeden van pinksteren. Zijn geleerdheid en zijn wijze manier van omgaan met de mensen trok de aandacht van de kerkelijke overheden, en toen de gelegenheid zich voordeed werd hij tot overste van het Ontslapingsklooster gemaakt. Hij begon direct met restauratiewerkzaamheden en met de bouw van een nieuwe kerk.
ln 1571 werd archimandriet Job naar Moskou gehaald, waar hij achtereenvolgens aan het hoofd kwam te staan van verschillende kloosters. Hij was buitengewoon verdraagzaam en toegewijd aan allen. Voor ieder had hij goede raad en warm gebed.
Als archimandriet van het Nieuwe-Verlossersklooster maakte hij deel uit van de bestuursraad van de Kerk, en zijn naam begon te verschijnen in de verslagen van de Raad, vooral wanneer het ging over het gebruik van kloostergoederen, waarmee nog wel eens particuliere doeleinden werden gediend. Ook later als patriarch zou hij nooit iets voor eigen gebruik bestemmen, en toen hij stierf bestond zijn bezit uit 15 roebels en enkele ikonen.
Het duurde niet lang of archimandriet Job werd bisschop van Kolomna‚ en 5 jaar later aartsbisschop van Rostov. Op 11 december 1587 werd hij metropoliet van Moskou, op voorstel van de tsaar en met goedkeuring van de Heilige Synode. Het was een moeilijke taak om het juiste pad te vinden tussen de twistende bojaren en het lijdende, onderdrukte volk. Maar de zachtmoedige metropoliet bezat ware staatsmanswijsheid en gaf de tsaren waardevolle adviezen.
Juist toen Rusland officieel een keizerrijk werd, schonk God aan het land de zachtmoedigste en deemoedigste primaat om de patriarchale waardigheid te verkrijgen. Na de val van Konstantinopel werd Moskou steeds meer het middelpunt van de orthodoxe wereld, het “Derde Rome”.
Men ging het vanzelfsprekend vinden dat de Metropoliet van Rusland een zelfstandige Patriarch zou worden. ln 1580 begonnen de besprekingen met Konstantinopel en in 1588 kwam patriarch Jeremias naar Moskou. De besprekingen werden in hoofdzaak gevoerd met de bojaar Boris Godunov, en beiden kwamen al spoedig tot overeenstemming omdat de patriarch wel begreep dat het grote Rusland een steun kon zijn voor heel de Orthodoxe Kerk, die bijna overal zwaar onderdrukt werd.
ln januari 1589 werd een Concilie gehouden van de bisschoppen van de Russische Kerk, waarin werd meegedeeld dat patriarch Jeremia zijn toestemming had verleend tot het kiezen van een patriarch voor Moskou. De verkiezing werd vastgesteld op 23 januari, de intronisatie op de 26e januari 1589, in aanwezigheid van de tsaar en patriarch Jeremia. Uit drie kandidaten werd metropoliet Job gekozen als de eerste patriarch van Moskou en Rusland.
Een van de eerste bestuursdaden van de nieuwe patriarch was het instellen van vier metropolitaten: Novgorod, Kazan, Rostov en Saraï. Verder stelde hij priester-oudsten aan, die elk het toezicht hadden over een veertigtal parochies, en die erop moesten toezien dat daar, zo mogelijk dagelijks, de goddelijke Diensten werden gehouden; dat het altaargerei met eerbied werd behandeld; dat de parochiepriesters op hun beurt deelnamen aan de patriarchale en keizerlijke ceremoniën; en dat zij zich moesten bezighouden met de persoonlijke godsvrucht van de priesters.
Patriarch Job spande zich in om de priesteropleiding te verbeteren zoals voorgesteld was op het Concilie van de ‘Honderd Kapittels’, maar voorlopig leden zijn pogingen schipbreuk door het gebrek aan orthodoxe leraren. Alle andere orthodoxe Kerken werden op bittere wijze onderdrukt, en de meeste geletterde Grieken vluchtten naar het katholieke Westen. Meer succes had hij met de verbetering van de liturgische boeken, zoals het was ingezet door de heilige Maximos de Griek. Hij zocht de minst beschadigde teksten uit en liet deze drukken met een nawoord dat ruimte openhield voor eventuele nadere correcties. Vrijwel ieder jaar kwam een nieuw boek gereed: in 1589 het Triodion, daarna het Pentekostarion, Psalterion, Oktoïch, Horologion, Algemeen Meneon, het Bisschopsboek (Archieratikon). Vrijwel al deze boeken verschenen voor de eerste keer, behalve Psalter, Apostel en Horologion. Dit werk werd zo belangrijk geacht dat het onverminderd doorging, ook in het jaar van de grote hongersnood. Het was ook de tijd dat Rusland grote gebiedsuitbreiding bewerkte in het Noorden en Oosten. Het uitgestrekte Siberië werd ontsloten, er werden nieuwe steden gebouwd, zoals Tobolsk en Tiumen. De nog heidense Siberiërs en hun vorsten werden in grote menigten gedoopt. De patriarch zorgde voor een netwerk van kloosters die het culturele middelpunt moesten worden voor hun omgeving en de tsaar steunde deze stichtingen met geld en goederen. Een van de beroemdste is het in 1591 gestichte klooster van de Donskaja-ikoon van de heilige Moeder Gods, ter gedachtenis aan de bevrijding van de onderdrukking door de Horde van de Krim-Tataren.
Onder Jobs bestuur werd ook de heiligenverering bevorderd en een groot aantal plaatselijke heiligen werd vereerd, onder wie de heilige Basilios, Dwaas om Christus, de Wonderwerker van Moskou.
Verder verbeterde hij de relaties met de orthodoxe zusterkerken, en hij zond hun materiële hulp waar dat nodig was. En bijna elk jaar werd er ook een nieuwe kerk gebouwd in het zich uitbreidende Moskou.
Daarna kwam de tijd van het ongeluk, de droeve “Tijd der Troebelen”. De tsarewitsj stierf aan een geheimzinnige ziekte, en de tsaar stierf zonder erfgenaam. De tsarina nam de sluier, de dynastie van de Ruriks was ten einde. Na veel moeilijkheden wist de patriarch Boris Godunov over te halen de functie van tsaar te aanvaarden. In 1598 werd hem trouw gezworen door het plaatselijk concilie van 500 edelen, maar de Oekraïne kwam in opstand met een troonpretendent die beweerde de tsarewitsj te zijn. In 1604 had de Oekraïne zich vrijwel geheel afgescheiden van het rijk. Het volgend jaar stierf plotseling de nieuwe tsaar, Boris Godunov, en nu barstte ook in Moskou de opstand uit. De opstandige troepen mishandel- den de nieuwe tsarewitsj en diens moeder en sloten zich aan bij de oekraïense indringer. De patriarch werd ruw gevangen genomen en naar zijn oude klooster gebracht te midden van het joelende volk dat naar de vertrekken van de patriarch stroomde om te plunderen.
In het Ontslapingsklooster werd patriarch Job hartelijk verwelkomd door zijn geestelijk kind, hegoumen Dionysios. Ook de honderd monniken van de Drie-eenheidslaura hielden trouw stand, en zo kwam langzamerhand een einde aan de opstand. De valse tsarewitsj werd ontmaskerd en de patriarch naar zijn troon teruggeroepen. Maar hij was intussen blind geworden en hij zegende metropoliet Hermogenes van Kazan om zijn plaats in te nemen. Deze bracht verzoening tot stand met het volk dat zich wenend voor de nu als monnik geklede Job; neerwierp om vergeving te vragen.
Vier maanden later, zaterdagnacht 19 juni 1607, stierf patriarch Job, de Veelduldende. Hij werd begraven in de kloosterkerk, en later overgebracht naar het Kremlin. Bij zijn graf gebeurden vele wonderbare genezingen. In 1979 werd hij opgenomen bij de verering van de heiligen van het diocees Twer.

uit : heiligenlevens voor elke dag.orth.klooster Den Haag

 

852 tekst.jpg

11-08-17

10e zondag na Pinksteren

border altaar7.gif

10e zondag na Pinksteren

'Genezing van een bezeten jongen'

 

bezetene2.jpg

tafereel uit een oud handschrift uit Duitsland

bezeten man.jpg

Christus geneest een bezeten man

 

LEZINGEN

1 korintiërs 4,9-16

9 Want ons, apostelen, heeft God, dunkt mij, de minste plaats aangewezen, die van ter dood veroordeelden. Wij zijn een schouwspel geworden voor heel de wereld, voor engelen en voor mensen: 10wij zijn dwaas ter wille van Christus, gij zijt zo verstandig in Christus: wij zijn zwak, gij sterk; gij geëerd, wij geminacht. 11Tot op dit eigen ogenblik lijden wij honger en dorst, zijn wij naakt en krijgen wij slagen, zijn wij dakloos 12en matten ons af met handenarbeid. Worden wij beschimpt, wij zegenen; worden wij vervolgd, wij dulden het; 13smaad beantwoorden wij met minzaamheid. Tot nu toe worden wij behandeld als het schuim der aarde, als het uitvaagsel van de maatschappij. 14Dit schrijf ik niet om u beschaamd te maken, maar om u terecht te wijzen als mijn dierbare kinderen. 15Want al hadt gij in Christus duizend opvoeders, gij hebt maar een vader. Ik ben het die u door het evangelie in Christus Jezus heb verwekt. 16Ik mag u dus aansporen: volgt mij na. 

Matteüs 17,14-23 :

GENEZING VAN EEN BEZETEN JONGEN

14Toen zij bij het volk gekomen waren, kwam een man naar Hem toe, wierp zich op de knieën voor Hem neer 15en sprak: “Heer, ontferm U over mijn zoon, want hij lijdt aan vallende ziekte en is er slecht aan toe. Dikwijls valt hij in het vuur en in het water. 16Ik heb hem bij uw leerlingen gebracht, maar die waren niet bij machte hem te genezen.” 17Jezus gaf ten antwoord: “O, ongelovig en verworden geslacht, hoelang nog moet Ik bij u zijn, hoelang nog u verdragen? Brengt hem hier bij Mij.” 18En onder de dwang van Jezus’ woord ging de boze geest uit hem weg; op datzelfde ogenblik was de jongen genezen. 19Toen de leerlingen met Jezus alleen waren, vroegen zij Hem: “Waarom hebben wij hem niet uit kunnen drijven?” 20Jezus zei hun: “Om uw gebrek aan geloof. Voorwaar, Ik zeg u: wanneer gij een geloof bezit, ook al is dit klein als een mosterdzaadje, dan kunt ge tot deze berg zeggen: verplaats u van hier naar daar, en hij zal zich verplaatsen. Niets zal u onmogelijk zijn.” 21(Maar dit soort wordt alleen uitgedreven door gebed en vasten.)
TWEEDE LIJDENSVOORSPELLING
22Terwijl zij nog in Galilea bijeen waren, sprak Jezus tot hen: “De Mensenzoon zal worden overgeleverd in de handen der mensen, 23en ze zullen Hem doden, maar op de derde dag zal Hij verrijzen.” Zij werden zeer bedroefd.

 

genezing458.jpg

psalmen over de liefde

border (n(h.jpg

 

1-johannes-3-16.jpg

1-johannes-4-16.jpg

 

border 63DX.gif

09-08-17

A.Louf : Heer,leer ons bidden

 

 

border Christus panto.gif

André Louf: HEER, leer ons bidden

 

bidden.jpg

EERSTE HOOFDSTUK

BIDDEN VANDAAG?
Over bidden weten we zo weinig. Het is een geheim waarvan we vermoeden dat het verborgen ligt, ergens diepweg bij de bronnen van het hart. Zoals andere mysteries van het mensenleven : de geboorte van een nieuw wezen, de liefde die ontluikt en opbloeit, de beproeving die haar hoogtepunt vindt in de dood, en dat wat op de dood volgt. Dit alles roept bij de mens gemengde gevoelens op. Verlangen en vrees, liefde en ontzag wisselen elkaar af. Zolang die waarden niet tot een persoonlijke waarde geworden zijn, zolang zij nog niet als een verworvenheid geassimileerd werden, blijft de mens verdeeld. Hij voelt tegelijkertijd een drang en een weerstand. Hij is aangetrokken en afgestoten. Over gebed schrijven was wel altijd moeilijk. Vandaag is het dat meer dan ooit. Zolang de mens het gebed niet ontvangen heeft als zijn geheime maar diepste kern, blijft het voor hem zeer moeilijk een oordeel over het gebed uit te spreken. Hij zal misschien dwepen met gebed, maar zijn woorden klinken vals en leeg. Of hij zal scherpe kritiek afgeven op het gebed, maar zijn heftige reactie verraadt vooral de verborgen behoefte waaraan zijn hart lijdt als aan een ongeneeslijke wonde. Deze dialectiek is typerend voor de Kerk van onze tijd.
Hoe meer het gebed door de een wordt afgebroken, hoe meer er door de ander over het gebed gevraagd wordt. Dit alles is onvermijdelijk en zelfs gezond. Het betekent vooral twee dingen : ten eerste, dat wij nog niet kunnen bidden. Ten tweede, dat wij ons dit eindelijk bewust zijn! Een oudvader – dit is een monnik uit de eerste eeuwen – legde eens aan zijn leerlingen een moeilijke kwestie voor. Allemaal probeerden ze de vraag te beantwoorden. Toen de laatste aan het woord kwam, zei hij : “Ik weet het niet”. De oudvader prees deze leerling, hij had het ware antwoord gegeven. 1 Want hoe vaak probeen we niet een gemakkelijk antwoord te vinden op de vragen, die het leven ons soms stelt. Om ons gezicht te redden of om ons geweten te sussen wordt iets geuit, zonder het ware antwoord te zijn. Te vlug zijn we tevreden. De leerling van de oudvader sprak de waarheid uit, hij wist het niet en nederig bekende hij zijn onwetendheid. het ware antwoord was het deemoedige ontzag voor het mysterie. Zo ook voor ons : de eerste en meest fundamentele waarheid over het gebed is te weten dat wij niet kunnen bidden. “Heer, leer ons bidden“ (Lc. 11,1).

Lees meer...

09:25 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

08-08-17

de heilige Chad

border 0909.gif

Heiligenleven

De heilige Chad (Ceadda)

chad heilige12.jpg

De heilige Chad

 

De heilige Chad (Ceadda), bisschop van Lichfield, was de jongste van vier broers die allen beroemde priesters waren. Rond 620 is hij geboren in Northumbrië: hij was dus geen Schotse, noch Ierse, maar een Engelse heilige. Hij was een van de leerlingen van Aidan, die veel tijd besteedde aan het gezamenlijk lezen van de Heilige Schrift, en hen de psalmen uit het hoofd deed leren. Bij de dood van Aidan in 651 vertrok Chad naar Ierland, in die jaren een stralend middelpunt van geestelijk leven. De Germaanse invallen op het vasteland hadden vele eminente geesten verdreven die zich in Ierland verzamelden, dat daardoor een verbinding vormde tussen de Latijnse en de Germaanse beschaving. Chad kwam daar in contact met Egbert, de latere abt van Iona. Intussen had zijn broer Cedd, op aanvraag van koning Ethelwald van Deira, een abdij gesticht aan de rand van het grote moeras, dat zich vijftig kilometer ver uitstrekte vanaf de kust het binnenland in. Toen hij daar jaren later weer eens op bezoek was vanuit zijn bisdom in Londen, werd hij slachtoffer van een besmettelijke ziekte die er heerste, en hij stierf. Op zijn sterfbed droeg hij de zorg voor het klooster over aan Chad die nog in Ierland was. Deze kwam over en bestuurde het klooster met grote zorgzaamheid, wat de aandacht trok in een nogal ruwe tijd, en het duurde niet heel lang of hij werd tot bisschop gekozen van Northumbrië. Daar wijdde hij zich met hart en ziel aan zijn taak. Hij leefde in reinheid en zelfverloochening, was nederig en altijd bezig met studie. Hij trok door zijn diocees niet te paard, maar zoals de apostelen te voet, om het Evangelie te prediken overal waar hij maar mensen aantrof: in steden of op het land, in hutjes of kastelen. Hij bleef echter niet lang bisschop, want de zetel viel toe aan Wilfried, die op de Romeinse wijze was gewijd. De vanuit Rome gezonden bisschoppen brachten veel onrust in de Engelse kerk, maar wonnen op den duur steeds meer terrein door het morele gezag van de zetel van Petros.
Chad werd daarop naar Mercië geroepen. Hij verplaatste daar de zetel naar Lichfield, dat toen Licetfield heette, het dodenveld. Daar waren namelijk eens meer dan duizend Britse christenen ter dood gebracht en zo wilde Chad deze historische plek in ere houden. Ook dit uitgestrekte diocees, dat zeventien graafschappen omvatte, werd door Chad met bovenmenselijk uithoudingsvermogen bestuurd. Hij bouwde een klooster en voor zichzelf een woning bij de kathedraal, waar hij, wanneer dat maar mogelijk was, de getijden bad met zeven of acht broeders.
Twee en half jaar hield hij dit uitputtende leven vol, toen werd hij ziek. Een van de broeders hoorde lieflijk gezang dat vanuit de hemel neerdaalde tot het woonvertrek waar Chad verbleef, en deze verklaarde, toen men hem erom vroeg, dat zij hadden aangekondigd hem over een week te komen afhalen. Hij gaf nu zijn laatste onderrichtingen aan de broeders en stierf op de voorzegde dag in 672.

bron : heiligenlevens voor elke dag - orth.klooster Den Haag

 

Chad heilige.jpg

De heilige Chad

 

tekst bijbeltekst Galaten.jpg

 

 

06-08-17

Macarios van Egypte : de vijand heeft dit gedaan

border  e5e42.jpg

Homilie toegekend aan H. Macarius van Egypte (? - 390), monnik
Geestelijke Homiliën, n° 51

 

Macarios van Egypte1.jpg"De vijand heeft dit gedaan"

Ik schrijf u, geliefde broeders en zusters, opdat u weet dat sinds de dag dat Adam geschapen is tot aan het einde der wereld, het Kwaad, zonder rust te nemen, oorlog zal voeren tegen de heiligen. (Ap 13,7)... Zij die er rekening mee houden, dat de vernietiger van de zielen samen met hen in hun lichaam woont, heel dicht bij hun ziel, zijn toch niet zo talrijk. Ze worden beproefd, en er is niemand op aarde die hen kan troosten. Daarom kijken ze naar de hemel, en hebben daar hun verwachting om daarvandaan iets in hun innerlijk te ontvangen. Door die kracht zullen ze, dankzij de wapenrusting van de Heilige Geest (Ef 6,13), overwinnen. Ze ontvangen inderdaad uit de hemel een kracht, die verborgen blijft voor hun lichamelijke ogen. Zovele malen als ze God met heel hun hart zoeken, komt ook de kracht van God hun in het geheim te hulp, op elk moment ... Juist omdat ze van hun zwakte overtuigd zijn, omdat ze niet in staat zijn te winnen en omdat ze vurig om de wapenrusting van God vragen en zo bekleed worden voor de strijd met de uitrusting van de Heilige Geest (Ef 6,13), worden ze overwinnaars.

Weet dus, geliefde broeders en zusters, dat in allen die hun ziel voorbereid hebben om een goede aarde te worden voor het hemelse zaad, de vijand zich haast om er zijn onkruid in te zaaien... Weet ook dat zij die de Heer niet met geheel hun hart zoeken, niet op zo'n duidelijke wijze beproefd worden door Satan; dan probeert hij meer in het verborgene door listigheden om hen ver van God te brengen.

Maar nu, broeders en zusters, weest moedig en vreest niets. Laat u niet bang maken door verbeeldingen, die door de vijand worden opgeroepen. Lever u in gebed niet uit aan een verwarrende onrust door misplaatste uitroepen te vermeerderen, maar ontvang de genade van God door diep berouw... Weest moedig, troost u, houdt vol, zorgt voor uw zielen, volhardt met ijver in het gebed... Want allen die werkelijk God zoeken, ontvangen een goddelijke kracht in hun ziel, en door die hemelse zalving te ontvangen, zullen zij allen in zichzelf de smaak en de zoetheid van de komende wereld voelen. Dat de vrede van de Heer, die met alle heilige vaders was en hen heeft behoed tegen elke verleiding, ook bij u blijft.

www.dagelijksevangelie.org

 

Makarios van Egypte.jpg

Macarios van Egypte.jpg

 

 

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende