17-11-17

heiligenleven : Eucherius van Lyon

 

 

 Welkom op mijn blog met informatie over de

Orthodoxie. Teksten, bezinningen, theologie

Foto's..........

 

Gezangen uitgevoerd door het koor van de orthodoxe kerk van Gent

 olv. Paul Morreel

 

 

 

 

  De teksten van  de gezangen kunnen teruggevonden worden in de rechter kolom 

start nummer één en ga dan naar de tekst in de rechterkolom.

 

INHOUD VAN MIJN BLOG   (klik)

Om gemakkelijk te vinden wat je zoekt !!

 

Waarom staat u hier de hele dag werkeloos?"

border 8DS.jpg

H. Gregorius de Grote (ca. 540-604), paus en kerkleraar
Overwegingen over het Evangelie, nr. 19

 

Gregorius de Grote paus van Rome.jpg

Gregorius de Grote

 

"Waarom staat u hier de hele dag werkeloos?"

Wij kunnen de verschillende uren van de dag onderverdelen volgens de periodes van het leven van een mens. De vroege ochtend is de kindertijd van onze intelligentie. Het derde uur kan begrepen worden als de adolescentie, want de zon komt dan al omhoog, en de ijver van de jongeren begint zich daar te verwarmen. Het zesde uur is de periode van de volwassenheid: de zon staat daar als op zijn hoogtepunt, aangezien de mens dan in de volheid van zijn kracht is. Het negende uur duidt op de ouderdom, waar de zon neerdaalt vanaf het hoogste punt aan de hemel, omdat de ijver van de rijpere leeftijd bekoelt. Uiteindelijk is het elfde uur de periode die men hoge ouderdom noemt... Omdat sommigen vanaf hun kindertijd in een eerlijk leven geleid zijn, anderen vanaf de adolescentie, anderen vanaf een rijpere leeftijd en anderen in hun ouderdom, weer anderen tenslotte vanaf een zeer hoge ouderdom, is het net als ze naar de wijngaard geroepen zijn op verschillende uren van de dag.

Onderzoek, broeders en zusters, uw eigen wijze van leven en zie of u bent begonnen om te handelen als arbeiders van God. Denk goed na, en zie of u werkt in de wijngaard van de Heer... Hij die het leven voor de Heer verwaarloosd heeft tot aan zijn hoge leeftijd, is als een arbeider die tot aan het elfde uur werkeloos is gebleven... “Waarom bent u daar de hele dag zonder iets te doen?” Het is alsof men duidelijk zegt: “Als u niet hebt willen leven voor God in uw jeugd en uw volwassenheid, heb dan tenminste berouw op uw hoge leeftijd... Kom toch op de weg van het leven”.

www.dagelijksevangelie.org

 

852 tekst.jpg

 

1-Petrus-56-230x230.jpg

 

1-Joh-217-230x230.jpg

5f53766e7ba9cf7319e1569d7218af30.jpg

14-11-17

heiligenleven : Eucherius van Lyon

border engel5.gif

eucherius van lyon.jpg

Heilige Eucherius

 

H. Eucherius (? - ca. 450), bisschop van Lyon
Lofrede op de woestijn

 

 

"Hij ging heen, en begaf Hij Zich naar een eenzame plaats"

 

Kan men niet redelijkerwijze aannemen dat de woestijn de onbegrensde tempel van onze God is? Want Degene die in de stilte leeft, moet het zeker aangetrokken worden door teruggetrokken plaatsen. Daar heeft Hij zich vaker getoond aan zijn heiligen; dankzij de eenzaamheid heeft Hij mensen willen ontmoeten.

Mozes heeft met een lichtend gelaat, God in de woestijn gezien... Daar begon hij vertrouwelijk met God te spreken; hij wisselde woorden uit; hij onderhield zich met de hemelse Meester zoals de mens de gewoonte heeft om zich met zijn gelijke te onderhouden. Daar ontvangt hij de krachtige staf om wonderen mee te doen; en na in de woestijn gekomen te zijn als schaapsherder, verlaat hij de woestijn als herder van mensen (Ex 3; 33,11; 34).

Zoekt het volk van God niet op dezelfde wijze afgelegen oorden, als het uit Egypte en van de wereldse werken bevrijd moet worden, en vlucht het niet in eenzaamheid? Ja, in de woestijn nadert het volk God, die het uit de slavernij heeft bevrijd... En de Heer maakte zich tot Gids van zijn volk om het door de woestijn te leiden. Onderweg plaatste Hij dag en nacht een kolom, vurige vlammen of een lichtende wolk, als teken uit de hemel... De kinderen van Israël verkregen het dus om de troon van God te zien en om zijn stem te horen, terwijl ze in de woestijn leefden...

www.dagelijksevangelie.org

tekst tegel11.jpg

 

tekst tegel 9.jpg

 

tekst Porphirios25.jpg

 

tekst antonius de grote2.jpg

 

13-11-17

heiligenleven

border tttt.gif

Heiligenleven

De heilige profeet Jeremias

jeremias profeet1.jpg

De profeet Jeremias

 

De heilige profeet Jeremia, een van de vier Grote Profeten. Hij was de zoon van de priester Chelkia uit Anatoth, geboren rond 650 vóór Christus, en profeteerde tijdens de regering van koning Josia en zijn opvolgers.
Tegen koning Jojakim profeteerde hij dat deze na zijn dood zou worden weggeworpen als een ezelsbegrafenis; daarom werd hij in de gevangenis geworpen, opdat het hem onmogelijk zou zijn om nog te schrijven. Maar toen dicteerde Jeremia zijn profetieën door de tralies heen aan Baruch, die ze optekende.
Naast het Boek der Profetieën schreef hij een bundel Klaagzangen. Ook schreef hij brieven naar de Joden die in slavernij verkeerden in Babylon‚ waarbij hij voorzegde dat het volk eerst na zeventig jaar zou terugkeren naar Jeruzalem.
Het leven van Jeremia toont op huiveringwekkende wijze het profetenlot: wat een mens die innerlijk verbonden is met God, op deze aarde moet ondergaan. Van nature was hij schuchter en teruggetrokken, maar door zijn goddelijke opdracht moest hij optreden tegen koningen, edellieden en opperpriesters. Terwijl er een oorlogssituatie bestond tussen lsraël en Babylon, moest Jeremia, in opdracht van God, onderwerping aan de vijand prediken, en aanvaarding van de nederlaag als straf van God voor de ontrouw waartoe het volk telkens opnieuw vervallen was. Het is niet verwonderlijk dat dit door zijn landgenoten werd gezien als defaitisme en verraad, en hij heeft daar dan ook telkens weer de gevolgen van moeten ondergaan: tegenwerking, mishandeling, gevangenschap en uiteindelijk de marteldood.
Maar tegelijk met zijn onheilsprofetieën heeft Jeremia ook het heil en de komst van de Messias verkondigd, waardoor de hoop levend bleef, óver het bittere lot van de ballingschap heen. Want het Verbond met de Gezalfde zal onverbrekelijk zijn, zoals de dag altijd weer volgt op de nacht.
Volgens een oude overlevering heeft hij, voordat de Tempel door koning Nabuchodonosor werd verwoest, de Ark van het Verbond verborgen in een spelonk van de berg Nabath‚ en deze is sindsdien onvindbaar gebleven. Jeremia werd gestenigd te Tafnis in Egypte, na de val van Jeruzalem in 587.

heiligenlevens voor elke dag : uitg.orth.klooster Den Haag

 

tekst Jeremias 21.jpg

 

 

tekst Jeremias.jpg

tekst bijbel Jeremias5.jpg

 

tekst jeremia-17-7-8 vertrouwen.jpg

tekst-Jeremia31-3.jpg

09-11-17

23e zondag na Pasen

border sssss.gif

23e zondag na Pinksteren

"Het voornaamste gebod"

"De barmhartige Samaritaan"

 

barmhartige Samaritaan4.jpg

De barmhartige Samaritaan

 

tekst bijbel efesiers liefde.jpg

Lezingen :
2 Kor 9,6-11 :

6 Bedenkt: wie karig zaait, zal karig oogsten; wie overvloedig zaait, zal overvloedig oogsten. 7Laat ieder wat hij in zijn hart besloten heeft, ten uitvoer brengen, zonder pijn en zonder dwang, want God houdt van een blijmoedige gever. 8En God heeft de macht u met alle gaven te overstelpen, zodat gij altijd in alle opzichten van al het nodige voorzien, nog ruimschoots overhoudt voor elk goed werk. 9Zo staat er ook geschreven: Hij heeft overvloedig gegeven aan de armen, zijn milddadigheid zal immer blijven. 10Hij die de zaaier zaad verschaft en voedsel om te eten, zal ook u zaaigoed verschaffen en het vermenigvuldigen en de oogst van uw milddadigheid doen gedijen. 11Zo wordt gij in ieder opzicht verrijkt en kunt gij alle soort vrijgevigheid beoefenen. En deze is op haar beurt, door onze bemiddeling, oorzaak van dankbetuiging aan God.
Evangelie :

Lucas 10,25-37 :
DE BARMHARTIGE SAMARITAAN

25 Daar trad een wetgeleerde naar voren om Hem op de proef te stellen. Hij zei: 'Meester, wat moet ik doen om het eeuwig leven te verwerven?' 26Hij sprak tot hem: 'Wat staat er geschreven in de Wet? Wat leest ge daar?' 27Hij gaf ten antwoord: 'Gij zult de Heer uw God beminnen met geheel uw hart en geheel uw ziel, met al uw krachten en geheel uw verstand; en uw naaste gelijk uzelf.' 28Jezus zei: 'Uw antwoord is juist, doe dat en ge zult leven.' 29Maar omdat hij zijn vraag wilde verantwoorden, sprak hij tot Jezus: 'En wie is dan mijn naaste?' 30Nu nam Jezus weer het woord en zei: 'Eens viel iemand, die op weg was van Jeruzalem naar Jericho, in de handen van rovers. Ze plunderden en mishandelden hem en toen ze aftrokken, lieten ze hem halfdood liggen. 31Bij toeval kwam er juist een priester langs die weg; hij zag hem wel, maar liep in een boog om hem heen. 32Zo deed ook een leviet; hij kwam daarlangs, zag hem, maar liep in een boog om hem heen. 33Toen kwam een Samaritaan die op reis was, bij hem; hij zag hem en kreeg medelijden; 34hij trad op hem toe, goot olie en wijn op zijn wonden en verbond ze; daarna tilde hij hem op zijn eigen rijdier, bracht hem naar een herberg en zorgde voor hem. 35De volgende morgen haalde hij twee denariën tevoorschijn, gaf ze aan de waard en zei: Zorg goed voor hem, en wat ge meer mocht besteden, zal ik u bij mijn terugkomst vergoeden. 36Wie van deze drie lijkt u de naaste van de man die in handen van de rovers gevallen is?' 37Hij antwoordde: 'Die hem barmhartigheid betoond heeft.' En Jezus sprak: 'Ga dan en doet gij evenzo.'

 

Deze dag ook het feest van st Lievenvan Gent

 

Lieven,_Ledeberg.jpg

Beeld van st Lieven in de kerk van Ledeberg

Lieven Paneel door Gerard Horenbout. Duitsland, Aken, Suemondt_-Ludwig-muzeum.jpg

Paneel van st Lieven door Gerard Horenbout

Duitsland, Aken, Suermondt-Ludwig-muzeum

 

Lieven de marteldood st baafs Gent.jpg

Schilderij  marteldood van St.Lieven - st Baafs Gent

 

 

20.jpg

tekst hqdefault.jpg

 

 

08-11-17

Basilios de Grote God roept ons voortdurend om ons te bekeren:

border 5467.gif

H. Basilius (ca 330-379), monnik en bisschop van Caesarea in Cappadocië, kerkleraar
Proloog op de Grote Regel

 

Basilios de Grote14.jpg

Basilios de Grote

 

 God roept ons voortdurend om ons te bekeren

 

 

 Broeders en zusters, laten we niet onbezorgd en slap blijven ; laten we niet steeds gemakkelijk dingen naar morgen of nog later verzetten, laten we ons aan het werk zetten. “Dit is de gunstige tijd, zegt de apostel Paulus, nu is het de dag van het heil” (2Kor 6,2). Nu is het de tijd van het berouw, later zal het de tijd van de beloning zijn; nu is het de tijd van de volharding, er komt een dag van troost. Nu wil God hen te hulp komen die zich van het kwaad afkeren; later zal Hij de daden, woorden en gedachten van de mensen beoordelen. Nu kunnen we nog profiteren van zijn geduld; wij zullen de gerechtigheid van zijn oordelen bij de verrijzenis kennen, wanneer wij allen zullen ontvangen naar onze werken.

Tot wanneer stellen wij het uit om Christus te gehoorzamen, Hij roept ons naar het koninkrijk der hemelen? Maken wij onszelf niet rein? Besluiten wij niet om onze gewone manier van leven te verlaten om het Evangelie ten diepste te volgen?

De heilige Servatius (Aravatus, Sabbatius, Servaas), bisschop van Tongeren, na de heilige Maternus. Zijn afkomst is geheel onbekend, maar later werd verhaald dat hij uit Armenië of uit Syrië afkomstig zou zijn, en na een wilde jeugd zich had bekeerd. Na een bedevaart naar het Heilig Land werd hij priester gewijd en als missionaris naar Gallië gezonden. Rond 335 was hij bisschop van Tongeren. Hij nam deel aan het Concilie van Keulen in 346, en gaf getuigenis tegen de ariaansgezinde bisschop van Keulen:
Ik weet volkomen zeker wat deze valse bisschop leert; ik weet het niet van horen-zeggen, maar doordat ik het met mijn eigen oren heb gehoord. Omdat onze diocesen aan elkaar grenzen, heb ik vaak met hem gedisputeerd wanneer hij de Godheid van Jezus Christus loochende. Dat heb ik gedaan, zowel onder vier ogen als in het openbaar, in de aanwezigheid van Athanasios, bisschop van Alexandrië. Mij advies luidt: hij mag niet langer een christen bisschop zijn, en zij die in gemeenschap met hem blijven, kunnen niet langer als christenen beschouwd worden.
Servatius had de heilige Athanasios tijdens diens ballingschap met grote eer ontvangen, en zich volledig achter hem gesteld. Hij had hem ook vergezeld tijdens diens ballingschap in Trier van 336 tot 338, Ook op het concilie van Sardica in 347, en dat van Rimini in 359, was Servatius een der voornaamste bestrijders van de Arianen. Toen Tongeren door de duitse Hunnen werd bedreigd, bracht Servatius de bisschopszetel over naar de vesting Maastricht, waar hij op deze dag, Pinkstermaandag, gestorven is in 384.

www.dagelijksevangelie.org

 

tekst Basilios de Grote.jpg

 

tekst bijbel spreuken nederlandds.jpg

 

tekst bijbel romeinen853.jpg

heiligenleven

border 05478.jpg

Heiligenleven 

 

Heilige Johannes de zwijgzame (silentiarius)

Johannes silentiarius.jpg

Johannes de zwijgzame

 

De heilige Joannes de zwijgzame, geboren te Nikopolis in Armenië op 8 januari 454 in een aanzienlijke familie. Toen hij 18 jaar was, stierven zijn ouders. Hij deed afstand van zijn bezit ten bate van zijn broeders, en betrok met een tiental vrienden een kluis in de wildernis. Na 10 jaar werd hij bisschop gewijd van Colonia bij Sebaste, maar het leven werd hem daar onmogelijk gemaakt door de vijandig gezinde gouverneur, die de man van zijn zuster was. Ondanks steun van de keizer verliet Joannes zijn zetel en werd monnik in de laura van de heilige Sabbas.
Daar werd hij te werk gesteld bij het aanslepen van de rotsblokken voor de bouw, vervolgens als kok en later als econoom. De heilige Sabbas had grote achting voor zijn toewijding en nam hem vier jaar later mee naar Jeruzalem om hem priester te laten wijden. Joannes vroeg toen een persoonlijk onderhoud aan bij de patriarch om hem onder geheimhouding mee te delen dat hij reeds bisschop was, De patriarch zei toen tegen de heilige Sabbas dat Joannes hem iets meegedeeld had dat het onmogelijk maakte hem priester te wijden.
De heilige Sabbas was hierover zeer ontsteld omdat hij dacht dat het een heimelijke zonde betrof, en hij bracht vele nachten door in gebed voor die gevallen monnik, tot hem geopenbaard werd dat hij van een verkeerde veronderstelling uitging. Toen kreeg hij van Joannes de werkelijke reden te horen.
ln 503 kwam een aantal monniken in opstand tegen de heilige Sabbas en deze was genoodzaakt de laura te verlaten. Joannes wilde zich bij geen van de partijen aansluiten en trok zich terug in een tegen een woestijnrots aangebouwd schuurtje. Hij plantte daar een vijgeboom die welig uit- groeide en de hut overschaduwde, tot verbazing van velen omdat in de bewerkte moestuin van de laura nooit een vijgeboom wilde groeien.
ln 510 werd Sabbas teruggeroepen, en toen de kluizenaars bedreigd werden door rondtrekkende moordzuchtige Saracenen, wilde hij Joannes naar de laura terugbrengen. Maar deze wilde zich niet terugtrekken binnen de vestingmuren van het klooster, want onder Gods hoede voelde hij zich zonder enige vrees. Toen de monniken hem uitnodigden toch binnen de veiliger omheining te komen, antwoordde Joannes: “Als God me niet wil beschermen, wat zou er dan nog waarde voor me hebben?” Vanaf die tijd vestigde zich een leeuw bij de ingang van zijn kluis, zodat niemand hem lastig durfde te vallen. Zo is Joannes in vrede ontslapen in 558, in de ouderdom van 104 jaar.

heiligenlevens voor elke dag. Uitg.Orth.klooster Den Haag

tekst joh Chrisostomos.jpg

 

Macarios van Egypte 254.jpg

 

tekst bijbel Kollossenzen.jpg

 

 

04-11-17

22e zondag na Pinksteren

borderlkj.jpg

22e zondag na Pinksteren

 

" Lazarus en de rijke man "

 

Lazarus en de rijke man.jpg

 

Lezing :
Galaten 6,11-18

11 Zie met hoe grote letters ik u nu eigenhandig schrijf. 12Het zijn lieden die in de wereld een goed figuur willen slaan, die u de besnijdenis trachten op te dringen, alleen maar om niet vervolgd te worden om het kruis van Christus. 13Want die mensen van de besnijdenis onderhouden zelf niet eens de wet, maar ze willen we dat gij u laat besnijden, om zich daarop te kunnen beroemen. 14Mij moge God er voor bewaren op iets anders te roemen dan op het kruis van onze Heer Jezus Christus, waardoor de wereld voor mij gekruisigd is en ik voor de wereld. 15Het komt niet aan op besnijdenis of onbesnedenheid maar op de nieuwe schepping. 16Vrede en barmhartigheid kome over allen die naar dit beginsel leven en over het Israël van God! 17Laat voortaan niemand het mij lastig maken, want ik draag de merktekens van Jezus in mijn lichaam. 18Broeders, de genade van onze Heer Jezus Christus zij met uw geest. Amen.

Evangelie :
Lucas 16,19-31

LAZARUS EN DE RIJKE
19Er was eens een rijk man die in purper en fijn linnen gekleed ging en iedere dag uitbundig feestvierde, 20terwijl een arme, die Lazarus heette, met zweren overdekt voor de poort lag. 21Hij verlangde er naar zijn honger te stillen met wat bij de rijkaard van de tafel viel. Ja, zelfs kwamen honden zijn zweren likken. 22Nu gebeurde het dat de arme stierf en door de engelen in de schoot van Abraham werd gedragen. De rijke stierf ook en kreeg een eervolle begrafenis. 23In de onderwereld, ten prooi aan vele pijnen, sloeg hij zijn ogen op en zag van verre Abraham, en Lazarus in diens schoot. 24Toen riep hij uit: Vader Abraham, ontferm u over mij en geef Lazarus opdracht de top van zijn vinger in water te dopen en mijn tong daarmee te komen verfrissen, want ik word door de vlammen hier gefolterd. 25Maar Abraham antwoordde: Mijn zoon, herinner u hoe gij tijdens uw leven uw deel van het goede hebt gekregen en op gelijke manier Lazarus het kwade; daarom ondervindt hij nu hier de vertroosting, maar wordt gij gefolterd. 26Daarenboven gaapt er tussen ons en u voorgoed een wijde kloof, zodat er geen mogelijkheid bestaat, zelfs als men het zou willen, van hier naar u te gaan noch van daar naar ons te komen. 27De rijke zei: Dan vraag ik u, vader, dat gij hem naar het huis van mijn vader wilt sturen, 28want ik heb nog vijf broers; laat hij hen waarschuwen, opdat zij niet eveneens in deze plaats van pijniging terecht komen. 29Maar Abraham sprak: Zij hebben Mozes en de profeten; laat ze naar hen luisteren. 30Maar hij zei: Och neen, vader Abraham! Maar als er een uit de doden naar hen toegaat, zullen ze zich bekeren. 31Hij echter sprak tot hem: Als ze naar Mozes en de profeten niet luisteren, zullen ze zich ook niet laten overreden, als er iemand uit de doden opstaat.'

 

 

 

 

tekst5557.jpg

 

tekst33325.jpg

1-johannes-4-16.jpg

 

 

 

 

01-11-17

Heiligenleven

border slso.gif

Heiligenleven

 

De heilige Innocent van Alaska

 

innocent van Alaska5.jpg

 

De heilige Innocentios van Alaska werd geboren als Joan Popov, zoon van de koster van de kerk van de heilige Profeet Elia, in het gewest lrkoetsk. Zijn ziekelijke vader leerde hem lezen toen de jongen pas 5 jaar oud was, en stierf kort daarna, 40 jaar oud. Zijn weduwe bleef achter met vier kinderen, in behoeftige omstandigheden. Joan kwam toen in huis bij zijn oom de diaken. De begaafde jongen was nog geen zeven jaar toen hij tijdens de heilige Liturgie de Apostel mocht lezen met zulk een heldere stem en zo vol begrip dat ieder erdoor ontroerd was. Bemoedigd door deze algemene sympathie, poogde zijn moeder de opengevallen post van koster door hem over te laten nemen, zodat ze tenminste een geregend inkomen zouden hebben, maar dit werd geweigerd. Wel werd Joan toen hij 9 jaar oud was, naar het theologisch seminarie van lrkoetsk gezonden.
In datzelfde jaar kwam ook zijn oom, die intussen zijn vrouw verloren had, als monnikpriester naar lrkoetsk en was zo in staat om met Joan, op wie hij bijzonder gesteld was, in contact te blijven.
Op het seminarie was Joan weldra de beste van zijn klas. Hij was groot, goedgebouwd en had een knap uiterlijk, maar hij was een echt studiehoofd, ernstig en vroegrijp, zodat hij geen grote populariteit genoot onder zijn klasgenoten. Met zijn schoolwerk was hij altijd vlug klaar en zijn vrije tijd bracht hij het liefst door in de werkplaats van zijn oom, vader David. De verschillende soorten handwerk die hij daar leerde, zouden hem in de toekomst goed van pas komen, maar wierpen nu reeds hun vruchten af.
Met als gereedschap slechts een mes en een priem bouwde hij, volgens een antieke beschrijving, een goed werkend wateruurwerk uit hout en berkenschors. Dit oogstte algemene bewondering, temeer daar er in die tijd in Siberië nauwelijks een uurwerk te vinden was. En toen hij voor al zijn kameraden een eenvoudige zakzonnewijzer sneed, begonnen ze hem toch wel met heel andere ogen te beschouwen.
In die tijd besloot de bisschop een uurwerk te laten bouwen voor de klokkentoren van zijn kathedraal, en hij liet een vakman komen uit West-Rusland. Daar moest Joan natuurlijk bij zijn en hij was al spoedig de gewaardeerde assistent van de klokkenmaker bij het snijden van de grote tandraderen, omdat hij zo handig en nauwkeurig werkte. De bisschop vond dat hij er te veel tijd aan besteedde en meende dat het ten koste van zijn studie zou gaan, maar Joan bleef onveranderd de eerste van zijn klas.
Toen hij 20 jaar werd, moest hij een verreikende beslissing nemen, namelijk kiezen tussen trouwen of doorgaan met zijn studie. Hij koos het huwelijk en daardoor kwam er een wending in zijn leven. In 1818 kwam er uit Moskou een verzoek aan de bisschop om twee begaafde studenten naar de theologische academie te zenden. De bisschop stelde alles in het werk om Joan daarvoor te bestemmen, maar omdat hij aan de overkant van de door de dooi hevig gezwollen rivier woonde, waarop geen verkeer mogelijk was, kon hij hem niet bereiken, en Joan trad in alle gemoedsrust in het huwelijk met zijn uitverkorene, daarbij zijn theologen-loopbaan afsnijdend.
Hij kwam nu als diaken in een kerk van lrkoetsk, rondde zijn studie aan het seminarie af, en werd leraar aan de parochieschool. In 1821 werd hij priester gewijd. Hij won de liefde en de hoogachting van zijn parochianen door zijn goedheid, zijn grote ijver in het herderlijk werk, en de kalmte die er van hem uitging bij het vieren van de heilige diensten. Zijn verblijf daar zou echter maar twee jaar duren.
In 1823 werd het diocees lrkoetsk gevraagd een priester te leveren voor het missiewerk op het eiland Unalaska, een van de Aleoeten, waar de meeste inwoners reeds christen waren. Niemand voelde er echter iets voor om op zulk een plaats aan het einde der wereld te gaan werken, ook Joan niet. Toen ontmoette hij een Rus die daar 40 jaar had gewerkt en die nu in zijn vaderstad terugkwam.
Deze sprak met zoveel warmte over de eilanders, over de vurigheid waarmee zij zich wijdden aan het gebed en het grote verlangen dat zij toonden naar het woord van God, dat vader Joan in zijn hart werd geraakt. Hij vertelt: ‘Plotseling voelde ik me in brand staan van verlangen om zulke mensen te dienen. Ik kon bijna niet wachten om de bisschop op de hoogte te stellen van mijn voornemen daarheen te gaan. Hij scheen erdoor verrast en zei alleen maar “We zullen zien”.’
Het is begrijpelijk dat de bisschop niet graag zo'n uitstekende priester kwijt wilde en hij liet de zaak dan ook een beetje betijen. Maar toen hij zag dat de jonge priester vastbesloten bleef, gaf hij zijn zegen en benoemde hij hem tot missionaris voor het gebied Unalaska. Met vrouw, zoontje, schoonmoeder en broer begaf hij zich op weg, en aan de Lena scheepten zij zich in op een vrachtschuit, die hen 2000 km meenam, naar het Noord-Oosten tot Yakoetsk, waar de rivier ombuigt naar het Noorden. Te paard trok de kleine groep nu verder, nog 1000 km naar het Oosten, door moerassen waar geen weg te bekennen viel, geteisterd door dichte zwermen muskieten, terwijl de paarden vaak met veel moeite losgetrokken moesten worden uit onzichtbare modderkuilen waarin ze waren vastgeraakt. Het was een eindeloze reis, maar eindelijk bespeurden zij de frisse zeewind, die ook het gedreun van de golven tegen de steile rotskust meevoerde, en de masten van de schepen wezen hun de weg naar het voorlopige reisdoel, de haven Ochotsk. Na een rustpauze om weer wat op krachten te komen, scheepten zij zich in, en 14 maanden na hun vertrek uit lrkoetsk kwamen zij op Unalaska aan: Vader Joan als eerste vaste priester van dat gebied.

Zijn eerste werk was om een grote kerk te bouwen en de Aleoeten zagen vol bewondering hoe handig hun nieuwe herder zich daarbij weerde en het gaf hun ook vertrouwen in zijn ander onderricht. Tegelijk was het zijn voornaamste taak om de taal en de verschillende dialecten te leren, waarvoor hij een bijzondere aanleg toonde. Reeds spoedig begon hij met het ontwerpen van een eigen alfabet voor de bijzondere klanken van deze taal. De volgende stap was het schrijven van een grammatica en dan het vertalen van de Heilige Schrift en de liturgische boeken. Maar hij vertaalde ook technische handboeken en schoolboeken en schreef ook zelf allerlei artikelen en boeken.
Terwijl dit reeds een levenstaak betekende, moest hij ook nog het hem toevertrouwde gebied bezoeken, dat verspreid lag over talloze afzonderlijke eilanden. Die reizen moest hij volbrengen in de bekrompen ruimte van de daar gebruikte eskimo-kajaks, ten prooi aan een buitengewoon ruw klimaat van onophoudelijke stormen en mist. De beste jaren kennen ternauwernood 50 dagen mooi weer!
Vader Joan heeft merkwaardige belevenissen verteld die hem overkwamen. Toen hij zo voor het eerst het eiland Akun naderde, zag hij tot zijn verbazing de inwoners van het dorp in feestgewaad aan het strand staan om hem te ontvangen. Ze zeiden dat hun sjamaan hun gezegd had dat vader Joan op die dag zou komen om hun over God te leren spreken en te leren bidden. Daarbij had hij ook zijn uiterlijk beschreven, terwijl hij hem nooit gezien had. Deze sjamaan was eens door een rondtrekkende missionaris gedoopt en sindsdien had hij dagelijks verschijningen van twee engelen die hem in de voornaamste waarheden van het geloof onderrichtten en samen met hem baden. Hij beschreef ze als twee mannen, onzichtbaar voor anderen, maar die eruit zagen als de engelen op onze iconen. Dertig jaar hadden deze verschijningen reeds geduurd en zij hadden ook bemiddeld bij wonderbare genezingen en het volk voorbereid op het volle christendom.
Vader Joan was een begaafd schrijver. Zijn beroemde preek ‘Over de weg naar het Godsrijk’, zijn ‘Catechismus' en zijn ‘Geschiedenis van Christus’ kerk’ zijn niet slechts in het Russisch maar ook in het Frans en Engels vertaald. Daarna schreef hij een uitgebreid wetenschappelijk werk over het volk, de geografie, het klimaat, de grondstoffen en ertsen, de planten en dieren, en de nationale volksgebruiken, met statistische waarnemingen. Hij had een hoge achting voor de mensen onder wie hij werkte en hij beschouwde hen meer als zijn leermeesters dan als zijn leerlingen.
Voor het welzijn van zijn eigen gezin en van zichzelf toonde hij niet zo grote haast, er was immers zoveel dringender werk. De eerste drie jaar leefden ze in een kelder, totdat het houten huis klaar was dat hij eigenhandig bouwde, tot en met de klok. Hij was altijd bezig iets te maken, of hij gaf les aan zijn kinderen. Of hij maakte grote wandelingen met hen om ze de natuur te leren kennen.
Toen hij dit leven tien jaar geleid had, werd hij overgeplaatst naar het eigenlijke Alaska, het dorp Nieuw-Archangelsk. Zij kwamen daar aan in 1834, midden in een pokkenepidemie die 10.000 slachtoffers eiste, meer dan de helft van de bevolking van Zuid-Alaska. Vader Joan kende reeds iets van de Tlingit-taal en wist langzamerhand de bewoners over te halen zich te laten inenten. Toen hem dit lukte, kwam er een eind aan de epidemie, wat zijn gezag ten zeerste versterkte.
Om geld voor zijn missie te verdienen, richtte vader Joan een constructiewerkplaats op; de bevolking daar had talent voor mechanisch werk. Er werden onder andere draaiorgels gemaakt, die uitgevoerd werden naar de Spaans georiënteerde delen van Californië. Zo won hij steeds meer het vertrouwen en na enkele jaren kwamen er steeds meer bekeerlingen uit vrije wil en volle overtuiging.
Het werd nu nodig het werk te consolideren. Daarom werd de moeizame reis naar Rusland ondernomen, die nog steeds 8 maanden duurde. Hij ging naar St-Petersburg om zijn missie bekend te maken en om priesters te vragen. Hij boekte resultaat: er werd een belangrijk bedrag bijeengebracht, zijn boeken werden gedrukt en hij zou helpers krijgen. Zijn vrouw, wier gezondheid geleden had, had hij met vijf kinderen in lrkoetsk achtergelaten. In 1839 kwam het bericht dat zij gestorven was. Vader Joan wist eerst van verdriet niet wat hij zou doen, maar later aanvaardde hij de raad zich monnik te laten wijden; hij ontving toen de naam lnnokenti, naar de grote heilige bisschop van lrkoetsk. Het was nu een logische stap dat hij bisschop werd gewijd van het nieuwe missiegebied. Dit gebeurde in december 1840. Een maand later was hij op weg naar zijn bisdom, waar hij eind september aankwam.
Drie jaar was hij afwezig geweest, er wachtte hem een enorme hoeveelheid arbeid. Weer was hij actief betrokken in de bouw van kerken en scholen en een weeshuis. Tegelijk moest hij visitatiereizen maken in zijn uitgestrekt diocees, dat drie maanden vroeg om er doorheen te trekken. En dan moest er weer gewacht worden tot in de winter de toendra’s voldoende bevroren waren om erover te kunnen reizen. In 1842 bezocht hij de noordelijke streken, samen met een door hem gewijde inlandse priester, een reis van 5000 km in open sleden, waarbij de temperatuur vaak beneden -40 kwam, soms zelfs tijdens een storm -65! Er stonden wel blokhutten voor reizigers op onderlinge afstanden van 50 km, maar tijdens zulk een sneeuwstorm waren deze onbereikbaar en moest er geschuild worden in een gat in de sneeuw.
Overal stichtte hij scholen, boeken werden met duizenden verspreid, en tenslotte bleken deze ‘achterlijke inboorlingen’ een hogere graad van alfabetisatie te hebben dan de Russen in het moederland.
ln 1848 werd lnnokenti benoemd tot aartsbisschop van Yakoetsk. Zijn werkterrein omvatte heel Kamsjatka en Alaska. Steeds nieuwe talen leidden tot telkens weer nieuwe vertalingen van de heilige boeken. Hij celebreerde zelf in het yakoet, wat tot uitbundige vreugde bij de bevolking leidde. Nadat hij in 1857 aan de bisschopsvergadering in Petersburg had deelgenomen, reisde hij op de Amoer langs weer een nieuw onontgonnen gebied. Bij elke huizenverzameling liet hij aanleggen om te preken voor wie er maar waren, en om de verschillende noden van de mensen aan te horen. Hij raakte zo op hen gesteld dat hij er bleef wonen, en in 1862 installeerde hij zich in Blagovjestsjensk.
Langzamerhand begint de leeftijd zich te doen gelden, hij is nu 65 jaar. Hij raakt vermoeid en zijn ogen worden slecht. Er is een jongere, energiekere bisschop nodig en hij zendt een aanvraag om in de rust te mogen gaan naar de heilige Synode. Maar intussen is in 1867 de beroemde metropoliet Filaret van Moskou gestorven en de synode is eenstemmig van mening dat aartsbisschop lnnokenti het meest aangewezen is om hem op te volgen.
Met een bezwaard hart begeeft hij zich naar Moskou. Zijn reis door Siberië werd een ware triomftocht, van alle kanten stroomden de mensen toe om nog één keer hun geliefde bisschop te begroeten. In de avond van 25 mei 1868 begonnen in Moskou de klokken te luiden om de leider van de Russische kerk te begroeten.
En de 72-jarige grijsaard, uitgeput, ziek, bijna blind, na een onvoorstelbaar werkzaam leven, die eindelijk wat tot rust dacht te kunnen komen, wordt opnieuw voor een onmetelijke taak gesteld. En in gehoorzaamheid aan die opdracht van God en met gelovig vertrouwen op Zijn hulp, ontplooit hij opnieuw de enthousiaste werkkracht die zo karakteristiek voor hem is. Hij reorganiseert de Russische kerk. Het schoolsysteem wordt verbeterd. Er ontstaan nieuwe organisaties van bijstand voor weduwen en wezen en andere behoeftigen. De ziekenhuizen en asiels krijgen een betere inrichting, de bureaucratie wordt ingedamd, de behandeling wordt menselijker. De orthodoxe missie-organisatie wordt tot nieuw leven gebracht.
Dit alles weet hij tot stand te brengen in de negen jaren die hem nog resten. ln de vastentijd van 1879 voelt hij zijn einde naderen. Hij is 81 jaar oud, en 58 jaar daarvan hebben onafgebroken in dienst van de kerk van Christus gestaan. Op Goede Vrijdag vraagt hij zijn cellenmonnik om de gebeden van het stervensuur over hem te lezen. En op 31 maart, in de vroege ochtend van de Grote Zaterdag, gaat hij over naar het eeuwige Pascha.

 

 

innocent van alaska2.jpg

 

innocent van alaska4.jpg

 

innocentius van Alaska.jpg

 

titus-1.jpg

 

Paulinus van Nola : “Hij neme zijn kruis op zich en volge Mij”

border 4040.gif

H. Paulinus van Nola (355-431), bisschop
Brief 38, 3-4.6 ; PL 61, 359

Paulinus van Nola (2).jpg

“Hij neme zijn kruis op zich en volge Mij”

Om het mysterievolle plan van zijn liefde ten uitvoer te brengen, heeft de Heer de gestalte van een dienstknecht aangenomen en heeft Hij zich uit vrije wil vernederd tot de dood aan het kruis (vgl Fil 2,8). Middels deze zichtbare vernedering heeft Hij onze verheffing tot in de hemel bewerkt, die innerlijk en onzichtbaar is. Ziet hoe diep wij in den beginne gevallen waren; en begrijp goed dat door Gods’ eeuwige plan van wijsheid en liefde ons het leven teruggegeven is. Met Adam waren wij door hoogmoed gevallen; daarom vernederen wij ons in Christus om deze oude schuld, door een tegengestelde deugdzame daad, te vereffenen. Wij hebben de Heer vertoornd met onze hoogmoed, nu behagen wij Hem met onze nederigheid.

Verheugen wij ons, roemen wij ons in de Heer die zijn strijd en overwinning tot de onze heeft gemaakt wanneer Hij zegt: “Hebt goede moed: Ik heb de wereld overwonnen” (Joh 16,33). Hij, de onzichtbare, zal strijden voor ons en in ons overwinnen. “Nu zal de vorst dezer wereld worden buitengeworpen” (Joh 12,31), want als hij niet verjaagd is uit de wereld, waar hij overal tegenwoordig is, dan toch uit de harten der mensen: wanneer geloof bij ons binnentreedt wordt hij verstoten, om plaats te maken voor Christus wiens aanwezigheid de zonde buitensluit.

Dat redenaars hun welsprekendheid voor zich houden, filosofen hun wijsheid, koningen hun koninkrijken. Voor ons is Christus de glorie, de rijkdom en het koninkrijk. Voor ons is de dwaasheid van het evangelie wijsheid; voor ons is kracht, de zwakheid van het vlees; en roem, de schande van het kruis (1Kor 1,18-23).

www.dagelijksevangelie.org

 

Paulinus van Nola tekst.jpg

 

St.Theophan the recluse.jpg

 

tekst johannes-14-23.jpg

 

tekst engels porfyrios.jpg

1 2 3 4 5 6 7 8 Volgende