14-01-07

Woorden van de Heer

Woorden van de Heer

over Zichzelf

 

 

De Heer stelde Zijn leerlingen de vraag :’Wie is volgens de opvatting van de mensen, de Mensenzoon ? Zij antwoordden :’Sommigen zeggen Johannes de Doper, anderen Elia, weer anderen Jeremia of een van de profeten’. Maar wij weten dat Gij Jezus zijt, de Christus, de Zoon van de levende God.(Mt.16,13-20).

 

De Heer had veel te zeggen over zichzelf, zoals deze die opgetekend zijn in de Evangeliën : Ik ben het licht van de wereld. Wie Mij volgt, dwaalt niet rond in de duisternis, maar zal het eeuwig leven bezitten (Joh.8,12),Ik ben de weg naar het heil  (Joh.10,7). Ik ben de goede herder.De goede herder geeft zijn leven voor zijn schapen (Joh.10,11-18). Ik ben de Zoon van God (Joh.10,36). Ik ben  de verrijzenis en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook al is hij gestorven, en ieder die leeft in geloof aan Mij, zal in eeuwigheid niet sterven (Joh.11,25-26).Gij spreekt Mij aan als Leraar en Heer, en dat doet gij terecht, want dat ben Ik (Joh.13,13). Ik ben de weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader tenzij door Mij (Joh.14,6). Ik ben de wijnstok, gij de ranken. Wie in Mij blijft, zoals ik in hem, die draagt veel vrucht, want los van Mij kunt gij niets(…)Blijft in Mijn Liefde.Als gij mijn geboden onderhoudt, zult gij in Mijn liefde blijven (Joh.15,5-10).Ik en de Vader, wij zijn één (Joh.10,30). Ik bid voor hen die door hun woord in Mij geloven, opdat zij allen één zijn zoals wij één zijn (Joh 17,21).

 

Ik ben de Messias, de Christus (Joh.4,25-26). Het echte brood van God daalt uit de hemel neer, en geeft leven aan de wereld.(…) Wie tot Mij komt zal geen honger meer hebben, en wie in Mij gelooft zal nooit meer dorst krijgen.(…) Als gij het vlees van de Mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt hebt gij het leven niet in u.(…) Wie Mijn vlees eet en mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem (Joh.6,33-69).Komt allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt, en Ik zal u rust en verlichting schenken. Neemt mijn juk op uw schouders en leert van Mij : Ik ben zachtmoedig en nederig van hart; en gij zult rust vinden voor uw zielen, want mijn juk is zacht en mijn last is licht (Mt.11,28-30).

 

Waar er twee of drie verenigd zijn in mijn Naam, daar ben Ik in hun midden (Mt.18,20)

 

Wie vader of moeder meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig; wie zoon of dochter meer bemint dan Mij, is Mij niet waardig. En wie zijn kruis niet opneemt en Mij volgt, is Mij niet waardig. Wie zijn leven vindt, zal het verliezen, en wie zijn leven verliest om Mijnentwil, zal het vinden (Mt.10,37-39).

 

Voorwaar , voorwaar, Ik zeg u : als de graankorrel niet in de aarde valt en sterft, blijft hij alleen : maar als hij sterft, brengt hij veel vruchten voort. Wie zijn leven bemint, verliest het; maar wie zijn leven in deze wereld haat, zal het ten eeuwigen leven bewaren.Wil iemand mij dienen , dan moet hij Mij volgen; waar Ik ben, daar zal ook mijn dienaar zijn. Als iemand Mij dient, zal de Vader hem eren (Joh.12,24-26).

            Wie mijn volgeling wil zijn, moet Mij volgen door zichzelf te verloochenen en zijn kruis op te nemen. Want wie zijn leven wil redden, zal het verliezen.Maar wie zijn leven verliest omwille van Mij en het evangelie zal het redden. Wat voor nut heeft het voor een mens heel de wereld te winnen als dit ten koste gaat van eigen leven ? Wat toch zou een mens in ruil kunnen geven voor zijn eigen leven ? Als iemand zich schaamt over Mij en mijn woorden ten overstaan van dit overspelig en zondig geslacht, zal ook de Mensenzoon zich over hem schamen, wanneer Hij, vergezeld van de heilige engelen, komt in de heerlijkheid van de Vader (Mc.8,34-38).

Wilt ge volmaakt zijn, ga dan naar huis, verkoop wat ge bezit en geef het aan de armen; daarmee zult ge een schat in de hemel bezitten.En kom dan terug om Mij te volgen (Mt.19,21).

 

            Ik had honger en gij hebt Mij te eten gegeven, Ik had dorst en gij hebt Mij te drinken gegeven, Ik was vreemdeling en gij hebt Mij opgenomen.Ik was naakt en gij hebt Mij gekleed, Ik was ziek en gij hebt Mij bezocht, Ik was in de gevangenis en gij hebt Mij bezocht (…) voorwaar ik zeg u: al wat gij gedaan hebt voor een dezer geringsten van mijn broeders, hebt gij voor Mij gedaan (…) .Al wat gij niet voor een dezer geringsten hebt gedaan, hebt gij ook voor Mij niet gedaan. En deze zullen heengaan naar de eeuwige straf, maar de rechtvaardigen naar het eeuwig leven (Mt.25,31-46).

 

            Als iemand dorst heeft, hij kome tot Mij; wie in Mij gelooft, hij drinke !Zoals de schrift zegt : ‘Stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien’. Hiermee doelde Hij op de Geest, die zij, die in Hem geloofden, zouden ontvangen, want de Geest was er nog niet, omdat Jezus nog niet verheerlijkt was (Zijn lijden, Verrijzenis en hemelvaart) (Joh.7,37-39)

 

            De Heer zegt ook : Wie van u kan aantonen dat Ik zonde gedaan heb ?(Joh.8,46)²

 

 

 

 

 

           

 

 

17:27 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.