04-05-08

De Kerk als het lichaam van Christus

 

DE KERK ALS HET LICHAAM VAN CHRISTUS

Hij (Christus) is het hoofd

van het lichaam, de Kerk (Coll.1,18)

..en alles heeft Hij onder Zijn voeten gesteld.

En Hij heeft Hem aan de Kerk geschonken

als Hoofd van alles.

         In de Heilige Schrift wordt de Kerk herhaalde malen het Lichaam van Christus genoemd.

Thans verheug ik (Paulus) mij, dat ik voor u lijden mag,...ten bate van zijn Lichaam, de Kerk (Coll.1,24) schrijft de Apostel Paulus over zichzelf.

Apostelen, profeten, evangelisten, herders en leraars zegt hij, zijn ons door Christus gegeven...om  het Lichaam van Christus op te bouwen (Ef.4,11-12).

Terzelfdertijd worden in de Goddelijke Liturgie brood en wijn gemaakt tot het Lichaam en Bloed van Christus, en de gelovigen nemen er deel aan. Christus zelf heeft dit zo bevolen, in gemeenschap met Zijn Apostelen tijdens het Mystieke Avondmaal. En dit met de woorden : Neemt en eet, dit is Mijn Lichaam;....drinkt allen hieruit, want dit is Mijn Bloed van het Nieuwe Verbond.(Matt.26,26-28).

Hoe is het Lichaam van Christus tegelijk de Kerk en het Heilig Mysterie ?

         Zijn de gelovigen zelf tegelijk  leden van het Lichaam, de Kerk, en deelnemers aan het Lichaam van Christus in het Heilig Mysterie ?

In geen van beide gevallen wordt de naam ‘Lichaam van Christus' figuurlijk gebruikt, maar eerder in de meest actuele betekenis van het woord. Wij geloven dat de Heilige Mysteriën, ondanks het feit  dat zij uiterlijk de substantie hebben van brood en wijn, het waarachtige Lichaam en Bloed van Christus zijn. Op dezelfde wijze geloven en belijden wij dat Christus de Zoon van de levende God is die in de wereld is gekomen om de zondaars te redden, Hij is de ware mens en Zijn Vlees, genomen uit de Maagd Maria was werkelijk menselijk vlees.  In lichaam en ziel was Christus een echt mens ,zoals alle andere mensen,  uitgezonderd de zonde. Tezelfdertijd bleef Hij ook de ware God. In deze menswording was de Goddelijke natuur noch verminderd noch veranderd door Zijn ‘Zoon van God'-zijn; bovendien was ook de menselijke natuur niet veranderd in deze menswording, maar behield alle menselijke kwaliteiten.

Voor altijd onveranderd en niet verward, ondeelbaar en onscheidbaar, Godheid en mens-zijn waren voor altijd verenigd in de éne persoon van onze Heer Jezus Christus.

De Zoon van God is mens geworden om de mensen deelgenoten te maken van de Goddelijke natuur (2 Petr.1,4), om hen te bevrijden van zonde en dood, en om hen onsterfelijk te maken.

Door onszelf met Christus te verenigen ontvangen wij de Goddelijke genade die mensen de kracht geeft voor de overwinning over de zonde en de dood. Door Zijn lering heeft de Heer Jezus Christus de mensen de weg getoond hoe zij de zonde kunnen overwinnen, en hij schenkt hen het eeuwige leven door hen door Zijn verrijzenis deelgenoten te maken van Zijn eeuwig koninkrijk.  Om deze genade te ontvangen is het noodzakelijk om intens contact met Hem te hebben. Hij trekt allen naar zich toe door Zijn goddelijke liefde, en verenigt hen met Hemzelf. De Heer verenigt allen die Hem liefhebben met elkaar door hun deelname aan het leven van de ene Kerk.

De Kerk is de eenheid in Christus, de innigste vereniging met Christus van allen die waarlijk in Hem geloven en Hem liefhebben. Hun eenheid is door Christus.

De Kerk bestaat uit beide aspecten : haar aardse en haar hemelse, want de Zoon van God kwam op aarde en werd een mens, opdat Hij alle mensen naar de hemel zou kunnen leiden, en hen onderdanen  van het Paradijs zou kunnen maken.Hij bracht hen terug tot de oorspronkelijke staat van zondeloosheid en ongeschondenheid, en bracht hen terug in eenheid met Hem.

Dit wordt ons gegeven door de Goddelijke genade, maar ook de mens moet een inspanning leveren. God redt Zijn gevallen schepselen door Zijn liefde voor hen, maar ook de liefde van de mens voor zijn Schepper is even noodzakelijk. Zonder dat kan hij niet gered worden. Door ons streven te richten op God en trouw te blijven aan de nederige liefde van de Heer krijgt de menselijke ziel de kracht om zichzelf te zuiveren van de zonde en sterker te worden om de strijd tegen de zonde tot een goed einde te brengen.

Het lichaam neemt ook aan deze strijd deel, het is nu een verzamelplaats en een instrument van de zonde, maar toch is het voorbestemd om een instrument van  rechtschapenheid en een vat van heiligheid te zijn.

God schiep de mens door Zijn goddelijke adem in het bezielde lichaam dat Hij eerder uit aarde had geschapen, te blazen . Het lichaam was  voorbestemd om een instrument van de geest te worden, een subject waardoor God zich zou manifesteren in de materiële wereld. Doorheen het lichaam en zijn afzonderlijke ledematen, openbaart de geest  de  eigenschappen en kwaliteiten welke God hen gegeven heeft naar Zijn eigen beeld ,  Het is daarom ook dat het lichaam een openbaring van het beeld van God wordt genoemd, en beiden worden genoemd en het is de waarheid : ‘ons sieraad geschapen naar het beeld van God' (sticheron uit de begrafenisdienst).

Nadat de eerst geschapen mensen zich van hun schepper hadden verwijderd, begon het lichaam meester te worden over de ziel. Daarvoor was het omgekeerd : het lichaam was ondergeschikt aan de ziel. In plaats van Gods wet, begon de wet van het vlees de mens te overheersen.

De zonde, die de mens had afgesneden van de levensbron trok de mens uit elkaar. De eenheid van geest, ziel en lichaam was geschonden en de dood kwam in de wereld. De ziel was niet langer omringd door stromen van leven , het voedsel voor de ziel. Daardoor werd het lichaam bederfelijk en begon de ziel weg te kwijnen.

Christus is in de wereld gekomen om het gevallen beeld in de mens te herstellen en om terug te keren tot de vereniging met Hem Wiens beeld hij is. God herstelt de mens tot zijn oorspronkelijke goedheid  in al haar volheid.

Door genade en heiligheid aan de geest te verlenen, zuivert  Christus ons ook , Hij maakt ons sterker, geneest ons en heiligt ziel en lichaam.

         Hij daarentegen die de Heer aanhangt, is één geest met Hem (1 Cor.6,17). De mens die de vereniging met de Heer heeft bereikt, moet  een instrument worden van de heer, moet Hem dienen voor de vervulling van Zijn wil, en moet zo zelf een deel worden van het Lichaam van Christus.

         Voor de volledige heiliging is het nodig dat het lichaam van de dienaar van de Heer in eenheid is met het Lichaam van Christus. Dit krijgt zijn vervulling in het Mysterie van de Heilige Communie. Het waarachtige Lichaam en het waarachtige Bloed van Christus welke wij ontvangen wordt een deel van het grote Lichaam van Christus.

         Natuurlijk is het zo, dat de vereniging met Christus niets anders is dan een vereniging van ons lichaam met het Lichaam van Christus, maar het volstaat niet. Het communiceren aan het Lichaam van Christus wordt pas heilzaam wanneer wij in de geest naar Hem toe willen gaan en ons op die manier met Hem verenigen. Als we communiceren aan het Lichaam en Bloed van Christus en we ondertussen ons in de geest van Hem afkeren, dan is dit gelijk aan hen die Hem geselden, Hem bespotten en Hem kruisigden. hun contact met Hem leidt dan niet tot hun redding en genezing, maar tot hun veroordeling.

         Maar zij, die in vroomheid, liefde en bereidheid eraan deelnemen, verenigen zich heel intens met Hem en worden zo instrumenten van Zijn Goddelijke wil.

         Wie Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, blijft in Mij en ik in Hem, zei de Heer (Joh.6,57)

         In vereniging met de Verrezen Heer, en door hem met de eeuwige Drie-eenheid ,ontvangt men de kracht voor het eeuwig leven en wordt men zelf onsterfelijk.

         Zoals de Vader die leeft, Mij heeft gezonden, en Ik leef voor de Vader, zó zal ook hij, die Mij eet, leven door Mij (Joh.6,57)

         Allen die in God geloven en zichzelf met Hem verenigen door zichzelf aan Hem weg te schenken en ook door het ontvangen van Zijn Goddelijke genade, bouwen tesamen aan de Kerk van Christus, wiens hoofd Christus zelf is, en zij die er zich bij aansluiten zijn haar leden.

         Christus, die onzichtbaar is voor het menselijk oog, heeft Zichzelf duidelijk op aarde geopenbaard in Zijn Kerk, op dezelfde wijze als de onzichtbare menselijke geest zichzelf openbaart doorheen het lichaam. De Kerk is om twee redenen het Lichaam van Christus  : enerzijds, omdat haar leden verenigd zijn met Christus door middel van Zijn Goddelijke Mysterieën, en anderzijds, omdat Christus door haar werkt in de wereld.

         Wij nemen deel aan het Lichaam en Bloed van Christus als we naderen tot de heilige Mysterieën. Zo worden wij leden van Christus'Lichaam : de Kerk.

         Dit gebeurt niet onmiddellijk. Het volledig deelnemen aan het leven van de Kerk is reeds een overwinning over de zonde en een volledige zuivering ervan. Alles wat zondig is vervreemdt ons in zekere zin van de Kerk, en houdt ons buiten de Kerk. Dit is de reden waarom er gebeden wordt over elke penitent gedurende de biecht, "verzoen ons en verenig hem/haar met de Heilige Kerk". Door berouw wordt een christen gereinigd en is hij dichter met Christus verenigd om tot de Heilige Mysterieën te naderen. Later echter zal het kwaad van de zonde zich opnieuw meester van hem maken en hem van Christus en de Kerk doen vervreemden. Telkens opnieuw is er berouw en communio nodig.

         Zolang het leven van een mens duurt, tot aan het heengaan van zijn ziel uit het lichaam, zolang men leeft zal de strijd tussen zonde en rechtschapenheid duren. Hoe groot de spirituele en morele staat van iemand ook mag zijn, de mogelijkheid zal altijd blijven bestaan van een min of meer terugvallen in de afgrond van de zonde. Daarom is het communiceren aan het heilig Lichaam en Bloed van Christus, dat onze relatie met Hem versterkt en ons verkwikt met de levende stromen van de genade van de Heilige Geest, door middel van de Kerk, noodzakelijk voor iedereen. Het grote belang om deel te nemen aan de heilige Mysterieën hebben we gezien in het leven van de heilige Onuphrius de grote. Engels brachten hem en andere kluizenaars de Heilige Communie, en in het leven van de Heilige Maria van Egypte zien we waaruit haar laatste wil na jaren als kluizenares te hebben geleefd bestond : deel te kunnen nemen aan de heilige Mysterieën. Er zijn nog gelijkaardige voorbeelden te noemen in het leven van de Heilige Sabbatius van Solovki en vele anderen. Niet ten onrechte zei de Heer, "voorwaar,voorwaar Ik zeg u : zo gij het vlees van de mensenzoon niet eet en zijn bloed niet drinkt, dan hebt gij het leven niet in u" (Joh.6,53).

         Als wij deelnemen aan de heilige Communie dan ontvangen wij de Verrezen Christus in ons, de overwinnaar van de dood. Hij schenkt ons de overwinning over zonde en dood.

         Als wij in onszelf de genadevolle gave van de Communie bewaren, dan ontvangen wij de verzekering en de voorsmaak van het gezegende eeuwige leven voor ziel en lichaam.

         Tot aan de ‘Dag van Christus', Zijn Tweede Komst en het Oordeel over de gehele wereld zal de strijd tegen  de zonde in individueel in elke persoon afzonderlijk en gezamenlijk in de gehele mensheid, doorgaan.

         De aardse kerk verenigt allen die herboren zijn door het doopsel en die het kruis op zich hebben genomen van de strijd tegen de zonde en die Christus volgen, de krijgsheer van deze strijd. De Goddelijke Eucharistie, het bloedeloos offer en het deelnemen daaraan, heiligt en sterkt ons en maakt hen die het Lichaam en Bloed van Christus ontvangen, waarachtige leden van Zijn Lichaam, de Kerk. Alleen bij de dood zal bepaald worden of iemand een waarachtig lid van de Kerk is gebleven tot zijn laatste adem, of integendeel de zonde over hem heeft gezegevierd die de genade in hem heeft uitgedoofd die hij in de Heilige Mysterieën heeft ontvangen en die hem met Christus verenigden.

Wie als lid van de aardse Kerk zijn vertrouwen heeft gesteld  op de genade, gaat van de aardse Kerk over tot de hemelse Kerk; maar hij die de aardse Kerk verlaat gaat niet over tot de hemelse, want de aardse kerk is de weg naar de hemelse.

         Hoe meer iemand staat onder de invloed van de genade van de Communie en hoe sterker iemand zich heeft verenigd met Christus, hoe meer iemand het genoegen mag beleven in de gemeenschap met Christus in Zijn komend Rijk.

         Het is belangrijk om aan de Mysterieën van Christus deel te nemen  vlak voor het sterven, wanneer het lot van de mens voor eeuwig wordt bepaald. Het is noodzakelijk om juist voor de dood te trachten, als daar zelfs maar de geringste gelegenheid toe is, om de Heer te smeken ons waardig te achten eraan deel te nemen,en de zorg voor anderen af te smeken, opdat ook zij de Communie niet wordt onthouden voor het einde.

         Aangezien de zonde tot aan de dood voortgaat met haar werken uit te voeren in de ziel, zo is het lichaam verantwoordelijk voor de gevolgen ervan door in zichzelf het zaad van ziekte en dood te zaaien. Alleen de dood kan daar een einde aan maken. Alleen in de algemene opstanding zal de mens volledig vrij zijn. Hij die zichzelf in geest en lichaam in dit leven met Christus verenigt, zal bij Hem zijn in geest en lichaam in het komende leven. De genadevolle stromen van de levensscheppende Mysterieën van het Lichaam en Bloed van Christus zijn de bron van onze eeuwige vreugde in de relatie met de Verrezen Christus en in de beschouwing van Zijn glorie.

         Dezelfde gevolgen van de zonde, die nog niet volledig uit het menselijke ras zijn verdreven, zijn niet alleen werkzaam in de mens afzonderlijk, maar door hem zijn ze werkzaam in de aardse activiteiten van ganse delen van de Kerk. Ketterijen, schisma's en twisten steken voortdurend de kop op. Zij zaaien tweedracht onder de gelovigen. Misverstanden tussen locale Kerken of delen ervan hebben de Kerk sedert de oudheid in beroering gebracht. Gebeden om daar een einde aan te stellen worden herhaaldelijk gehoord in de Goddelijke Liturgieën.

         "Wij bidden voor de éénheid van de Kerken", "éénheid tot de Kerken" (Triadic, Canon van de Verrijzenis, Toon 8) "maak de onenigheid binnen de kerk ongedaan" (dienst van de Aartsengelen, 8 Movember, 26 Maart, 13 Juli). Gelijkaardige  gebeden zijn eeuwenlang opgezegd door de Orthodoxe kerk. Zelfs op de Heilige en Grote Zaterdag, vóór het epitaphion van Christus, zegt de Kerk : "O gans onberispelijke Maagd, die het leven voortbracht, stop de schandalen binnen de Kerk, en geef vrede, want Gij zijt goed" (laatste vers van de tweede Stasi van de Treurzangen).

         Alleen wanneer Christus zal verschijnen op de wolken zal de verleider verbrijzeld worden, en zullen alle schandalen en verleidingen verdwenen zijn. Dan zal de strijd tussen goed en kwaad, tussen leven en dood ophouden, en de aardse kerk zal opgaan in de Triomferende Kerk, waarin God alles in allen zal zijn(1 Cor.15,28).

         In het komende Koninkrijk van Christus, zal er geen nood meer zijn om het Lichaam en Bloed van Christus te ontvangen. Als men waardig bevonden wordt zal men in de meest intieme gemeenschap met Hem zijn. Hij zal de vreugde vinden in het voor-eeuwige licht van de Levensschenkende Drie-eenheid. Hij  zal de gelukzaligheid ondervinden welke geen tong kan uitdrukken en wat onbegrijpelijk is voor onze zwakke geest. Om deze redenen wordt, nadat wij deelgenomen hebben aan de Heilige Mysterieën in de Liturgie, aan het altaar altijd het gebed gezegd die wij zingen gedurende de tijd van Pasen :"O Christus,Gij groot en heilig Pascha ! O Wijsheid, Woord en Kracht van God ! Verleen ons om volkomen te mogen deelnemen aan de komende dag van Uw Koninkrijk" (9e Ode, Canon van Pasen)

De commentaren zijn gesloten.