06-04-09

Kallistos Ware : God en mens deel 4 : De Heilige Geest

God en mens
Kallistos Ware
 

Deel 4 (slot)


 

drieeenheid145

DE HEILIGE GEEST

 

In hun werkzaamheid onder de mensen vullen de tweede en de derde persoon van de Drieeenheid mekaar aan.

Het werk van de verlossing  in Christus kan niet beschouwd worden buiten het  heiligmakende werk van de H.Geest. ' Het woord is vlees geworden' zegt Athanasius, 'opdat wij de Geest zouden kunnen ontvangen'(36). Eén van de beweegredenen van de menswording is de  nederdaling van de Heilige Geest met Pinksteren.. De orthodoxe Kerk legt heel sterk de nadruk op het werk van de Heilige Geest. Zoals we hebben gezien , is één van de aanklachten

tegenover het filioque , de tendens om de Geest ondergeschikt te maken en zijn rol te verminderen. Voor de Heilige Sérafim van Sarov, is het enige objectief van het christelijk leven de verwerving van de Heilige Geest, en hij zegt bij het begin van zijn gesprek met Motovilov :

'Het gebed, de vasten, de waken, en alle andere christelijke praktijken, alhoewel goed uit zichzelf, betekenen zij  geenszins het doel van ons christelijk leven : het zijn slechts noodzakelijke middelen om dit doel te bereiken. Want het echte doel van het christelijk leven is de verwerving van de Heilige Geest. Wat betreft het vasten, de waken , de gebeden,  de aalmoezen en alle andere goede werken die gedaan worden in de naam van Christus, het zijn slechts middelen om de Heilige Geest te verwerven. Let hierbij wel op : het zijn slechts de goede werken, gedaan in de naam van Christus, die ons de vruchten van de Heilige Geest bijbrengen.'

'Deze bepaling' zegt V.Lossky, 'die op het eerste zicht heel simpel lijkt, vat de gehele  spirituele traditie van de orthodoxe Kerk samen (37) . En zoals de Heilige Pacomius, leerling van Théodore het zegt : ' Wat is er groter dan de Heilige Geest te bezitten ?' (38).

Wij zullen de kans hebben om in het volgende hoofstuk de plaats van de Heilige Geest in de orthodoxe ecclesiologie te situeren. In elke sacramentele handeling van de Kerk, en vooral in het hart van het eucharistisch gebed, wordt de Heilige Geest plechtig aanroepen. Bij het begin van elke dag, in  zijn dagelijkse gebeden, plaatst de orthodoxe christen zich onder de bescherming van de Heilige Geest , zeggende : 'Hemelse Koning, trooster, Geest van waarheid, die overal tegenwoordig zijt en die alles vervult, schatkamer van alle goed, gever van het leven, kom en verblijf in ons, zuiver ons van alle smet en red onze zielen, O algoede'(39)

DEELGENOTEN VAN DE GODDELIJKE NATUUR

Het doel van het christelijk leven, dat Seraphim beschrijft als een verwerving van de Heilige Geest van God, kan ook gedefinieerd worden door de term Déificatie'. Basilius stelt de mens voor als een schepsel die de taak heeft gekregen 'god' te worden ; en Anastasius, zoals we weten, zegt dat God mens is geworden, opdat de mens 'god' zou kunnen worden. 'In mijn koninkrijk' ,  zegt Christus 'zal ik God zijn en jullie goden met mij ' (40). Dit is, volgens de orthodoxe leer, het uiteindelijk doel waarnaar elke christen moet streven : god worden, de 'theosis' , de déificatie, de vergoddelijking.. In de orthodoxe terminologie is de verlossing van de mens zijn déificatie.

Achter de leer van de déificatie vindt men de idee van de mens die gemaakt is naar de gelijkheid met God, de Heilige Drieeenheid. ' Dat wij allen één zijn', zegt Christus, 'zoals Gij Vader in mij en ik in U, dat zij ook één zijn in ons' (Joh.XVII,21). Op de zelfde manier waarop de drie personen van de Drieeenheid ' verblijven de één in de ander', in een voortdurende  stroom van liefde, zo is ook de mens, geschapen  naar het beeld van de

Drieeenheid geroepen om te 'verblijven' in de Trinitaire God. Christus bidt  opdat wij deel zouden hebben  aan het leven van de Drieeenheid, in dezelfde liefdesrelatie als binnen de Drieenheid. Hij bidt opdat wij geworteld zouden zijn in de godheid. De heiligen, zoals Maxime de belijder het zegt, zijn zij die een uitdrukking zijn van de Heilige Drieeenheid. Dit idee van een persoonlijke  en organische eenwording tussen God en de mens is een voortdurend wederkerend thema in het evangelie van Sint Jan; het komt ook voortdurend terug in de brieven van Paulus, die vooral  het christelijk leven ziet als een 'leven in Christus'.  Dezelfde idee vindt men in de beroemde tekst van de tweede brief van Petrus : ' Wij zijn met zeer grote beloften begiftigd, opdat gij daardoor deel zoudt hebben aan de goddelijke natuur' (2 Petr.1,4)

Men heeft dikwijls gezegd, dat de orthodoxe leer van de déificatie elke bijbelse fundering mist. Dit is onjuist, het vindt in de bijbelse teksten een soliede basis, niet enkel  in 2 Petrus, maar ook bij Paulus en in het vierde evangelie.

Wanneer men spreekt over déificatie, moet men altijd het onderscheid voor ogen houden tussen 'essentie' en  de 'goddelijke energieën'. De eenwording met God is een vereniging met de goddelijke energieën en niet met de goddelijke essentie. De orthodoxe Kerk verwerpt in zijn opvatting van vereniging en déificatie, elke vorm van panthéisme.

Er is nog een ander punt, dat evenwaardig is als dit en ermee verbonden is : De mystieke eenwording van God en mens, die een waarachtige eenwording is, is een eenwording waarin

de Schepper en  zijn schepsel zich nochtans niet samensmelten tot één enkel 'zijn'. In tegenstelling tot de oosterse godsdiensten die leren dat de mens wordt geabsorbeerd door de godheid, heeft de orthodoxe mystiek altijd  de nadruk gelegd op het feit dat de mens, welke zijn verbondenheid  met God ook moge zijn,nooit zijn eigen integriteit heeft verloren. De Mens, zelfs de gedéifieerde, blijft altijd 'onderscheiden', maar niet 'gescheiden' van God.. Het mysterie van de Drie-eenheid is een mysterie van eenheid in verscheidenheid, en zij , die in zich de Drie-eenheid uitstralen, offeren daardoor hun persoonlijke eigenschappen niet op. Wanneer de Heilige Maxime schrijft : ' God, en diegenen die Hem waardig zijn, hebben één en dezelfde  energie' (41), dan wil hij daarmee niet zeggen dat de Heiligen daardoor hun vrije wil verliezen, maar wel, dat zij als gedéifieerden  vrijwillig en uit liefde zich richten naar Gods wil . Door 'god te worden' verliest de mens zijn menselijkheid niet : 'Men blijft een schepsel, God wordend door de genade, mens wordend door de incarnatie'(42).De mens wordt geen God 'van nature uit' maar hij is alleen maar een 'geschapen god', een god uit genade.

De déificatie heeft ook met het lichaam te maken, daar de mens een eenheid is van lichaam en ziel. Christus heeft  de ganse mens gered, ' het lichaam van de mens is vergoddelijkt samen met zijn ziel' (43). In deze goddelijke gelijkenis, moet de mens zelf zijn lichaam-zijn realiseren.' Uw lichaam is een tempel van de Heilige Geest', schrijft Paulus (1 Kor.,6,19). 'Ik vermaan u dan , broeders, met beroep op de barmhartigheden Gods, dat gij uw lichamen stelt tot een levend, heilig en Gode welgevallig offer'(Rom.12,1). Maar de volle déificatie kan niet bereikt worden in dit leven. Zelfs de schittering der Heiligen is slechts een innerlijke schittering van de ziel, maar wanneer de rechtvaardigen zullen opstaan en getooid zullen worden met een geestelijk lichaam, dan zal hun heiligheid gemanifesteerd worden.'Op de dag der Verrijzenis, zal de glorie van de Heilige Geest 'van binnenuit ' komen. Hij zal de lichamen der heiligen tooien en bekleden met glorie.Een glorie die ze reeds bezaten, maar echter op verborgen wijze in hun ziel. Datgene wat de mens nu bezit, zal zich naar buiten toe in hun lichaam manifesteren'(44). De lichamen der heiligen zullen uiterlijk getransfigureerd worden door het goddelijk licht, zoals het lichaam van Christus op de berg Tabor. 'Wij moeten hopen op een 'lente' van het lichaam'(45).Maar sommige heiligen hebben reeds in dit leven een  begin ervaren van deze zichtbare glorificatie van het lichaam. Sint Serafim, om de meest vooraanstaande te noemen, is niet de enige die dit ervaren heeft. De leerlingen van  Arsenius de Grote, hebben het gezien 'als een vuur'(46). En men merkt  bij een andere woestijnvader op :'Zoals Moses  in zich het beeld heeft gegrift van de glorie van Adam, toen zijn aangezicht was verheerlijkt, zo schitterde het aangezicht van Abba Pambo als een lichtstraal en hij was een koning gezeten op zijn troon'(47). En, Gregorius van Palamas in herinnering brengend : 'Als in de toekomstige tijden, het lichaam geroepen is om met de ziel te delen van de onuitdrukbare gelukzaligheden, dan is het zeker dat het er , voor zover het mogelijk is, vanaf nu reeds deel aan heeft'(48).

Het is vanuit deze overtuiging van heiliging en van transfiguratie van het lichaam met de ziel ,dat de orthodoxen hun onmetelijk respect voor de relieken van de heiligen halen. Zoals de rooms katholieken, geloven zij, dat Gods genade, dat actief is in het lichaam van de heiligen gedurende hun leven, zich ook voortzet in hun relieken, door dewelke God zijn goddelijke kracht manifesteert en waarvan Hij instrumenten maakt tot genezing. Er zijn gevallen, waarin het lichaam van heiligen op 'wonderbare' wijze bewaard is gebleven , maar, zelfs al is dit niet het geval, dan nog tonen de orthodoxen een evenwaardige verering voor hun beenderen. Dit respect is niet te wijten aan onwetendheid of  bijgeloof, maar is de vrucht van een verheven theologie van het lichaam.

Maar het is niet alleen de mens, maar geheel de schepping die uiteindelijk zal getransfigureerd worden  ' Ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want  de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan ' ( Apoc. XXI,1). De vrijgekochte mens is niet ontrukt aan de overige schepping , maar de schepping moet behouden en geheiligd blijven met hem (De iconen, zoals wij hebben gezien, zijn de aanvang van deze verlossing van de materie '. 'Want met reikhalzend  verlangen wacht de schepping op het openbaar worden der zonen Gods....in  hope echter, omdat ook de schepping zelf van de dienstbaarheid aan de vergankelijkheid zal bevrijd worden tot de vrijheid van de heerlijkheid der kinderen Gods. Want wij weten, dat tot nu toe de ganse schepping in al haar delen zucht en in barensnood is ' (Rom., VIII, 19-22).

Het idee van deze kosmische verlossing , zoals de orthodoxe leer over het menselijk lichaam en over de iconen, is gebaseerd op een diep verstaan van de rol van de incarnatie : Christus is vlees geworden, iets materieels, en Hij heeft ook de verlossing en de gedaanteverandering (metamorfose) van gans de schepping mogelijk gemaakt, niet alleen van de materiële wereld, maar ook van de lichamelijke.

Deze uiteenzetting over de deificatie, van de cosmische vereniging en transfiguratie, kan ver verwijderd lijken van de courante ervaring ; maar dit is pas zo indien men de orthodoxe opvatting van de theosis verkeerd begrepen heeft. Om elke foutieve interpretatie te vermijden, moeten zes punten extra onderlijnd worden

Ten eerste , de deificatie is niet alleen weggelegd voor enkele ingewijden, maar zij is bestemd voor allen. Voor de orthodoxe Kerk is dit het normale doel van elke christen, zonder uitzondering. Natuurlijk zullen we pas ten volle gedeifieerd worden op de Laatste Dag ; maar voor ieder van ons moet er hier en  nu een begin mee gemaakt worden. Er zijn er  weinigen die deze mystieke vereniging met God  reeds hier en nu  bereiken. Maar ieder ware  christen zal zich inspannen om God lief te hebben en zijn geboden te vervullen. In de mate dat de mens hierin volhardt, hoe zwak zijn pogingen ook mogen zijn, en hoe dikwijls hij ook moge vallen, in diezelfde mate is de mens in zekere zin reeds gedeifieerd.

Ten tweede , Het feit dat de mens gedeifieerd is, wil niet zeggen dat hij daardoor geen zondebewustzijn meer heeft. In tegendeel , deificatie veronderstelt een voortdurend berouwvol hart.  Een heilige, hoe ver hij ook gevorderd is op de weg van de heiligheid, houdt hij daarom op de woorden van het gebed van Jezsus  te gebruiken :' Heer, heb medelijden met

mij, zondaar ?'. Vader Silouan van de Athosberg had de gewoonte om te zeggen : ' Bewaar  uw Geest in de hel, en wanhoop niet' Andere orthodoxe heiligen  hebben ook herhaald ': Allen zullen gered wordt, alleen ik zal veroordeeld worden'. De geestelijke schrijvers uit het oosten hechten ook een groot belang aan de 'gave der tranen'.De orthodoxe mystieke theologie is een theologie van glorie en transfiguratie, maar ook een theologie van berouw.

Ten derde ,  Er is niets ondoorgrondelijks  (esoterisch) of extravagant gelegen in de methode welke we moeten volgen om gedeifieerd te worden. Als iemand vraagt : ' Hoe kan ik god worden ?' is het antwoord eenvoudig : je moet naar de kerk gaan, regelmatig de sacramenten ontvangen, God bidden 'in geest en waarheid' , en Zijn geboden volgen.. Het laatste, Zijn geboden volgen, mogen wij nooit vergeten. De orthodoxie , evenals het westerse christendom, verwerpt iedere vorm van mysticisme die zich vrij wil maken van de morele wetten.

Ten vierde ,De deificatie is geen proces van mij alleen, het is een 'sociaal' proces. Wij hebben gezien, dat de deificatie kan bereikt worden door het volgen van de geboden ; Christus heeft ze samengevat in zijn onderricht over de liefde voor God en de naaste. Deze twee vormen van liefde zijn onscheidbaar. Een mens kan zijn naaste niet liefhebben als zichzelf, indien hij God niet liefheeft boven alles, en een mens kan God niet liefhebben als hij de andere mensen niet liefheeft (I Joh 4, 20 ). Er is dus niets egoïstisch aan de deificatie : het is alleen als een mens zijn naaste liefheeft dat een mens gedeifieerd kan worden. 'Het leven of de dood hangt van onze buur af ', zegt Antonius van Egypte, ' want als wij het hart van onze buur veroveren, veroveren wij God, en als we een oorzaak van val zijn voor onze buur, dan zondigen wij tegen Christus '(49). De mens, gemaakt naar het beeld van de drie-eenheid, kan slechts deze goddelijke gelijkenis realiseren, indien hij op dezelfde wijze leeft als deze van de Heilige Drie-eenheid :

Zoals de drie personen van de godheid 'verblijven' in mekaar , zo moeten ook de mensen in mekaar 'verblijven'., niet meer levend voor zichzelf, maar in de anderen en voor de anderen. 'Indien het voor mij mogelijk was een melaatse te vinden', zei een Woestijnvader, 'en hem mijn lichaam te geven en ik het zijne, dan zou ik dit met vreugde doen, want dit is de volmaakte liefde'( 50). Hier hebben we de diepste definitie van wat theosis is.

Ten vijfde , De liefde voor God en de mensen moet actief zijn : de orthodoxie verwerpt elke vorm van quietisme, elke vorm van  liefde die abstract blijft. De deificatie, alhoewel ze de hoogten van de mystieke ervaring nastreeft, heeft ook een  nuchtere en  alledaagse kant. Wanneer wij denken aan deificatie, dan denken we dikwijls aan de hesychasten, die in stilte bidden,  en aan het getransfigureerde gelaat van de Heilige Serafim,.Dit maakt indruk op ons.Maar we mogen de Heilige Basilius niet vergeten die zich bezighield met de zieken in het hospitaal van Césaréa, noch de heilige Johannes de Aalmoezenier die zich inzette voor de armen van Alexandrië, noch de Heilige Sergius die in lompen gehuld, werkte in de groententuin om te kunnen voldoen aan de noden van de gasten van het monasterie. Deze twee aspecten vormen slechts één beeld

Ten slotte , De deificatie veronderstelt een leven in de Kerk, door de sacramenten.De theosis , conform met de Drie-eenheid, veronderstelt een gemeenschappelijk leven, en het is slechts in de Kerk dat wij dit kunnen realiseren. De Kerk en de sacramenten zijn de middelen die God  gegeven heeft aan de mens om de heiligmakende Geest te ontvangen en gevormd te worden naar de goddelijke gelijkenis.

1) V.Lossky,Essa isur la théologie mystique de l'Eglise d'Orient,p64

(2) D.J. Chitty, 'The doctrine of the holy Trinity told tot the children', in Sobornost, Séries 4,n° 5,1961,p.241

(3) Gregorius Palamas, P.G.,1176C (p.104)

(4) Sur la Foi orthodoxe, I,4 (P.G.,XCIV,800B,797B)

(5) Onder invloed van het modernisme hebben vele protestanten 'zo goed als' verzaakt aan de leer over de Drieeenheid en de menswording. Ik spreek hier over de calvinisten, lutherianen en anglicanen die trouw zijn gebleven aan de formules van het classieke protestantisme van de XVIe eeuw.

(6) Gregorius van Nazianze, Homelies, XXXI,14

(7) Johannes van Damascus, Sur la Foi orthodoxe,1,8 (P.G.,XCIV,809A)

(8) Gregorius van Nazianze, Homélies,XXV,17

(9)Volgens Sabellius, een ketter uit de 2e eeuw, was de Drieeenheid geen vereniging van drie personen, maar vormde ze  één enkele Persoon, één unieke goddelijke essentie die zich manifesteert onder drie opeenvolgende aspecten : Vader, Zoon en Heilige Geest.

(10) P.G., CII,289B

(11) Summa Theologica,I,Question 40,art.2

(12) J.Meyendorff,Introduction à la vie de Grégoire Palamas,p.294

(13) Niet alleen de orthodoxen, maar ook sommige catholieke autoriteiten geloven dat er        een verband bestaat tussen het geschil over het filioque en het vraagstuk over het pauselijk primaat.Zie in dit verband wat Sint Thomas van Aquino hierover gezegd heeft in zijn Contra errores Graecorum  (Y.Congar, Esquisses du Mystère de l'Eglise,Paris,1953,pp.136-137.

(14) Augustinus, Confessiones,I,1

(15) De eerste hoofdstukken van Genesis bevatten religieuze waarheden en mogen niet letterlijk worden opgenomen. Vijftien jaar voor de moderne bijbelkritiek interpreteerden de Kervaders de Schepping en het Paradijs op een meer symbolische dan litteraire wijze.

(16) Sur la Foi orthodoxe,11,12 (XCIV,920 B).

(17) In de septuagint : ps.81 , in de andere vertalingen ps.82.

(18) Démonstration de la prédication apostolique

(19) P.G., CL, 1361C.

(20) Lettre 3 (Collections grèque et latine, 6)

(21) Geciteerd in : P.Evdokimov, L'Orthodoxie,p.88.

(22) Première vie Grèque,22

(23) Stromateis,I,XiX (P.G., LXXIX,1193C).

(24) Sur la prière 123 (P.G.,LXXIX,11936C

(25) P.Evdokimov, L'Orthodoxie, p218.

(26) Een monniik van de Oosterse Kerk, Orthodox Spirituality,p.23

(27) Homélies sur les mots Saul ,Saul 6 (P.G.,LI,144

(28) Homélies catéchétiques, I, 4.

(29) Sur la perfection de la droiture de l'homme, IV,9

(30) Dosithée, Confession, Décret III (comparer avec décret XIV)

(31) Thomas Van Aquino hangt het standpunt van Augustinus aan , maar weerhoudt de idee van een oorspronkelijke schuld.Maar wat betreft de pasgeborenen die niet gedoopt zijn, zegt hij dat ze niet naar de hel gaan, maar naar het voorgeborgte.Dit standpunt is het standpunt van de rooms-katholieke Kerk geworden. Voor zover ik kan nagaan, heb ik binnen de orthodoxie geen enkele schrijver gevonden die gewag maakt van dit voorgeborgte. ; men vindt dikwijls in de theologische literatuur het Augustijnse standpunt over de val, maar algemeen genomen is

(32) P.Hammond, The waters cf Marah,p.20

(33) O.Rousseau, 'Incarnation et anthropologie en Orient et en Occident'' , in Irénikon, vol.XXVI (1953), p.373.(34) Eerste exorcisme voor het sacrament van het doopsel

(35) Johannes Chrysostomos, tweede sermoen over het kruis (P.G.,XLIX,413)

(36) 1. Over de incarnatie en tegen de Ariërs 8 (PG, XXVI,996C)

(37) V.Lossky, Essai sur la théologie mystique de l'Eglise d'Orient,p193

(38) Première vie grecque de Pacôme 135

(39) Gebed dat gebruikt wordt in bijna alle liturgische diensten

(40) Canon van de Metten op Goede Donderdag, Ode 4, Troparion 3.

(41) Ambigua, P.G., XCI,1076C

(42) V.Lossky, Essai sur la théologie mystique de l'Eglise d'Orientnp84

(43) Maxime, Chapitres gnostiques II, 88 (P.G., XC,1168A)

(44) Homélies de Macairen, v.9.Het is de transfiguratie van dit verrezen lichaam dat de schilder van ikonen symbolisch probeert uit te drukken, aldus de oorspronkelijke en onderscheiden trekken van de Heilige trachtend uit te drukken, hij vermijdt  echter om er een realistisch beeld van te maken (fotografisch). Door de mensen te schilderen in de staat dat ze nu zijn, schildert hij hen in hun zondig ,vleselijke lichaam, en niet in  het hemelse.

(45) Minucius Felix (einde 2e eeuw), Octavius,34.

(46) Apophthegmata (P.G., LXV) Arsenius 27

(47) Apophthegmata (P.G.,Pambo 12 ; Te vergelijken met Apoththegmata, Sisoes 14 en Silvanus 12. Epiphane, in zijn leven van Serge van Radonège, verklaart hij dat het lichaam van de heilige straalde na zijn dood.. Men zegt dikwijls, dat de transfiguratie door het licht correspondeert aan de stigmatisatie bij de westerse Heiligen. Men moet echter niet al te radicaal zijn in de vergelijking : men vindt in het westen gevallen van 'lichamelijke verheerlijking', zoals bv. Bij een Engelse vrouw ,Evelyn Underhill (1875-1941), waarvan een vriend getuigt haar getransfigureerde  en lichtend gezicht gezien te hebben(het verhaal doet denken aan dat van Serafim ). En de stigmatisatie, alhoewel het een typisch westers verschijnsel is, is ook in het Oosten bekend. In de Koptische tekst over het leven van de  Heilige Marcarius van Egypte, is beschreven hoe een cherubijn hem verscheen, 'nam de maat van zijn borst' en 'kruisigde hem aan de grond'.

(48) Tomos de la Montagne Sainte (P.G., CL, 1233C).

 (49) Apophthegmata (P.G.,LXV, Antoine 9.

(50) Idem, Agathon.

 

Uit : L'Orthodoxie : L'Eglise des sept conciles, hst.XI, pp. 285-323

Vertaling : Kris Biesbroeck

 

18:57 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.