07-05-09

Het bijbels fundament van de icoon

Het bijbels fundament van de icoon

cherubijnen13

De Wet van het oude testament verbiedt afbeeldingen want zij zouden de zuiverheid van de cultus tot de onzichtbare God in gevaar brengen. Alleen de decoratieve kunst van de geometrische vormen vertalen het bewustzijn van de Oneindige. Bij de moslims versterkt de niet-figuratieve, arabeske, veelhoekigeKunst dezelfde notie van een radicale transcendentie van God.

De afstand vergroot op gevaarlijke wijze door het feit dat de mens zich  afgekeerd heeft van zijn oorspronkelijke gelijkenis met God en verduisterd wordt door zijn verscheidenheid. Daarentegen, heeft het engelen - plan haar natuur van 'tweede licht' intact weten te bewaren,als een zuivere verzamelplaats van het goddelijk licht,door het feit dat de gebeeldhouwde afbeelding van engelen door God zelf werd bevolen. De hemelse wereld van geesten, bestemd om de mens te dienen vindt , om haar zending te vervullen, haar artistieke uitdrukkingsvorm, haar menselijke vorm op de ark van het verbond. Het Oude testament staat ons toe om het gebeeldhouwd icoon van de Cherubijnen te gebruiken. Deze werden geplaatst in het tabernakel. Hun aanwezigheid op deze plaats drukt de bemiddeling van de liturgen uit, maar dient op geen enkele wijze gezien te worden als een vorm van kunst. Hierin schuilt reeds de ganse filosofie van de religieuze kunst.

Zo was ook, voor de Menswording, en dit  uit vrees voor afgodenverering, elke vorm van het hemelse beperkt tot de wereld van de engelen. Maar men moet goed begrijpen, en dit om niet terug te vallen onder de wet, dat deze beperking alleen maar de uitdrukking  is van een wachten, een profetie op de komst van de icoon in Christus.

 De tekst van Exodus (25,12) zegt : 'Gij zult u een verzoendeksel maken en aan zijn uiteinden zal je Cherubijnen plaatsen' 'Verzoendeksel - Kapporêt - komt van 'bedekken' en ook van 'boete doen''. Deze gouden plank die geplaatst wordt op de ark, volgen de tekst, is de plaats waar 'Yahweh verschijnt', en het is daarover dat hij spreekt.

 De icoon van de verrijzenis van Christus ontcijfert dit profetisch symbolisme. Zij toont ons een plank (die het lege graf verzinnebeeldt en die een beeld is van de plank van de ark) waarop de begrafenisgewaden zijn weggelaten, en aan het uiteinde ziet men twee Cherubijnen die tegenover de myrondraagsters staan. Deze exacte reproductie van het 'verzoendeksel' openbaart ons nu, in Christus, haar ware betekenis en terzelfdertijd toont het ons dat dezelfde waarde van de Aanwezigheid inherent is aan elke icoon : 'het is hier dat Yahweh verschijnt en het is van daaruit dat Hij spreekt'.

 Ter gelegenheid van het feest van de orthodoxie, het feest van de icoon, leert de Kerk ons, doorheen de twee Evangelielezingen die zij heeft gekozen, dat de engelen met vele ogen de gave bezitten om het goddelijk licht te aanschouwen. De icoon toont ons dit heel duidelijk.

 Christus bevrijdt de mensheid van de mythologie der afgoden en niet in negatieve zin, door het beeld te supprimeren, maar positief, door de ware menselijke natuur te openbaren. Indien de goddelijkheid alleen ontsnapt aan elke voorstelling en indien de mensheid alleen, gescheiden van het goddelijke, niets meer betekent, dan is het omdat 'de mensheid van Christus de icoon is van zijn goddelijkheid', zoals het VIIe concilie verklaart. Lumen de lumine (licht uit licht), de Zoon, de totale Christus is de glans, de afbeelding, de afdruk, de unieke icoon van God. Het menselijke wordt bevestigt in zijn iconografische functie : zichtbaar beeld van het onzichtbare. Zijn bijbels fundament gaat terug op de schepping van de mens 'als beeld van God'. Onderbroken door de zondeval, is zijn volheid gerealiseerd in Christus en gaat voort in de 'ge-christifieerden',  in de Christus-dragers, in hen bij wie Christus gestalte heeft gekregen,op hen die sterk op Hem gelijken'

 God in Zichzelf transcendeert elk beeld, maar zijn Aangezicht dat naar de wereld toe gekeerd is heeft zich het zichtbare eigen gemaakt, vind een passend beeld van het mysterie van Zijn Filantropie : het menselijk beeld.

 Boven de mogelijke afgrond van de val heeft God, volgens de Kerkvaders, het menselijk beeld gebeeldhouwd door in Zijn wijsheid de mensheid van Christus te aanschouwen. 'Het Woord is nedergedaald op Adam voor alle eeuwen' zegt Methodius van Alympia en sint Athanasios : 'God heeft de wereld geschapen om er mens te worden en opdat de mens er god zou worden door zijn genade'

De menswording komt van God, van Zijn verlangen om Mens te worden en om van Zijn Menselijkheid een Theofanie te maken, een plaats en een levende icoon van Zijn aanwezigheid.

 Paul Evdokimov : L'art de l'icone - theologie  de la beauté pp.163-165

Vertaling : Kris Biesbroeck

14:23 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.