15-05-09

De heilige Gregorios van Nazianze

De Heilige Gregorius van Nazianze 

Theoloog, 339-391.

 

Gregor_von_Nazianz_der_Juengere741

Hij werd geboren in het jaar dat zijn toen nog heidense vader, die eveneens Gregorios heette, door zijn vrouw Nonna tot het Christendom was gebracht. Deze Gregorios onderscheidde zich zozeer dat hij nog datzelfde jaar bisschop werd gewijd.

Het was de bedoeling dat gregorios een rechtsgeleerde zou worden, en daarom werd hij naar de beroemste universiteiten van zijn tijd gezonden.  Eerst naar Caesarea in Palestina, toen naar Alexandrië, en tenslotte in 355, to de voltooiing van zijn studie, naar Athene. Op deze laatste tocht verging het schip waarmee hij reisde, en Gregorius was op de rand van de dood. Dit deed hem besluiten zijn Doop niet langer uit te stellen, en bij zijn terugkomst in Nazianze in 356, werd hij door zijn vader gedoopt.Twee jaar later ging hij naar zijn studievriend Basilios, in het klooster dat deze met zijn zuster Makrina gesticht had aan de Iris-rivier in Pontus. Maar Gregorius zou niet lang van het vreedzame leven genieten, dat hem zo lyrisch door Basilios was geschilderd. Hij werd teruggeroepen door zijn vader, die nu boven de tachtig was, om hem te helpen bij het besturen van zijn gemeente. Min of meer met geweld werd hij tot priester gewijd, met Theofanie in 361. Geheel ontdaan vluchtte Gregorius naar zijn geliefde eenzaamheid en het gezelschap van Basilios. Maar hij begon toch na te denken over zijn gedrag, en hoe de profeet Jona gestraft was voor het ontvluchten van zijn opdracht, en na een paar maanden keerde hij naar Nazianze terug, juist op tijd om de grote feestpredikatie te houden voor het Paasfeest.

In 372 werd Kappadocië door de keizer in twee provincies verdeeld, waarbij Tyana de hoofdstad werd van de andere helft. De daar aanwezige bisschop Anthimos claimde nu de jurisdictie over heel dat 'deel', ten koste van Basilios. Deze wilde zijn positie verbeteren met behulp van nog een bisschop, en haalde daarom Gregorios over om bisschop te worden van het rumoerige handelsstadje Sasima, waar drie belangrijke transportwegen zich kruisten. Het was een onmogelijke verblijfplaats voor de gevoelige Gregorios, daar de aggressieve Anthimos voortdurend moeilijkheden veroorzaakte, en er zelfs gewapende struikrovers op af stuurde. Basilios wilde hem echter handhaven op deze post, en zo kwam er een einde aan een van de mooiste vriendschappen die zo lange tijd het leven van zowel Basilios als van Gregorios had rijk gemaakt.

Gregorios ging terug naar Nazianze als hulpbisschop voor zijn oude vader, die in 373 stierf. Daarna bestuurde hij het diocees nog een tij d zonder eigenlijke bisschopsopdracht. Toen twee jaar later zijn gezondheid achteruit ging, trok hij zich voor een kluizenaarsleven in Seleucië terug.

Intussen was Constantinopel al meer dan dertig jaar in ariaanse handen. De kleine orthodoxe gemeenschap aldaar deed een beroep op Gregorios om hen bij te staan. Hij dwong zichzelf deze opdracht te aanvaarden, overtuigd dat hij door God tot het lijden was geroepen. Hij werd enthousiast verwelkomd in het sinds 379 gestichte huis 'de Opstanding'. Daarom begon hij dagelijks de heilige Liturgie te vieren en te prediken over het vereren van de heilige Drie-eenheid.

Zijn machtige welsprekendheid werd al spoedig opgemerkt door de overgebleven Orthodoxen, maar ook door vele anderen die toch min of meer in twijfel verkeerden, en dan was het huis van onder tot boven vol. Hier hield hij zijn vier beroemde redevoeringen over de geloofsbelijdenis van Nicea, waardoor hij de eretitel 'De Theoloog' verwierf, als de grote verdediger van de Godheid van het Woord. De Arianen beschuldigden hem van Driegodendom, en zij moedigden het straatvolk aan het hem lastig te maken. Maar Gregorios liet zich hierdoor niet uit het veld slaan, en preekt :

Zij hebben de kerkgebouwen en het volk, maar hij had God en de Engelen. Zij bezaten rijkdom, hij geloof. Zij uitten bedreigingen, hij bad. Hij had maar een kleine kudde, maar die was bestemd tegen de wolven, en sommige wolven werden schapen.

Inderdaad kwamen er vele bekeringen : Gregorios'lieflijke welsprekendheid, de geestelijke schoonheid van zijn persoonlijkheid, zijn zachtaardige en tegelijk gloeiende ijver voor de waarheid, zijn zachtaardige en tegelijk gloeiende ijver voor de waarheid, zijn zo klaarblijkelijke onzelfzuchtigheid tegenover het ariaanse egoïsme, zijn diepe eerbied tegenover de ariaanse losheid, dat alles maakte grote indruk. De ariaanse bevolking kwam in hele groepen om naar hem te luisteren.

Na lange tijd was er weer een orthodoxe keizer, Theodosios, en de machtsverhoudingen zouden gaan veranderen. Gregorios hield nu de gelovigen voor :

Wees niet hooghartig wanneer de tijd gunstig lijkt; laten we niet met hardheid optreden tegen hen die ons onrecht hebben aangedaan. Laten we niet zelf doen wat we in anderen hebben afgekeurd. Laten we blij zijn dat we aan het gevaar zijn ontkomen, en laten we alles vermijden waardoor zulk een onderdrukking terug zou kunnen komen. Laten we niet streven naar verbanning en verboden; daag niemand voor de rechter; laat er geen zweep zijn tegen onzeden; in één woord : doe anderen niet aan wat ge zelf hebt ondergaan.

Eind november kwam Theodosios naar Constantinopel. Hij vroeg de ariaanse bisschop de eenheid te herstellen, maar deze weigerde de Godheid van Christus te erkennen en riep het volk op om buiten de stad een kerk te stichten. Nu besloot Theodosios om Gregorios tot de regerende bisschop van de stad te maken, en hij zette de gewapende macht in om het ariaanse volk in bedwang te houden. Gregorios, angstig en ontdaan te midden van een vijandige menigte, werd naar de Sofia-kathedraal gebracht. Zelfs de zwaar bewolkte hemel scheen een afkeurend oordeel uit te spreken.

Maar op het ogenblik dat gregorios de altaarruimte betrad, barstte het wolkendek open en een glorieus zonlicht omstraalde het grijze hoofd van de bisschop : het volk brak uit in gejuich. Maar Gregorios was zo geschokt dat hij niet in staat was te spreken en een van de priesters moest de preek houden.

Gregorios bleef bij zijn eenvoudige levenswijze en kwam maar zelden bij de keizer. Hij wendde geen politieke invloed aan maar bleef een eenvoudige, zachtmoedige, onwereldse herder. Hij preekte, bad, bezocht de zieken, won geen rijkdom maar wel aller harten door simpele, rechtstreekse naastenliefde.

 Een jaar later vaardigde Theodosios een edict uit waarbij de ketters, met name de Arianen? Hun burgerrechten verloren; alle kerken moesten worden teruggegeven aan de orthodoxe bisschoppen. Er werd een concilie bijeengeroepen om dit te bevestigen. Gregorios wilde deze nieuwe toestand niet beleven. Hij sprak zijn beroemde afscheidsrede uit en trok zich terug uit de openbaarheid. Hij deed nog wat werk voor Nazianze, maar trok zich steeds meer in de eenzaamheid terug van zijn geboortedorp Arianze. Daar leidden hij in vrede een monastiek leven, maar schreef eveneens gedichten, 'om de poezie niet helemaal aan de heidenen over te laten'. Zo werd hij niet alleen de 'Theoloog', maar ook de vader van de chistelijke dichtkunst. Ook veel brieven zijn van hem bewaard, die hem tonen als een aantrekkelijke persoonlijkheid, té fijn besnaard om het middelpunt te vormen van twisten en gevecht. In deze vrede is hij gestorven, 62 jaar oud, in 391.

 Gregorios van Nazianze, Gregorios van Nyssa en Basilios de grote worden  'De Cappadocische vaders' genoemd.

 Uit : Heiligen voor elke dag (Orthodox klooster van de Heilige Johannes de Doper - Den Haag)

De commentaren zijn gesloten.