25-11-09

Cyrillus van Alexandrië : Wanneer dat alles staat te gebeuren....

H. Cyrillus van Alexandrië ((380-444), bisschop, Kerkleraar
Over Jesaja, III, 1



Cyrillos van Alexandrië 159

"Wanneer dat alles staat te gebeuren, richt je dan op en hef je hoofd, want jullie verlossing is nabij"


      "Hun stad hebt u tot een bouwval gemaakt, hun versterkte vesting tot een ruïne; het bolwerk van barbaren is geen stad meer, nooit zal ze worden herbouwd. Daarom zal het gewelddadige volk u eren." (Jes 25,2-3) Het behoort aan "het trouwe beleid" (v.1) van de Almachtige God en aan zijn betrouwbare advies, dat de "versterkte steden" omvergeworpen zijn en "tot een ruïne zijn gemaakt", dat ze "op hun grondvesten" schudden en zonder hoop om zich ooit weer op te kunnen heffen: "Ze zal nooit meer herbouwd worden", zegt de tekst. Deze verwoeste steden, zijn, volgens ons, niet die je met je zintuigen waar kunt nemen, het zijn niet de mensen die erin leven. Maar hier gaat het naar ons idee eerder om kwade en vijandige machten, en vooral om Satan, die hier een stad en een "vesting" wordt genoemd.

      Toen Emmanuel verschenen is en schitterde over de wereld, zijn de slechte troepen van tegenkrachten verwoest, Satan werd omvergeworpen "op zijn grondvesten"; hij is gevallen, hij is voor altijd verzwakt en hoeft er niet meer op te hopen dat hij zich op een dag weer kan verheffen, ook zijn hoofd kan hij niet meer opheffen.

      Daarom "zegent het arme volk en de stad van de onderdrukten U" (LXX). Israël werd geroepen tot kennis van God door de pedagogie van de Wet, hij werd door God vervuld van al het goede. Ja, hij werd gered en heeft als erfenis het beloofde land ontvangen. Maar de meerderheid van andere naties onder de hemel waren van dit geestelijk goed verstoken... Toen Christus als persoon verschenen is en door het verjagen van de tirannie van de duivel, Hij hen naar zijn God en Vader heeft geleid en heeft Hij ze verrijkt met het licht van de waarheid, door de deelname aan de goddelijke heerlijkheid, door de grootheid van het leven naar het Evangelie. Daarom hebben ze dankgebeden aan God de Vader in de hymnen laten ontspringen: "Ja, Heer, U hebt gedaan wat U van oudsher hebt beloofd" (Lc 1,70), "door de machten die de wereld bezetten omver te werpen" (Ef 6,12), zoals men de vestingen verwoest. "Daarom zal dit arme volk U zegenen en alle steden U verheerlijken."

Bron : Dagelijks evangelie : www.evangelizo.org

De commentaren zijn gesloten.