04-10-10

De heilige Nectarios van Aegina : De weg naar het geluk

DE HEILIGE NECTARIOS VAN AEGINA

 De weg naar het geluk

 

 

Nektarios van Aegina999.jpg

Icon by Rev.Christopher Klitou 

De heilige Nectarios is zonder twijfel één van de meest geliefde en de meest
vereerde heiligen van onze Kerk in de 20e eeuw.De bisschop van Pentapolis, de traumaturg van Egina is zeer populair in Griekenland maar ook in de orthodoxe
diaspora van het westen, waar zijn cultus wijd verbreid is. Dit omwille van zijn vele miraculeuze genezingen en tussenkomsten. Hijzelf heeft veel geleden omwille van de liefde tot God : laster, misprijzen en beledigingen. Hij toonde zich medelevend met de lijdenden die zich aan hem toevertrouwden. Zijn catechese,die doordrongen was van een diepe eenvoud, toont ons hoezeer hij dicht bij onze geestelijke bekommernissen staat en vooral voor deze van de minsten en de meest nederige onder ons.

De weg naar het geluk


Heilige Nectarios van Aegina


Niets is groter dan een zuiver hart, omdat zo een hart de troon wordt van God. En wat is er heerlijker dan de troon van God ? Niets ! God zegt over hen die een zuiver hart hebben : ‘Ik zal bij hen wonen en zal bij hen verblijven; Ik zal hun God zijn en zij zullen Mijn volk zijn !’ (2 Kor.6,16). Wie durft nog te bevestigen dat zij gelukkiger zijn dan deze mensen ? Want van welke dingen zouden die mensen beweren verstoken te zijn ? Vinden ze niet alle gaven en alle weldaden van de Heilige Geest in hun gelukzalige zielen ? Wat ontbreekt hen dan nog ? Werkelijk, zij lijden om niets want zij bewaren in hun hart het meest waardevolle van de rijkdommen :
God zelf. Hoe vergissen de mensen zich wanneer zij geen rekening houden met zichzelf door elders het geluk te gaan zoeken : door naar verre landen te gaan, door gans de wereld rond te trekken met vele reizen, dromend van rijkdom en eer, door fortuinen na te streven en ijdele vermakelijkheden of om de dingen van deze wereld na te jagen, die slechts bittere gevolgen hebben ! Het bouwen van de toren van het
ware geluk buiten zijn eigen hart gelijkt op het bouwen van een huis dat op onstabiele fundamenten is gebouwd en heen en weer wordt geschut door veelvuldige aardbevingen. Zo een gebouw zal vroeg of laat vanzelf instorten. Mijn broeders, het ware geluk bestaat slechts in het binnenste van uzelf, en gelukkig is hij die dit heeft begrepen. Onderzoek dus uw hart en neem de tijd om u te buigen over uw eigen geestelijke toestand. Hebt u het vertrouwen in God verloren ? Is uw geweten er blij mee dat gij u afkeert van Gods geboden ? Veroordeelt dit geweten u wanneer ge onrechtvaardig handelt en liegt ?. Dat gij uw plichten tegenover God en tegenover uw naaste verwaarloost ? Onderzoek het dus nauwkeurig : het zou immers kunnen zijn
dat slechte gedachten en passies uw hart overrompelen en dat gij zo meegesleurd wordt langs kronkelende en ondoordringbare wegen….Helaas, wie zijn eigen innerlijk heeft verwaarloosd, blijft ook verstoken van alle goede dingen, om hen te vervangen door vele andere slechte dingen. Zo heeft hij de vreugde voor zichzelf verloren en is hij nu in bitterheid, droefheid en alle vormen van kommer terecht gekomen. Zonder innerlijke vrede, wordt hij overmand door ontreddering en angst. Eens de liefde verdwenen is, is het de haat die zich van hem heeft meester gemaakt.Door zich te beroven van de gaven en de vruchten die de Heilige Geest hem heeft gegeven op het moment van zijn doopsel, is hij vertrouwd geworden met alles wat van een mens een smerig en ellendig iemand maakt. Mijn broeders ! De God die vol barmhartigheid is wil slechts ons geluk zowel in dit als in het volgend leven.
Daarom heeft Hij de Kerk gesticht, om door haar gezuiverd te worden van onze zonden, om ons te heiligen, om ons te verzoenen met Hem, om ons te vervullen met Zijn hemelse zegeningen. En de armen van deze Kerk staan wijd voor u open. Laat ons vlug zijn, wij die een bezwaard hart hebben. Laat ons er vlug naartoe gaan en wij zullen zien dat de Kerk ons verwacht om onze zware last op zich te nemen en om ons te doen vertrouwen op God en ons hart te vervullen met gelukzaligheid en vreugde.

HET HEILIG DOOPSEL

“Gij allen die in Christus gedoopt zijt, Gij hebt u met Christus omkleed”(Gel.3,27).
Welke waarheden zitten in deze woorden van de Apostel Paulus ! De gedoopten in Christus hebben hun kleed van de oude mens, dat bezoedelt is door passies en slechte verlangens, afgelegd. Zij hebben zich omgord met het kleed van de nieuwe mens, anders gezegd, met Christus Zelf die leeft in het diepste van onszelf. Want de zin “Gij hebt u omkleed” (re-vêtu= her-kleed) heeft geen enkele band meer met het kleed dat wij droegen. Er is hier sprake van een andere realiteit, een realiteit die veel dieper is, van iets dat veel essentiëler is, en dat niemand meer ons kan uittrekken. Door het uitspreken van onze geloofsbelijdenis en het doopsel krijgen wij Christus als onze
ware kledij en worden zo ware kinderen van God, woonplaats van de Heilige Geest en tempels van de Allerhoogste. Wij zijn tot de heiligheid geroepen, tot de volmaaktheid en tot de divinisatie door de genade die ons dan wordt verleend. Wij worden vrij van elk bederf, want wij zijn opnieuw bekleed met onbederfelijkheid. Voortaan ontdaan van de zondige mens zijn wij opnieuw bekleed met gerechtigheid en genade.Wij hebben de dood verjaagd en het eeuwig leven gekregen. In feite : zijn wij ons werkelijk bewust van het engagement die wij met het doopsel op ons hebben genomen ? Hebben wij begrepen dat wij de plicht hebben om ons te gedragen als authentieke zonen van God en als waarachtige broeders van onze Redder ? Begrijpen wij goed, dat onze eerste plicht erin bestaat onze eigen wil in overeenstemming te
brengen met Gods wil , dat wij ons moeten bevrijden van de zonde , dat het voor ons een plicht is om ons met al onze krachten, met ziel en lichaam, voor de liefdadigheid in te zetten, dat het onze plicht is om God te loven en te aanbidden en om er op te letten dat wij onze blik moeten gericht houden op het moment dat wij definitief met Hem zullen verenigd zijn ? Hebben wij deze gedachte voor ogen : dat ons hart voortaan moet overvloeien van authentieke liefde opdat wij de naaste nooit uit het oog zouden verliezen ? Tenslotte, zijn wij ervan overtuigd dat onze unieke roeping erin bestaat de heiligheid en volmaaktheid te bereiken ?, dat wij levende iconen zijn van God, kinderen en erfgenamen van Zijn Koninkrijk, het Koninkrijk der hemelen ? Het is omwille van al deze redenen dat er geen einde mag komen aan onze spirituele strijd
opdat wij het appèl dat God tot ons heeft gericht waardig mogen zijn , en dit om te vermijden eens de belediging te moeten ondergaan niet goed geacht te worden omwille van onze daden. Ja, mijn broeders, laat ons in ons binnenste zegevierend de goede strijd strijden door ijver en zelfverloochening. Laat ons voortgaan op de weg met durf, zonder vrees, zonder struikelen, en dit zonder ophouden, in onze strijd tegen
de beproevingen : God is met ons, Hij is onze hulp en onze steun, Hij sterkt en versterkt ons op de moeizame weg van de deugd.


DE GEESTELIJKE STRIJD

Het doel van ons leven is het bereiken van de volmaaktheid en de heiligheid. Het is waardig te worden kinderen van God te zijn en erfgenamen van Zijn Koninkrijk. Laten we er op attent zijn dat dit komend leven ons niet ontzegd wordt, door voorrang te geven aan de dingen van dit leven. Wij mogen ons niet verwijderen van het doel en de betekenis van het ware leven door de voorkeur te geven aan de zorgen en beproevingen die inherent zijn aan de wereld hier beneden. De vasten, de waken en het gebed op zich kunnen de verwachte vruchten niet voortbrengen. Zij vormen op zichzelf niet het ware doel, het zijn slechts middelen om dit doel te bereiken. Versiert uw kaarsen met authentieke deugden. Strijdt zonder ophouden om de passies die bezit
van u hebben genomen te ontwortelen. Zuiver uw harten van elke smet opdat zij de woonplaats worden van God en opdat de Heilige Geest er Zijn gaven kan in uitstorten. Mijn welbeminden, mogen al uw zorgen en alles wat u in beslag neemt zich uitsluitend richten naar het doel dat we reeds hebben vermeld, dit doel dat we nooit mogen opgeven. Daarom moet uw gebed essentieel op God gericht zijn. Zoek God op elk moment van uw leven , maar zoek daar waar Hij te vinden is. En wanneer je Hem gevonden hebt, houdt, in navolging van de Cherubijnen en de Serafijnen, stand voor Hem met vrees en beven zodat uw hart de troon van God zal worden.Om de Heer te vinden echter, verneder u dieper dan aarde omdat God walgt van hoogmoedigen terwijl hij de nederigen van hart zijn liefde schenkt.. Het is daarom dat Hij door de mond van Jesaja zegt :” Diegene die mijn aandacht trekt , is de bedroefde, het berouwvolle hart dat Mijn Woord vreest.”(Jes.66,2). Strijd de goede strijd en God zal u sterker maken. Door deze strijd begrenzen wij onze eigen zwakheden, onze gebreken en onze persoonlijke tekorten Want deze onophoudelijke strijd is slechts de spiegel van onze spirituele situatie : diegene die deze strijd nooit gestreden heeft, is ook nooit in staat geweest om zijn reeële innerlijke toestand te kennen. Pas op voor wat je ‘uw kleine zonden’ noemt. Indien je door onachtzaamheid niet aan een zonde kunt weerstaan : wanhoop dan niet, richt u spoedig weer op, valt voor God op uw
knieën. Hij is diegene die u opnieuw kan oprichten. Sluit u niet op in uw grote
droefheid, het dient slechts om uw hoogmoed te bedekken. De situaties van grote droefheid en de momenten van wanhoop die zich van ons meester maken berokkenen ons veel schade en zullen uiteindelijk een groot gevaar voor u worden. Al te dikwijls zijn ze het werk van de duivel, opdat wij een einde zouden maken aan onze goede strijd. Wij vinden in onszelf ook zwakheden en fouten en passies waarvan de wortels dieper liggen, vele onder deze zijn echter erfelijk.Men maakt er zich echter niet van vrij door krampachtige uitwegen te zoeken, noch door overmand te worden door angst
en wanhoop. Men geneest ervan, door geduldig te zijn, vastberaden tegenover
zichzelf,door toewijding en door oplettend te zijn. Het is waar : de weg die naar de volmaaktheid leidt is lang en zwaar. Bidt God om kracht. Trotseert uw vallen met geduld en eenmaal weder rechtop, blijf niet stilzitten op de plaats van uw val en begin niet te huilen en te wenen , soms ontroostbaar. Zo doen kinderen gewoonlijk ook. Blijf zonder ophouden waakzaam en bid zonder ophouden om niet in bekoring te vallen. En als het gebeurt dat je terugvalt in de oude zondige gewoontes, wordt dan vooral niet wanhopig, want velen onder hen zijn natuurlijk sterk en het is uit gewoonte dat men het doet. Nochtans, met de tijd en met volharding, vindt men wel een middel om ze te overwinnen. Daarom : ver van u elke wanhoop !

HET GEBED


De eerste taak van de mens is het gebed. Als beeld van God heeft hij dorst naar Hem en het is met hartstocht en inspanning dat hij zich tot Hem richt. Hoe meer de mens bidt, hoe meer hij zich zal losmaken van de geneugten van dit leven, hoe meer hij zal genieten van de ware vreugde die van de hemel komt. Het is met de verworven kennis dat het ons mogelijk is hierover te getuigen. God aanvaardt elke gebed dat op een correcte manier tot Hem is gericht, dit wil zeggen, elke keer dat wij een gebed opzeggen in het bewustzijn van onze onvolmaaktheid en onze onwaardigheid. Men moet dan ook verzaken aan alle boosaardigheid dat in ons is, en ons onderwerpen aan
de goddelijke geboden. Dit veronderstelt, dat wij nederig zijn en ons zonder ophouden overgeven aan het echte spirituele. Leg al uw zorgen in Gods hand, Hij is uw redding. Heb geen vrees, laat geen onrust toe in uw hart, God doorgrondt de verborgen diepten van uw zielen en Hij antwoord hierop op Zijn manier. Vraag ook, verlies de moed niet en zeg bij uzelf : ik heb het recht niet om mij te beklagen als mijn gebeden niet worden verhoord. De wegen van de Allerhoogste zijn voor u onbekend. Daarom, blijf sereen en richt onophoudelijk uw blik op Hem. Uw smekingen en uw gebeden zijn op zichzelf geen zekerheid voor de volmaaktheid. Alleen de Heer leidt ons naar de
volmaaktheid, door in ons te komen wonen telkens als wij ons houden aan Zijn wil. Eén van het belangrijkste is niet om kost wat kost onze eigen verlangens te willen realiseren, maar wél Zijn voorschriften. Op dezelfde wijze als de engelen het nauwkeurig doen in de hemel. Daarom, indien Christus niet in ons woont, blijven al onze vragen en gebeden ijdel.

DE VREDE

De vrede is een goddelijke gave die rijkelijk wordt uitgedeeld aan hen die zich
verzoend hebben met God. Vrede gelijkt op het licht. Dit staat tegenover de zonde die duisternis is : een zondaar kan nooit een vredestichter zijn. Vecht tegen de zonde en laat u niet in de war brengen door opkomende hartstochten. Als gij er al zult uitkomen, dan zullen deze opkomende hartstochten veranderen in vreugde en vrede. Als gij bezwijkt (en maak dat het zover niet komt), dan zullen droefheid en ontreddering de bovenhand krijgen. En dan nog, als je een zware strijd hebt geleverd, gebeurt het nog dat de zonde u tijdelijk meesleept. Gij echter moet op dat moment volharden en op het einde zult gij als overwinnaar en vol vrede eruit te voorschijn komen. “zoek, om met iedereen in vrede te leven, zoek de volmaaktheid, zonder dewelke niemand de Heer zal zien” (Hebr.12,14) De vrede en de heiliging zijn twee noodzakelijke voorwaarden voor hen die met ijver op zoek gaan naar het gelaat van God. De vrede is het fundament waarop de heiligheid wordt gebouwd. Er is geen heiligheid in een vertroebeld en opvliegend hart. Wanneer de woede altijd blijft voortduren in onze zielen, dan wordt ze een oorzaak van haat en vijandschap. Het is daarom dat men zich vlug moet verzoenen met zijn broeder, om niet verstoten te worden van de goddelijke genade die onze harten heiligt ! Diegene die in vrede leeft met zichzelf, die zal ook anderen vrede brengen en verblijft in Gods vrede.

DE LIEFDE (Agapè)

Vraag iedere dag aan God om u de genade te geven om lief te hebben. Bewaar met alle nodige waakzaamheid de kwaliteit van uw relaties met de anderen en betuig hen uw respect want zij zijn ‘beelden’ van God. Laat u niet verrassen door de schoonheid van hun lichaam : wanneer het hart niet warm gemaakt wordt door het zuiver gebed, zal de liefde alleen tevreden zijn met het louter vleselijke, met als gevolg dat de gedachten verward worden en zal het hart herleid worden tot as. Diegene die op zijn hoede blijft, opdat de gave van de liefde in al zijn zuiverheid wordt bewaard, hij zal niet in de strikken van de kwade vallen. Als men de liefde op die manier beschouwd, dan zal men stap voor stap de liefde die in het evangelie tot een zo hoog niveau wordt verheven herleiden tot een puur sentimentele liefde.

HET ONDERSCHEIDINGSVERMOGEN

Ik raad u het verstand en de wijsheid aan in alle omstandigheden en het vermijden van alle soorten van uitersten. Heb een goed onderscheidingsvermogen. Verzwak uw lichaam niet door het buitensporigheden op te leggen. Herinner u, dat de ascese van
het lichaam als enig doel heeft om de ziel te helpen om de volmaaktheid te bereiken. De enige weg om ze te bereiken is de goede strijd van de ziel. Houdt de koort ook niet meer gespannen dan noodzakelijk is. Weet dat God geen dwang oplegt wanneer Hij zijn gaven uitdeelt : wat wij van Hem ontvangen, is volledig gratis, want zijn genade is zonder grenzen. Probeer ook niet hogerop te geraken door u buitensporige asceses op te leggen als gij niet eerst de deugden bezit zonder dewelke gij het risico loopt om te dwalen in grootsheid en stoutmoedigheid. Zolang men gebukt gaat onder de passies, loopt men het risico om zich te misleiden, zoals dit gebeurt bij de stompzinnigen en de zelfingenomenen. Aan diegenen die los gekomen zijn van hun passies worden de gaven van de goddelijke genade uitgedeeld als beloning en dit in alle discretie en zonder dat zij het zelfs ook maar enigszins verwachten.

DE ARROGANTIE

De arrogantie van de rede gelijkt op de satanische hoogmoed die God verloochent en is een belediging tegenover de Heilige Geest. Daarom is zij moeilijk te genezen. De hoogmoed van het hart daarentegen is geen product van satanische hoogmoed, want zij vindt haar oorsprong in verschillendesituaties en doorheen vele gebeurtenissen : rijkdom, eer, roem en dit zowel geestelijk als fysiek (verstand, schoonheid, kracht,
vaardigheid…). Dit alles reikt tot de hersenen van de dwazen, zij worden ijdel en vervallen tenslotte in het atheïsme…. Zeer dikwijls heeft de Heer medelijden met hen en gebruikt Hij Zijn goddelijke pedagogie opdat zij terug zouden keren tot de redelijkheid. Dan zal hun hart, met een diep berouw, ophouden met het nastreven van ijdele roem en hen genezen. Het lijkt mij juist om te zeggen dat gans onze spirituele gerichtheid zich moet concentreren op de noodzaak om in het diepste van ons hart de arrogantie en de hoogmoed alsook hun handlangers, te neutraliseren. Als wij dit alles
vervangen door een waarachtige nederigheid, zijn wij er zeker van dat we alles zullen ontvangen. Want dáár waar nederigheid in Christus is, dáár zal ook een hergroepering zijn van alle deugden die rechtstreeks naar God leiden.

DE CHRISTELIJKE WAARDIGHEID

Christenen moeten volgens het bevel van Christus streven naar de volmaaktheid en de heiligheid. De volmaaktheid en de heiligheid beginnen eerst met het graven van een diep spoor in de ziel om vervolgens onze gedachten, onze verlangens, onze woorden en onze daden te doordringen. Op deze manier zal alles wat onze ziel vervult ook uiterlijk overgaan op het karakter van de ganse mens. Ook zullen wij ons op dezelfde wijze met fijngevoeligheid gedragen jegens allen. Dat onze woorden en daden ook de
genade van de Heilige Geest uitstralen, waarvan wij in het diepste van ons hart de dragers zijn. Gans ons zijn zal getuigen dat datgene wat verheerlijkt moet worden, de naam van God zelf is. Wie zal Zijn woorden afmeten, wie zal ook Zijn daden afwegen. Wie aandacht heeft voor wat hij zegt, heeft ook aandacht voor wat hij onderneemt. Hij zal nooit de maat van welvoeglijkheid overschrijden. Want ijdele woorden brengen haat, vijandschap, droefheid, twistgesprekken en allerhande ontreddering teweeg, ook oorlogen. Fijngevoeligheid dus en diep respect ! Dat er nooit kwetsende woorden over onze lippen komen, woorden die niet eerst gekruid zijn door Gods genade. Dat de woorden die wij spreken vol goedheid mogen zijn, als komen ze van Christus zelf en dat ze een afstraling mogen zijn van de wijze waarop wij onze eigen ziel ontwikkelen.

DE LOFPRIJZING (doxologie)

De plicht van de christen bestaat erin, altijd God te prijzen, zowel met zijn lichaam als met zijn geest. Anderzijds zijn beiden het eigendom van God, en om die reden hebben wij niet het recht noch om ze te ontluisteren noch om ze te doen ontaarden. Elk zijnde die zich eraan herinnert dat zijn lichaam en geest aan God toebehoort wordt gegrepen door godsvrucht en mystieke vrees ervoor, en dit behoed hen voor de zonde door in permanente relatie te blijven met Hem die de oorzaak zelf is van hun heiliging, de Heer onze God. Zo zal elke mens eer brengen aan God iedere keer dat hij zich eraan herinnert dat hij, zowel met zijn lichaam als met zijn geest, geheiligd is door God, en dat hij op die manier verenigd is met Hem. Dit wordt iedere keer mogelijk wanneer hij zijn eigen wil in overeenstemming brengt met de goddelijke voorschriften. Zo aangenaam te zijn voor God, is getuigen dat men niet meer voor zichzelf leeft, maar voor God. Het is bouwen aan het Koninkrijk der hemelen hier op aarde. Alles wordt aanleiding om de naam van God te verheerlijken en reeds hier beneden de goddelijke glans van het ware licht dat zacht en vrolijk is te doen schijnen. Zo verkondigen wij het ook tijdens de celebratie van de vespers :’Phôs hilaron…. Vriendelijk licht der heilige glorie, van de onsterfelijke Vader, heilig en gelukzalige Jezus Christus…!’ Als wij daadwerkelijk de beslissing nemen om zo te handelen, zullen wij zelf de rechte weg zijn, die diegenen die Hem nog niet hebben ontmoet en gekend, rechtstreeks naar God leidt.

Uit de Franse vertaling (Uitgegeven door het Monastère du Paraklet
.-Oropos-Attique/Grèce,1997). Vertaling Kris Biesbroeck


.



 

21:52 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.