31-05-11

Gregorius de Grote : Wij komen bij Hem wonen

H. Gregorius de Grote (ca. 540-604), paus en Kerkleraar 
Homilie over het Evangelie, nr. 30 
 

Gregorius de grote8.jpg

"Wij komen bij hem wonen"
 
     "Mijn Vader zal hem liefhebben en mijn Vader en Ik zullen bij hem komen en bij hem wonen." Denk er aan lieve vrienden, wat voor een feest het is om God in ons hart te mogen ontvangen! Als een rijke en machtige vriend bij u zou komen, zal uw huis uiteraard goed gepoetst zijn, opdat niets zijn blik zou kunnen choqueren als hij binnenkomt. Wie het verblijf van God in zijn ziel voorbereidt, zou het vuil van slechte handelingen moeten verwijderen.
      Let eens op wat de tekst zegt: "Mijn Vader en Ik zullen bij hem komen en bij hem wonen". Want het kan gebeuren bij het hart van sommigen dat Hij er niet zijn verblijf van maakt. Als ze daarover wroegingen hebben, zien ze hoe God kijkt; maar zo gauw de verleiding komt, vergeten ze het onderwerp van hun voorafgaande spijt en vallen ze terug in hun zonden, alsof ze daarover nooit getreurd hadden.. In een hart daarentegen dat werkelijk van God houdt en dat de geboden onderhoudt, komt de Heer en maakt er zijn woning van. Want de liefde van God vult haar helemaal op het moment van verleiding. Dus wie het niet toestaat dat zijn ziel gedomineerd wordt door slecht vermaak, houdt werkelijk van God... Vandaar de precisering: "Wie Mij niet liefheeft, houdt zich niet aan mijn woorden". Onderzoek uzelf zorgvuldig, mijn geliefde vrienden; vraag uzelf af of u werkelijk van God houdt. Maar vertrouw niet op het antwoord van uw hart zonder het met uw daden te vergelijken.
Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

17:34 Gepost door kris in Bezinning | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

20-05-11

zondag van de samaritaanse - 5e zondag na Pasen

ZONDAG  VAN  DE  SAMARITAANSE

5e zondag na Pasen

 

 

 De Samaritaanse vrouw

 

 

 

samaritan_woman.jpg

 

 

 

LEZINGEN

Hand.11,19-26,29-30:

In Antiochië ontstaat een christelijke gemeente
     [19] Zij die sinds de noodtoestand na Stefanus' dood verspreid waren geraakt, trokken verder tot Fenicië*, Cyprus en Antiochië*, terwijl zij aan niemand het woord verkondigden dan alleen aan de Joden. [20] Maar er waren ook mensen uit Cyprus en Cyrene bij, die in Antiochië ook aan de hellenisten* de goede boodschap gingen verkondigen dat Jezus de Heer is. [21] De Heer stond hen ter zijde: een groot aantal mensen kwam tot geloof en bekeerde zich tot de Heer. [22] Berichten over hen kwamen de gemeente in Jeruzalem ter ore en men stuurde Barnabas naar Antiochië. [23] Toen hij daar zag hoezeer God hen begunstigde, verheugde hij zich, en hij spoorde iedereen aan om met hart en ziel trouw te blijven aan de Heer, [24] want hij was een voortreffelijk man, vol heilige Geest en geloof. Een grote groep sloot zich aan bij de Heer. [25] Daarna vertrok hij naar Tarsus om Saulus te zoeken. [26] Toen hij hem gevonden had, nam hij hem mee naar Antiochië. Een vol jaar lang maakten zij deel uit van de gemeente en gaven ze onderricht aan een grote groep mensen. Het was ook in Antiochië dat de leerlingen voor het eerst christenen* werden genoemd.

 [29] De leerlingen besloten dat ieder van hen naar vermogen zou bijdragen aan de ondersteuning van de broeders die in Judea woonden. [30] Dat deden ze en ze stuurden Barnabas en Saulus naar de oudsten* om de opbrengst te overhandigen

 

EVANGELIELEZING:

Johannes 4,5-42 :

 

[5] Zo kwam Hij bij de Samaritaanse stad Sichar, die in de buurt ligt van het stuk grond* dat Jakob aan zijn zoon Jozef had gegeven, [6] en waar zich de Jakobsbron bevindt. Jezus, die afgemat was van de tocht, was bij de bron gaan zitten. Het was ongeveer het zesde* uur. [7] Een*Samaritaanse vrouw kwam water putten. Jezus sprak haar aan: 'Geef Mij wat te drinken.' [8] Zijn leerlingen waren eten gaan kopen in de stad. [9] De Samaritaanse vrouw antwoordde: 'Hoe kunt U als Jood te drinken vragen aan mij, een Samaritaanse?' Joden* willen namelijk met Samaritanen niets te maken hebben. [10] Jezus hernam: 'Als u de gave van God kende, als u wist wie het is die tegen u zegt: geef Mij te drinken, dan had u Hem erom gevraagd en Hij had u levend* water gegeven.' [11] 'Maar heer,' zei de vrouw, 'U hebt niet eens een emmer en het is een diepe put. Waar wilt U dat levende water dan vandaan halen? [12] Of bent u soms groter dan onze vader Jakob, die ons de put heeft nagelaten en er zelf uit gedronken heeft, evenals zijn kinderen en zijn kudden?' [13] Jezus antwoordde: 'Iedereen die drinkt van dit water, krijgt weer dorst, [14] maar wie drinkt van het water dat Ik hem zal geven, krijgt in eeuwigheid geen dorst meer; integendeel: het water dat Ik hem zal geven, zal in hem opborrelen als een bron van eeuwig leven.' [15] 'Heer,' zei de vrouw, 'geef mij van dat water, dan zal ik geen dorst meer hebben en hoef ik hier niet telkens te komen putten.'
     [16] Daarop zei Jezus: 'Ga uw man roepen en kom hier terug.' [17] 'Ik heb geen man', antwoordde de vrouw. 'Dat zegt u terecht, dat u geen man hebt,' zei Jezus. [18] 'Want u hebt vijf mannen gehad, en die u nu hebt is uw man niet. Wat u daar zegt, is waar.' [19] 'Heer,' zei de vrouw, 'ik zie dat U een profeet* bent. [20] Onze voorouders hebben op die berg* daar God aanbeden, maar volgens jullie is Jeruzalem de plaats waar men moet aanbidden.' [21] 'Geloof Me,' zei Jezus, 'er komt een uur dat men niet meer op die berg daar en ook niet in Jeruzalem de Vader zal aanbidden. [22] - Jullie aanbidden wat je niet kent, wij aanbidden wat we wel kennen; de redding komt immers uit de Joden. - [23] Er komt een uur, ja het is er al, dat de ware aanbidders de Vader zullen aanbidden in geest* en waarheid: dat zijn de aanbidders waar de Vader naar uitziet. [24] God* is geest, en zij die Hem aanbidden, moeten Hem aanbidden in geest en waarheid.' [25] De vrouw antwoordde: 'Ja, er komt een messias, dat weet ik.' (Messias betekent: gezalfde.) 'Als die er is, zal Hij ons alles verkondigen.' [26] Daarop zei Jezus tegen haar: 'Dat* ben Ik, degene die met u spreekt.'
     [27] Juist op dat moment kwamen zijn leerlingen terug. Het verwonderde* hen dat Hij in gesprek was met een vrouw. Toch vroeg geen van hen: 'Wat wilt U eigenlijk?' of 'Wat hebt U met haar te bepraten?' [28] De vrouw liet haar kruik staan, liep naar de stad en zei tegen de mensen: [29] 'Kom eens kijken, daar is iemand die mij wist te vertellen wat ik allemaal gedaan heb. Zou Hij soms de Messias zijn?' [30] Toen liepen ze de stad uit, naar Hem toe.
     [31] Ondertussen drongen de leerlingen bij Hem aan: 'Eet toch iets, rabbi.' [32] Maar Hij zei: 'Ik heb al iets te eten, voedsel dat jullie niet kennen.' [33] De leerlingen zeiden onder elkaar: 'Zou iemand Hem al eten gebracht hebben?' [34] Daarop zei Jezus: 'Mijn voedsel is: de wil*doen van Hem die Mij gezonden heeft en het werk volbrengen dat Hij Mij heeft opgedragen. [35] Zeggen jullie niet: Nog vier* maanden en dan komt de oogst*? Welnu, Ik zeg jullie: kijk eens goed naar de velden, ze staan wit, rijp voor de oogst. [36] Nu al krijgt de maaier zijn loon en verzamelt hij vruchten voor het eeuwig leven; zo kan de zaaier delen in de vreugde van de maaier. [37] Want het gezegde 'de een zaait en de ander maait' is waar: [38] Ik* heb jullie uitgezonden om een oogst binnen te halen waarvoor je je niet hebt afgemat: anderen* hebben zich afgemat en jullie plukken de vruchten van hun werk.'
     [39] Uit die stad waren vele Samaritanen in Hem gaan geloven op grond van het woord van de vrouw die getuigd had: 'Hij wist me alles te vertellen wat ik gedaan heb.' [40] Toen de Samaritanen naar Hem toe gekomen waren, vroegen ze Hem bij hen te blijven. Hij bleef daar twee dagen. [41] En nog veel meer kwamen er tot geloof door zijn woord. [42] En ze zeiden het ook tegen de vrouw: 'Nu geloven we niet meer op grond van wat jij verteld hebt; we hebben Hem zelf gehoord en nu weten we: dit is werkelijk de redder* van de wereld.'  

 

19-05-11

Onze vader in het slavisch met engelse ondertiteling

Onze Vader in het slavisch

11:28 Gepost door kris in Video | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

18-05-11

Oecumenisch patriarch huldigt christelijke kerk in Turkije in

OECUMENISCHE PATRIARCH HULDIGT CHRISTELIJKE KERK IN TURKIJE IN

De oecumenische patriarch Bartholomeus Bron: Orthobel

BRUSSEL (KerkNet/RadVat) – De oecumenische patriarch Bartholomeus van Constantinopel leidt zondag de herinhuldiging van een christelijk kerkje. De vervallen orthodoxe kerk werd gerestaureerd op kosten van het stadsbestuur van Gülsehir in Cappadocië. Dat is uitzonderlijk omdat de kosten van kerkgebouwen in principe door de Turkse staat of de christelijke kerken zelf worden gedragen. Voor de plechtigheid van zondag worden orthodoxen uit heel Turkije en zelfs Griekenland verwacht. Gülsehir ligt niet ver van de Griekse grens. Vele Griekse inwoners uit de streek werden in 1923 door de Ottomanen gedwongen om de regio te verlaten en zich in de streek van Thessaloniki te vestigen. 

09:43 Gepost door kris in Actualiteit | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

17-05-11

Hilarius van Poitiers : Over de heilige Drievuldigheid

H. Hilarius (ca 315-367), bisschop van Poitiers, Kerkleraar 

Hilarion van Poitiers.jpg

Hilarius van Poitiers

Over de Drievuldigheid  
"Dit is het werk van God: dat u gelooft in Hem, die Hij gezonden heeft"
      Het is aan U om het gevraagde te geven, het gezochte te laten vinden en waar geklopt wordt open te doen. Wij lijden immers aan geestelijke traagheid die ons van nature eigen is; door de zwakheid van ons verstand ... begrijpen wij niets van U.... Wij hopen dus dat Gij ons bij het begin van deze moeilijke onderneming aan wilt moedigen; dat Gij ons sterkt door een gestadige vooruitgang; dat Gij ons laat delen in de geest van de apostelen en de profeten, zodat wij hun woorden niet anders verstaan dan hoe ze bedoeld zijn...
      Wij willen gaan spreken over de dingen die zij als mysteries verkondigd hebben. Over U eeuwige God, de Vader van de eeuwige en eniggeboren God; over U, de enige die niet geboren is, en over de enige Heer, Jezus Christus, die door de eeuwige geboorte uit U voortgekomen is. Wij mogen van Hem geen tweede God maken vanwege een verschil dat er werkelijk is; wij mogen evenmin beweren dat Hij niet voortgekomen is uit U, die de enige God zijt; we mogen niet verkondigen dat Hij anders is dan de ware God, want Hij is geboren uit U die de Vader zijt en ware God.
      Leer ons dus de betekenis van de woorden, schenk ons het licht van inzicht..., en het geloof in de waarheid. Geef dat hetgeen we geloven ook uitspreken...: dat U die ene God en Vader bent, en Jezus Christus, de ene Heer. Laat ons U eren, mijn God, geef ons het vermogen om Hem te verkondigen, Hij, ware God. 

10:28 Gepost door kris in Bezinning | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

16-05-11

Heilige Godelieve van Gistel

 

Heiligenleven

 

Godelieve van Gistel.

 

 

godelieve.jpg

 

 

Godelieve van Gistel is wellicht één van meest vereerde Vlaamse Heiligen geweest. Veel lol aan haar korte leven heeft ze in elk geval niet gehad.
Zij leefde in de tweede helft van de 11de eeuw. Ze stamde uit een adellijke familie in het graafschap Boulogne en stond bekend voor haar liefdadigheid.
Heel jong nog werd ze uitgehuwelijkt aan Bertulf van Gistel.
Een verstandshuwelijk, geregeld door de ouders, en waarbij niet gevraagd werd naar de mening van de aanstaanden. Een groter contrast dan tussen het verfijnde beschaafde meisje en het ruwe volk uit de kuststreek was nauwelijks denkbaar.
Al van bij het begin loopt alles verkeerd. Deze man moest niets van haar hebben en hij blijft afwezig op het drie dagen durende huwelijksfeest en haar schoonmoeder vat voor haar een niets ontziende haat op.
Eenzaamheid en vernedering worden haar dagelijks lot. Van een normaal huwelijksleven is er geen sprake. Bertulf ziet naar zijn vrouw niet om.
Hij blijft op de ouderlijke burcht wonen, terwijl hij Godelieve laat verbannen naar zijn moeder.
Daar wordt ze ondergebracht in de hoeve, bij het dienstvolk. Hier werd ze slechter behandeld dan de minste dienstmeid.


Het lukte Godelieve weer naar haar ouderlijke huis te vluchten, waarop haar ouders een klacht indiende bij de bisschop van Doornik en de graaf van Vlaanderen. Daarop moest Bertolf haar terug nemen en goed behandelen. Dat deed Bertolf, maar achter een sluier van schijn zon Bertolf evenwel op een list om toch van haar af te komen.
Er werd een ongeluk in scène gezet op een korte reis naar Brugge. Toen Bertolf even afwezig was werd Godelieve in zijn opdracht op 6 juli 1070 door zijn knechten gewurgd en in een put gedumpt.
Bertolf liet haar begraven in de kapel en een korte tijd later hertrouwde hij en kreeg bij zijn tweede vrouw een blindgeboren dochter. Toen de moeder van het kind na 13 jaar ook overleed en eveneens werd begraven in de kapel naast Godelieve sloop het kind op zekere dag de kapel in. Zij knielde op één van de twee graven en smeekte de hemel om haar zicht terug terug te krijgen. Nadat het wonder geschiedde constateerde dat ze niet op moeders graf maar op de grafsteen van Godelieve had geknield.
Bertolf die het wonderlijk verhaal hoorde, trok het boetekleed aan, kwam tot inkeer en ondernam vele pelgrimstochten om zijn laatste dagen in klooster te slijten.

Op 30 juli 1084 werd Godelieves gebeente door de bisschop van Doornik uit haar graf gelicht en op het altaar in de kerk van Gistel geplaatst, de toen gebruikelijke procedure van heiligverklaring. Nog steeds wordt de verering van Godelieve in stand gehouden en aan het putwater van Gistel wordt geneeskracht toegeschreven.

Bron : http://www.stedeninfo.be/Westvlaanderen/Gistel/Godelieve.htm

11-05-11

Zondag van de verlamde : 4e zondag na Pasen

 

ZONDAG  VAN  DE  VERLAMDE

 4e zondag na Pasen

 

 

Verlamde15.jpg

 

LEZINGEN :

Handelingen 9,32-42 :

Petrus in Lydda en Joppe

     [32] Op een grote rondreis kwam Petrus ook bij de heiligen die in Lydda* woonden. [33] Hij trof daar een man aan die Eneas heette en al acht jaar op bed lag omdat hij verlamd was. [34] Petrus zei tegen hem: 'Eneas, Jezus Christus geneest je. Sta op en maak je bed op.' En meteen stond hij op. [35] Alle bewoners van Lydda en Saron* zagen hem en bekeerden zich tot de Heer.
     [
36] In Joppe woonde een leerlinge die Tabita heette, dat wil zeggen Gazelle. Ze deed veel goede werken en bewees liefdadigheid in overvloed. [37] Juist in die dagen werd ze ziek en stierf. Men waste haar en legde haar in een bovenvertrek. [38] Omdat Lydda dicht bij Joppe ligt, stuurden de leerlingen, die gehoord hadden dat Petrus daar was, twee mannen naar hem toe met het verzoek: 'Kom zonder uitstel naar ons toe.' [39] Petrus ging direct met hen mee. Na zijn aankomst brachten ze hem naar het bovenvertrek. Daar kwamen alle weduwen bij hem en ze lieten hem onder tranen de kledingstukken zien die Gazelle maakte toen ze nog bij hen was. [40] Petrus stuurde ze allemaal weg, knielde neer en bad. Toen keerde hij zich naar het lichaam en zei: 'Tabita, sta op.' Zij deed haar ogen open en toen ze Petrus zag ging ze overeind zitten. [41] Hij reikte haar de hand en hielp haar opstaan. Daarna riep hij de heiligen*, ook de weduwen, en liet hun zien dat ze weer leefde. [42] Dit werd bekend in heel Joppe en velen gingen geloven in de Heer.

 

 

Evangelie : Joh.5,1-15 :

 Hoofdstuk 5
Genezing van een lamme

[1] Enige tijd later ging Jezus voor een van de Joodse feesten naar Jeruzalem. [2] Nu is er in Jeruzalem bij de Schaapspoort een badinrichting, in het Hebreeuws Betzata* geheten, met vijf zuilengangen. [3] Daar lag gewoonlijk een groot aantal zieken, blinden, lammen en kreupelen*. [5] Er* was ook een man bij die al achtendertig jaar ziek was. [6] Jezus zag hem liggen, en omdat Hij begreep dat hij al lang ziek was, sprak Hij hem aan: 'Wilt u graag gezond worden?' [7] 'Maar Heer,' zei de zieke, 'ik heb geen mens om mij in het bad te helpen wanneer het water in beweging komt, en terwijl ik mij erheen sleep, is een ander mij voor.' [8] Daarop zei Jezus: 'Sta op, pak uw bed en loop.' [9] Meteen werd de man gezond: hij pakte zijn bed en liep.
     [
9] Nu was die dag een sabbat. [10] De Joden zeiden dus tegen de genezen man: 'Het is sabbat, u mag uw bed niet dragen!' [11] Maar hij antwoordde: 'Hij die mij gezond heeft gemaakt, heeft mij bevolen: "Pak uw bed en loop." ' [12] 'Wie is de man die tegen u gezegd heeft: "Pak uw bed en loop"?' vroegen ze. [13] Maar wie het was geweest, wist de man niet. Jezus was in de menigte verdwenen. [14] Later vond Jezus hem in de tempel terug. 'U bent nu gezond', zei Hij. 'Zorg dat u niet meer zondigt, anders zou u nog iets ergers*kunnen overkomen!' [15] De man ging aan de Joden meedelen dat het Jezus was die hem gezond gemaakt had.

De parochie

        De parochie                        

 

De Parochie is de oudste institutie van de Kerk. Zij heeft beproevingen doorstaan en weerstand geboden voor het welzijn van de christenen, gedurende gans haar bestaansgeschiedenis. De parochie is geen 'deeltje' van de Kerk. Zij IS de kerk. Want  niets ontbreekt aan de parochie opdat zij een Kerk zou zijn. De parochie is onze kerkelijke gemeenschap in een bepaald gebied.  Overal waar het volk van God, het priesterschap en het heilig Altaar is, daar is de Kerk. Welnu, de Kerk bevat deze drie elementen : het zijn de christenen met hun priester, die in naam van de bisschop de Goddelijke Liturgie celebreren.  Onze parochie is onze Kerk. Ieder christen, als lid van zijn parochie, behoort toe aan de Kerk. Iedereen in zijn parochie is verenigd met de Kerk en blijft ermee in contact. Het in zijn eigen kerk dat elke gelovige is gedoopt. In het doopregister van die kerk is zijn naam ingeschreven, op dezelfde wijze als hij ingeschreven is in de registers van zijn geboorteplaats, om zijn rechten als burger te kunnen uitoefenen.  Door zijn doopsel ontvangt de gedoopte ook nog een ander burgerschap : dit van het koninkrijk der hemelen. In diezelfde parochieregisters zal men ook de namen schrijven van alle kinderen die later zullen geboren worden, de dag van hu doopsel, het huwelijk en hun begrafenis. Dit inschrijven in de registers van de parochie is een heilige daad, want de registers zijn in zekere zin kopieën van de boeken van God zelf. Iedereen kan zo de band herkennen die zijn parochie verbindt met de Kerk waaruit ze is ontstaan. Wij zijn allen broeders, want wij hebben een nieuwe geboorte gekend door het doopsel dat wij ontvingen uit dezelfde doopvont . Wij zijn allen één lichaam, want wij ontvangen allen dezelfde communie aan dezelfde kelk die ons verenigt met Christus en met elkaar. Wij zijn allen parochianen van een kleine gemeenschap van christenen in de schoot van een grotere gemeenschap, die de Kerk is. Juist daarom moet men niet breken met de parochie om welke reden dan ook. Vooreerst, wat betreft  onze kerkelijke praktijk : de kerk is ons sacraal verblijf, het is de cultusplaats in de parochie. Het is waar, dat de cultus die er gecelebreerd wordt er is voor alle christenen, maar vooral wordt ze gecelebreerd voor allen die deel uitmaken van deze parochie (zoals wij het in de loop van onze diensten zeggen) : de voorgangers, het koor, zij die bidden en zij die dienen. Voor hen die goed doen en de weldoeners van de parochie waarin ze dagelijks leven. Het is een zeer slechte gewoonte, en zelfs een zonde om zijn parochie om verschillende redenen te verlaten en om de Goddelijke Liturgie ergens anders te gaan meevieren. Dit geldt ook voor het doopsel, het huwelijk, de collieven enz... Buiten het feit, dat dit kan gezien worden als een soort misprijzen ten overstaan van de heilige waaraan de kerk is toegewijd, en die de beschermer en behoeder is van de ganse parochiale infrastructuur. Het is ook een tekort aan  medevoelen en zelfs van een zekere onverschilligheid voor alles wat er in de parochie wordt gedaan en leeft. Wij moeten aandacht hebben voor de noden van de parochie. Niet alleen alles in de steek laten en elders gaan, maar we moeten  haar ook datgene schenken wat in onze mogelijkheden ligt voor haar voorspoed en dus voor het welzijn van allen. De parochie is onze eigen tuin, en men laat zijn eigen tuin niet in de steek om ergens anders de bloemen te gaan besproeien !. Men zegt terecht dat wij de parochie kunnen definiëren als de kleine cel van de grote Kerk. Indien wij in de Kerk geloven, indien wij haar welzijn voor ogen hebben, dan moeten wij beginnen met al onze aandacht te richten op onze eigen parochie.

Uit Exapla - Uitg. Tertios - Katerini - Griekenland

Vertaling : Kris Biesbroeck

          

14:25 Gepost door kris in theologie | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

10-05-11

Clemens van Alexandrië : Terstond landde de boot aan de kust

Clemens van Alexandrië (150-rond 215), theoloog 
De Pedagoog, III, 12, 101 

Clemens Von Alexandrien.jpg

Clémens van Alexandrië
"Terstond landde de boot aan de kust"
   
  Laten we tot het Woord bidden, tot het Woord van God: wees genadig voor uw kinderen, Meester, Vader, gids van Israel, Zoon en Vader, één en twee tegelijkertijd, Heer! Maak dat wij uw geboden navolgen, om te komen tot de volle gelijkenis van het beeld (Gn 1,26), om de goedheid van God en de rechter zonder hardheid te begrijpen naar ons eigen vermogen. Geef ons uzelf: om in uw vrede te leven, om in uw stad gebracht te worden, om door te gaan zonder ten onder te gaan in de stormen van de zonde; om mee genomen te worden naar de rustige wateren van de Heilige Geest; door de onuitspreekbare Wijsheid. Maak dat wij dag en nacht tot aan de laatste dag de Enige –Vader en Zoon, Zoon en Vader, Zoon, Pedagoog (1Kor 4,15) en Meester en tegelijkertijd de Heilige Geest, danken en loven.
      Alles is van de Enige, in wie alles is, door wie alles één is, door wie de eeuwigheid is, van wie wij allen ledematen zijn (1Kor 12,27). Aan Hem zij de heerlijkheid en de eeuwen; alles voor de Goede, alles voor de Schone, alles voor de Wijsheid, alles voor de Rechtvaardige! Aan Hem zij de glorie nu en in de eeuwen der eeuwen, amen!

Bron:Dagelijksevangelie  www.evangelizo.org

10:29 Gepost door kris in Bezinning | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

09-05-11

Jacobos van Nisibis

Heiligenleven

De heilige Jacobos van Nisibis

 

 

Jacobos van Nisibis.jpg

 Jacobus van Nisibis

 

De heilige Jacobos van Nisibis (Mesopotamië) leefde in de woestijn onder strenge vasten en onophoudelijk gebed. Hij werd  echter naar de stad gehaald om bisschop te worden van Nisibis (Nusaybin), dat onder zijn bestuur een belangrijk christelijk centrum werd, waar ook de heilige Efraïm is gevormd. Hij wordt nog steeds geëerd als een der grootste predikers van de Syrische kerk, die zovele beroemde redenaars en dichters heeft voortgebracht. Er staan vele geschriften op zijn naam; hij nam ook deel aan het eerste Oecumenisch Concilie van Nicea. Op zijn gebed werd de stad bevrijd toen deze ingesloten was door het overmachtige leger van de Perzische koning Sapor : de belegering moest worden opgebroken door een heftige muggenplaag. Jacobuis is gestorven in 350.

 

Uit : Heiligenleven voor elke dag : uitg. orth. klooster - Den Haag

10:40 Gepost door kris in Heiligenleven | Permalink | Commentaren (0) | Email dit |  Facebook |

Alle berichten