23-05-12

Christus : Het christengeloof : De Geloofsverkondiging der Apostelen met bewijzen

CHRISTUS

Uit : Het christengeloof : De Geloofsverkondiging der Apostelen met bewijzen

Door : Ireneos van Lyon

 

Christus gelaat.jpg

 

 

Christus, God en mens

De profeet Amos zegt (9,11): 'Te dien dage zal ik Davids vervallen tent weer oprichten'. Hiermee wordt geduid op het uit David stammend lichaam van Christus, dat gestorven is en uit de doden is opgestaan. Want ‘tent’ wordt vaak gebruikt voor lichaam.

Christus’lichamelijke afstamming uit David; dat Hij de Zoon van God; dat Hij zou sterven en opstaan uit de dood; dat Hij uiterlijk een mens, maar naar kracht als God zou zijn; dat Hij rechter zou zijn over heel de wereld; dat Hij gerechtigheid uitoefent en onze Verlosser is, dat alles wordt in de hierboven vermelde schrift woorden voorspeld

Christus geboorteplaats

De profeet Micheas wijst zelf de plaats aan waar de Christus geboren zou worden, namelijk Bethlehem in Judea (Mich.5,1) : ‘En gij, Bethlehem in Judea, zijt niet de geringste onder de aanvoerders van Juda : uit u immers zal een aanvoerder voortkomen, die Mijn volk Israel weiden zal’. Bethlehem is de geboorteplaats van David, zodat Christus, niet slechts vanwege de Maagd die Hem gebaard heeft, maar ook door Zijn geboorteplaats een afstammeling van David is.

De ware heerser uit Davids nageslacht.

Telkens spreekt David erover dat de Christus uit zijn nakomelingschap geboren zou worden, zoals in Psalm 131 : ‘Omwille van David, Uw dienaar, wend het aangezicht niet af van Uw Christus; de Heer heeft naar waarheid gezworen aan David. Hij zal het zeker gestand doen : vrucht van uw lichaam zal ik plaatsen op uw troon als us zonen Mijn Verbond onderhouden; als zij Mijn Getuigenissen bewaren zoals ik die hun zal leren, dan zal hun Zoon tot in eeuwigheid zetelen op uw troon’. Doch geen van Davids zonen heeft voor altijd geheerst, ook bleef hun koningschap niet eeuwig – dat rijk is immers opgeheven – alleen de uit David geboren Christus is Koning in eeuwigheid.

Al deze getuigenissen hebben betrekking op Zijn lichamelijke afstamming, en zij geven Zijn geslacht en geboorteplaats duidelijk aan, zodat men niet onder de heidenen, of waar dan ook, naar de geboren Zoon Gods behoefde te zoeken, doch in het joodse Bethlehem, uit het geslacht van Abraham en David.

Christus’ triomftocht

Een andere gebeurtenis uit Christus leven is voorzegd door de profeet Zacharias (9,9): ‘Roep dochter Sion toe : zie uw koning komt tot u, zachtmoedig en rijdend op een ezel, op een veulen, het jong van een lastdier’. Want zo heeft Hij inderdaad Zijn intrede gemaakt in Jeruzalem, de hoofdstad van Judea, waar de regering gezeteld was en waar zich ook Gods Tempel bevond. Hij deed Zijn intrede op een ezelsveulen, waarover de menigte haar kleren had uitgespreid en waarop Hij plaats genomen had. Die dochter van Sion is de stad Jeruzalem.

Voorspellingen over Christus

We zien dus hoe de profeten hebben voorspeld dat de Zoon Gods geboren is onder de mensen, maar zij hebben ook nog voorzegd hoe Hij die mensen, waaruit Hij stamde, zou genezen; hoe Hij hun doden zou opwekken tot leven; en hoe Hij daarvoor gehaat en verworpen zou worden; hoe Hij moest lijden, gedood en gekruisigd worden.

Voorzeggingen over de door Christus verrichte genezingen.

Laten we nu over Zijn genezingen spreken. Jesaja zegt daarover (53,4) : ‘Waarlijk, onze zwakheden heeft Hij gedragen, onze ziektes heeft Hij op zich genomen’. Dit is één der plaatsen waar Gods Geest door de profeten over de toekomst spreekt alsof die reeds gebeurd zou zijn : zo zeker is immers dat geschieden zal wat in Gods raad besloten is. Voor Gods Geest is, wat in gindse tijd geschiedt wanneer de profetie in vervulling moet gaan, reeds in Zijn aanschouwen tegenwoordig.

De profeet geeft ook de aard der genezingen aan : op ‘die dag horen de doven de woorden van het Boek en zien de blinden, want hun ogen zijn bevrijd van duisternis en donker’ (Jes.29,18). ‘Sterk de slappe handen, geef kracht aan de knikkende knieën. Wees getroost, verslagenen en kleinmoedigen; sterk u, vrees niet ! Hier is onze God, Hij brengt vergelding : Hijzelf wil ons komen redden. Dan worden de ogen der blinden geopend, de oren der doven zullen horen. Dan zal de kreupele springen als een hert en de tong van de stomme zal juichen (Jes.35,3-6)’. Zelfs het opwekken der gestorvenen heeft hij voorzegd : ‘De doden zullen opstaan, en die in de Graven zijn, zullen opgewekt worden (Jes.26,19)

(wordt vervolgd)

Uitgave van orthodox klooster : Den Haag

09:57 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.