28-05-12

Heiligenleven : de heilige Leander van Sevilla

Heiligenleven

De heilige Leander, bisschop van Sevilla.

 

 

Leander-Sevilla icoon.jpg

Leander van sevilla

 

Hij is geboren in Carthagena (Spanje), en de oudste broer van de heilige Isidorus, die na hem dit bisdom bestuurde. Toen hij nog heel jong was, werd hij reeds monnik, en hij viel op door zijn strikte trouw aan het beloofde kloosterlijk leven en door zijn studiezin. Door de bezoekers van het klooster werd dit ook in wijdere kring bekend, en toen de bisschop van Sevilla gestorven was, werd Leander gekozen als diens opvolger.

Spanje was sinds anderhalve eeuw bezet door de Visigoten (west-Gothen), die arianen waren, en in die tijd waren ook veel spaanse christenen ariaans geworden. Hier zag de nieuwe bisschop dus zijn belangrijkste werkterrein. Zijn nachten besteedde hij nog meer aan vurig smeekgebed voor de mensen die aan hem waren toevertrouwd, en hij werd een vurig prediker van de waarheid in zijn kathedraal. Niet alleen de Spanjaarden, maar ook vele Gothen bracht hij terug tot de orthodoxie. Onder deze bevond zich ook Hermengild, de oudste zoon van koning Levilgild. Deze was daarover buiten zichzelf van woede en liet zijn zoon gevangen zetten. Toen deze met Pasen weigerde om de heilige Communie te ontvangen uit de handen van een ariaanse bisschop, liet zijn vader hem in een uitbarsting van woede doden.

Levilgild kreeg daarover ontzettende wroeging, hij werd ziek en liet Leander halen, die hij eerst verbannen had. Hij vertrouwde hem zijn volgende zoon toe, Recared, die nu zijn opvolger zou zijn, om hem op te voeden in het orthodoxe geloof. Zelf durfde hij echter de beslissende stap niet te nemen, om geen ergernis te wekken bij zijn ariaanse onderdanen. Kort daarna is hij gestorven.

Recared was vol nieuwe geloofsijver, en begiftigd met veel verstand. Hij wist zijn volk en hun bisschoppen geleidelijk te overtuigen, en langzamerhand hield het schisma in Spanje op te bestaan. Paus Gregorius de Grote schreef daarover een enthousiaste brief aan Leander, die hij in Constantinopel had leren kennen.

Als man van gebed besteedde Leander ook veel zorg aan de ontwikkeling van het geestelijk leven in zijn eparchie. Hij leerde de mensen bidden en spande zich in om de kloosters weer tot hun oorspronkelijke vurigheid te brengen. De rondzendbrief over dit onderwerp wordt wel zijn monniksregel genoemd. Hij voerde ook in dat tijdens de heilige Liturgie de Geloofsbelijdenis werd gezegd; zoals hij dat in Constantinopel had gezien, als blijvend verweer tegen de ariaanse verleiding. Deze gewoonte kwam vanuit Spanje in heel de kerk van het Westen in gebruik.

Tegen het einde van zijn leven werd Leander door allerlei ziekten gekweld, en hij was geheel invalide door de jicht. Maar hij doorstond deze kwellingen met een opgewekt geduld, tot aan zijn dood in 596.

Uit : Heiligenlevens voor elke dag. Uitg. Orth. Klooster Den Haag

De commentaren zijn gesloten.