12-06-12

"De katholiciteit van de Kerk als mystiek lichaam van Christus"

"De katholiciteit van de Kerk als mystiek lichaam van Christus"

Door Jean Gueit.

De protestantse gemeenschap van de zusters van Pomeyrol, te Saint-Etienne-du-Grès (Bouches du Rhone) heeft van 1 tot 6 augustus laatstleden, orthodoxen , Katholieken en protestanten uitgenodigd voor de traditionele ontmoeting naar aanleiding van de Transfiguratie. Zoals elk jaar en dit reeds gedurende vijftig jaar waren de dagen gevuld met diensten van de gemeenschap en vervolgens door de liturgieën van de drie belijdenissen, alsook door drie uiteenzettingen gecentreerd rond het thema "vele ledematen, één enkel lichaam"

Jean Gueit, sedert 1982 priester, is 63 jaar. Hij is de rektor van de Kathedraal Sint- Nicolas te Nice en van de kerk van de heilige Hermogène, te Marseille (Bouches-du-Rhône). Hij is gespecialiseerd in recht en politieke wetenschappen, hij is conferentie-meester aan de universiteit van Aix- Marseille-III, waar hij de leiding heeft over het instituut voor centraal Euopese en Oosterse studies. Hij is gehuwd en vader van drie kinderen.

Ik zal geen academische uiteenzetting geven, ik wil een meer pastoraal getuigenis brengen gegrond op mijn persoonlijke ervaring, geconfronteerd met de contradicties die kunnen bestaan binnen de orthodoxie, ongelukkiglijk,die sedert lang steeds terugkeren, en die Olivier Clément reeds heeft vastgesteld, in 1977, tijdens een congres van de West- Europese orthodoxie, door het verschil aan het licht te brengen tussen zeggen en doen.

De kerk van God en de kerken

De ecclesiologie van het primitief christianisme is een fundamenteel praktische ecclesiologie, concreet, en niet abstract of theoretisch. Feitelijk is er geen definitie van Kerk. De Kerk is eenvoudigweg, vooreerst en voor alles, een vergadering, in een bepaalde ruimte, die zich op verschillende niveau’s kan bevinden : een familiale bijeenkomst, een bijeenkomst op het niveau van de stad . Men zal dan spreken van een kerk van een stad, van kerken van een regio, meer of minder uitgestrekt. Het enige concept min of meer abstract zal deze zijn van de Kerk van God. Maar, sprekend over de Kerk van God, verwijst op elk vlak concreet naar een vergadering, een "synaxe", om de griekse term te gebruiken, maar een specifieke vergadering, eucharistisch : een vergadering die eenvoudigweg bijeenkomst om de eucharistie te vieren !

Er is dus een eenvoudige assimilatie tussen de notie van Kerk en de celebratie van de eucharistie : men komt tezamen om de maaltijd van de Heer samen te delen, in een eucharistische houding, van dankzegging. Dat is de eerste identificatie van de Kerk.

Maar, meer dan dat, zoals verschillende hedendaagse orthodoxe theologen het hebben gezegd, en in het bijzonder Vader Serge Boulgakov, is de Kerk een auto-evidentie voor zichzelf, als fundament van elke definitie : het is de Kerk die de definities geeft, maar er is geen definitie van de kerk. Er kan geen definitie van de Kerk zijn terwijl zijzelf de basis is van elke dogmatische definitie als "kolom en fundament van de waarheid" zoals Sint Paulus zegt (1 Tim 3,15). Het vers uit de geloofsbelijdenis van Nicea-Constantinopel, het Credo : 'Ik geloof in de ene Kerk, heilig, katholiek en apostolisch' is geen definitie : het is een identificatie, een karakterisering.

Overigens, de Kerk is niet definieerbaar, zoals ook de Heilige Geest die in haar leeft. De Kerk is de Kerk. Zij begrijpt alles : wij zijn hier niet ver van de notie van katholiciteit. Maar het is slechts in haar, en in de kerkelijkheid, wel te verstaan – in de conciliariteit, dat men in staat is de dogma’s te verklaren.

De god-menselijkheid als uitdrukking van de orthodoxie

De "orthodoxie"duidt geen geopolitieke zone, een volksgroep, een beschaving, een historische periode aan : de orthodoxie ('ortho-doxa') duidt het rechte geloof, geformuleerd door het kerkelijk conciliaire bewustzijn aan. De orthodoxie is op zichzelf een ideologie, een belijdenis, het is een karakterisering van het rechte geloof. De orthodoxie legt getuigenis af van de juistheid van het geloof, terwijl men niet kan spreken van 'katholiek geloof', omdat katholiek betrekking heeft op de inhoud. 'Ik geloof in de ene, heilige, katholieke Kerk' dat is een inhoud, het is geen karakterisering van het uiterlijke. Het is geen bevestiging van : het is juist of het is niet juist... Het geloof kan slechts orthodox zijn of heterodox, of ketters. Het geloof heeft een karakterisering die conciliair is gegeven en waarvan wij getuigen in de Kerk door te zeggen "het is juist" of "het is niet juist". Als wij dus spreken over de 'orthodoxie van het geloof', waarover gaat het dan ? Wat zijn de fundamenten ? Welke orthodoxie van het christelijk geloof ? wat doet de 'christen' ?

Voor ons is het meest fundamentele het dogma van de twee naturen van Christus, God en mens. Het gaat hier om een dogmatische definitie ons gegeven door het concilie van Chalcedon : Twee naturen, zonder verwarring, noch vermenging, noch onderscheid, in één enkele persoon. De God-menselijkheid van Christus is het punt waarop er geen overstapmogelijk is tussen de orthodoxie en het christelijk geloof en elke andere religie, er is geen compromis noch syncretisme mogelijk. Deze bevestiging van de god-menselijkheid van Christus bevestigt alles door zijn inhoud : tegelijk de verzoening van de hemel en de aarde, van de schepper en zijn schepsel, en van de ganse cosmos, een verzoening zonder fusie, zonder verwarring, hereniging van twee polen. Het is ook een dualiteit, god menselijk : twee naturen, zonder verwarring - in één enkele persoon : hoe is dit denkbaar ?. Gans de geschiedenis van de christenheid, gisteren en vandaag, gaat voort met hierover te struikelen. In de eerste eeuw, ging gans het christologisch debat in verband met alle ketterijen op een of andere manier over deze problematiek van het god-menselijke, sedert de ariaanse crisis tot aan die van het iconoclasme. In naam van wat zal de verering van de iconen worden hersteld ? In naam van de god-menselijkheid van Christus. Om de formule van Theodoor de Studiet te hernemen : Indien God geen mens was geworden dan kunnen we hem ook niet voorstellen ! Indien wij hem niet kunnen voorstellen, dan is hij geen mens geworden ! God is mens geworden, en juist daarom kunnen we hem voorstellen !

De spanning tussen hemel en aarde

De dualiteit is voor ons mensen, zoals voor elk menselijk wezen een spanning, en dit blijft altijd een spanning. In feite heeft men altijd de tweeterm hemel-aarde, dat is universeel : alle religies, en vooral gans de problematiek van het menselijk zijn, draaien rond de relatie met de hemel. Elke rechtvaardiging van de macht, elke regeling binnen de maatschappij, overal, definiëren zich met betrekking tot een opvatting van de relatie die wij hebben met de hemel. Welnu, deze realiteit, deze universele tweeterm hemel-aarde is het hierboven en de aarde hier beneden, maar men kan, als het gaat over God die mens is geworden, het beschouwen in een horizontaal plan. En het is één van de karateristieken die per slot van rekening op een fundamentele manier gaat binnensluipen tussen de Westerse en de Oosterse christenheid en hen tegenover mekaar plaatsen. Men spreekt van de byzantijnse symfonie , maar bestaat deze symfonie wel ? is zij mogelijk ? Het is een uiterst onstabiel evenwicht dat heeft gespeeld tussen Rome en Constantinopel : Rome is tenslotte opstandig geweest over het feit dat het de Keizer was die de concilies bijeenriep ! Ja, het was de keizer... en waarom niet ? Er was daar geen in vraagstelling van de essentiele dogmas ! Wat zeker is, is dat de verticaliteit noodzakelijk een hiërarchisch principe suggereert. Welnu, de horizontaliteit suggereert een synodaliteit of conciliariteit. De verticaliteit, omdat zij bijna noodzakelijk hiërarchisch is brengt alle "-ismen" voort omdat de "-ismen" de bevestiging zijn van de autoriteit en de macht. Maar men moet erkennen dat, als de byzantijnse gedachte een horizontalisme aanhangt, zij er toch niet in slaagt om elk "-isme" te bannen zoals liturgisme, ritualisme, clericalisme, nationalisme, enz...

Dit alles brengt ons tot de ecclesiologie. De ecclesiologie, wat is dat ? Het is tegelijk de essentie en de wijze van organisatie, want in de grond, elke geschiedenis van de christenheid, alle debatten, draaien rond deze kwestie : Wat is de essentie van de Kerk ? Hoe organiseert ze zich ? Hoe is het gegrond om ze te organiseren ?

Der Kerk, afspiegeling van het trinitair mysterie

De ecclesiologie ontwikkelt zich in twee tijden, die in fine, er slechts één zal zijn. De eerste, is de Kerk eenvoudig weg de eucharistische synaxe, dus de eerste ecclesiologie is eenvoudigweg eucharistisch. Dat wil zeggen dat wij het princiepe stellen van de bijeenkomst, die samenkomt om de eucharistie te vieren, maar deze bijeenkomst heeft een proestos. Ik gebruik de griekse term om het woord "voorzitter" te vermijden, want de proestos, is diegene die rechtopstaande voorgaat. Een samenkomen om de eucharistie te vieren moet een proestos hebben. Deze bestaat enkel omdat er een bijeenkomst is, maar de bijeenkomst kan de eucharistie niet vieren zonder een 'proestos' . Deze 'proestos' is geen vertegenwoordiger van Christus, hij brengt het priesterschap van Christus die onze enige priester is naderbij. Hij stelt het priesterschap van Christus tegenwoordig, wat wil zeggen dat er geen verpersoonlijking is, dat er geen specifiek merkteken is, wat het ook mag zijn, dat gegeven wordt aan de celebrant. Ik leg de nadruk op dit punt, de proestos kan niets als er geen bijeenkomst is, want het is' hij die voorgaat' : met als gevolg,er moeten mensen achter hem staan !

Vervolgens, met de uitbreiding van de Kerk in de regio's en de steden, gaat zich de vraag stellen omtrent de relatie tussen de kerkelijke gemeenschappen, welke ecclesiologie,welke regel om te functionneren ? Ik antwoord snel met de apostolische canon 34, die kort kan samengevat worden. Het bevestigt dat iedere proestos, hieronder moet men de bisschoppen verstaan - want de bisschop is de eerste proestos, de voorgangers van de eucharistie -, moeten wederzijds elkaar erkennen en anderzijds : moeten een eerste onder hen erkennen, en wel op deze manier dat er niets belangrijks wordt ondernomen door de anderen zonder hem, maar dat deze ook zelf niets onderneemt zonder de anderen, "opdat de Vader, de Zoon en de Heilige Geest worden verheerlijkt", aldus het besluit van dezelfde canon. Het princiepe van de 34e apostolische canon geeft ons een synodale ecclesiologie, die wij zouden durven noemen, op een min of meer achterhaalde en veeleer profane wijze, een "gedecentraliseerde ecclesiologie", maar die niettemin een centraal merkteken draagt : de "eerste onder hen". De territoriale Kerken kunnen niet enkel autonoom worden, maar autocephaal . Maar de eersten van elk van deze Kerken moeten onder hen een eerste aanvaarden (...)

Hier is de basis gelegd van de synodaliteit en de ecclesiologie die ik orthodox noem in de eerste betekenis van de term. Wij hebben een projectie van het mysterie van de één-Drieeenheid en de communio van personen van de Drie-eenheid als de essensie zelf van de ecclesiologie. De kerk is dus de weerspiegeling van de personen van de Drie-eenheid, van de trinitaire relatie. In zekere zin kan men zeggen dat de geboorte van de Kerk, Pinksteren is, dat de Kerk evident de Kerk van de Heilige Geest is, op gelijke wijze, zonder scheiding en zonder hiërarchie tussen de Zoon en de Geest.

"Een katholiciteit die alles betreft"

De russische ecclesiologische gedachte stelt katholiciteit en conciliariteit gelijk met het woord "sobornost". Dit is een samenvoeging waarover kan gediscutieerd worden, maar zij heeft de verdienste om aan te tonen op welk punt de essentie van de Kerk, haar katholiciteit is, maar een katholiciteit die alles betreft. Anders gezegd, het gaat over een katholiciteit van de Kerk als mystiek Lichaam van Christus. het Lichaam van Christus sluit de ganse kosmos in. Het is niet de kosmos die het Lichaam van Christus insluit.De Kerk is niet in de wereld : de wereld, de ganse schepping, is vervat in de Kerk. Rond deze dualiteit, zelfs in de Kerk hebben wij alle soorten van ondervragingen : welke relatie hebben wij met de eucharistie zelf ? Met het brood en de wijn ? Welke relatie hebben wij met de celebratie van de eucharistie, met haar strukturen? Wie gaat er voor ? Wat vertegenwoordigt het voorgaan in de eucharistie ? Welke opvatting hebben wij van de verschillende celebraties in de ruimte ? Welke zijn de kriterea of de fundamenten van de kerkelijke eenheid ? Al deze vragen voeren ons terug naar de ecclesiologie en naar ons zijn in de Kerk.(...)

Deze dualiteit van de Kerk is een extreem moeilijk evenwicht, voornamelijk op het ecclesiologisch plan. De ecclesiologie hangt af van dit beleven, van de relatie die wij hebben met het God-menselijke.Men overdrijft zowel in het ene als in het andere, en het is bijna zoals de communicerende vaten. Dat is de reden waarom wij al deze afdwalingen hebben in de geschiedenis, of het nu gaat over de dwaling van het romeins verticalisme , of de orthodoxe dwaling die té veel de nadruk legt op het horizontalisme met het naast elkaar plaatsen van de autocephale Kerken die ontstaan zijn door het feit van de ontwikkeling van de staten.

"Terugkeren naar de fundamenten van ons geloof

Eén van de voorgaande sprekers heeft gezegd, dat in de dialoog onder Christenen, men vooral niet mag raken aan de dogmatiek, maar dat men de moraal voor ogen moet houden. het lijkt mij dat dit juist de weg is die sommige Kerken nemen, wellicht een beetje om zich te beschermen tegenover de omringende wereld. Men heeft de indruk dat men deelgenoot is van een zekere kruistocht tegen het Westen die het model zou zijn van alle kwaad en in elk geval van alle losbandigheid... Dat is ten minste wat men moet verstaan in sommige redevoeringen.

In de theologie van de Oosterse christen die zichzelf inschrijft in de lijn te liggen van de semitische traditie van de bijbel, zijn wij in de lijn van de intuïtie, van het mysterieuze aannemen van de waarheid... Ik neem een zin van Vader serge Boulgakov : ' De waarheid onthult zich niet aan de individuele rede, maar aan de kerkelijke eenheid in de liefde. Haar wegen zijn mysterieus en ondefinieerbaar, zoals de nederdaling van de heilige Geest in het hart van de menen'.

Ik denk dat wij samen terug moeten keren naar de fundamenten van ons geloof. Want wij zijn op dit moment allen de zondebok - katholieken, protestanten, orthodoxen - , ieder op zijn manier, ieder omwille van historische redenen... Welnu, zoals de apostel Paulus schrijft, 'Indien één lid lijdt, dan lijdt het ganse lichaam', dat betekent dat, welk ook de oorsprong is van het lijdende ledemaat, indien het ganse kerk-lichaam lijdt, dan lijden alle leden, zelfs al dragen zij hiervan niet de verantwoordelijkheid ! Onder deze omstandigheden, tot welk wezenlijks moeten wij terugkeren ?

De persoonlijke ontmoeting met Christus, God en Mens

Wij moeten blijvend de god-menselijkheid van Christus in beschouwing nemen, en goed begrijpen wat dit inhoudt : het gaat over een ontmoeting. Men moet goed begrijpen wat dit wil zeggen, een 'ontmoeting', en men moet dit horizontaal bekijken en niet vertikaal : men moet het beschouwen als een intieme, barmhartige ontmoeting. 'Ik ben gekomen voor de zieken en niet voor hen die gezond zijn', zegt jezus Christus. Er bestaat geen zonde die niet vergeeflijk is of vergeven, door Christus. Hij heeft ons het berouw geschonken als weg naar het heil. Dus, deze christologische bevestiging is niet uitputtelijk. Integendeel. En dit bepaalt al de rest, zelfs het geloof in de verrijzenis.(...)

De Kerk heeft het filosofisch vocabularium geërfd van de griekse cultuur, maar haar diepe gedachte blijft een bijbelse gedachte, semitisch, gedomineerd door het idee van de eenheid, van de enigheid van het menselijk zijn. Wat betreft de relatie hemel-aarde, is er God, maar waar is de God van het volk van Israël ? het is daar, aanwezig, en de mens discusieerd met hem . Dat is dialoog... En in de joodse gedachte aanvaard God om te discussieren, zelfs al is hij ontoegankelijk, zelf al kan men hem niet zien...Het lijkt mij dat deze benadering de God-menselijkheid nabij brengt omdat, ja, God mens geworden is en er dus een persoonlijke ontmoeting kan plaatsvinden : ik ontmoet God persoonlijk ! Maar durf ik zeggen op voet van gelijkheid ? Door Christus, ja : wanneer Christus de hand rijkt aan Adam op de icoon van de verrijzenis is het buitengewoon : men moet ook hem de hand rijken. Christus rijkt zijn hand aan ieder van ons, het ligt aan ons of wij het zullen aannemen of niet.(...)

Dus, geloven : ja ! Sint Paulus zegt : ' Indien Christus niet is verrezen, is ons geloof ijdel...' Maar om te geloven in de verrezen Christus moet men wel geloven in de waarachtige Christus - God en mens - De onmogelijkheid van het schepsel om God te kennen in zijn essentie sluit de realiteit van de communio die zich realiseert in het sacrament die een manier van tegenwoordigheid is als symbool, niet uit. Het symbool is het middel van kennis van datgene wat niet op een andere wijze kan gekend worden. Ook moeten wij allen samen opnieuw werken, om de betekenis van de woorden 'katholiek', 'orthodox', 'protestant', 'symbool' te herontdekken. Pas dan kunnen wij communiceren aan dezelfde kelk.

Uit : SOP 363

Vertaling : Kris Biesbroeck

17:15 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.