12-06-13

Ikonen themas

THEMATISCHE IKONEN

Christus

Theologisch gezien is de ikoon van Christus de belangrijkste.Doordat Christus mens geworden is,werd hij zichtbaar en dus ook uitbeeldbaar. Maar hoe moest Christus afgebeeld worden? De oudste afbeeldingen

van Christus tonen een jongeman zonder baard.Op een fresco uit de 4e eeuw in de catacombe van Petrus en Marcellinus in Rome is Christus afgebeeld met halflang haar en korte baard.Deze afbeelding verschilt niet veel van wat later het prototype van een Christus-ikoon wordt.

Het authentieke portret van Christus voor de christenen uit de eerste eeuwen was een belangrijke aangelegenheid.Er werd veel over geschreven en er bestaan veel legenden over.De oudste afbeelding van Christus zou op wonderbare wijze tot stand gekomen zijn.Het zou niet, zoals bij de idolen van de heidenen, door mensenhanden gemaakt zijn.Christus zou zelf zijn gelaat op een linnen doek gedrukt hebben.Deze doek zou in 944 tegen betaling van een grote som geld van de Emir van Edessa gekocht zijn en naar Constantinopel overgebracht zijn.Daar kreeg het de naam Mandylion, van het Arabische woord mandyl, dat doek betekent.Tijdens de plundering van de stad zou het Mandylion in 1204 door kruisvaarders naar het Westen gebracht zijn.

De oudst bewaarde voorstelling van het Mandylion bevindt zich op een bovendeel van een triptiek uit de 10e eeuw in het Catharinaklooster in de Sinaï.Hierop is koning Abgar afgebeeld, die het Mandylion ontvangt.

Het grote verschil tussen het Christusbeeld uit het Westen en dat uit het Oosten is, dat het Mandylion uit het Westen (de doek van Veronica)betrekking heeft op het lijden van Christus. Christus wordt dan ook afgebeeld met een doornenkroon.Het Mandylion uit het Oosten (de Abgar-doek) heeft echter betrekking op de uitbeeldbaarheid van Christus.God is in Christus zichtbaar geworden.Op een Mandylion-ikoon is alleen het gelaat van Christus afgebeeld, zonder nek en schouders. Soms wordt het paneel als doek gezien, soms is een doek geschilderd met het gelaat van Christus erop afgebeeld, en soms wordt dit door engelen vastgehouden. Christus heeft een donkere baard en in het midden gescheiden haarlokken.De wenkbrauwen zijn sterk aangezet.Het dichtst bij het type van het Mandylion komt het portret dat in de volksmond Streng Oog (in het Russisch: Jaroe Oko) genoemd wordt.Het gelaat van Christus met hals en bovendeel van zijn schouders vult dan het hele oppervlak van de ikoon.

De meest voorkomende voorstelling is die van Christus Pantokrator,

waarvan de oudste teruggaat tot de 4e eeuw.HetGriekse woord pantokrator betekent alheerser. In het Russisch wordt hij Gospod Vsederzitel genoemd. Christus is afgebeeld als een Byzantijnse keizer.Hij maakt met zijn rechterhand een zegenend gebaar,waarbij hij de wijs- en middenvinger bijeenhoudt, soms gekruist, als een verwijzing naar zijn twee naturen, de goddelijke en de menselijke. In zijn linkerhand houdt hij een open of dicht evangelieboek vast.

Als het boek opengeslagen is, toont Christus de toeschouwer vaak de volgende tekst uit Mattheüs 11, 28: ‘Kom naar mij, jullie die vermoeid zijn en onder lasten gebukt gaan, dan zal ik jullie rust geven’ of uit Johannes 14, 6: ‘Ik ben de weg, de waarheid en het leven ...’.Christus is gekleed in een purperrode tunica; purper verwijst naar zijn goddelijke natuur.Hierover draagt hij een blauwe mantel.Blauw duidt op de menselijke natuur die Christus door zijn komst op aarde heeft aangenomen.Rond het hoofd van Christus is een aureool of stralenkrans. In de Griekse en Romeinse tijd werden goden en godinnen die op aarde verschenen al getooid met een nimbus of aureool.

Hiermee werd hun bovenaardse afkomst aangegeven.Deze goden woonden immers in de hemel van de zon en de sterren.Ook Christus wordt verlicht door het hemelse en eeuwige licht. In het aureool van Christus is een kruisteken aangebracht met Griekse inscripties: IC XC (Jezus Christus) en O ΩN(‘Hij die is’ of ‘de Zijnde’).Deze staan ook op Russische ikonen.

De oorsprong van deze tekst is afkomstig uit het Boek Exodus 3, 13-14. Behalve deze veel voorkomende voorstellingen bestaan ikonen waarop Christus zittend op een troon wordt afgebeeld of soms in zijn volle lengte met enige heiligen knielend aan zijn voeten. Verder zijn er de symbolische afbeeldingen van Christus, zoals De Wijsheid Gods,Het Niet Slapend Oog,Het Alziend Oog en Het Gezegend Zwijgen.

In feite verwijst iedere ikoon,met wat voor onderwerp dan ook, altijd naar Christus.Het kan zijn door een hand achter een wolkenrand, een kruisje in de hand van een heilige, of een schriftrol in de hand van een profeet.

 

De Moeder Gods


De Moeder Gods wordt op ikonen even vaak voorgesteld als Christus zelf, of zelfs vaker.De ikoon van de Moeder Gods gaat in zekere zin aan alle andere ikonen vooraf, omdat slechts door haar het beeld van Christus mogelijk werd.

De eerste ikoon van de Moeder Gods is niet een ‘niet door mensenhanden gemaakte’ ikoon,maar zou door de evangelist Lucas zijn geschilderd. Op deze manier is de authenticiteit van de ikoon gewaarborgd. Een ikoon kan natuurlijk niet zomaar verzonnen zijn, daarom bestaan er tal van legenden over Moeder Gods-ikonen. Sommige zouden uit de hemel gevallen zijn, aangespoeld uit een rivier, of opgegraven.De schilder moest deze ikonen kopiëren, en naarmate er meer replica’s van een originele ikoon kwamen, des te groter werd de kracht van de ikoon. Er zijn een aantal vaste bestanddelen die in iedere voorstelling van de Moeder Gods-ikoon terugkomen. Zo is de Moeder Gods altijd gehuld in een blauw onderkleed als teken van haar menselijke natuur.Daaroverheen draagt zij een purperen mantel, als teken van de goddelijke genade die haar ten deel gevallen is.Op haar sluier zijn sterren afgebeeld.Deze drie sterren worden verschillend geïnterpreteerd. Ze zouden een verwijzing kunnen zijn naar de Drie-eenheid of ze zouden een symbool kunnen zijn voor de maagdelijkheid (vóór, tijdens en na Christus’ geboorte). Een derde verklaring wordt gevonden in een oud Syrisch gebruik om drie sterren op de bruidssluier van prinsessen te borduren, als symbool van reinheid.Op iedere Moeder Gods-ikoon, komt de afkorting voor van haar eretitel: haar Griekse naam ΜΡ ΘΥ(Mèter Theou).

Er zijn wel achthonderd verschillende Moeder Gods-ikonen, ieder met een eigen naam. Veel Moeder Gods-ikonen worden aangeduid met de naam van hun herkomst, kerk of plaats van verering.Heel bekend zijn de Moeder Gods-ikonen van Vladimir ,Tichvin, Kazan , Korsun, Shuya,Tolga, Volokolamsk en Smolensk, om er maar enkele te noemen.Om een overzicht te krijgen, volgt hieronder een globale indeling in vier hoofdtypes.

Het oudste typeMoeder Gods-ikoon is de Hodegitria.Deze ikoon zou door de apostel Lucas geschilderd zijn en in de 5e eeuw vanuit Jeruzalem naar Constantinopel gebracht zijn.Men noemt haar ook de Wegwijzende. Zij wijst met haar hand naar Hem die zichzelf de Weg noemt. Zij kijkt recht vooruit, net zoals haar zoon.Het is meestal een plechtige ikoon.De Moeder Gods heeft iets vorstelijks en lijkt geen genegenheid aan haar zoon te geven. Bij de zoon wordt zijn goddelijke natuur benadrukt; hij lijkt zich bewust van zijn bijzondere taak en is wijs voor zijn jaren.Hij zit op de linkerarm van zijn moeder.Hij heeft zijn rechterhand opgeheven en houdt in zijn linkerhand een gesloten schriftrol. In Rusland werd dit type bekend onder de naam Hodegitria van Smolensk (Smolenskaja).De naam is afkomstig van de ikoon die in 988 naar Rusland werd gebracht door de Byzantijnse prinses Anna, bij haar huwelijk met Vladimir van Kiev. In 1101 kwam de ikoon in Smolensk terecht en kreeg daar haar naam. Geheel anders is de Eleousa.Dit is deMoeder Gods van de Tederheid. Moeder en kind vlijen de wangen tegen elkaar.De moeder lijkt vervuld van melancholie, alsof zij denkt aan het toekomstig lijden van haar zoon.Het lijkt alsof zij elkaar in een liefdevolle omarming troosten.Het type ontstond in de 12e eeuw, toen er in de Byzantijnse kunst aandacht kwam voor het uitdrukken van het menselijk gevoel.De meest bekende ikoon van dit type is de Vladimirskaja. Deze ikoon is aan het begin van de 12e eeuw als geschenk van het Byzantijnse keizershof naar Kiev gebracht en van daar naar de stad Vladimir,waar zij haar naamkreeg. In 1395 werd de Vladimirskaja naar Moskou gebracht, omdat de stad door de Turkse legers van Timor Lenk bedreigd werd.Nadat de Turkse troepen verdreven waren, dankzij de Vladimirskaja,werd de ikoon geplaatst in een kerk in het Kremlin.Hieruit werd zij nog herhaaldelijk te voorschijn gehaald om de Russische legers te helpen bij hun overwinningen op de Mongolen.De ikoon kreeg de eretitel 'Moeder van Rusland’ en hangt nu in het Tretjakov Museum in Moskou. Enkele andere bekende Eleousa-ikonen zijn de Moeder Gods Korsunskaja en de Feodorofskaja. Het derde type is de Tronende Moeder Gods. Een van de oudst bekende ikonen van dit type is uit de 6e eeuw en bevindt zich in het Catharinaklooster in de Sinaï. De ikoon heeft een plechtig karakter.De Moeder Gods kijkt recht vooruit en heeft het kind op haar schoot.Het beeld is analoog aan antieke Egyptische,Griekse en Romeinse afbeeldingen van moedergodinnen, zoals de afbeelding van de Egyptische godin Isis met haar zoon Horus.De meest voorkomende ikoon van dit type in Rusland is de Moeder Gods van het Holenklooster in Kiev, de Pecherskaja.De Moeder Gods wordt geflankeerd door de twee stichters van het Holenklooster, Antonij en Feodosij.  Het vierde type is de Biddende Moeder Gods.De Moeder Gods is afgebeeld in de antiek biddende houding,met de handen omhoog geheven en gespreid.Op haar borst draagt zij een rond schild met een afbeelding van Christus Emmanuel,Christus als kind.Deze voorstelling van de Moeder Gods zou in de 4e of 5e eeuwzijn ontstaan,maar verscheen voor het eerst in de 9e eeuw in de Blachernekerk in Constantinopel.Deze ikoon, de Blachernitissa genoemd,werd symbool van de stad en is in 1434 door een brand verwoest. In Rusland wordt deze ikoon Moeder Gods Znamenije (‘van het teken’) genoemd, naar de tekst van Jesaja 7,14: ‘deHeer zelf zal u een teken geven’. De Znamenije was bescherm ikoon van de stad Novgorod, omdat met haar hulp de aanval van de vorst Andrej Bogolubskij in 1170 afgeslagen was. Behalve deze hoofdtypes hebben zich nog varianten ontwikkeld. Zo zijn er ikonen geïnspireerd op wonderbare verschijningen,menselijke nood,hymnen en liturgische teksten.

 

Feestdagen


Behalve ikonen van Christus en de Moeder Gods zijn er ikonen die over hun beider leven verhalen; dit zijn de kerkelijke feesten.De literaire bronnen waarin de schilders hun inspiratie vonden zijn de Bijbel, de apocriefe geschriften, de orthodoxe liturgie en preken van kerkvaders. Er zijn twaalf grote feesten,Dodekaorton genoemd, die op de derde rij van de ikonostase zijn afgebeeld.De ikonen worden volgens de chronologie van de gebeurtenissen opgehangen of volgens de jaarkalender van de orthodoxe kerk.Het kerkelijk jaar begint op 1 september en eindigt op 31 augustus.Meestal wordt aan de rij ook nog de verrijzenis-ikoon toegevoegd. Behalve de ikonen in de ikonostase wordt een ikoon op een standaard in de kerk geplaatst ten tijde van de viering van het feest.

De eerste ikoon van deze reeks is de Geboorte van de Moeder Gods, dat gevierd wordt op 8 september.Het feest is al in de 7e eeuw bekend.De voorstelling van deze gebeurtenis is gebaseerd op het apocriefe proto-evangelie van Jacobus uit de 2e eeuw. In deze tekst wordt verteld over het verdriet van Joachimen Anna, die kinderloos zijn.Door een engel aangespoord ontmoeten zij elkaar bij de Gouden Poort in Jeruzalemen omhelzen zij elkaarAnna schenkt het leven aan een meisje:Maria.De sfeer op ikonen die de geboorte van Maria uitbeelden, is huiselijk en intiem.Anna ligt op haar kraambed en dienstertjes brengen haar spijzen.De vroedvrouw maakt het bad klaar voor de pasgeborene. Rechts zitten de ouders Anna en Joachim naast elkaar en houden de kleine Maria op schoot.

Ook het tweede feest, de Intrede van Maria in de tempel, is gebaseerd op het proto-evangelie van Jacobus.Het wordt op 21 november gevierd.De ouders vanMaria wijden hun kind aan God en brengen haar als zij drie jaar oud is naar de tempel.Daar brengt Maria de rest van haar jeugd door en wordt zij gevoed door engelen.

Het feest van de Annunciatie, de aankondiging van de engel Gabriël aan Maria, is gebaseerd op het evangelie van Lucas.Het is een inspiratiebron geweest voor vele kunstenaars, zowel in het Oosten als in hetWesten.De eerste voorstelling van de Annunciatie is een fresco uit de 2e eeuw in de catacombe van Priscilla in Rome.Het feest wordt gevierd op 25maart, negen maanden voor Kerstmis. Behalve in de feestenrij in de ikonostase wordt de Annunciatie ook vaak op een zuil of wand van de kerk afgebeeld en bovenin de koningsdeuren.Op de ikoon treedt de aartsengel Gabriël binnen en brengt aan Maria de boodschap dat zij de zoon van God zal baren.De twee figuren staan tegenover elkaar.De reactie van Maria gaat van schrik tot acceptatie, afhankelijk van de opvatting en inspiratie van de schilder.  Soms wordt de engel Gabriël tweemaal afgebeeld. In de beroemde Byzantijnse hymne van de Akathist staat geschreven dat Gabriël ‘in vervoering’ bleef staan, alvorens hij de boodschap bracht.

Het feest van de Geboorte van Christus wordt op 25 december gevierd.De basis voor de ikonografie zijn de evangeliën, het apocriefe evangelie van Jacobus en de orthodoxe liturgie.De oudste voorstelling is een fresco uit de 4e eeuw in de catacombe van de heilige Sebastiaan in Rome.Op de ikoon ligt in hetmidden van een grillig berglandschap deMoeder Gods op een rustbed, afgewend van het kind.Het kind ligt achter haar voor de ingang van een grot,waar de ezel en de os hem verwarmen.Het rustbed waarop zij ligt, heeft de keizerlijke kleur (rood)purper. Links komen de drie magiërs uit het Oosten. Zij hebben de ster van Bethlehem gevolgd, die boven in het midden is afgebeeld.Hun Frygische mutsen duiden op het vreemde land waar zij vandaan komen. Zij hebben hun zoektocht voltooid en komen met hun geschenken. Rechts achter de bergen buigt een engel zich naar een herder, die geschrokken omkijkt.Aan de linkerkant staan twee verheerlijkende engelen. Beneden rechts staat het eerste bad van het Christuskind. Christus zit bij de vroedvrouw op schoot.De badscène wordt uitgelegd als een verwijzing naar Jezus’menselijke natuur.De vroedvrouw Salomé heeft blote armen.Als zij hoort over de maagdelijkheid van Maria, twijfelt zij.Als Salomé haar vervolgens aanraakt, verdort haar hand.Door Christus aan te raken, geneest zij weer. Een ander dienstertje schenkt water in het badje. Links zit Jozef, gekleed in een groenemantel, op een rotsblok in een donkere grot.Hij zit diep voorovergebogen.Hij lijkt geen aandeel te hebben in de gebeurtenis die zich vlak bij hemafspeelt.Wat overpeinst hij? Een grijsaard buigt zich naar hem.Wie is deze man? Sommigen zien in hem een verpersoonlijking van de twijfel. Jozef zou twijfelen aan de maagdelijkheid van zijn vrouw.Anderen zien in hem de profeet Jesaja, die als oosterse heremiet tevoorschijn komt om hem zijn profetie toe te lichten: ‘De jonge vrouw is zwanger, zij zal spoedig een zoon baren en hemEmmanuël noemen’ (Jesaja 7, 14).

De kerstikoon is rijk aan symboliek,waardoor de betekenis van de geboorte van Christus duidelijk wordt.De zwarte diepte van de spelonk is symbool voor de duisternis die het mensdom omgeeft.Het in witte doeken gehulde kind is het goddelijke licht.De donkere spelonk, de witte windselen en de kist zijn tekenen van de dood. Reeds vanaf de geboorte van Christus duidt alles symbolisch aan dat Christus gekomen is omdoor zijn dood de dood en duisternis te overwinnen.

Het feest van de Opdracht van Christus in de tempel wordt gevierd op 2 februari. In het Westen is de gebruikelijke naam(Maria) Lichtmis, vanwege de wijding van kaarsen op die dag.De oudste afbeelding (5e eeuw) bevindt zich op de triomfboog van de Santa Maria Maggiore in Rome.De voorstelling op de ikoon volgt getrouw het verhaal van Lucas 2, 22-38. Rechts, op een verhoging bij het altaar, staat de oude Simeon uit Jeruzalem. Hij buigt zich diep over het kind, dat hij liefdevol in zijn handen houdt.  Tegenover hem staan de Moeder Gods en Jozef.  Op 6 januari is het feest van de Doop van Christus door Johannes de Doper. Er zijn al voorstellingen van de doop van Christus in de catacombenkunst, maar het mozaïek uit de 5e eeuw in de doopkapel van de Arianen in Ravenna is bepalend voor de ikonografie.De doop van Christus is de eerste openbaring van de Heilige Drie-eenheid: de stem van de Vader, de Geest, die op Christus neerdaalt, en Christus, die zich laat dopen als Mensenzoon.Op de Russische ikoon uit de 16e eeuw staat Jezus naakt in de Jordaan.Uit zijn houding — zijn armen hangen licht gebogen langs zijn lichaam— spreekt overgave.Hij staat naar Johannes gewend. Johannes, in zijn karakteristieke kleding, buigt zich diep voorover en legt zijn rechterhand op het hoofd van Christus.Het water wordt van oudsher gezien als element van de duisternis. Christus doorbreekt dit duistere rijk.Aan de andere oever staan drie engelen.De twee voorste engelen hebben hun handen bedekt met witte doeken. Zij staan eerbiedig en vol aandacht voor de bijzondere gebeurtenis naar voren gebogen.De engel daarboven echter richt zich op en kijkt naar de hemel.Hoort hij de stemvan God? Ziet hij de hemel opengaan? Vanuit de hemel daalt de Heilige Geest in de gedaante van een duif neer.Geheel boven is een halve donkerblauwe cirkel, het symbool van God de Vader. Vanuit de cirkel schiet een blauwe straal die zich in drieën verdeelt.  Op 6 augustus is het feest van de Transfiguratie, de verheerlijking van Christus op de berg Tabor.De oudste voorstelling is uit de 6e eeuw en bevindt zich in de apsis van de hoofdkerk van het Catharinaklooster in de Sinaï. In de orthodoxe theologie en mystiek speelt de voorstelling van de transfiguratie een grote rol. In Rusland was het voorgeschreven om de ikoon van de berg Tabor temaken als een soort examenstuk voor de beginnende ikonenschilder.Als de schilder deze voorstelling overtuigend kon schilderen, werd hij tot het gilde toegelaten.De berg Tabor gold als de moeilijkst te maken ikoon.

In een haast surrealistisch bergachtig landschap staat Christus in een stralend wit gewaad, in een mandorla.Noch de voetzolen van Christus, noch die van Elia en Mozes, die naast Hem verschijnen, lijken de bodem te raken. Op de voorgrond liggen de hevig geschrokken apostelen Petrus, Johannes en Jacobus. Petrus, die links afgebeeld is, richt zich enigszins op. Jacobus buigt nadenkend zijn hoofd. Johannes, die in hetmidden is afgebeeld, lijkt in diepe meditatie verzonken te zijn. De Intocht in Jeruzalem wordt op de zondag voorafgaand aan Pasen gevierd.Het feest staat bekend als Palmzondag. Zoals door de reizigster en pelgrim Egeriaverteld wordt,waren er toen al processies waarbij mensen palmtakken droegen.De ikonografie van de voorstelling berust op Johannes 12 (12-15),Marcus 11 (1-11) en Lucas 19 (28-40): Christus op een ezel gezeten met in zijn gevolg de apostelen gaat naar de poort van de stad Jeruzalem,waar de joden hem begroeten.Omdat de ezel in Rusland niet bekend was,wordt Christus vaak afgebeeld zittend op een schimmel. De ikoon van de Kruisiging van Christus hoort eigenlijk niet bij de Dodekaorton.De oudste voorstelling is een miniatuur uit de Syrische Codex van Rabula, een manuscript uit 586.Hoewel het kruis het symbool bij uitstek was voor de christenen,was een voorstelling van de gekruisigde Christus niet geliefd. In de Russische traditie heeft het kruis drie dwarsbalken, waarbij de onderste balk rechts, vanuit Christus gezien, omhoog loopt.Deze dwarsbalk wordt meestal gezien als een weegschaal.Aan de voet van het kruis staan de kruisgetuigen:Maria,Martha en Maria Magdalena aan de linkerkant en Johannes, de lievelingsapostel, en de Romeinse honderdman Longinus aan de rechterkant.

In de oosterse kerk is het hoogtepunt van het kerkelijk jaar het Paasfeest en niet, zoals bij ons in het Westen, het kerstfeest. In Rusland valt het paasfeest samen met het ontwaken van de natuur na de lange harde winter. In de paastijd begroeten de gelovigen elkaar met de woorden ‘Christus is opgestaan.Hij is waarlijk opgestaan’. Zoals de apostelen zeiden, toen zij hoorden van de opstanding van Christus.

Een van de gebruiken gedurende de paastijd is het geven van gekleurde eieren aan elkaar.Uit de tsarentijd stammen de prachtig beschilderde eieren, soms met edelstenen versierd. Zoals het leven eerst verborgen zit onder de schaal van het ei en dan tevoorschijn komt, zo ook is Christus opgestaan uit het graf. Zijn opstanding symboliseert de overwinning op de dood. De eigenlijke verrijzenis van Christus wordt in de Bijbel niet beschreven. Er wordt slechts op gezinspeeld (Handelingen 2, 14-38). De opstanding uit het graf, de voorstelling die in hetWesten bekend is, werd voor het eerst in de 17e eeuw afgebeeld. De voorstelling van de Paasikoon is gebaseerd op teksten uit het apocriefe evangelie van Nikodemus, waarbij alle aandacht uitgaat naar de Nederdaling ter Helle, de Anastasis. De oudst bekende Anastasis-voorstelling is afgebeeld op een reliekhouder uit de 8e eeuw, die zich in het Metropolitan Museum in New York bevindt.

In de Nederdaling ter Helle wil de orthodoxe kunstenaar de essentie van de verrijzenis uitbeelden: de overwinning op de dood en de redding van allen die sinds Adam daarop hebben gewacht. Christus, gekleed in een stralend wit gewaad, verbrijzelt de poorten van de onderwereld. Een andere opvatting is dat Christus zegevierend bovenop het gekantelde kruis staat. Christus grijpt Adam, de eerstemens, bij zijn linkerpols om hem te verlossen uit de dood.De slagader in de linkerpols wordt gezien als de levensader. Christus geeft hemleven. Rondom staan de verlosten.Achter de bergen op de achtergrond zweven twee engelen die het kruis dragen.Het kruis is een teken van overwinning.

De ikoon van de Hemelvaart van Christus berust op het verhaal van de Synoptici (de evangeliën vanMattheüs,Marcus en Lucas) en van de Handelingen (2, 1-4).De oudste voorstelling bevindt zich in de SyrischeCodex van Rabula, die bewaard wordt in de Biblioteca Laurenziana in Florence.Het feest wordt veertig dagen na Pasen gevierd. Bovenaan op de ikoon wordt Christus ten hemel gevoerd.Hij heeft zijn armen in zegening gespreid. Christus verdwijnt uit de aardse zichtbaarheid.Hij zit in een cirkel en wordt omgeven door twee engelen, die hem als het ware de hemel indragen. Christus verdwijnt uit de aardse sferen.De cirkelvorm is al vanouds een symbool voor de goddelijke wereld. Daaronder, op de aarde, staat de Moeder Gods met rondom haar de apostelen en twee engelen. In de Handelingen der Apostelen is geen sprake van Maria’s aanwezigheid bij de Hemelvaart,maar op deze ikoon is zij altijd aanwezig. Zij wordt gezien als de verpersoonlijking van de kerk.De kerkvaders hebben in haar vanwege haar geloof en haar trouw aan Christus de ideale gestalte van de kerk gezien.

Tijdens het Pinksterfeest (vijftig dagen na Pasen) wordt herdacht dat de heilige Geest, de derde persoon van de Drie-eenheid, zich uitstort in de gedaante van ‘tongen als van vuur’ op de apostelen.De ikoon van Pinksteren is die van de Drie-eenheid, de Triniteit.De ikoon van de Nederdaling van de Geest, die in de westerse kerk geassocieerd wordt met Pinksteren,wordt in de orthodoxe kerk gebruikt op Pinkstermaandag.

De Drie-eenheid kan niet worden voorgesteld op grond van een ooit waargenomen verschijningsvorm.Daarom hebben de kerkvaders het verhaal van de gastvrijheid van Abraham gekozen om dit te verbeelden. Het verhaal berust op Genesis 18, 1-16,waarin drie engelen als vreemdelingen een gastvrije maaltijd aangeboden krijgen van Abraham en Sarah. In dit verhaal is er sprake van een mysterieuze eenheid in drievoudigheid, in de taal uitgedrukt door enkelvoud enmeervoud door elkaar te gebruiken. Een van de oudste voorstellingen is een mozaïek in de kerk Santa Maria Maggiore in Rome uit de 5e eeuw.

Drie engelen met een staf in de hand zitten rond een tafel.De tafel is gedekt met drie bekers en eetgerei.De voorstelling werd al door de theologen van de eerste eeuwen geïnterpreteerd als symbool van het Laatste Avondmaal en van het sacrament van de Eucharistie. Voor de Rus uit de middeleeuwen speelde de Triniteit een belangrijke rol in zijn spirituele en ook dagelijkse leven. Zij was het symbool van vrede en liefde.De dag van de Triniteit werd gevierd als een verzoeningsdag. De mensen legden hun geschillen bij, herdachten de doden en overdachtende opstanding.

Het feest van het Ontslapen van de Moeder Gods wordt op 15 augustus gevierd.De oudste voorstelling van het ontslapen van de Moeder Gods is een wandschildering in Atemi te Georgië (904-905). In de Bijbel wordt niet gesproken over het ontslapen van de Moeder Gods,maar het feest werd al in de 6e eeuw gevierd. De Moeder Gods ligt op een praalbed en wordt omgeven door de apostelen, die van heinde en verre zijn teruggekeerd.Achter het bed staat Christus, die op aarde verschijnt omde ziel van zijn moeder ten hemel te voeren.Op zijn arm draagt hij haar ziel, die hier voorgesteld wordt als een kind: als een baby die opnieuw geboren wordt.

Op de voorgrond de ongelovige Jefonias, die twijfelde aan de maagdelijkheid van Maria.Of die in een andere versie de begrafenis wilde verstoren: ‘En zie, terwijl zij haar wegdroegen, stormde een Hebreeër,met name Jefonias, krachtig van lichaam, toe, en greep de baar aan, terwijl de apostelen haar droegen. En zie, een engel des Heren hieuw met onzichtbare macht met een zwaard van vuur zijn handen af en deed ze in de lucht zwevend hangen’ (Pseudo-Johannes 5e/6e eeuw). Later krijgt Jefonias spijt en zijn handen groeien weer aan. 

 Bij het feest van de Verheffing van het Kruis wordt herdacht Helena, de moeder van keizer Constantijn, omstreeks 325 het ware kruis van Christus heeft gevonden na langdurige opgravingen.Op ikonen zijn Constantijn en zijn moeder afgebeeld, samen met een bisschop, die het kruis aan de gelovigen toont.Het feest wordt gevierd op 14 september.

 

Engelen


Engelen spelen een belangrijke rol op ikonen. Zij worden niet alleen gezien als boodschappers van God,maar ook als beschermers en redders van mensen. Zij zorgen voor een verbinding tussen de hemelse en de aardse wereld. De afbeelding van de engelen is gebaseerd op de afbeeldingen van goden uit de voorchristelijke tijd.Hermes, de bode van de Grieken, die meestal afgebeeld werd met vleugelschoenen, heeft als voorbeeld gediend. In het Oude Testament worden engelen beschreven als jongemannen.Tot ongeveer de 4e eeuw worden de engelen dan ook als jongemannen zonder vleugels afgebeeld. Pas in de vroeg-Byzantijnse tijd werden de goddelijke boodschappersmet vleugels getooid. Dionysios de Areopagiet heeft in zijn HemelseHiërarchie, die sinds de 6e eeuw bekend is, de engelen ingedeeld in negen engelenkoren: Serafijnen,Cherubijnen,Tronen,Heerschappijen, Vorsten,Machten, Krachten,Aartsengelen en Engelen.Hij noemt engelen de ‘boodschappers van de goddelijke stilte’, van de stilte waarin de geheimen van ‘Hij die is’ verborgen zijn. Alleen aartsengelen komen afzonderlijk op ikonen voor en dan bij voorkeur de twee voornaamste vertegenwoordigers,Michaël en Gabriël. De engelbewaarder verschijnt pas vanaf de 17e eeuw op ikonen.Ook wordt de engelbewaarder vaak op de rand van een ikoon afgebeeld, samen met de patroonheilige van de opdrachtgever. Van de aartsengelMichaëlbestaat een ikoon waarop hij is afgebeeld als aanvoerder van de hemelse heerscharen en bestrijder van de boze machten, die de wereld in het verderf willen storten.De voorstelling is gebaseerd op bepaalde passages uit de Apocalyps.Michaëlmet wijd opengeslagen vleugels zit op een rood paard, dat eveneens gevleugeld is.Hij is gekleed inmilitaire uitrusting.Het paard raaktmet zijn benen niet de grond.Hij zweeft door het landschap alsof het een plotselinge verschijning betreft. In zijn handen heeft Michaël een bijbel en een wierookvat.Tegelijkertijd drijft hij de antichrist (de duivel)met een harpoen terug naar de Hades. In zijn mond houdt hij een bazuin. Boven zijn hoofd is een regenboog gespannen. In de linkerbovenhoek is achter een wolkenrand Christus Emmanuel afgebeeld achter een altaar.

 

Heiligen

 

De orthodoxe gelovigen hebben een sterke bandmet hun heiligen. Zij zijn weliswaar onzichtbaar,maar toch voortdurend aanwezig. Zij worden zichtbaar gemaakt in hun dromen en visioenen en ook op de ikonen.De heiligen op de ikonen zijn een hulpmiddel om in contact te komen met de onzichtbare wereld. Ikonen van heiligen verwijzen altijd naar Christus.Daarom staan zij of naar hem gekeerd, of is er een verwijzing zichtbaar in één van de hoeken of aan de bovenkant van de ikoon: een hand,God de Vader, Christus of de Triniteit.Ook kan de heilige door het dragen van een kruisje of een tekstrol naar Christus verwijzen.

Heiligen zijn herkenbaar aan de inscriptie. Verder geven zij door hun kleding of attributen aan tot welke categorie zij behoren. Zo zijn er aartsvaders, profeten, apostelen, bisschoppen, kerkvaders,martelaren, soldatenheiligen, kluizenaars,monniken en vorsten. Iedere heilige dient de gelovigen tot voorbeeld en steun. Zij kunnen alleen of in groepen afgebeeld zijn.  Soms wordt in verschillende scènes, als ware het een stripverhaal, over het leven van de heilige verteld; dit zijn de zogenaamde vita-ikonen.

Geen heilige is zo populair, zowel in het Oosten als in het Westen, als de heilige wonderdoener Nikolaas, de bisschop vanMyra in Klein-Azië, die in de 4e eeuw geleefd zou hebben.Nikolaas is herkenbaar aan zijn korte grijze baard en hoog voorhoofd, teken van zijn grote wijsheid.De vereringin in Rusland voor Nikolaas begint kort nadat Rusland in 988 tot het orthodoxe geloof was overgegaan.De verering verspreidde zich snel en geen andere heilige werd zo vereerd. Een bekend gezegde in het oude Ruslandwas: ‘Als God mocht sterven, dan maken wij Nikolaas tot God’.Men geloofde dat Nikolaas als geen ander de menselijke zwakheden begreep.Hij verdedigde hen tegen ieder onrecht en beschermde hen.Hij beschermde ook de reizigers als zij zich in wat voor problemen dan ook bevonden.Hij werd patroon van talloze kerken, beroepen en genootschappen.Het respect dat de gelovigen hembetoonden,was bijna net zo groot als het respect dat zij de Moeder Gods en Christus schonken. Buitenlandse reizigers uit de 16e tot en met de 19e eeuw maken bijna altijd melding van de speciale verering die Nikolaas en zijn ikonen genoten. In de 17e eeuw beschrijven zij vaak een ikoon als ‘eenNikolaas’, ook al stond hij er zelf niet eens op afgebeeld.

Veel ikonen van Nikolaas werden als wonderdadig beschouwd en kregen de naam van de plaats waar ze vereerd werden, zoals Nikolaas van Mozˇajsk,Nikolaas van Zaraisk enNikolaas van Velikorets. Elk van deze ikonen had andere kenmerken.  De laat 15e eeuwse ikoon uit het Ikonen-Museum Recklinghausen is een vita-ikoon vanNikolaas van Zaraisk,waarop in veertien scènes de belangrijkste gebeurtenissen uit zijn leven worden verteld.Hoe Nikolaas uitverkoren was, zijn spirituele groei, zijnmacht over duivels, en zijn hulp aan onschuldig veroordeelden, gevangenen en schipbreukelingen. Volgens de legende kwam de ikoon van Nikolaas van Zaraisk uit Korsun op de Krim naar het vorstendom Rjazan in 1225, en hielp hier om de Tataren te verslaan.Aan weerszijden van Nikolaas bevinden zich in twee medaillons de afbeeldingen van de Moeder Gods en Christus.Tijdens het Eerste Concilie in Nicea zou Nikolaas Arius een oorvijg gegeven hebben, omdat hij de goddelijkheid van Christus in twijfel trok.De keizer en de aanwezige bisschoppen wilden Nikolaas uit zijn bisschopsambt zetten,maar de Moeder Gods en Christus namen het voor Nikolaas op en gaven hem de attributen (de bijbel en de stola) van het bisschopsambt terug.

 

De populariteit van Joris en de draak wordt in verband gebracht met de militaire geschiedenis van Byzantium en de Slavische volkeren. Joris was, net als andere heiligen die als krijger worden afgebeeld, zeer geliefd bij vorsten en legeraanvoerders.Het drakenwonder behoort tot de oeroudelegendenschat van het Oosten. Joris (in het Russisch: Georgij), de zoon van voorname en welgestelde ouders uit Cappadocië,was een dappere legeraanvoerder onder keizer Diocletianos.Toen hij zich tot het christendom bekeerde, viel hij uit de gratie en werd na vele martelingen ter dood gebracht in Nicomedia in 303. Volgens de Legenda Aurea van Jacobus de Voragine, die in de 13e eeuw tal van heiligenlevens optekende,werd de stad Silene in Libië op een zeker ogenblik geterroriseerd door een vreselijke draak.Nadat de veestapel was opgegeten,moest hij doormensenoffers rustig gehouden worden.Op het moment dat de koningsdochter aan de beurt komt, duikt Joris op en verslaat het ondier in de naam van Christus.Doden doet hij het pas later, nadat de voltallige bevolking zich heeft laten dopen.

Johannes de Voorloper staat in hetWesten beter bekend als Johannes de Doper.Hij trok zich terug in de woestijn in de Jordaanvlakte. Daar begon hij te dopen, de rituele reiniging te volbrengen aan de ‘berouwvollen’ die zijn oproep hadden gehoord.Door zijnmoedig optreden alsman van God werd hij onder Herodes Antipas in de kerker geworpen en onthoofd.Als laatste van de profeten vormt hij de overgang van het Oude naar hetNieuwe Testament.Hij bekleedt een der hoogste plaatsen in de hiërarchie van de heiligen.Hij is ook het grote voorbeeld en de patroon van de monniken, die immers leven als hij, in teruggetrokkenheid en onthechting. Hij verblijft in de woestijn; zijn warrig haar valt in lange vlechten tot op de schouders en hij draagt een kleed van kamelenhaar en eet sprinkhanen (Mattheüs 3, 4). Johannes wordt soms als een gevleugelde engel voorgesteld; als boodschapper is hij immers aan hen gelijk.Hij heeft in zijn linkerhand een kelk,waarin het Christuskind ligt, en een schriftrol.Met zijn rechterhand wijst hij op de kelk.De tekst op de schriftrol luidt: ‘Zie het Lam Gods dat de zonden van de wereld wegneemt’. Johannes wordt speciaal aangeroepen bij hoofdpijn.

De profeet Elia was zeer populair bij de boeren.Hij werd door het volk gezien als de opvolger van de Oud-Slavische dondergod Perun.Als men bedenkt hoe afhankelijk de boeren waren van het weer, dan is het begrijpelijk dat de heilige, die gold als de beheerser van de atmosferische krachten, zeer geliefd was.Ook Blasios was een zeer geliefde heilige, die als beschermer van het vee te hulp geroepen werd. Blasios was ten tijde van Licinius (303-324) bisschop van Sebaste in Armenië.Tijdens de christenvervolgingen trok hij zich terug in de bergen,waar hij met de wilde dieren leefde.

Het thema van de Veertig Martelaren uit Sebaste sprak ook zeer tot de verbeelding van gelovigen en kunstenaars.De oudste voorstelling van

het tafereel is een fresco uit de 8e eeuw in de Santa Maria Antiqua in Rome. Veertig soldaten uit de lijfwacht van de Romeinse keizer Licinius hadden zich laten dopen rond het jaar 320. Licinius liet hen in de bittere vrieskou in een rivier staan, terwijl er op de oever badhuisjes stonden met warme, dampende baden voor diegene die zijn geloof af zou zweren. Een soldaat bezwijkt en gaat het badhuis in.Maar een van de bewakers, onder de indruk van de standvastigheid van de negenendertig overgebleven martelaren, neemt zijn plaats in.De veertig martelaren vormen een hechte groep; zij staan dicht opeen,misschien om elkaar warmte te geven. Velen kijken omhoog.De gelaatsuitdrukkingen en de gebaren van de martelaren geven deze ikoon een dramatisch karakter.De hemel gaat open en Christus gooit voor allen een kroontje naar beneden.

Na de tijd der martelaren worden monniken en asceten het levend geweten van de christelijke gemeenschap.Door voorbeeldig te leven in onthechting wilden zij de martelaren evenaren. In het Byzantijnse Rijk speelden zij een grote rol en genoten veel aanzien.Typerend hiervoor is datvele vorsten kort voor hun dood of op hun sterfbed de monnikspij aantrokken ombekleedmet de tekenen van Christus’ passie de dood in te gaan.Monniken droegen immers deze tekenen op hun gewaad. Tweemonniken die groot aanzien hadden in Rusland zijn Zosima en Savvatij.Zij wilden een leven leiden in eenzaamheid, gewijd aan het stille gebed, zoals de oude woestijnvaders. Zij vestigden zich op het onbewoonde eiland Solovki in het hoge noorden van Rusland in de Witte Zee.Het duurde niet lang of andere monniken, aangetrokken door hun ascetische wijze van leven, voegden zich bij hen. Een klooster werd gesticht en Zosima (†1478) werd de eerste abt. In de 17e eeuw ontwikkelde het klooster zich tot de grootste kloostergemeenschap van Noord-Rusland en oefende grote invloed uit op kerk en staat.Opmerkelijk is dat Zosima en Savvatij, die alles deden omonbekend te blijven, toch heel populair werden. Zij zijn haast altijd in de grote Deësis-rij vanNoord-Russische ikonostasen opgenomen.Ook op de kleine metalen Deësis-triptiekjes komen zij vaak voor. Simeon de Styliet is de eerste pilaarheilige.Hij leefde in Syrië aan het begin van de 5e eeuw.Hij wilde in afzondering wonen omzich te wijden aan gebed enmeditatie.Hij kreeg echter zo’n grote schare bewonderaars die hem om raad en steun vroeg, dat zijn geliefde levenswijze onmogelijk werd. Daarom installeerde hij zich op een pilaar, die elk jaar hoger gemaakt werd om de bewonderaars op een afstand te houden.Uiteindelijk zat hij op een 18meter hoge pilaar. Simeons roem verspreidde zich over het hele Byzantijnse Rijk en hij kreeg vele navolgers.

Een heilige die zeer tot de verbeelding spreekt is de heilige Christoforus. In het Westen is het de reus die de reizigers beschermt. In het Oosten behoort hij tot het volk der Cynocephalen, een volk met menselijke gestalte, maar met een hondenkop. In de antieke en vroegchristelijke tijd geloofde men dat de Cynocephalen samen met de Satyrs, de Centauren en de Sirenen in een soort tussenrijk tussen de mensen en de dieren woonden.Ook aandeze volkeren moest het woord Gods gebracht worden. Van Christoforuswordt verhaald dat zijn vurige smeekbeden om de menselijke taal te kunnen spreken verhoord werden.De feestdag van Christoforus is 9mei.

Iedere dag van het jaar heeft meerdere heiligen die worden vereerd. Omdat een kerk niet van iedere heilige een ikoon had, gebruiktemen kalenderikonen.De oudste kalenderikonen dateren uit de 12e eeuw en worden in het Catharinaklooster in de Sinaï bewaard.De oudste Russische exemplaren zijn waarschijnlijk de twee grote kalenderikonen van het Ikonen-Museum Recklinghausen, die elk zesmaanden van het jaar voorstellen. Kalenderikonen komen tegemoet aan een intellectuele behoefte aan rangschikking en ordening.Op dit type ikonen worden in rijen onder en boven elkaar duizenden figuren afgebeeld.Toch is zo’n verzameling heiligen nooit compleet. Er zijn ontelbare heiligen,wonderen en feesten die door de orthodoxe gelovigen herdacht en gevierd worden.

Al deze heiligen en feesten zijn een onuitputtelijke inspiratiebron voor de ikonenschilder.Ondanks de voorschriften waaraan de schilder gebonden was, is toch elke ikoon anders.De ikonen kunnen verschillen omdat ze uit andere perioden zijn,maar ook omdat zij uit andere landen, streken en ateliers komen. Zelfs als het thema overeenkomt,maken de plaats waar de ikoon vervaardigd is, de traditionele stijl, de kunstenaar, de techniek en hetmateriaal van iedere ikoon een uniek exemplaar.Wellicht zal de lezer bij het schouwen naar de afgebeelde ikonen geraakt worden door hun schoonheid en rijkdomen zal hij op eigen gelegenheid deze reis door de wereld der ikonen voortzetten.

 

 

Uit : de rijkdom van ikonen

Door Ingrid Zoetmulder

15:49 Gepost in theologie | Permalink | Commentaren (0)

De commentaren zijn gesloten.