17-08-13

8e zondag na Pinksteren : de broodvermenigvuldiging

ACHTSTE ZONDAG NA PINKSTEREN

 

ZONDAG

"VAN DE VERMENIGVULDIGING DER BRODEN"

 

 

broodvermenigvuldiging  Coptische icoon.jpg

 

 Lezingen van de zondag :

1 Korintiërs 1,10-18

 

Verdeeldheid in de gemeente

Broeders en zusters, in de naam van onze Heer Jezus Christus roep ik u op om allen eensgezind te zijn, om scheuringen te vermijden, om in uw denken en uw overtuiging volkomen één te zijn. Door Chloë's huisgenoten is mij namelijk verteld, broeders en zusters, dat er verdeeldheid onder u heerst. Ik bedoel dat de een zegt: ‘Ik ben van Paulus,' een ander: ‘Ik van Apollos,' een derde: ‘Ik van Kefas,' en een vierde: ‘Ik van Christus.' Is Christus dan verdeeld? Is Paulus soms voor u gekruisigd? Of is het in de naam van Paulus dat u bent gedoopt? Ik dank God dat ik niemand van u - behalve dan Crispus en Gajus - heb gedoopt; niemand van u kan dus zeggen dat hij in mijn naam is gedoopt. Ja, ik heb ook nog Stefanas en zijn huisgenoten gedoopt, maar ik kan mij niet herinneren dat ik nog iemand anders heb gedoopt. Ik ben immers niet door Christus gezonden om te dopen, maar om te verkondigen - en niet door middel van diepzinnige welsprekendheid, want dan zou het kruis van Christus van zijn kracht worden beroofd.

De boodschap over het kruis is dwaasheid voor wie verloren gaan, maar voor ons die worden gered is het de kracht van God.

 

Matteüs 14,13-36

 

Overvloed aan brood, gebrek aan geloof

Toen hij uit de boot stapte en de grote menigte zag, voelde hij medelijden met hen en hij genas hun zieken.

Bij het vallen van de avond kwamen de leerlingen naar hem toe en zeiden: ‘Dit is een afgelegen plaats en het is al laat. Stuur de mensen weg, laat ze naar de dorpen gaan om eten voor zichzelf te kopen.' Maar Jezus zei: ‘Ze hoeven niet weg, geven jullie hun maar te eten.' Ze antwoordden hem: ‘We hebben hier niets, alleen vijf broden en twee vissen.' Hij zei: ‘Breng ze mij.' En nadat hij de mensen opdracht had gegeven op het gras te gaan zitten, nam hij de vijf broden en de twee vissen, keek omhoog naar de hemel, sprak het zegengebed uit en brak de broden; hij gaf ze aan de leerlingen, en de leerlingen gaven ze door aan de mensen. Iedereen at en werd verzadigd, en toen ze de stukken brood die over waren ophaalden, hadden ze twaalf manden vol. Er hadden ongeveer vijfduizend man gegeten, vrouwen en kinderen niet meegeteld.

Meteen daarna gelastte hij de leerlingen in de boot te stappen en alvast vooruit te gaan naar de overkant, hij zou ook komen nadat hij de mensen had weggestuurd.

De commentaren zijn gesloten.