20-12-15

Kerstmis

FEEST VAN DE GEBOORTE VAN ONZE HEER EN GOD EN VERLOSSER JEZUS CHRISTUS

 

 

Geboorte van Christus 999.jpg

 

 Lezingen

Galaten 4, 4-7

 

Maar toen de volheid van de tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, om hen die onder de wet stonden vrij te kopen, opdat wij de rang van zonen zouden krijgen. En dit is het bewijs dat u zonen bent: God heeft de geest van zijn Zoon in ons hart gezonden, die roept: Abba, Vader! U bent dus geen slaaf meer, maar zoon; en als u zoon bent, dan ook erfgenaam, door toedoen van God.

 

Evangelie : Matth.2,1-12 :

 

Van Betlehem naar Nazaret Toen Jezus geboren was in Betlehem in Judea, ten tijde van koning Herodes, kwamen er uit het Oosten magiërs in Jeruzalem aan. Ze vroegen: 'Waar is de pasgeboren koning van de Joden? Want wij hebben zijn ster zien opkomen en wij zijn gekomen om Hem te huldigen.' Toen koning Herodes hiervan hoorde, schrok hij, en heel Jeruzalem met hem. Hij riep alle hogepriesters en schriftgeleerden van het volk samen en wilde van hen weten waar de Messias* geboren zou worden. Ze zeiden hem: 'In Betlehem in Judea. Want zo staat het geschreven bij de profeet: Betlehem, land van Juda, u bent zeker niet de minste onder de leiders van Juda, want uit u zal een leider voortkomen, die herder zal zijn van mijn volk Israël.' Toen riep Herodes de magiërs in stilte bij zich en vroeg nauwkeurig naar de tijd waarop de ster verschenen was. Hij stuurde hen naar Betlehem met de woorden: 'Ga een nauwkeurig onderzoek instellen naar het kind. Wanneer u het gevonden hebt, laat het mij dan weten; dan kan ook ik het gaan huldigen.' Toen ze de koning aan hoord hadden, gingen ze weg. Opeens ging de ster die ze hadden zien opkomen voor hen uit, tot ze bleef staan boven de plaats waar het kind was. Toen ze de ster zagen, werden ze met buitengewoon grote vreugde vervuld. Ze gingen het huis binnen en zagen het kind met zijn moeder Maria. Ze vielen op hun knieën en huldigden het. Ze haalden hun schatten tevoorschijn en gaven Hem goud, wierook en mirre als geschenk. En omdat ze in een droom gewaarschuwd waren om niet naar Herodes terug te keren, namen ze de wijk en gingen ze langs een andere weg naar hun land terug.

 

Kerstmis : Homilieën :

geboorte van Jezus9.jpg



Genealogie van Jezus Christus : zo begint het Evangelie. Maar wat betekent deze lange lijst van hebreeuwse namen ? Voor de Joden is het de noodzaak om de afkomst van de Messias van Koning David te onderlijnen. Een andere betekenis : in deze lijst staan moordenaars, echtbrekers, bloedschenners. Indien Jezus wordt geboren in mijn ziel, dan wordt Hij geboren ondanks en doorheen de opeenstapeling van mijn zonden. Jezus doordringt, vindt zijn weg doorheen mijn fouten, Hij overstijgt ze de één na de ander. Dit is zijn genealogie in mij. In deze doordringing schittert zijn barmhartigheid, zijn minzaamheid, ook zijn kracht. Maria, die het kind draagt in haar schoot, en Jozef laten zich inschrijven in Bethlehem. Het is niet te Rome, noch te Athene, noch te Jerusalem dat Jezus wilde geboren worden. Zo ook is voor ons het mysterie van de Geboorte slechts toegankelijk in het arme dorpje van Judea. Opgaan naar Bethlehem, burger worden van Bethlehem, de nederige geest van Bethlehem verwerven, niet bezitten.
De engelen zeggen niet eenvoudigweg dat de Redder is geboren. Zij zeggen : "Een Redder is U geboren", Jezus wordt geboren voor elke herder. Zijn geboorte blijft voor elk van ons een zeer persoonlijke gebeurtenis; Jezus is een gave aan elke mens.
Er is geen plaats in de herberg, noch voor Maria die Jezus draagt, noch voor Jozef. Er is geen plaats in de herberg van de wereld voor de leerling van Jezus. Indien ik er in slaag om mij een plaats te bereiden, welke moeilijke gelegenheid! Wat is er gemeenschappelijk tussen de herberg en de kribbe ?
(Un moine de l'Eglise d'Orient "Jesus"
Nu blijft er ons alleen te weten hoe wij Christus kunnen laten komen in ons huis. Wij weten dat hij niet neerziet op een schamel huisje. Hij gaat zelfs bij de tollenaars wanneer zij Hem aanroepen met oprechte gevoelens. Meer nog, Hij komt aan de deur en klopt, zoals hij het zegt in de Apocalyps. Voor ons is Hij gekomen in een maagdelijke schoot en gevormd uit het bloed van de Maagd, Hij is op een wonderbare wijze geboren. Voor ons ziet Hij niet neer op een kribbe in een dierenstal waar hij wilde rusten in doeken gewikkeld. Hij zal ook onze armoedige hut niet verafschuwen indien wij hem met nederigheid bidden, want hij is barmhartig en hij houdt van de mensen, Hij verhoort de nederige smeekbeden. Hij verlaagt zichzelf tot aan onze nederigheid, laten wij ons voor zijn voeten werpen en hiermee de wijsheid van de wijzen navolgend. Laten wij neervallen aan de voeten van hem die niet meer in doeken gewikkeld is, maar die neerzit op de troon van glorie, met de vader en de Heilige Geest. In plaats van goud, wierook en myrrhe, laten wij hem ons nederig gebed toevertrouwen. En daar Hij zijn rust vindt in de christelijke naastenliefde, laten wij ons omgeven door naastenliefde, laten wij ons voorbereiden. Als wij onze hongerige broeder zien, laten wij hem te eten geven; als w<e hen zien die dorst hebben, laten wij hen te drinken geven; indien iemand naakt is, laten wij hem kleden; indien iemand reiziger is zonder dak boven het hoofd, laten wij hem opnemen in ons huis en geven wij hem hospitaliteit; indien iemand ziek is, laten wij hem bezoeken, troosten en hem dienen ; laten wij liefde betonen tegenover de gevangenen en dienen wij hen volgens onze middelen. In één woord, laten wij onze broeders liefhebben als onszelf.
(Tikhon ZADONSKY "Ascètes russes")

2e homelie over Kerstmis
Wat hebben wij te zeggen, Hoe moeten wij het zeggen ? Zo een wonder wekt verbazing in mij. De Oude van Dagen is een klein kind geworden. Diegene die troont op de verheven troon van de hemel is geboren in een kribbe. De ontastbare, de eenvoudige, de niet samengestelde, de on-lichamelijke is aangeraakt door mensenhanden. Diegene die de banden van de zonde heeft losgemaakt is met doeken omwikkeld, omdat Hij het zelf wilde. Hij heeft besloten om de slaafsheid te veranderen in eer, om de schande met glorie te omkleden, en om te tonen dat de grenzen van de vernedering deze zijn van kracht. Ziedaar waarom Hij mijn lichaam op zich heeft genomen : opdat ik het Woord waardig moge zijn. Hij neemt mijn vlees en geeft zijn Geest, Hij geeft en neemt, Hij bereid mij een levensschat voor. Hij heeft mijn vlees aangenomen om mij te heiligen; Hij geeft zijn Geest om mij te redden. Vandaag is de oude band losgemaakt, de Duivel in verwarring gebracht, de demonen zijn op de vlucht geslagen, de dood vernietigd, het paradijs heropend, de vervloeking opgeheven, de zonde verworpen, de dwaling verworpen, en de waarheid komt terug. Het woord van godsvrucht is overal verspreid, het doorkruist de ganse wereld. De wijze van leven in de hemel is gepland op aarde, de Engelen zijn in communicatie met de mensen, de mensen praten ermee zonder enige vrees. Waarom : God is op aarde gekomen, de mens is binnengeleid in de hemel : dat is de grote verandering....
Wat valt er nog te zeggen ? hoe moet men spreken ? Ik zie een timmerman, een kribbe, een kind, doeken, een Maagd die berooid een kind baart. Alles is arm, alles ademt de armoede. Maar zie toch de rijkdom in deze armoede ! Terwijl hij rijk was heeft Hij zich voor ons arm gemaakt...O armoede, bron van onze rijkdom !
(Heilige Johannes Chrysostomos)

Over het leven in Christus.
Indien ik goed kon zijn, dan zou ik in mijn binnenste een plaats bereiden voor de Zoon van God, en de heer Jezus zou in mijn ziel een aangename woonplaats bereiden. Hij zou het versieren, hij zou er muren bouwen die tegen alle aanvallen bestand zijn en hoge torens, om in mij , indien ik het zou verdienen, een waardig verblijf voor hem en zijn Vader. Hij zou aldus mijn ziel verfraaien om ze bekwaam te maken voor zijn wijsheid, zijn wetenschap, voor gans zijn heiligheid, zodanig dat hij er met Hem God de Vader zou doen binnentreden en er een woonplaats zou vinden, dat hij zelfs het voedsel zou nemen die hij zou hebben bereid. Om zijn genaden te ontvangen laten wij in onszelf een zuiver hart voorbereiden, opdat de Heer Jezus het waardig zou vinden om er zijn intrek te nemen.
(Origines (Alexandrië 185 - Césarée 253 env)

 

DE FEESTICOON VAN KERSTMIS

 

Geboorte Jezus 2 groot !!.jpg

De icoon, die de geboorte van Christus voorstelt, roept heel wat vragen op:
* Wat wordt hier afgebeeld, en waar is dat op gebaseerd?
* Welke sfeer ademt deze Kersticoon?
* Waarom ligt het Christuskind in een grot?
* Wat betekenen die os en dat paard?
* Wie is die merkwaardige gestalte daar tegenover Jozef?
* Waarom ligt Maria met haar rug naar het kind toe?
* wat betekenen die twee vrouwen, die het kind in het bad
gaan doen?

In de kunst van het westen worden de voorstellingen van de geboorte van Christus doorgaans gekenmerkt door expressie van menselijke gevoelens: Maria is daar een liefdevolle, zorgzame moeder. De magiërs adoreren het kind. En de omgeving is die van een armoedige stal in winterse koude: het kind wordt nu en dan verwarmd door de adem van de dieren.
Op de Kersticonen is dit allemaal anders. De nadruk valt op de incarnatie (God is als mens verschenen): op het goddelijk licht dat in deze duistere wereld binnendringt in de gestalte van het goddelijke kind.
De magiërs zijn vorstelijk geklede heersers, mogelijk die uit psalm 72 (v. 10). Met de herders hebben zij gemeen, dat ze 'en profil' worden afgebeeld: omdat ze het licht nog niet hebben "gezien".
De grot verwijst naar deze wereld, een ruimte vol duisternis; en het kind is niet ècht een kind, maar een volwassene - voorzien van een aureool. De voederbak waar hij in ligt is tegelijkertijd een sarcofaag. Geboren worden is tegelijk het begin van sterven. De windsels zijn tegelijkertijd al een lijkwade (zie hiervoor de wijze waarop Lazarus wordt afgebeeld!)
In de eerste drie eeuwen kende de kerk geen Kerstfeest; men vierde epifanie. Op dit feest werden drie momenten herdacht waarop Jezus zich als de Christus openbaarde: de verschijning aan de wijzen uit het oosten, de doop in de Jordaan, de bruiloft in Kana waarop Jezus zijn eerste wonder verrichtte. De koningen die van verre komen (Jesaja 60: 8vv.) representeren de volken die de 'grote koning' komen vereren. En het doop is een verwijzing naar de doop waardoor de gelovigen met Jezus sterven en herboren worden.
In het protevangelie van Jacobus wordt de geboorte van Jezus beschreven als een zonsopgang: eerst zijn er wolken die licht worden en dan ineens is er een verblindend licht. Dat 25 december de geboortedag werd van Jezus hangt samen met het feit dat juist op die dag in het Romeinse Rijk het feest werd gevierd van Sol invictus, onoverwinnelijke zon. De invoering van het Kerstfeest, juist op deze dag, moet te maken hebben gehad met opportunisme van de kerk: het was opportuun om te verkondigen dat Christus, de zon der gerechtigheid, de plaats van deze zonnegod had overgenomen.
In de vierde eeuw ontstond binnen de kerk een stroming die bekend staat als het Arianisme: dit Arianisme zette vraagtekens achter de goddelijke natuur van Christus. Vandaar dat er behoefte ontstaat om te benadrukken, dat de verhevenheid en de majesteit van Christus al zichtbaar is geweest vanaf zijn geboorte: ook dit komt in de ikoon tot uitdrukking.
Waarom wendt Maria zich af van haar kind? Is het omdat ze "al deze woorden in haar hart overweegt" zoals we in het evangelie van Lucas lezen? Of is het om dat Jozef zich voor haar schaamt, zoals te lezen valt in het protoevangelie van Jacobus: "Waar zal ik u heenvoeren om uw schande te verbergen? Want deze plaats is verlaten? En hij vond aldaar een grot, en leidde haar daarin"? Het meest waarschijnlijk lijkt dat de afstand wordt gemarkeerd tussen het goddelijke kind en zijn (aardse) moeder. Toch neemt ook Maria, de Moeder Gods - zoals zij doorgaans in de oosterse traditie wordt genoemd - de gestalte aan van hemelkoningin: vandaar dat zij daar zo pontificaal is afgebeeld, liggend op een purperen kleed.
Jozef overdenkt wat het allemaal te betekenen heeft; de gestalte die met hem spreekt is volgens sommigen "de verzoeker" - in de gestalte van een herder; anderen menen dat het de profeet Jesaja is, die hem de oude profetieën te binnen brengt, waarin gesproken wordt over een meisje dat zwanger zal worden en een zoon zal baren.
Bij de geboorte opent zich de hemel: je zou verwachten dat het hemelse licht dan zichtbaar wordt, maar volgens de oosterse theologie is het hemelse licht voor mensen niet zichtbaar. We zouden het ook niet kunnen verdragen. In de aureolen en het goud wordt voor ons iets zichtbaar van een weerglans van het hemelse licht. Wat uit de hemel neerdaalt is de goddelijke geest, die zich uitstort over het kind. Hierbij valt te denken aan de doop in de Jordaan waarbij een stem uit de hemel zegt: "Gij zijt mijn zoon, de geliefde, in U heb ik mijn welbehagen".
De icoon reikt ons vele mogelijkheden aan tot meditatie: hebben we ervaring met de duisternis van deze wereld? Kunnen we onszelf identificeren met de 'herders', de 'vorsten' die op reis gaan om het kind te gaan zoeken? Kunnen wij 'het kind' zien als een licht, een gids, een Verlosser op onze eigen levensweg? Herkennen wij, zoals "de os en de ezel" in het Christuskind onze meester? (Zie Jesaja 1:3).

 

 

De commentaren zijn gesloten.