07-07-16

Athanasius : Wie heeft U die bevoegdheid dan daartoe gegeven

H. Athanasius (295-373), bisschop van Alexandrië, kerkleraar

Uit de redevoeringen tegen de Arianen, 2, 78-79

 

Athanasius van Alexandrië6.jpg

Athanasius van Alexandrië

 

"Wie heeft U die bevoegdheid dan daartoe gegeven"

 

De persoonlijke Wijsheid van God, zijn eniggeboren Zoon, is de Schepper en Maker van alles. "Want alles hebt U met wijsheid geschapen", zegt de psalmist, en: "Van uw rijkdom is de aarde vervuld" (Ps 104,24)... Ons verstand immers is een beeld van het Woord, dat de Zoon van God is, en zo is ook de Wijsheid die in ons is, op haar beurt een beeld van Hem die de Wijsheid is. Want door haar bezitten wij ons vermogen tot kennis en inzicht en worden wij ontvankelijk voor de scheppende Wijsheid; door haar zijn wij in staat de Vader te kennen. Immers, "wie de Zoon belijdt", zegt Hij, "heeft ook de Vader" (1Joh 2,23); en: "Wie Mij opneemt, neemt Hem op die Mij gezonden heeft" (Mt 10,40)...

 Maar "volgens Gods wijsheid heeft de wereld met al haar wijsheid God niet gevonden; daarom heeft God besloten hen die geloven te redden door de dwaasheid van de verkondiging" (1 Kor. 1,21). Want niet meer, zoals in vroegere tijden, wilde God zich door een beeld en afschaduwing van de Wijsheid in het geschapene laten kennen; maar Hij liet de waarachtige Wijsheid zelf het vlees aannemen, mens worden en de dood op het kruis ondergaan, opdat door het geloof in Hem voortaan allen die geloven, konden worden gered.

 Het gaat om dezelfde Wijsheid van God. Eerst heeft zij zichzelf geopenbaard en in zichzelf heeft zij haar Vader geopenbaard door haar beeld in het geschapene. ... Later is zij als het Woord vlees geworden, zoals Johannes zegt (vgl. 1,14). Na het vernietigen van de dood en na de redding van ons geslacht heeft het Woord zichzelf nog meer geopenbaard en door zichzelf de Vader: "Geef dat zij U kennen, de enige ware God, en Hem die U hebt gezonden, Jezus Christus" (Joh 17,3). Zo werd de hele aarde vervuld met zijn kennis. Want de kennis van de Vader door de Zoon en van de Zoon uit de Vader zijn één. En de Vader verheugt zich over Hem, en met dezelfde blijdschap verheugt de Zoon zich over de Vader: "Ik was het over wie Hij zich verheugde; en dag in dag uit verheugde Ik Mij voor zijn aangezicht" (Spr 8,30).

Bron : dagelijksevangelie.org

 

De commentaren zijn gesloten.