02-12-16

24e zondag na Pinksteren

24e zondag na pinksteren

"Genezing op een sabbat van een vrouw"

genezing op sabbat2.jpg

LEZINGEN :

Efeziërs,2,14-22 :

Want Hij is onze vrede, Hij die de twee werelden* één gemaakt heeft, en de scheidsmuur* heeft neergehaald, door in zijn vlees de vijandschap*, [15] de wet* met haar geboden en verordeningen, te vernietigen. Hij heeft vrede gesticht door in zijn persoon uit die twee één nieuwe* mens te scheppen, [16] en beiden in één lichaam met God te verzoenen door het kruis, waaraan* Hij de vijandschap heeft gedood. [17] En bij zijn komst heeft Hij vrede verkondigd aan u die veraf was en vrede aan hen die dichtbij waren. [18] Want door Hem hebben wij beiden in één Geest toegang tot de Vader.
[19] Zo* bent u dus geen vreemdelingen en ontheemden meer, maar medeburgers van de heiligen en huisgenoten van God, [20] gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten*, waarvan Christus Jezus zelf de hoeksteen is. [21] Op Hem, die het hele bouwwerk in zijn voegen houdt, groeit* het uit tot een heilige tempel in de Heer. [22] Op Hem wordt ook u mee opgebouwd tot een woning van God, in de Geest.

of

Galaten, 3,23- 4,5

[23] Vóór de komst van het geloof stonden wij onder bewaking van de wet, opgesloten tot het geloof zou worden geopenbaard. [24] De wet is dus voor ons een oppasser geweest tot de komst van Christus, opdat wij gerechtvaardigd zouden worden door het geloof. [25] Maar nu het geloof is gekomen, staan wij niet langer onder de oppasser. [26] Want u bent allemaal kinderen van God door het geloof, in Christus Jezus. [27] Want allemaal bent u in Christus gedoopt*, met Christus bekleed. [28] Er is geen Jood of Griek meer, er is geen slaaf of vrije, het is niet man en vrouw: u bent allemaal één in Christus Jezus. [29] Maar als u bij Christus hoort, dan bent u ook nageslacht van Abraham, erfgenamen overeenkomstig de belofte.
Hoofdstuk 4
[1] Ik* bedoel dit: zolang de erfgenaam onmondig is, verschilt hij in niets van een slaaf, hoewel hij heer van alles is; [2] maar hij staat onder voogden en beheerders tot het tijdstip* dat door zijn vader is bepaald. [3] Zo waren ook wij* slaven zolang we onmondig waren, onderworpen aan de machten* van de kosmos. [4] Maar toen de volheid* van de tijd gekomen was, heeft God zijn Zoon gezonden, geboren uit een vrouw, geboren onder de wet, [5] om hen die onder de wet stonden vrij te kopen, opdat wij de rang van zonen* zouden krijgen

EVANGELIE:

Lucas 13,10-17

Eens gaf Hij op sabbat onderricht in een synagoge. Daar bevond zich een vrouw die al achttien jaar leed onder een geest die haar ziek maakte. Ze liep krom en was niet in staat zich op te richten. Jezus zag haar en sprak haar aan. ‘Vrouw’, zei Hij, ‘u bent van uw kwaal verlost.’ Hij legde haar de handen op en onmiddellijk rechtte ze haar rug, en ze prees God. Geërgerd, omdat Jezus op sabbat iemand genezen had, zei de voorzitter van de synagoge tegen de menigte: ‘Zes dagen zijn er om te werken. Dan kunt u komen om u te laten genezen, niet op sabbat.’ De Heer gaf hem dit antwoord: ‘Huichelaars! Ieder van u maakt toch op sabbat zijn os of ezel los van de voerbak om hem te drinken te geven? Moest deze dochter van Abraham dan op sabbat niet losgemaakt worden van de boeien waarmee de satan haar al achttien jaar geleden heeft vastgebonden?’ Toen Hij dat zei stonden al zijn tegenstanders beschaamd en verheugde de hele menigte zich over alle prachtige dingen die door Hem totstandkwamen.

of

Marcus,5,24-34

(24)Hij ging met hem mee. Een grote menigte volgde Hem, en ze drongen tegen Hem op.
[25] Er was een vrouw bij die al twaalf jaar aan vloeiingen* leed. [26] Ze had veel te lijden gehad van allerlei dokters en alles uitgegeven wat ze had, en er geen baat bij gevonden; ze was er eerder op achteruitgegaan. [27] Omdat ze over Jezus gehoord had, kwam ze door de menigte naar Hem toe en raakte van achteren zijn kleren aan. [28] ‘Want’, dacht ze, ‘als ik zijn kleren maar aanraak, zal ik gered worden.’ [29] Meteen droogde de bron van haar bloed op, en ze voelde aan haar lichaam dat ze van haar kwaal was genezen. [30] Maar Jezus, die zelf meteen voelde dat er een kracht van Hem was uitgegaan, draaide zich in de menigte om en zei: ‘Wie heeft mijn kleren aangeraakt?’ [31] Zijn leerlingen zeiden tegen Hem: ‘U ziet hoe de menigte tegen U opdringt, en U zegt: “Wie heeft Mij aangeraakt?” ’ [32] Maar Hij keek rond om de vrouw te zien die dat gedaan had. [33] De vrouw werd bang en begon te beven, omdat ze wist wat er met haar gebeurd was. Ze kwam naar voren, wierp zich voor zijn voeten en vertelde Hem de hele waarheid. [34] Maar Hij zei haar: ‘Mijn dochter, uw vertrouwen is uw redding*; ga in vrede, en blijf van uw kwaal verlost.’

De commentaren zijn gesloten.