25-06-17

“U doorzoekt de Schriften... welnu, juist die getuigen over Mij”


border0706.jpgH. Efraïm (ca. 306-373), diaken in Syrië, kerkleraar
Commentaar op het overeenkomstig Evangelie, 1, 18-19 ; SC 121

Efraïm de syrier 12.jpg

“U doorzoekt de Schriften... welnu, juist die getuigen over Mij”

Het woord van God is een levensboom die je overal gezegende vruchten aanbiedt; ze is als een geopende rots in de woestijn, die voor elke mens overal, een geestelijke drank wordt: “Zij aten allemaal hetzelfde geestelijk voedsel, en dronken allemaal dezelfde geestelijke drank” (1Kor 10,3; Ex 17,1v)

Dat degene die een deel van deze rijkdommen krijgt, niet gaat geloven dat er in het woord van God slechts dat is, wat hij erin vindt; dat hij er eerder rekening mee houdt dat hij slechts in staat was om er slechts één ding in te ontdekken tussen vele andere. Dat hij verrijkt door het woord niet gelooft dat deze verarmd is; dat ook al is hij niet in staat om haar rijkdom te putten, dat hij dankt voor haar grootheid. Verheug je, want je bent verzadigd, maar wordt niet bedroefd omdat de rijkdom van het woord je te boven gaat.

Degene die dorst heeft verheugt zich om te drinken, maar hij wordt niet bedroefd om zijn onmacht om de bron volledig te kunnen uitputten. Het is meer waard dat de bron je dorst lest, dan dat je dorst de bron uitput. Als je dorst gelest is zonder dat de bron uitgedroogd is, dan kun je, iedere keer dat je dorst zult hebben, opnieuw drinken. Als je daarentegen, door je te verzadigen, de bron uitput, dan zal je overwinning je ongeluk worden. Dank voor wat je hebt ontvangen en mopper niet over wat ongebruikt blijft. Wat je hebt genomen en meegenomen is van jou; maar wat blijft is ook je erfenis.

bron : www.dagelijksevangelie.org

tekst efraïm de Syriër.jpg

 

 

De commentaren zijn gesloten.