07-07-17

5e zondag na Pinksteren

border  e5e42.jpg

5e zondag na Pinksteren

"Uitdrijving van duivels"

 

 

varkens.jpg

Uitdrijving in Gerasa

Sebastian Bourdon (1653)

 

Romeinen 10, 1-10

10,1 Broeders, het is mijn vurige wens en ik bid tot God, dat zij gered worden. 2Ik moet erkennen dat zij godsdienstige ijver hebben, maar die ijver is zonder inzicht. 3Met hun miskenning van de gerechtigheid Gods en hun pogen een eigen gerechtigheid op te richten hebben zij geweigerd zich aan het heil van God te onderwerpen. 4Want Christus betekent het einde van de wet en gerechtigheid voor ieder die gelooft. 5Over de gerechtigheid door de wet schrijft Mozes: De mens die haar volbrengt, zal door haar tot het leven komen. 6Maar de gerechtigheid uit het geloof spreekt aldus: Zeg niet bij uzelf: Wie zal ten hemel stijgen? alsof het nodig was Christus te doen afdalen; 7of: Wie zal neerdalen in de onderwereld? alsof het nodig was Christus uit het dodenrijk te doen opstijgen. 8Neen, zegt de Schrift, het woord is vlak bij, het is in uw mond, het is in uw hart, het woord namelijk van het geloof, dat wij verkondigen. 9Want als uw mond belijdt, dat Jezus de Heer is, en uw hart gelooft, dat God Hem van de doden heeft opgewekt, zult gij gered worden. 10Het geloof van uw hart brengt de gerechtigheid en de belijdenis van uw mond het heil.

Evangelie: Matteus : 8,18-9,1

UITDRIJVEN VAN DUIVELS

8,28Toen Hij aan de overkant gekomen was in het land der Gadarenen, liepen Hem twee bezetenen tegemoet; zij kwamen uit de grafspelonken te voorschijn en waren zeer gevaarlijk, zodat niemand daarlangs kon gaan. 29Plotseling begonnen ze te schreeuwen: “Wat hebt Gij met ons te maken, Zoon van God? Zijt Gij hier gekomen om ons voor de tijd te kwellen?” 30Een eind van hen vandaan was men een grote kudde zwijnen aan het hoeden. 31De duivels nu smeekten Hem: “Als Gij ons uitdrijft, stuur ons dan in die kudde zwijnen.” 32Hij zei hun: “Gaat heen.” En zij verlieten hen. Nauwelijks hadden zij bezit genomen van de zwijnen, of de hele kudde stortte zich van de steile oever in het meer en kwam in het water om. 33De zwijnenhoeders namen de vlucht, en in de stad gekomen vertelden zij alles, ook wat er met de bezetenen gebeurd was. 34Daarop liep de hele stad uit, Jezus tegemoet; en toen zij Hem zagen, verzochten zij Hem hun streek te verlaten.
9,1Hij ging in een boot, stak over en kwam in zijn stad.

 

07tekst Climacus een onrustige ziel.jpg

De commentaren zijn gesloten.