27-08-08

De Orthodoxe kerk in Europa

DE ORTHODOXE KERK IN EUROPA

UITDAGINGEN EN VERLANGEN NAAR EENHEID

 Tekst van een uiteenzetting door Christos Yannaras, naar aanleiding van de 40e verjaardag van het interepiscopaal orthodox Comité in Frankrijk, de 17e november laatstleden gehouden te Parijs.

Christis Yannares  is een alom bekend filosoof en theoloog in het Westen. Hij is professor emeritus van het instituut voor politieke wetenschappen te Athene en lid van de internationale Academie voor religieuze wetenschappen. Hij heeft in de loop van de laatste veertig jaar veel bijgedragen tot de vernieuwing van de orthodoxe theologie, vooral door zijn boeken die in verschillende talen werden vertaald, waaronder het frans : ‘De l'absence et de l'inconnaissance de Dieu d'aptès les écrits aréopagitiques et Martin Heidegger' (Cerf,1971), ‘La liberté de la morale' (Labor et fides, 1983, collection "Perspective orthodoxe"), ‘La foi vivante de l'Eglise. Introduction à la théologie orthodoxe'(Cerf , 1989), ‘Vérité et unité de l'Eglise' (Axios,1990).

De éénheid van de Kerk is geen organisatorisch probleem. Wij spreken van éénheid om de nieuwe wijze van bestaan aan te duiden die de Kerk verkondigt, een wijze die zich realiseert en openbaart in elke locale eucharistische gemeenschap.

Alvorens te worden uitgedrukt als "evangelie", blijde verkondiging, is het getuigenis van de Kerk een concreet gegeven : de beleving van een maaltijd waar de realisatie ervan de kerkelijke gemeenschap vormt. Deze maaltijd getuigt en openbaart een nieuwe wijze om het voedsel te ontvangen, 't is te zeggen, om ons leven te verwezenlijken : ons leven verwezenlijken als relatie, als  bestaan, niet als individu die zich voedt en handelt om zich staande te houden en te overleven, om voort te bestaan, om te overleven, maar een bestaan als persoon die existeert als ‘communio' in liefde, die existeert omdat hij bemint en aangezien hij bemint.

 "DE KERK IS GEEN RELIGIE"

De Kerk is geen religie. De religie is een individualistische noodzaak, egocentrisch. De Kerk is een bestaan als communio. De religie is individualistisch, omdat zij de vrucht is van een  instinctieve impuls, van een natuurlijke noodzaak die elk menselijk individu domineert. Noodzaak om de angst voor de dood te neutraliseren,angst ook voor het onbekende transcendente . Noodzaak om het individu te versterken met ‘geopenbaarde' zekerheden, met juridische garanties voor de individuele onsterfelijkheid.

De Kerk heeft haar naam ontleend aan de‘ekklèsia' (van ‘dèmos'), van de griekse stad, van de vergadering van burgers.  De burgers kwamen bijeen in de ‘ekklèsia', vooral om datgene wat gebeurde in de stad verder te realiseren en te ontwikkelen, dit wil zeggen : een andere wijze van co-existentie (samenleven) te realiseren. De ‘stad' was voor de oude grieken  geen samenleven dat op het ‘nut' gericht was (‘koinônia tès chreias'), het was veeleer een gemeenschappelijke strijd opdat het leven ‘in waarheid' een ‘waarachtig', een reëel  leven zou zijn. De ‘ekklèsia' van de burgers was bij uitstek de uitdrukkingswijze om een politiek van waarheid te realiseren.

De waarheid betekende voor de grieken de realiteit van het zijn (‘ontôs on').  Zij erkenden hun eeuwige oordeel en gelijk van het waarachtig zijn uit ervaring, als iets onaantastbaar, onveranderlijk, die de ‘zijnden' vormt en de  betrekkingen  tussen de ‘zijnden' , de logische relaties, van harmonie en schoonheid, die het universum tot ‘cosmos' omvormden : een waarachtig sieraad.  De ‘stad', de ‘polis' en het politieke leven waren de plaats van de vrijwillige strijd van alle burgers om de collectiviteit te bepalen volgens de logica (de modus) van het reële zijn, van de wijze (modus) van de waarheid, de logica van de harmonische relaties en van de schoonheid.

 De communio van de Personen van de Drieene Godals wijze van bestaan.

Zelfs voor christenen, verwijst de waarheid niet naar ‘bruikbare informaties', maar naar de wijze van bestaan van het reële zijn. Maar het reële zijn is volgens de kerkelijke ervaring niet de rationaliteit a priori en de ondoorgrondelijkheid van de cosmische orde. Het reële zijn, het ware bestaan die de beperkingen van de tijd, de ruimte, de vergankelijkheid en de dood niet kent, is de communio van Personen, van het oorzakelijk trinitaire principe van het levend wezen. De wijze van bestaan van de trinitaire God, is de wijze van vrijheid met betrekking tot elke noodzakelijkheid en elke voorbeschikking, het is de onbegrensde vrijheid van de liefde. De God van christenen is liefde.

De liefde heeft zich geopenbaard in de Kerk vanaf het allereerste moment van haar historische aanwezigheid als onbegrensde vrijheid, door middel van drie woorden die het oorzakelijke trinitaire principe definiëren : de woorden Vader, Zoon Geest. Vrij van elke noodzakelijkheid en van elke voorbestemming van haar onuitsprekelijk bestaan. God de Vader bestaat omdat Hij wil bestaan en Zijn vrije wil ‘hypostaseert' (tot hypostase maken') Zijn zijn door Zijn Zoon te doen ‘geboren' worden en door de ‘voortkomst' van de Heilige Geest : Vader, Zoon, Geest zijn woorden uit de menselijke taal die echter niet de betekenis hebben van individuele existenties (zoals gewoonlijk de namen van individuen: Peter, Paul, Jan enz...), maar het zijn hypostatische eenheden die bestaan in ‘relatie', bestaanswijzen die uit zichzelf ontstaan. Zij ontstaan de één uit de andere, met de band van de liefde. Het kerkelijk leven beoogt deze wijze van trinitair leven te bereiken, een wijze om lief te hebben, een wijze om waarachtig te existeren.  De Kerk wil ‘deze éénheid die de Heilige Geest als meester heeft' realiseren, zoals de heilige Isaac de Syriër het zegt. Wij verstaan deze éénheid vooral als communio aan dezelfde kelk, als het zoeken naar een leven als communio van liefde, een communio en zoeken die het lichaam van elke locale eucharistische gemeenschap vormt. En de kerkelijke ervaring getuigt van deze éénheid als wijze van bestaan, ze vormt tegelijk één enkel en uniek lichaam van alle afzonderlijke locale kerken samen, zij vormt ook de Kerk als universele realiteit.

Eucharistie en éénheid van de KerkDe éénheid van het universele lichaam van de Kerk wordt ook gerealiseerd door een gemeenschappelijke deelname van alle christenen aan dezelfde eucharistische kelk, 't is te zeggen, aan dezelfde wijze van bestaan. De uiting van deze ware éénheid realiseert zich in een concrete institutie : de bisschoppensynode.

De bisschoppensynode heeft niets te zien met een vergadering van directeurs van een onderneming of van een maatschappij. Ten eerste, omdat de bisschop niet de leider of de bestuurder is van een eucharistische gemeenschap, maar haar vader en dienaar.Verder, omdat de synode een verlengstuk is van het eucharistisch sacrament, een verlengstuk van de eucharistische wijze van bestaan.

Elke bisschop die zich in de schoot van een bisschoppensynode uitdrukt, spreekt niet om zijn eigen gedachten uit te drukken, zijn eigen opinies en zijn bevindingen, zijn persoonlijke wijsheid, zijn theologische bekwaamheid, zijn godsvrucht en zijn deugden. Neen ! De bisschop spreekt op de synode als getuige van de eucharistische gemeenschap, in dienst van hen die onder zijn gezag staan. Hij drukt enkel zijn ervaring uit van de strijd welke zijn gemeenschap heeft met betrekking tot de wijze van eucharistische bestaan.

Vanuit het gegeven, dat de deelneming aan de eucharistische kelk de realisatie is van een verandering in onze manier van bestaan, zo is het ook met betrekking tot de deelname van de bisschoppen aan een synode. Het is de realisatie en de manifestatie van de wijze(manier) die het bestaan bevrijdt van de tijd, de ruimte, van het verval en de dood, van de wijze waarop de existentiële realiteit van de Kerk overal ter wereld wordt bepaald. En zoals het ondenkbaar is dat aan de eucharistische maaltijd, Grieken, Russen of Fransen elk  aan verschillende spijzen communiceren, en niet aan hetzelfde brood en wijn van de gemeenschappelijke tafel, zo is het ook ondenkbaar dat elke bisschop naar voor komt met zijn eigen belangen, individuele of nationale.  Dat wat de eucharistie en de bisschoppelijke synode gemeenschappelijk hebben, is de mogelijkheid te bieden om onze manier van bestaan te veranderen, om de hoop uit te drukken van een overwinning op de dood. Een vervalsing van deze hoop is een zware verantwoordelijkheid.

"Een dienst ten gunste van de realisatie van het ware leven"

Wanneer de bisschoppen van de verschillende locale kerken tezamen de eucharistie celebreren, is er altijd maar één die in de celebratie ‘voorgaat' naar het beeld van de monarchie van de vader , die de vorm is van de trinitaire éénheid. Zo gaat het ook bij een synode : er is altijd slechts één bisschop die voorgaat, nooit meerdere, nooit beurtelings. Voorgaan op de synode is geen macht, het is een dienst ten gunste van het realiseren van het ware leven.

Hoe stelt men vast wie er in elke synode van bisschoppen moet voorgaan ? De kerkelijke ervaring van de vijftien eerste eeuwen heeft bijgedragen om het metropolitaans systeem tot stand te brengen : bij elke regionale synode gaat de bisschop van de grootste stad van de regio voor, van de moeder-stad (in het grieks : ‘metropolis'). Hij was de verantwoordelijke voor het bisdom met de meeste inwoners, hij had bijgevolg de bekwaamheden om een antwoord te bieden op de grootste verantwoordelijkheden, en bijgevolg ook de ervaring om de meest complexe problemen het hoofd te bieden.

Op de synode van bisschoppen van een ganse provincie in het verenigd romeinse Rijk van die tijd, ging de bisschop van de belangrijkste stad voor : Rome in het Westen, het Nieuwe Rome - Constantinopel in het Oosten, Alexandrië in Egypte, Antiochië in het Midden-Oosten. Aan deze vier bisschoppen van de grootste administratieve centra van het Keizerrijk, die patriarchen genoemd werden, heeft men als bewijs van eer, de bisschop van Jeruzalem toegevoegd.

Het criterium om deze vijf patriarchen aan te duiden, - zij vormden de pentarchie,  en drukten de zichtbare éénheid van de Kerk  uit -  was niet enkel de bekwaamheid om het voorzitterschap van de synode, als eucharistische dienst, waar te nemen. Het criterium was eveneens gebaseerd op de realiteit dat deze steden werden erkend als de grootste centra van het kerkelijk leven, van de theologische studie, van het liturgisch leven, van de christelijke kunst. Wij merken tot op onze dagen de vruchtbare theologische arbeid van de ‘school' van Alexandrië, evenals de bijdrage van de Antiocheense ‘school', alhoewel zeer verschillend van de vorige. Op het vlak van de christelijke kunst kennen wij de hoogtepunten die bereikt werden door de ‘school' van Constantinopel alsook de inbreng van de traditie van Jeruzalem voor wat betreft de vorming van de kerkelijke cyclus.

Orthodoxie of ‘nationale religie'

De eenheid van de universele Kerk is tenietgedaan toen het nationalisme is komen opdagen als een politieke band van samenhang der volkeren. In een eerste etappe, is de ambitie van een natie om een rijk te vormen gepaard gegaan met de aanspraak om haar nationale Kerk de rang van patriarchaat te geven. De studie van deze band tussen de idee van het Rijk en het verlangen om een nationaal patriarchaat in te stellen was werkelijk fascinerend, men hoeft slechts de voorbeelden te nemen zoals deze van Karel de Grote (9e eeuw), van de tsaar der Bulgaren Symeon (10e eeuw), van de koning van Servië Etienne Dusan (14e eeuw, van de russische tsaar Ivan III (15e eeuw). In een tweede etappe, in de 19e eeuw,is de verbrokkeling van de kerkelijke éénheid volgens ethnische criterea  op een medogenloze wijze doorgevoerd. De één na de andere orthodoxe volkeren hebben zich bevrijd van het ottomaanse juk en zij hebben Staten gecreëerd  die het karakteristieke van de moderne westerse staten van die tijd kopieerden .( dit van de "Staat-natie"), wat hen ook ertoe bracht om de kerkelijke onafhankelijkheid te eisen. Zij hebben dus gekozen om het systeem van de patriarchale pentarchie te verlaten, en , in de meeste gevallen, om op hun beurt erkend te worden als een ‘patriarchaat', aldus gaven zij hun status van locale Kerk op en werden zij ‘een Staatsreligie'.

Er was reeds een precedent op het einde van de 16e eeuw, met de aanneming van de titel van patriarch door de metropoliet van Moscou in 1589, en die samenviel met de opkomende ambitie van Moscou om erkend te worden als het ‘Derde Rome'.  Later, in de 19e eeuw was er de oprichting van het nieuwe Koninkrijk der Grieken, in het zuiden van de Balkan , een Staat die 4/5e van de griekse bevolking buiten haar grenzen had en waarvan de Kerk die afgescheiden was van het oecumenisch patriarchaat  zich proclameerde tot ‘autocefale Kerk'. Vervolgens kwam er in 1879 de autocefalie  van de servische Kerk, en de toekenning van de titel van patriarchaat aan deze nationale Kerk in 1920. Vanaf 1855 heeft ook de Roemeense Kerk haar autofalie afgekondigd en werd op haar beurt in 1925 een patriarchaat. In 1937 werd de Kerk van Albanië erkend als autocefaal, en in 1945 de Kerk van Bulgarije, die in 1953 ook een patriarchaat werd.

Daarom is de orthodoxie, die vroeger synoniem was van kerkelijke katholiciteit, geworden  tot een nationale religie (en dit tot op de dag van vandaag), ze is een autonome ideologische entiteit geworden in al die landen die ‘historisch als Orthodox' worden bestempeld. Zo wordt de Orthodoxie geïdentificeerd met alle bijzondere kenmerken van elk van deze naties, met hun riskante politieke avonturen en de ambities van elk van deze kerken. Zij is een aanvullend element geworden van de heersende Staatsideologie. De term "patriarchaat" heeft vandaag de dag geen enkele kerkelijke betekenis meer, zij heeft geen enkel verband meer met de betekenis die ze had in het synodale kader van de pentarchie. Het verwijst alleen nog maar naar administratieve instellingen, die min of meer geseculariseerd zijn.

"De éénheid van de Kerk is een wijze van bestaanen niet een wijze van administratief organiseren"

Vandaag de dag begrijpt niemand meer wat de belijdenis van het geloof,namelijk dat de éénheid van de Kerk een wijze van bestaan is en niet een wijze van administratief organiseren,waarom de eenheid het geïncarneerde Evangelie van de overwinning op de dood is en geen ideologische en eenvormig disciplinaire organisatie die het Vaticaans  model zou willen kopiëren. Wij constateren voortdurend, dat zowel priesters als theologen van onze nationale orthodoxe kerken een verbazingwekkende ecclesiologie ontwikkelen die slechts een onrealiseerbare utopie is. Wij beleven werkelijk een tragedie.

Deze tragedie bereikt haar hoogtepunt buiten de zogenaamde ‘orthodoxe ‘ landen, in de orthodoxe ‘diaspora'. Niemand zal de noodzaak afwijzen om in dezelfde stad orthodoxe parochies te hebben van verschillende talen. Maar het feit van verschillende bisschoppen te hebben voor elke taal, 't is te zeggen, voor elke verschillende nationaliteit in dezelfde stad, vormt een negatie van wat de Kerk is. Hoe kunnen wij ons ‘broeders' en ‘zusters' noemen als we elk een verschillende vader hebben ?

Het probleem kan niet opgelost worden door een beroep te doen op goede gevoelens, of door morele aansporingen. Het nationalisme is noch een dwaling van de geest, noch een fout met betrekking tot de regels van de christelijke moraal. Het is de negatie zelf van de waarheid van de Kerk, van de "religiosering" van het kerkelijk gebeuren.

"Een engagement van alle orthodoxe in Frankrijk"(Geldt ook voor België)

 

Bij deze herdenking van de 40e verjaardag van de stichting van het interepiscopale Comité in Frankrijk, brengen wij hulde aan de pioniers van deze beweging, opdat de éénheid van de Kerk als geïncarneerd Evangelie niet in de vergetelheid geraakt. Deze verjaardag zal een daadwerkelijk feest worden, een bron van vreugde, indien het echt het begin betekent van een engagement van alle orthodoxen van Frankrijk en hun bisschoppen, en dit met een dubbel objectief :

- Vooreerst, dat de Vergadering van bisschoppen die het interepiscopaal Comité heeft opgevolgd haar waarachtige kerkelijke naam aanneemt, deze van een locale synode,die fungeert als een synode en met een voorzitter van de synode;

- En vervolgens dat allen zich ertoe zouden engageren, dat de vertegenwoordiging van de orthodoxen bij de autoriteiten en bij de Europese instellingen te Brussel, één en enig zou zijn. Alleen zo kan de uitdrukking en het symbool van onze kerkelijke eenheid gestalte krijgen en niet het beeld van een verdeelde vertegenwoordiging zoals dat vandaag is, in kleine nationale groepjes, wat ronduit belachelijk is.

Uit SOP 323/December 2007

Vertaling : Kris B.

 

 

           

21-05-08

Orthodox zijn in de westerse wereld (Boris Bobrinskoy)

 


ORTHODOX ZIJN IN DE WESTERSE WERELD

Door Vader Boris BOBRINSKOY


 

        Deze titel is mij gesuggereerd, maar ik zou het hierbij niet willen laten. Het essentieel probleem blijft kortweg :  Christen te zijn in de wereld. Ik zal op deze vraag van de christelijke of orthodoxe identiteit nog terugkomen. Het is té gemakkelijk om de Oosterse orthodoxie te plaatsen tegenover het Westerse, die men trouwens nog nader moet bepalen : latijns, gereformeerd, a-religieus, niet-confessioneel, geseculariseerd. En wij zouden ons hiertegenover  roemen om onze Orthodoxie, om onze oosterse identiteit ?. Zeker, de orthodoxie heeft een tweeduizend jaar lange geschiedenis van cultuur, heiligheid, van martelaren achter de rug, dit is waar en belangrijk, maar dikwijls is dit maar heel oppervlakkig, eens verworven voor allen. Het is op de eerste plaats de term ‘westers' die voor mij een probleem vormt. Voor het Christelijke en dus orthodoxe geweten is het waarachtige Oosten niet geografisch, maar vooral spiritueel. De waarachtige zon die in het Oosten opstaat om onze aarde te verlichten en te verwarmen is Christus, Zoon en rechtvaardigheid. ‘Ik ben het ware Licht...Diegene die me volgt gaat niet in de duisternis...en het licht scheen in de duisternis en de duisternis heeft het niet aanvaard'. Het Westen daarentegen zal de plaats zijn waar de zon ondergaat, symbool dus van de duisternis die de aarde bedekt. Welke aarde ? Deze aarde die God geschapen heeft uit liefde, die hij zo heeft liefgehad, dat Hij zijn Zoon heeft gezonden om Hem  aan de krachten van de prins van deze wereld te ontrukken. Wanneer een christen zich richt op Christus, naar het waarachtige Oosten, dan oriëntaliseert hij zich, maar oosters zijn is geen voorrecht van orthodoxen, het is een worden, een roeping van de gehele christen. Wanneer deze zelfde christen zich richt op het Westen, dit wil zeggen op de wereld, gesteld dat hij het licht van Christus weerspiegelt, dan  zal    hij een waarachtige oosterling blijven en aan de wereld de boodschap van liefde en leven overdragen. Maar als hij de boodschap van Christus vergeet, ze relativeert of verloochent, dan zal hij opgaan in de omringende wereld en zich erin isoleren en zich opsluiten in een ghetto of een ivoren toren.Zo betekent christen zijn in de wereld, het Licht van Christus , de Zon uit het Oosten, uitdragen in een Westen dat onze wereldbol omvat. Deze wereld is in de verwachting van de boodschap van het Evangelie, ze is wanhopig zoekende naar haar identiteit, haar eenheid, in een proces van mondialisering en een snelle technische vooruitgang die ons de grenzen van landen en continenten doet overschrijden. Een wereld doordrongen van tegengestelde stromingen, aan een overdreven nationalisme aan welke ook onze orthodoxe kerken niet zijn kunnen ontsnappen, maar ook een wereld  die verdorven is door de secularisatie die zijn eigen rijkdom ontkent of vergeet of verwerpt , maar ook haar christelijke geschiedenis, haar oorsprong en haar uiteindelijk gericht zijn op God. ‘Frankrijk, riep Johannes Paulus II uit, wat heb je gedaan met uw doopsel ?' Deze zelfde vraag stelt zich aan elk van onze christelijke landen, zowel aan die van het Oosten als van het Westen. De doelstellingen van oosterlingen en westerlingen hebben een lange geschiedenis achter de rug, in het bijzonder in de twee duizend jaar van het Christendom, maar het is niet geloofwaardig, noch mogelijk om ons vandaag de dag onvoorwaardelijk op te sluiten in die categorieën die een te lang en dramatisch proces van wederzijdse vervreemding van de twee polen of longen van de christenheid  heeft teweeg gebracht : Rome, door de universele jurisdictie te bevestigen, en door romeinse bisdommen op te richten op traditioneel orthodoxe grond, inbegrepen Jeruzalem en Constantinopel. Terwijl in de 20e eeuw er een massale migratie van duizenden arabische , griekse of slavische orthodoxen  heeft plaatsgevonden in vreemde landen. Ontworteld, vermoord in hun lichaam en ziel, wezen, maar zoekende hoe zij de spirituele vlam van het geloof kunnen in stand houden. Orthodoxe parochies en bisdommen werden in deze landen van ontvangst opgericht. Voor de 3e en 4e generatie is West Europa of Noord-Amerika geen vreemde aarde meer, maar ons echte vaderland, zelfs al zijn we verdeeld  door onze dubbele identiteit, grieks-orthodox, arabieren, slaven, roemenen, maar zich daadwerkelijk engagerend in het culturele, sociale en politieke leven van het nieuwe vaderland. Het is hier dat ik hulde wil brengen aan, en onze grote erkentelijkheid voor ons vaderland Frankrijk dat voor onze ouders, en voor onszelf een gastland is geworden, gastvrij, waar onze kinderen zijn kunnen opgroeien, studeren, zich geïnstalleerd hebben, zich volledig integreren in de franse cultuur, zonder nochtans afstand te moeten doen van onze taal, cultuur en tradities van onze herkomst.Wij op een gewelddadige manier in deze westerse landen geworpen, wij hebben er de wil van God in herkend om er te wonen, er op te groeien, er te getuigen van ons geloof en de rijkdom van onze religieuze tradities, zonder nochtans te vallen in een primair proselitisme, maar in respect voor de christelijke geschiedenis van dit land van ontvangst en in de openheid naar de christelijke kerken toe die wij geleerd hebben te kennen en lief te hebben. Wij hebben bij hen niet vermoede schatten van heiligheid en wijsheid gevonden. Zo is de oecumenische dimensie van ons christelijk leven een klaarblijkelijkheid geworden, een gebod om te gehoorzamen aan de Heer zelf. Plaatsen van eredienst zijn als paddestoelen na de regen  uit de grond geschoten, eerst nederige kapellen, daarna kerken. Monastieke gemeenschappen zijn gesticht doorheen gans Europa, jeugdorganisaties zijn opgericht, er is een theologische school opgericht , nu reeds meer dan 80 jaar geleden, in het hart van Parijs zelf. Zij heeft reeds honderden priesters, bisschoppen, theologen en catechisten gevormd. Ik zal er nog op terugkomen. Na een geschiedenis van 80 jaar, organiseert deze orthodoxe diaspora zich , sluit zich bij elkaar aan, en dit niet zonder pijn , dat is waar, ze structureert zich, vooral rond onze bisschoppen in de Vergadering van Orthodoxe Bisschoppen in Frankrijk.. Deze Vergadering is erkend door de franse staat en verleent haar toegang tot de instanties van de regering. De meeste van de oosterse patriarchaten zijn in deze Vergadering vertegenwoordigd : Constantinopel, Antiochië, Moscou, Belgrado, Bukarest, Tbilissi, maar ook de franse filosofische gemeenschappen, schrijvers, de kunsten, en dit alles in nauwe verbondenheid met de orthodoxe spiritualiteit en traditie. De 20e eeuw is een tijd geweest van ontmoeting en ontdekking  door het Westen van de Orthodoxe rijkdommen. Wij kunnen dit zelf bijna of niet vermoeden. De ontmoeting met de westerse religieuze of filosofische gedachte, om slechts enkele te vernoemen : Bergson, Mounier, Péguy, Congar, Daniélou, de Lubac, Boegner, Pierre Maury en zoveel anderen, was een gelegenheid voor een onschatbare wederzijdse verrijking.  Het instituut Saint Serge te Parijs en zijn erfgenaam, het Seminarie St.Vladimir te New York waren voorposten van een scheppende theologische reflexie, tegelijk wetenschappelijk, maar ook niet minder geworteld in het concrete leven van onze kerken, maar ook niet los te denken van een authentieke geestelijke ervaring, kerkelijk en persoonlijk . Ik wil hierbij vooral aan Vader Serge Boulgakov  denken, de stichter en deken van het instituut St.Serge, aan Vader Georges Florofsky, die samen met Vladimir Lossky de vertegenwoordiger is van de neo-patristieke orthodoxe stroming., Vader Nicolas Afanassieff, de baanbreker van de eucharistische ecclesiologie, die trouwens invloed heeft gehad op de vaders van Vaticanum II, Mgr Cassien die de nieuw-testamentische orthodoxe exegese heeft vernieuwd, Léon Zander, één van de meest geëngageerde personen in de oecumenische dialoog. Na deze eerste generatie stichters van het instituut moet men vooral denken aan figuren als Vader Alexandre Schmemann en Vader Jean Meyendorff die beiden naar de Verenigde-Staten zijn geëmigreerd. Zij waren de boegbeelden van het Seminarie St.Vladimir, de eerste als drager van een nieuwe visie op de liturgie en de eredienst, de tweede als geschiedkundige van de Byzantijnse  Theologie. Onder de levenden denken wij in Franktijk aan Olivier Clément, aan Mgr.Jean Zizioulas, aan Christos Yannaras, Mgr Kallistos, (Vader Lev Gillet, De monnik van de Oosterse Kerk, Elisabeth Behr-Sigel) en verder gans onze huidige generatie waarvan ik de namen niet vermeld. Ik moet hier ook enkele namen vermelden van enkele uitzonderlijke figuren van de orthodoxe gemeenschap van Antiochië, van Libanon, van Syrië, en zeker van de antiocheense diaspora in de wereld... Vooreerst, de huidige patriarch van Antiochië Ignace IV en zijn jeugdvriend, de metropoliet van de Berg Libanon Georges Khodre, beiden gediplomeerden van ons Instituut. Ik ben gelukkig voor de lange vriendschap die ons vanaf onze jeugdjaren heeft verenigd. Hun getuigenis , zowel binnen de orthodoxie als binnen de oecumene en wederzijdss ook met de Islam waarvan zij één van de beste kenners zijn, is onschatbaar. Wij herinneren eraan, dat zij in de eerste jaren die volgden op de tweede wereldoorlog, met nog anderen zoals Albert en Edouard Laham, Spiridon Khoury, Raymond Rizk, de gangmakers waren van een spirituele vernieuwing binnen de orthodoxe christenheid van Antiochië, door de stichting van het fameuze MJO (le mouvement de Jeunesse Orthodoxe au Proche-Orient) Onderlijnen we ook dat zij in een islamitische omgeving, niet alleen hun geloof en de rijkdommen van onze orthodoxe traditie wisten te behouden, maar ook een theologische vernieuwing wisten te tot stand te brengen door middel van hun bezieling voor een Beweging van Orthodoxe Jongeren, waaruit de beste theologen en mannen voor de Kerk van het Patriarchaat van Antiochië van vandaag zijn voortgekomen. Om te besluiten houd ik eraan vanaf nu  te antwoorden op de vraag : iIs er een  bijdrage, en zo ja, welk is de specifieke boodschap van deze bijdrage van de orthodoxie aan de westerse wereld waarin wij leven, en zeker aan kortweg ,de wereld ?

 Ik zal hier vooreerst drie essentiële dimensies van ons geloof en onze ervaring vermelden :

1. De paas-overwinning van de Verrezene. Het is de fundamentele boodschap,die essentieel is voor de Kerk aan de wereld. Onderlijnen wij de actualiteit van deze boodschap in welke de ganse volheid van  het wezen van het christendom en deze van de  diaspora is samengevat.  Op lange termijn is het doel van de Bisschoppelijke raad om een eenvormige bisschoppelijke structuur te scheppen voor een lokale Kerk. Overigens, en ik gooi hier een knuppel in het hoenderhok, men kan de eenwording van de orthodoxe gemeenschappen in het Westen niet totaal scheiden van de toekomst van de oecumenische dialoog en de verwachting van onze kerkelijke eenheid met Rome en de niet-chalcedonische kerken. Maar daar raak ik een onderwerp aan die mij toebedeeld is. Ik zei het zojuist, de orthodoxe kerken zijn betrokken partij in het ontstaan van de oecumenische beweging, zich bewust zijnde dat de muren van onze scheidingen niet tot in de hemel reiken.. Zij moeten de actie en het oecumenische bewustzijn in het onderzoek naar een betere wederzijdse kennis aanmoedigen, door een waarachtige theologische dialoog aan te moedigen en niet meer in een geest van confrontatie en twist. Pas dan kunnen de theologische problemen worden aangeraakt, waaronder de meest wanhopige zoals het romeinse primaatschap, de voortkomst van de Heilige Geest en het probleem van de uniaten. Er is veel moed , intellectuele eerlijkheid en vertrouwen in het werk van de Heilige Geest nodig om zich  te engageren voor de hindernissen van de oecumenische dialoog, maar ik ben er van overtuigd dat er gelijdelijkaan zich een geest van vrede zal vestigen en dat theologische oplossingen vorm zullen krijgen. Er  zijn na de tweede wereldoorlog  bilaterale commissies  voor de dialoog opgericht, zowel op nationaal niveau als op internationaal niveau om de loop van de geschiedenis te proberen te overstijgen en om samen opnieuw onze gemeenschappelijke basis van voor de scheiding en conflicten te herstellen. Zo zullen wij door onze herinneringen aan de gebeurtenissen een daadwerkelijke therapie vinden voor onze scheidingen. Er is zeker enorm veel te zeggen over de aanwezigheid van de Orthodoxie in het Westen.  De Kerk levert ons de tijdgenoten en de zaden van heropleving  ontkiemen en ontluiken in onze harten en in onze levens. De Heilige Geest maakt ons tot tijdgenoten van de verrezen Christus. Gans het liturgisch en sacramentele leven van de Kerk zal een gelijkvormigheid zijn aan het mysterie van Christus'dood en verrijzenis.Zijn dood en verrijzenis bepalen de wet zelf van ons leven en ons worden, hier en nu. Wij kennen allen het impact van de dienst van Paasnacht op hen die er kunnen aan deelnemen, orthodoxen, christenen of zelfs ongelovigen. Ik was bijzonder in de war  bij het lezen van een brief afkomstig van gevangenen in een kamp voor gedeporteerden in  het hoge Noorden van de Noordpool, aan het monasterie van de Solovki, dat een van de gruwelijkste plaatsen is geworden voor de gevangenschap van gelovigen gedurende de grote vervolging van de jaren 30. Men beschreef er de nacht-celebratie van de vigilie van Pasen, door hen waarvoor het wellicht de laatste gelegenheid was en de laatste genade om te kunnen roepen dat ‘Christus is verrezen'.

2. Het concept van Tradititie is essentieel  in het orthodoxe leven. Een noodzakelijk onderscheid dient gemaakt te worden tussen Traditie en tradities. Deze laatste zijn eerwaardig, maar relatief, locaal. In haar essentie bestaat de Traditie in de omvorming van de evangelische Boodschap  in tijd en ruimte, doorheen de categoriën van gedachten, de gevoeligheden van de naties, de culturen, in dat wat we de inculturatie noemen, iets dat tegelijk belangrijk maar delicaat is in de cultuur van een bepaalde tijd of land. Aldus zullen de grote christelijke families met hun kenmerkende liturgieën , hun theologische accenten, hun muziek en iconografie zich doorheen de geschiedenis ontwikkelen. Denken we hier aan de christenen van Irak en de semitische  talen, de antiocheense  en syrische traditie, de byzantijnse Orthodoxie en verder de  slaven en roemenen, de westerse families, romeins, milanees, celtisch, spaans. Vandaag de dag is het een franse orthodoxie die op zoek is naar zichzelf zonder de historische wortels van de locale christenheid en haar oosterse wortels te negeren. Men moet hier verduidelijken dat onze moderne maatschappijen diep getekend zijn door wat men zou kunnen noemen : een  ‘ontwaarding' van de traditie. Wat hierin overheerst is de continuïteit doorheen de wisseling van generaties alsook de autoriteit waarmee de traditie is bekleed om de huidige en toekomstige handelingen in goede banen te leiden. De moderniteit  toont  een definitieve breuk. Door haar ontwikkeling zelf veroorzaakt zij een breuk met de traditie, haar uitsluiting zowel op religieus, sociaal of familiaal vlak. Maar de overdracht zelf van het geloof gebeurt altijd in de Kerk, in het leven en het geweten, in het gezond verstand van de kerkelijke gemeenschap en een levendige liturgie, maar ook , en niet minder in een persoonlijke relatie door een  levendige overdracht van wat ik in de brede zin van het woord zou noemen :  een geestelijk ‘vaderschap' (of ‘moederschap'). Wij kunnen hierbij nog verduidelijken dat er een onderscheid moet gemaakt worden tussen het geestelijk vaderschap in de strikte zin van het woord, als een waarachtige geboren worden in God, en anderzijds in de meest brede zin van het woord, door de uitwerking welke personen, heiligen van alle tijden , en  kerkvaders kunnen hebben in ons leven. In het verleden sinds de H.Ignatius van Antiochië of de H.Ireneüs, Basilios, de twee Grogoriussen, Johannes van Damascus, Gregorius Palamas, de spirituelen, Serafim van Sarov, Silouan de Athoniet, de heiligen dus van het verleden en het heden, deze heiligen die onder ons zijn wekken ons op en hun spirituele ‘gen' vinden wij terug in onze eigen bestendigheid en identiteit. Ten slotte, deze kerkelijke traditie brengt ons terug naar de apostolische tijd, naar de Kerk van de apostelen en de martelaren, want de Kerk is altijd apostolisch en  de Kerk van de martelaren, en het is in de Heilige Geest dat de overdracht zich voltrekt in de trouw, zonder er iets aan toe te voegen of af te nemen.Ik zeg wel : zonder er iets aan toe te voegen. Het is op dit punt, dat de orthodoxen waakzaam moeten zijn en zich niet moeten laten overweldigen en laten inslapen door de rijkdommen van onze geschiedenis en onze tweeduizendjarige bestaan. Zij moeten in staat zijn om telkens opnieuw terug te keren naar het essentiële , dit wil zeggen, naar onze gemeenschappelijke christelijke boodschap.

3. De schoonheid. Deze derde titel zal ons misschien wat verbazen, maar het lijkt mij belangrijk om onze visie en de ervaring van de orthodoxie in verband met de schoonheid die voortvloeit uit de liturgische dienst, maar ook de innerlijke schoonheid en harmonie, die het vredige hart uitstraalt en verlicht, niet te negeren. Eén van de meest bekende verzamelingen  die de geschriften bevatten van de oosterse spirituelen, gaan terug vanaf de eerste eeuwen tot de 15e eeuw, en zijn verzameld door Nicodemus de Hagioriet in de 18e eeuw. Het is getiteld : Philocalia, dit wil zeggen : liefde voor het schone. Geheel de grote oosterse traditie van het gebed van het hart, van de aanroeping van de Naam Jezus, doorheen de strijd tegen de passies, is vervat in deze verzameling die zeer vroeg reeds in het slavisch, russisch, roemeens, en, vandaag in de meeste moderne talen waarvan ook in het frans is vertaald. Het thema van de schoonheid is zeer dikwijls verborgen gehouden in onze theologische handboeken, het volgt nochtans met kracht uit de lofprijzing van de psalmen over de schepping, uit de woorden van Jezus die zijn bewondering uitdrukt voor de lelies op het veld, en boven alles van de Schepper Zelf, die de zevende dag uitrustte van de mooie werken die Hij had geschapen. Deze schoonheid en harmonie vindt men terug in de liturgische dienst, in de gezichten van de iconen, maar niet minder ook in de vredevolle  en licht uitstralende gezichten van Christus. Maar spreken over iconen dwingt ons eraan te herinneren, dat de waarachtige icoon verborgen is in het diepste van ons hart, en deze moet men herontdekken, vernieuwen, herstellen. Zo impliceert het spreken over de liturgische dienst en de iconen hun intieme band met de innerlijke cultus, met de offerande van het hart en de onophoudelijke aanroeping van de Naam van Jezus, die wij toevertrouwen aan allen en aan de schepping in haar geheel. Het is een waarachtige voorsmaak van de helderheid en de vrede van het Koninkrijk.. Maar dit herstel van de harten en deze uitstraling achter en buiten onze kerkelijke gemeenschappen is het fundamentele werk en de gave van de Heilige Geest, van Hem waarvan de Heilige Serafim zei : ‘Verwerf een geest van vrede en duizenden zullen bij u het heil vinden'

Tot besluit: Gegrepen door het vuur van de Geest die ons aanzet om een inspanning te leveren om het eigen van de orthodoxe boodschap af te bakenen tegenover de westerse wereld en kortweg tegenover de wereld, aanroep ik tot besluit en als conclusie de Heilige Geest aan die ons  vernieuwt, ons opbouwt en ons gelijk maakt aan het beeld van Christus' dood en verrijzenis, deze Geest die de  richting bepaalt van onze weg vanaf  de geboorte tot de dood, die ons opbouwt tot levendige en biddende gemeenschappen, en tenslotte, die ons zendt in de wereld om er de boodschap van liefde, vrede en hoop uit te dragen. Alleen het vuur van de Heilige Geest kan de wereld omarmen. Beleven wij vandaag de dag niet de pijnlijke en moeilijke coëxistentie van twee werelden , de Kerk en de omringende wereld ? Twee werelden die zodanig verwijderd zijn dat het soms lijkt alsof de goddelijke boodschap slechts met moeit kan verkondigd kan worden. Ligt de fout van deze pijnlijke coëxistentie van Kerk en wereld bij de wereld alleen ? Indien de wereld in de hel van de onwetendheid, van de zonde en het lijden verkeert, moeten wij ons toch maar herinneren, vooreerst aan ons zelf, en vervolgens aan de wereld, dat de poorten van de hel waarmee wij in aanraking komen en die een echo vindt in onszelf, dat deze poorten van de hel verbroken zijn door de onoverwinnelijke kracht van de Verrezene. Geloven wij dit werkelijk ? Geloven wij sterk in de paas-overwinneng van Christus en de roemrijke en actuele kracht van de levende Geest ? Zo is het werk van de Geest die ons gelijkvormig maakt aan Christus, die ons de liefde en het medelijden van de Vader openbaart. Door Christus en de H.Geest gaan wij naar de vader. Of zoals een russische filosoof het eens zei, ‘Ons sociaal programma, is de Heilige Geest'. Hij is volledig aan het werk in de wereld en doorheen ieder van ons. En terugkerend naar de titel van deze uiteenzetting, moeten wij misschien niet wat minder denken aan de Orthodoxie en wat meer aan het Evangelie en de Verrijzenis, moeten wij ons niet wat minder verheerlijken en ons gaan beroepen op de ‘oosterse' rijkdommen , die maar al te dikwijls ‘slapend' en ‘ondoeltreffend' zijn. Vooral moeten wij getuigen zijn van Hem die gekomen is, niet om gediend te worden maar om te dienen en zijn leven te geven voor het heil van de wereld.

Vertaling : Kris B.

30-09-07

De uitdagingen voor de Kerk op de drempel van het derde millennium

 

WELKE ZIJN DE UITDAGINGEN VOOR DE KERK OP DE DREMPELVAN HET DERDE MILLENIUM 

                                     

De  Kerk in haar bestaan en in haar tastbare aanwezigheid situeren ten overstaan van de uitdagingen die haar op een  directe of een meer indirecte  manier vanuit de maatschappij tegemoet komen. Een Kerk, wiens taak het is er- te-zijn voor mens en wereld . Dit is het onderwerp van een uiteenzetting van Michel  STAVROU, tijdens het XXIIe  Westeuropees orthodox congres te Blankenberge.  Michel STAVROU, 46 jaar, is gediplomeerde van de ‘Ecole centrale de Lyon’ en van het Instituut voor orthodoxe theologie te Parijs (Instituut Saint-Serge), waar hij momenteel dogmatische theologie doceert. Hij combineert dit met zijn werk als informaticaingenieur. Hij is tevens mede-secretaris van het comité voor  Katholiek-Orthodoxe dialoog in Frankrijk, en toegevoegd directeur aan het Instituut voor Oecumenische studies te Parijs. Hij is gehuwd en vader van een kind. In december 2004 heeft hij zijn doctoraatsthesis verdedigd aan de Sorbonne over het thema ‘La doctrine trinitaire de Nicéphore Blemmydès’.     (…)Het tijdperk waarin wij ons heden ten dage bevinden,op de drempel van het derde millenium is er een van  grote omwentelingen die te wijten zijn aan de technologische , politieke en economische veranderingen van de laatste tientallen jaren van vorige eeuw. Wij bevinden ons in een onomkeerbaar proces ,namelijk dat van de mondialisering, ondersteund door een revolutie op het gebied van techniek,electronika informatica en op het gebied van netwerken met de exponentiële ontwikkeling van het internet en van de spitstechnologieeën.Door de mondialisering wordt op wereldschaal een soort mega-samenleving geschapen die door allerlei netwerken met elkaar verbonden zijn. De informatica schept een situatie waarbij elke analyst-programmateur met de  anderen uit zijn werkomgeving verbonden is door bemiddeling van zijn  computer. Het is méér dan een voorstelling welke wij ons hiervan  maken, het is een voorbeeld van een leven in een gemondialiseerde wereld waarin wij zijn terechtgekomen. Binnen de context van deze wereldwijde veranderde situatie, stelt zich de vraag naar ons bestaan en dat van de gehele wereld. In onze post-moderne samenleving stelt zich bovendien het probleem van de verwerping van onze overgeërfde  waardensystemen en ideologieën die in het verleden zoveel betekenis hadden voor ons . Zo is er onder andere  de verwerping door velen van de traditionele religies, die verondersteld worden ouderwets en dogmatisch te zijn. Men constateert binnen het modernisme ook een vermindering van het naïve volksgeloof  en het opkomen van  een wetenschappelijk humanisme en een sectair laïcisme. Men constateert nochtans binnen onze samenleving een echte spirituele honger, vooral bij mensen  beneden de dertig jaar.. Velen gaan dan op zoek naar alternatieve vormen van religie  die echter dikwijls een ambigu en bedenkelijk karakter hebben  ; (…) De praktijk echter van de traditionele religies stort ineen. 

Religie, eucharistie, Kerk,

DE KERK EN HAAR VERHOUDING TOT DE EUCHARISTIE

Tegenover deze situatie van een wezenlijk veranderende wereld en tegenover de crisissen die dergelijke wereld met zich meebrengt, moeten wij om deze het hoofd te kunnen bieden, op de eerste plaats trachten terug te keren dot de eenvoudige vragen : wat betekent de Kerk voor ons ? Wat is de Kerk in wezen ? en wat is haar roeping ? In het credo, dat wij gezamenlijk opzeggen tijdens de goddelijke liturgie, zeggen wij over de Kerk : ‘Ik geloof in één,heilige, katholiek en apostolische Kerk’. Daardoor plaatsen wij ons geloof in de Kerk. De Kerk doet zich niet voor als een ‘menselijke’ onderneming, ze is een gave van God, die wij gemeenschappelijk hebben ontvangen en die ons gegeven is door hen die door Hem daartoe waren geroepen.(Dat is de betekenis zelf van het griekse woord ek-kaleô, waarvan het woord Kerk is afgeleid). En hoe schenkt de Kerk ons dit leven in God ? Doorheen de eucharistische bijeenkomst, die in haar liturgie begint met het Woord van God en eindigt met de communie van de Heilige Gaven van brood en wijn, door de Heilige Geest veranderd in het lichaam en bloed van Christus. En dit op vraag van de ganse gemeenschap. Anderzijds wordt de eucharistie altijd gecelebreerd in naam van de plaatselijke bisschop. Daardoor wordt de éénheid beleden met, enerzijds de plaatselijke gemeenschap, en anderzijds met de andere Kerken, zowel ruimtelijk  (conciliariteit) als in de tijd (apostolische opvolging). Aldus wordt de katholiciteit van de Kerk daadwerkelijk  gerespecteerd. De eenheid en de verscheidenheid worden op deze manier samengesmolten op een concrete plaats, en dit in de volheid van het leven dat wij ontvangen van de Al-hoge (…) De Kerk kan dus concreet worden gedefinieerd als de gemeenschap die samenkomt om de eucharistie te celebreren, met alles wat dit vooronderstelt,en met alles wat daaruit voortvloeit.(….) Dit betekent twee dingen : 1) Door in zijn bestaan te putten uit zijn toekomstig bestaan, smaakt de Kerk reeds op een reële wijze de eerste vruchten van het Koninkrijk. De Eucharistische communio is een voorafbeelding van de bijeenroeping van allen op het laatste oordeel. In het licht van de laatste dagen (eschata), is de Kerk in zijn authentiek bestaan het volk van God, verenigd uit alle natieën, uit alle menselijke condities, uit alle tijden.2) Als zijnde de ‘icoon’ van het Koninkrijk Gods, is de Kerk nog altijd niet de gelijke van haar prototype. Zij onderscheidt zich van het Koninkrijk. Zij draagt als een schat in lemen vaten de realiteit van het Koninkrijk met zich mee (2 Kor.4,7) 

DE MISSIONAIRE ROEPING VAN DE KERK 

De Kerk is niet enkel goddelijk, zij is God-menselijk. God heeft mensen nodig.’De oogst is wel groot, maar arbeiders zijn er weinig’(Matt.,9,37)

Wij leven slechts door God en voor God opdat de mens zichzelf zou ontplooien en zijn vervulling zou vinden in God. De Kerk is dus niet enkel een bijeenroepen van Gods volk, maar evenzeer is ze het verspreide Godsvolk dat in de wereld de taak heeft om de wereld te ‘verkerkelijken’. Het einde van de liturgische Eucharistie geeft dit duidelijk weer : ‘ Laat ons in vrede heengaan.-In de Naam des Heren’. Dit heengaan is geen post-liturgisch gebeuren, maar maakt integraal deel uit van de eucharistische liturgie. Elk ogenblik van ons bestaan moeten we werken aan de komst van het Rijk Gods. De Heilige Gregorius van Nyssa heeft dit op een schitterende manier verwoord : Zolang mensen hun vervulling nog niet gevonden hebben in Christus, is onze taak als Christen nog niet ten einde. Christus is niet alleen in de menswording gevormd door de Heilige Geest, door een onophoudelijke werkzaamheid in de geschiedenis groeit Zijn lichaam nog voortdurend en verzamelt Hij het als ‘Kerk’.De Kerk, lichaam van Christus is dus een dynamische realiteit, een voortdurend groeien tot aan de laatste dag. Wij verwijzen hier ook naar de bijbelse beeldspraak over de Kerk: Volk van God op weg naar het Koninkrijk ; de Kerk,’Heilige stad’, gebouwd op de hoeksteen die Christus is en die zijn vervulling vindt in de komst van het Koninkrijk Gods (cf.Ef.2,22 ; 1 Kor.3,16)De Kerk als bruid die zich voorbereid op de bruidsgemeenschap met haar hemelse bruid (….) 

HET LEVEN VERKERKELIJKEN

 Het is in dit licht dat wij de verhouding van de Kerk met de Wereld moeten zien.De Kerk is geroepen om daadwerkelijk goede gist te zijn in het deeg van de wereld, om zo het Koninkrijk God op aarde tot vervulling te brengen. Kerk en wereld liggen in mekaars verlengde. Zoals Christus zichzelf heeft geofferd, zo  leeft ook de Kerk die zijn lichaam is, niet voor zichzelf. De Kerk leeft voor de wereld die God geschapen heeft uit zuivere goedheid, en die Hij geschapen heeft om in volle gemeenschap met Hem te treden op het feestmaal van de laatste dagen die het einde betekent van de Geschiedenis .Dit gegeven mogen we nooit vergeten, maar spijtig genoeg vergeten wij het zo dikwijls. Met Patriarch Athenagoras kunnen we zeggen dat :’de Kerk onze moeder is (…), de spil van de geschiedenis en het hart van de wereld’ , ‘zelfs als de Kerk zijn eigen hart verloochent’, voegt Mgr. Georges Khodr, metropoliet van de Berg-Libanon er scherpzinnig aan toe (….) ‘Het leven verkerkelijken’, dit was het ordewoord van de stichters van het ‘ACER’ (Action chrétienne des étudiants russes – mouvement de jeunesse orthodoxe), om te onderlijnen dat geen enkel dimensie van ons leven mag ontsnappen aan de christianisering.Een christianisering die een gevolg moet zijn van onze gemeenschappelijke deelname aan de eucharistische maaltijd. Terzelfdertijd, wij moeten dit sterk onderlijnen, gaat dit proces van verkerkelijking van ons hart en van de wereld niet vanzelf ; als dit geleid wordt door de Heilige Geest vraagt het ook van ons een actieve medewerking in geduldige ascese en gebed, en dit in een tegendraadse , verscheurde wereld, waar ook wij nog deel van uitmaken. De ascese vertegenwoordigt het innerlijk werken aan onszelf  om ons te bevrijden van de fascinerende invloed die de wereld op ons uitoefent, opdat wij geen idolen zouden worden, maar ‘theofanieën’. De Kerk heeft zijn bestaansreden vanuit het komende Rijk ‘dat niet van deze wereld is’(Joh.18,36). Dat maakt, dat de kerk altijd in conflict zal komen met de wereld, zij kan met geen enkele menselijke institutie samenvallen. Wij zijn hier als pelgrims op doortocht, in de wereld, maar niet van de wereld. 

DE ONTMOETING TUSSEN  KERK  EN  CULTUREN

 

Op alle tijdstippen en op alle plaatsen is de Kerk geroepen om zich te engageren

voor een verkerkelijking van de cultuur, dit is haar roeping, haar missie. Dit proces noemen we : de inculturatie. Het is een dynamisch proces, door hetwelke

de boodschap van het evangelie en de kerkelijke Traditie worden binnengebracht in de locale cultuur, er zich als het ware in nestelt. Cultuur betekent de wijze waarop een groep mensen waarneemt, zich uitdrukt en uiteindelijk de werkelijkheid beleeft. Men ziet zich als het ware getransformeerd en tot op zekere hoogte gëevangeliseerd.

 Zonder dat dit eigenlijk ooit  theoretisch werd gefundeerd, heeft deze wijze van handelen, vanaf het begin van het Christendom een noodzakelijk element geweest voor de missionering.(….) De inculturatie is een vereiste vanuit het dogma van de incarnatie. ‘Het Woord is vlees geworden, en heeft onder ons gewoond’(Joh.1,14). Dit is het model van elke inculturatie. Het feit dat de Zoon van God gekomen is onder een bepaald volk, betekent niet dat Hij de specifieke cultuur van dat volk heeft geheiligd., de joodse cultuur in dit geval, en  waarvan men deel moet uitmaken om geheiligd te worden. Het concilie van Jeruzalem (Hand.15) heeft zich tegen deze joodse interpretatie uitgesproken. In het leven van de Kerk is de plaats van de Heilige Geest essentieel : het is de Geest die haar toestaat ‘eschatologisch’ te zijn (gericht op de voltooiing van de geschiedenis),met als gevolg, dat zij open moet staan voor elke cultuur ,waarvan de nederdaling  van de vurige tongen op Pinksteren hiervan een getuigenis is. Er bestaat geen twijfel over, dat wanneer de ‘inculturatie’ geslaagd is, zij beantwoordt aan de meest vruchtbare houding voor de kerkelijke missionering. Het onderscheidingsvermogen dat de Kerk in dit proces moet uitoefenen is van kapitaal belang. Zij moet zich in dit proces laten bijstaan door de dogmatische en liturgische Traditie , zodat de nieuwe culturele vormen zich kunnen laten leiden door het existentiële fundamentele perspectief dat ons het Evangelie van Christus brengt. Men kan zich de belangrijke gebeurtenis herinneren uit de tijd van de Kerkvaders, dat wat men genoemd heeft ‘ het hellenistisch doopsel’, de christianisering van de dominante grieks-latijnse cultuur, die op een ingewikkelde en progressieve manier tot stand is gekomen, zoals de geschriften van de apologetische Vaders van de 3e eeuw er een getuigenis over hebben afgelegd. Later was ook de evangelisatie van de Slaven in de 9e eeuw een zeer belangrijke vorm van inculturatie ‘….). 

EEN VERNIEUWING IN DE ERVARING VAN DE KATHOLICITEIT 

Iedereen weet dat de lange geschiedenis van de orthodoxie er een is geweest van tegenstand en tragische momenten : de invasies van de arabieren, de mongolen , de Turken, de kruisvaarders, de scheiding van de Westerse Kerk, de onafhankelijkheidsoorlogen, de Russische revolutie. Alhoewel de orthodoxe Kerk altijd heeft geleefd vanuit de volheid en het leven dat van God komt, zo constateert Vader Jean Meyendorff,’zijn de locale Kerken nog veraf zich overal aan te passen aan deze waarheid’. Het gevolg daarvan is een tekort aan samenwerking en uitwisseling , maar ook van spanningen en zelfs crisis-momenten tussen de autokefale Kerken onderling.Deze Kerken geven soms het gevoel dat de kerkelijke autokefalie voor hen een isolement inhoudt. Zelfs als een lokale Kerk de katholiciteit ontvangt in de eucharistie, dan nog ontkent elke houding van zelfgenoegzaamheid deze katholiciteit.  De orthodoxie , verspreid over de gehele wereld, lijkt vandaag de dag meer op een confederatie van Kerken die geen andere band hebben met elkaar dan deze van het geloof en de sacramenten. Geen enkele inter-orthodoxe structuur is er tot op heden in geslaagd om in het  dagelijks leven een oplossing te bieden aan de gemeenschappelijke problemen van de Kerken, en om een eenvormig getuigenis te geven van de orthodoxie (….).Dit is geen gevolg van een bepaalde tijdsgeest. Veel orthodoxe priesters vinden het al  langer  een dwingende noodzaak.Het concilie van Moscou van 1917-1918, waarvan de daadkracht ongelukkiglijk is teniet gedaan door de Revolutie, heeft toch, via de Russiche diaspora een groot deel van de orthodoxie beinvloedt. Verwijzen wij ook naar  metropoliet Sint Chrisostomos van Smyrna, die in 1918, vier jaar voor zijn martelaarschap ook gewezen heeft op de noodzaak van hervormingen. Hij vond het noodzakelijk dat niet alleen het theologisch en doctrineel onderwijs, maar ook het canoniek recht, het liturgisch leven, de muziek en de predicatie zouden geactualiseerd worden. Bijna een eeuw later is er wel een zekere vooruitgang te bespeuren op al deze domeinen, maar men wacht nog steeds op daadwerkelijk overleg en op een groot pan-orthodox concilie dat zich zou buigen over alle belangrijke en noodzakelijke domeinen in het leven van milioenen gelovigen. 

EEN NOODZAKELIJKE VERNIEUWING VAN HET THEOLOGISCH BEWUSTZIJN

 Bij gebrek aan tijd kunnen we hier niet alle actuele thema’s in de theologie behandelen. Ik zal mij beperken tot de dringende noodzaak van een verdieping van  de ecclesiologie en van de verandering in de benadering van de theologie.De orthodoxe theologie heeft de laatste eeuw een opmerkelijke periode gekend van vernieuwing, vooral in het Westen. Door veranderingen te brengen in de manier van aan theologie te doen is er een vernieuwende soteriologische (= leer van de verlossing – nvd vert.) en existentiële orientatie ontstaan ten aanzien van de Vaders. Nochtans dient opgemerkt dat deze vernieuwing de Kerken van de traditioneel orthodoxe landen weinig naar de diepte toe heeft doen veranderen.Zelfs bij hun bisschoppen en priesters niet. In het licht van de recente spanningen en crisisituaties onder de zusterkerken , constateert men dat hun hedendaagse ecclesiologische  structuren nog altijd meer onder de invloed staan van de socio-politieke situaties uit het verleden, dan onder de conciliaire beslissingen uitgedrukt in de theologie. Wenu, dit immobilisme is een hinderpaal voor de evangelisatie van de wereld. Wij moeten bijvoorbeeld constateren dat er, ondanks de eenstemmigheid die er is in verband met de terugkeer naar een eucharistische ecclesiologie, dit niet algemeen aanvaard en toegepast wordt. Men bemerkt een droevige tweespalt die dogma en spiritueel leven, ecclesiologie en canonisch recht, of nog theologie en geschiedenis tegenover mekaar plaatsen. Metropoliet Jean van Pergamo noteert in deze zin : ‘ De bisschoppen zijn beheerders geworden en het is haast een diskwalificatie voor hen  als ze theologen willen zijn. Dit alles leidt tot een marginalisering van de theologie met betrekking tot het leven, daarin begrepen het leven van de Kerk’. (….) Wij moeten ook vermijden om van onze theologie een wapen te maken tegen andersdenkenden, en dit met het besef het allemaal beter te weten. Het gaat er niet om het dogma te relativeren, maar het terug te brengen tot haar levende bron, veeleer dan het terug te brengen tot een steriele woordenstrijd.‘De ware theologie (….) vinden wij in de ontmoeting met Christus en in de beschouwing van Zijn mysterie’. Ons theologisch werk maakt deel uit van de exeprimentele stroom van de gemeenschap van de Heiligen, en kan niet beperkt worden door ze te plaatsen in een confessioneel getto door ideologische muren op te trekken. Als wij het orthodox geloof belijden, moeten we met meer aandacht de waarheid proberen te zoeken, in plaats van het kaf op te sporen in de ogen van onze gescheiden broeders.(….)Zo moet het orthodoxe geloof dat wij belijden op de hoogte staan van datgene wat wij belijden. 

DE LITURGISCHE VERNIEUWING

 Zoals wij hebben gezien is de liturgie geen vlucht uit de wereld, maar een voortdurende transformatie van onszelf  als leden van het lichaam van Christus.De celebratie van de liturgie moet de diepste essentie van ons menszijn raken.Er dient wel opgemerkt te worden, dat de eucharistie in vele gevallen niet meer beleefd wordt als een icoon van de bijeenroeping op de laatste dagen rond de Heer die komt, maar als een heilig ‘iets’, dat tegemoet moeten komen aan onze persoonlijke godsvrucht, een soort van ‘vlucht’ uit de wereld naar God toe. De betekenis van de gebaren, de tekens, de woorden van de diensten, soms ook de taal vormen heel dikwijls voor problemen. Veel gelovigen en priesters verwarren Traditie met ‘verstening’, en beschouwen de liturgie als een blok waaraan niet mag geraakt worden. Een zekere actualisering in de wijze van celebreren  zou zeker, zoals trouwens altijd is geweest,  welkom zijn. Moet  het liturgisch leven ook niet vergezeld gaan van een catechese, die vooral de nadruk zou leggen op de theologische betekenis van de diensten. Het antwoord op de uitdagingen  van de wereld aan het adres van de Kerk, kan slechts fundamenteel gegeven worden door de eucharistische gemeenschappen zelf, waar de Kerk zich in zijn volheid manifesteert. In de ons omringende antropocentrische en individualistische wereld, kan alleen een duidelijke beleving van het Evangelie, indien het zonder compromissen gebeurt, ons een antwoord geven op de bijna onbewuste verwachtingen die in de harten van de mensen leven. Onze zending in de wereld vereist dat er goed ingeplante, soliede en zichtbare gemeenschappen zouden zijn ; gemeenschappen  die werken op basis van een open christelijke cultuur, gevoed door het evangelie, de liturgie en de kerkelijke Traditie. Tegelijk moeten ze aandacht hebben voor de taal, de cultuur en de vragen van hun tijdgenoten. 

HET IS OP DE EERSTE PLAATS IN DE PAROCHIE DAT DE KATHOLICITEIT MOET BELEEFD WORDEN

 De ‘Weltanschauung’ van de orthodoxie, is de liturgie. De voornaamste plaats waar onze zending begint is de parochie. Het eerste getuigenis van de Kerk als eucharistische gemeenschap is een ‘teken’ te zijn , een sacrament van het goddelijk leven dat wij  van de verrezen Christus hebben ontvangen, zelfs voor er ook maar aan een bepaalde actie,  welke dan ook, gedacht wordt. Onze parochies moeten dus open en ontvankelijke  plaatsen blijven. Het is op de eerste plaats in de parochie dat men de katholiciteit moet beleven en dit door de eenwording van allen rond de eucharistische tafel. Dan pas kan  de katholiciteit uitstralen over de gehele wereld.’ Enkel het parochiaal leven, noteert Christos Yannaras, kan bijdragen tot een priesterlijke dimensie in de politiek, een profetische in de wetenschap, een  filantropische houding in de economie, en een sacramenteel karakter aan de liefde’. Ook de monasteries, als plaatsen van herbronning en getuigenis, hebben een grote rol te spelen. De monniken zijn geroepen om getuigenis af te leggen van de komst van Gods Koninkrijk, en dit door een leven van voortdurend berouw voor de Oude gevallen mens die in ons verblijft, maar ook door een leven te leiden in  nederigheid en vreugde omwille van het nieuwe heil  in Christus. Door hun sober leven en hun beschikbaarheid voor de naaste, brengen de monniken een evangelische boodschap zowel binnen  de Kerk als erbuiten , waar men hen dikwijls als raadselachtige , mysterieuze mensen beschouwd. Zij zijn de getuigen van Gods liefde en van de gratuiteit van het geloof in een wereld die in beslag genomen wordt door utilitarisme en activisme. Diegenen die de noodzaak van het bestaan van monniken niet inzien, zouden de tekst uit het evangelie eens moeten lezen over Martha en Maria, om te zien wie van beiden het beste deel heeft gekozen. Ten slotte heeft men de ontmoetingsgroepen, de bedevaarten, de verenigingen en broederschappen zoals het ACER-MJO of de orthodoxe Fraterniteit die dit grote congres hebben georganiseerd. Al deze groepen, verenigingen, broederschappen hebben een grote rol te spelen,  namelijk : de gelovigen helpen zich bewust te worden van het feit dat de Kerk  katholiek en conciliair  is omdat ze eucharistisch is. Dat help ons om verlost te geraken  uit de routine, uit de groepsmentaliteit, uit het phyletisme, en om beter bewust te worden van onze eigen taak in de maatschappij .Verenigingen zoals de orthodoxe Fraterniteit, of op wereldvlak Syndesmos dragen bij om de katholiciteit van de Kerk , dat een gave van Christus is,  nieuw leven in te blazen en aan te zetten tot daadwerkelijk engagement . 

EEN PROFETISCHE AANWEZIGHEID IN EEN GESECULARISEERDE MAATSCHAPPIJ

 Zoals Olivier Clément het  beschrijft : ‘ Christenen kunnen, met nederige kracht een zekere gevoeligheid, een zeker vuur, een zeker licht doen opstralen. Indien ze dat niet doen, dan zullen ze hun plaats niet vinden binnen de geseculariseerde samenleving. Hun plaats zal dan ingenomen worden door allerhande pseudo-religies’. Als christenen  hun   energie putten uit de eucharistische gemeenschap, eerste bron van elke zending,  is het zelfs mogelijk dat de Kerk  haar getuigenis op verschillende manier kan realiseren, volgens de omstandigheden en charisma’s van het Godsvolk. In het ene geval zal dat zijn als één lichaam, terwijl in andere gevallen groepen of personen geroepen zullen  worden in naam van allen te werken. Noch het gesloten communautarisme, noch het individueel piétisme zijn geschikt voor dergelijke opdracht. Alleen mensen ‘in gemeenschap ‘kunnen uitstralen, en hun getuigenis zal een profetische vorm aannemen door een woord of een opwekking die ‘de waarheid’ nastreeft, of door bepaalde concrete acties die het Evangelie in daden omzet.(….) Elke Christen wordt op het einde van de liturgie opgeroepen om Christus uit te stralen doorheen zijn activiteiten in de wereld. Het is een ‘ liturgie na de liturgie’Vooreerst moeten wij getuigen zijn van de vreugde en het vertrouwen in de toekomst, omdat Christus verrezen is.Vervolgens moeten wij een daadwerkelijke interesse vertonen voor de mensen die wij op onze weg tegenkomen. Het gaat om een ononderbroken inspanning om mensen te bevrijden van onrechtvaardige situaties, van slaafsheid, van angst en eenzaamheid  door gemeenschap te stichten.  Men mag niet vergeten dat elke orthodox tijdens van zijn doopsel de drievoudige waardigheid van ‘koning, priester en profeet’ heeft ontvangen, en dit door de handoplegging tijdens de zalving. En omdat we, zoals de Apostel Paulus niet de mogelijkheid hebben om naar andere volkeren te gaan, zullen we het  getuigenis van Christus, binnen onze eigen leefwereld moeten brengen. 

HET IS GOD ZELF, DIE DOORHEEN DE KERK, DE WERELD VERNIEUWT

 Hoe  kunnen we beter een  voorlopig besluit nemen, dan met deze woorden uit de apocalyps :‘zie, ik maak alles nieuw’? De Kerk waarin wij geloven , waarvan wij de leden zijn en waarin wij mogen meewerken aan haar groei, kan voor ons zijn zoals de bejaarde vrouw met haar altijd jonge gezicht waarvan de Pastor van Hermas in de 2e eeuw sprak.  Maar doorheen de Kerk is het uiteindelijk de gehele wereld zelf die God vernieuwt om haar voor te bereiden op de grote bruiloft van het Lam, op het grote mysterie dat  verborgen is sedert de grondvesting der wereld’ (Mat.13,35). En deze voltooing wil God realiseren met onze samenwerking., met Zijn volk. Deze grote uitdagingen waarvoor de Kerk bij het begin van het 3e millenium is komen te staan, belangen ons allemaal aan, zowel collectief als individueel. In deze wereld van voortdurende en irreversibele veranderingen zijn wij als gedoopten, als leden van het Godsvolk, geroepen om te werken aan het tegenwoordigstellen van de Kerk in ons hart, in ons gezin, in ons werk, kortom : in het volle leven. Maar dit kan maar als wij zelf leven vanuit de eucharistische gemeenschap, waaruit men het leven in Christus put. Zo wordt de Kerk een beetje meer zichtbaar in de wereld.De verwijzing naar het verleden, naar de nationale wortels en de familiale erfenis, die ons zo dierbaar is in de orthodoxie, heeft  maar een relatief balang ‘sub species aeternitatis’ . Het heeft maar  een betekenis  als we er een offerande aan God kunnen van maken , want dit is ‘eucharistie doen’ !Dan wordt alles getransfigureerd, overbodige zaken verdwiinen, en er blijft alleen de smaak over van het Evangelie in de levende ‘adem’ van de Traditie, en het parfum van het komende Rijk.  Overgenomen vanuit  de franse vertaling uit‘SOP’Vrij vertaald door Kris B.